Gaasperplas is een metro- en busstation van de in het stadsdeel Amsterdam-Zuidoost. Het bovengrondse metrostation opende op 14 oktober 1977 en maakt deel uit van Gaasperplaslijn 53, waarvan het station het zuidelijke eindpunt vormt. Gaasperplas is het rustigste metrostation van lijn 53 met een reizigersaantal van slechts 3000 per dag.

Ten oosten van het station bevindt zich een busstation, het huidige werd bij de opening van de Floriade 1982 in gebruik genomen. Hier halteren stadslijn 47, 49 en nachtlijn N85 (alle drie van het GVB). In de vroege ochtend vertrekt één rit elk van lijnen 200, 271 (niet in het weekend) en 300 van Connexxion vanaf dit station (één rit per lijn). Deze ritten vertrekken voordat de metro rijdt. Om tijdverlies door het ronden van het busstation te voorkomen vertrekt sinds 15 december 2024 GVB R-net-lijn 360 vanaf een nieuwe bushalte onder het metrostation langs de Langbroekdreef op enige loopafstand van de enige ingang van het station.

Zijn naam dankt het station aan de gelijknamige Gaasperplas, de nabijgelegen recreatieplas. Direct ten oosten van het station bevindt zich de toegang tot het rondom deze plas aangelegde Gaasperpark. Dit park was in 1982 de locatie van de Floriade 1982. Het voormalige Planetarium naast de entree van het park is tegenwoordig in gebruik als kantoorgebouw annex congrescentrum. Ten oosten van het busstation staat een hotel. De Gaasper Camping, een van de drie stadscampings in Amsterdam en nog een ander hotel liggen op loopafstand. Aan de zuidzijde bij de ingang van het park bevond zich tot 2023 een kleine horecagelegenheid. Aan de westzijde van het station ligt de buurt Nellestein, een onderdeel van de wijk Gaasperdam.

Op het perron en in de stationshal van Gaasperplas staan het kunstwerk Left Luggage, gekleurde sculpturen van baksteen in de vorm van tassen, koffers en andere bagagestukken. Dit kunstwerk is in 1978 vervaardigd door Antoine Mes.Site over kunst in de openbare ruimte in Amsterdam Zuidoost

Even voorbij het metrostation ligt een opstelterrein met zes sporen. Dit opstelterrein werd, in verband met de komst van het nieuwe M5-materieel, tussen 2013 en 2016 gefaseerd van 4 naar 6 sporen uitgebreid en vernieuwd. Aan de noordwestzijde werd de metrobaan van 1982 tot en met 2020 gekruist door het viaduct van de A9. Sinds eind 2020 kruist de metrobaan de Gaasperdammertunnel en is het viaduct over de metrosporen in de Gaasperdammerweg verdwenen.

Ontwerp thumb|Brutalistisch station (foto 2015) Het uiterlijk van het station maakt deel uit van een hele serie aan bouwwerken die waren ontworpen voor deze metrolijn. Sier van Rhijn en Ben Spängberg waren de hoofdontwerpers voor de Publieke Werken. In beginsel was niet iedereen blij met deze bouwwerken in brutalistische stijl. Ze werd onder meer vergeleken met de betonnen Atlantikwall (Berend Boudewijn) , oprit naar concentratiekamp Sobibór en labyrintische grafkelder (Gerrit Komrij). Toch waren er ook positieve meningen van onder meer architecten Pi de Bruin en Izak Salomons. Met de toenemende waardering voor de stijl brutalisme in de 21e eeuw kwam de Oostlijn en dit station in een beter daglicht te staan. Toch verdwenen een aantal brutalistische stations uit de reeks. In 2018 kregen alle stations aan de Oostlijn opknapbeurten. Dit had bijvoorbeeld tot gevolg dat er nieuwe belettering werd aangebracht bij de in- en uitgangen, ook de in- en uitgangen kregen een opener uiterlijk. De belettering is afkomstig uit de fabrieken van Koninklijke Tichelaar Makkum.

2023 De schrijvers Arjen den Boer, Martijn Haan, Martjan Kuit, Teun Meurs en fotograaf Bart van Hoek namen het gebouw mee in hun boek Bruut - Atlas van het brutalisme in Nederland (2023, ), waarin de top 100 binnen die bouwstijl te vinden is. Zij benoemden de gehele Oostlijn en dit station mee in hun boek en zetten de bouwwerken van de Oostlijn gezamenlijk op nummer 12 in hun top 20 van brutalistische bouwwerken. Bovendien kwam er in dat boek ook een artikel over de (hoofd)ontwerper van station Gein Sier van Rhijn. Zij deden verhaal dat het gehele traject een soort Gesamtkunstwerk werd. Stations en kunstwerken kregen alle een soortgelijk uiterlijk, die doorging voor een huisstijl bij het metrotraject. Bijzonder was dat de architecten dit doorvoerden in zowel de ondergrondse als bovengrondse metrostation. Binnen die huisstijl vielen bijvoorbeeld ook zitjes, prullenmanden en asbakken. Alle nadruk viel op het beton als nog te ontdekken bouwmateriaal. De stations waaronder Gein werden ter plekke opgebouwd met houten bekistingen, waarvan de afdrukken zichtbaar werden gelaten; verder is er grof afgewerkt beton te vinden in de stations. Hun korte omschrijving gaat toch naar Berend Boudewijn, maar dan in positief verband

Categorie:Bouwwerk in Amsterdam-Zuidoost Categorie:Station van de Metrolijn 53 (Amsterdam) Categorie:Brutalistisch bouwwerk Categorie:Bouwwerk van Sier van Rhijn Categorie:Bouwwerk van Ben Spängberg Categorie:Busstation in Nederland