thumb|Pesten op de eerste schooldag in het Instituto Regional Federico Errázuriz in Santa Cruz (Chili). Pesten is gedrag waarbij iemand herhaald en gedurende langere tijd door anderen bejegend wordt op manieren die opzettelijk kwaadaardig zijn. Dit kan psychisch lijden en lichamelijke klachten veroorzaken en in het geval van fysiek geweld verwondingen tot gevolg hebben. Pesten kent vele vormen en kan variëren van woordgrapjes tot structureel geweld en afpersing.
Bij langdurig pesten heeft het grote psychische gevolgen voor het slachtoffer die levenslang kunnen aanhouden. Ook de daders kunnen op latere leeftijd geconfronteerd worden met hun eigen gedragsproblemen of spijt. De dader kan zelf ook weer slachtoffer zijn van een andere pester of problemen hebben in de privésfeer zoals kindermishandeling. Wanneer ergens gepest wordt heeft vaak niet alleen het slachtoffer hier last van maar ook de omgeving zoals de schoolklas, het voetbalteam of het bedrijf waar het plaatsvindt. In extreme gevallen kan het leiden tot zelfdoding van het slachtoffer.
Vormen De bekendste vormen zijn pesten op school en pesten op de werkvloer. Maar ook daarbuiten kan pesten voorkomen, zoals op straat, op universiteiten en hogescholen, binnen verenigingen, of tussen buurtbewoners. Pesten is structureel en brengt het slachtoffer tot wanhoop. Pesten is een universeel, niet cultuurgebonden verschijnsel. Onderzoek heeft aangetoond dat in Noord-, Midden- en Zuid-Europa vrijwel evenveel en op dezelfde manieren gepest wordt. Ook in de Verenigde Staten en Japan komt het voor. Pesten kan verbaal (met woorden), fysiek of elektronisch worden gedaan; uitschelden, beledigen, trollen. De meest recente vorm is cyberpesten, ontstaan sinds de intrede van het internet en op sociale media, bedrijfs- en schoolservers werkelijkheid geworden.
Elementen en soorten pesterijen Pesten kent de volgende elementen: Bejegening op manieren die leiden tot fysieke verwonding en/of psychisch lijden. Hieronder verstaat men niet alleen gedrag dat direct pijn of verwondingen kan veroorzaken (mishandeling) maar ook gedrag waaronder iemand geestelijk kan lijden, zoals belachelijk maken, isoleren of uitsluiten. Herhaald en gedurende langere tijd. Een enkel incident, hoe erg ook, is in principe nog geen pesten.Wanneer het gedrag grensoverschrijdend is kan het uiteraard wel onder andere noemers (vandalisme, mishandeling, etc.) worden aangepakt. Aan de andere kant kunnen ook op het eerste gezicht kleinere incidenten als pesten worden aangemerkt, als ze maar herhaaldelijk en gedurende langere tijd doorgaan. Door de voortdurende herhaling ontstaat of vergroot het schadelijk effect, vergelijkbaar met stalking. Hoewel herhaalde mishandeling en intimidatie het meest opvallen, omvat een niet onaanzienlijk deel van de pesterijen uit niet-fysiek pestgedrag, zoals uitsluiting, grapjes ten koste van een ander, belachelijke bijnamen etc. Dit soort pesterijen valt minder op en is moeilijker aan te pakken.
Pesten kan verder onderscheiden worden naar verschillende criteria: Tussen fysieke en niet-fysieke vormen: Fysiek pesten. Dit zijn alle vormen waarbij fysiek geweld wordt toegepast. Men kan denken aan mishandeling, intimidatie, achtervolgen, opsluiten of vernieling van iemands bezittingen. Niet-fysiek pesten. Dit zijn alle andere vormen van pesten. Hieronder vallen alle vormen van verbaal pesten (uitschelden, roddelen, beledigende grapjes of bijnamen etc.), en tevens ander gedrag dat leed bij de ander kan berokkenen zoals indirect dwarsbomen, zwartmaken bij anderen, saboteren, uitsluiten, isoleren of op een andere wijze stigmatiseren. Tussen direct en indirect pesten: Directe pesterijen. Deze pesterijen zijn direct vanuit de dader tegen het doelwit gericht. Indirecte pesterijen. Hierbij zet de dader andere personen tegen het doelwit op of saboteert hij diens activiteiten. Niet alleen het pesten zelf maar ook de dader(s) zijn hier moeilijk te identificeren. Tussen gedragingen die als een doen of (na)laten gelden: Gedragingen die als een doen kunnen worden gezien: mishandeling, uitlachen, kwaadspreken, sabotage, anderen tegen het slachtoffer opzetten. Gedragingen die als een nalaten kunnen worden gezien: doodzwijgen, niet voor feestjes of activiteiten uitnodigen, stelselmatig passeren voor promoties of voorrechten, overslaan bij traktaties, traktaties of uitnodigingen van het slachtoffer massaal weigeren.
Plagen en pesten Plagen en pesten is niet hetzelfde. Niet alle leraren en ouders kunnen het onderscheid even goed herkennen. Hierdoor wordt pesten nogal eens ten onrechte voor plagen aangezien. Bij plagen zijn beide partijen (vrijwel) aan elkaar gelijk, en is de situatie een op een. De ene keer doet de een wat, de andere keer de ander. Het kan gebeuren dat het niet prettig gevonden wordt, en er kan zelfs ruzie van komen, maar zelfs dan geven beide partijen goed partij. Plagen kan ook een goedaardig karakter hebben, waarbij beide partijen erom kunnen lachen. Een sprekend en typisch Nederlands voorbeeld is het Sinterklaasgedicht.
Pesten is structureel anders. In tegenstelling tot bij plagen is er hier geen gelijkwaardigheid meer. De pesterijen gebeuren (vaak) niet een op een, maar met een hele groep tegen een (soms twee of drie, maar vaak een minderheid). De gepeste kan zich niet verweren, en is altijd de sigaar. Vaak durft of kan hij niet terugslaan, of is hierin niet doeltreffend. Plagen houdt na verloop van tijd op, terwijl pesten vaak voortdurend doorgaat.
Zelfs kleine grapjes hoeven niet per se plagen te zijn. Als het grapje tot vervelens toe herhaald wordt en de ander zich niet kan verweren, dan is er ook al sprake van een (lichte) vorm van pesten. Het gedrag is namelijk repetitief en leidt tot psychisch lijden bij de persoon ten koste van wie het grapje wordt gemaakt.
Het aanhouden van pesten, gedurende meerdere jaren, kan psychische klachten veroorzaken. Deze klachten kunnen langdurig van aard zijn. Vaak is de pester van jonge leeftijd zich hier niet van bewust. Voorbeelden van deze klachten zijn: minderwaardigheidscomplex, faalangst, grote mate van onzekerheid op allerlei gebieden, aanpassingsproblemen en vereenzaming.Hawker, D.S.J. & Boulton,M.J. (2000). Twenty years' research on peer victimization and psychosomatical maladjustment: A meta-analytic review of cross-sectional studies. Journal of Child Psychology and Psychiatry and Allied Disciplines, 41, 441-455.
De slachtoffers Vaak wordt qua gedrag, kleding of in andere opzichten afwijken van de groep als aanleiding gezien voor pesten. Deze bewering is echter niet alleen onwaar, maar ook uiterst kwetsend voor slachtoffers. Iedereen kan immers het slachtoffer worden van pesten. Onderscheid is immers makkelijk te maken (iedereen is anders), en dit wordt vaak achteraf als reden opgegeven. Slachtoffers worden vaak uitgekozen omdat ze minder sterk in hun schoenen staan, over minder sociale vaardigheden (emotionele intelligentie) beschikken, fysiek minder sterk zijn of emotioneel makkelijker uit balans te krijgen zijn, hetgeen hen tot een makkelijker slachtoffer maakt. Ook kan het eerder voorkomen bij nieuwelingen in een klas, of wanneer een geheel nieuwe klas wordt gevormd (brugklas). Ook wordt bij pesten vaak wel gestigmatiseerd op grond van een bepaalde of vermeende eigenschap. Pesten kan ook een expliciet discriminerend karakter hebben en zich richten op iemands ras (racisme), (vermeende) seksuele geaardheid (homofobie), godsdienst of afkomst. De zelfmoord van Tyler Clementi op 22 september 2010 in de Verenigde Staten wordt bijvoorbeeld aangehaald als een typisch voorbeeld van (cyber)pesten gericht tegen de seksuele geaardheid. Dezelfde maand pleegden in de Verenigde Staten overigens nog vier gepeste homoseksuele jongeren zelfmoord.
Er wordt onderscheid gemaakt tussen passieve en provocerende slachtoffers. De passieve slachtoffers kenmerken zich door angstig, onzeker gedrag en een negatief zelfbeeld. De provocerende slachtoffers zijn angstig maar uiten dit agressief. Ze slaan of zeggen iets terug maar zijn hierin niet doeltreffend. Dit is ook erg lastig, aangezien vaak de hele groep actief of passief tegen het slachtoffer is of lijkt te zijn. Voortdurende treiterijen zijn bovendien zeer destructief voor het zelfvertrouwen. Zo wordt een vicieuze cirkel geboren: de gepeste verliest zijn zelfvertrouwen, en kan of durft zich hierdoor niet te verweren hetgeen de pester aanmoedigt door te gaan met pesten waardoor het zelfvertrouwen van de gepeste nog verder wordt aangetast, etc. Het is daarom belangrijk niet alleen de pester aan te spreken op zijn gedrag, maar ook aandacht te schenken aan het bevorderen van het zelfvertrouwen van het slachtoffer.Ven, van de, D. Samen tegen pesten
Voor veel slachtoffers geldt dat ze moeilijk praten over wat er is gebeurd. Dit is niet alleen een pijnlijk onderwerp met vaak veel schaamte waardoor een gesprek al snel emotioneel wordt. Veel slachtoffers denken dat praten over pesten het probleem alleen maar erger zal maken of dat ze niet geloofd zullen worden. Praten roept vaak ook afkeurende reacties in de omgeving op. De verantwoordelijkheid wordt dan bij het slachtoffer gelegd (Blaming-the-victim) met de mededeling dat deze het vast zelf uitgelokt heeft of zich beter had moeten verweren. Hierdoor moeten slachtoffers dubbel door de vernedering, eerst het pesten en dan een gesprek vol onbegrip.
Langdurig pesten kan psychische problemen veroorzaken die in het ergste geval een leven lang blijven. Zoals depressie, angststoornissen en zelfs zelfmoord. Slachtoffers van pesten kunnen hun problemen mee naar huis nemen en dit op hun ouders, echtgenoot of kinderen afreageren waardoor weer nieuwe slachtoffers ontstaan. Ook slachtoffers kunnen daders worden door zelf te gaan pesten.
De daders De daders hebben vaak verschillende motieven om tot pesten over te gaan. Soms is dit uit pure verveling. In andere gevallen kan het een frustratie zijn die ze willen afreageren, concurrentiedrang, of jaloezie. Een voorbeeld hiervan is het pesten van de beste leerling, het mooiste meisje van de klas door jaloerse klasgenoten of een ambitieuze werknemer die door uitgerangeerde collega's wordt gepest. Als het om afreageren gaat dan spelen deze motieven niet en wordt slechts een makkelijk slachtoffer uitgekozen. Onderzoekers ontdekten dat pesten aan de Harvard University vaak wordt gedaan door studenten met een hoge reputatie, die het hoogste zelfrespect en de laagste depressie hebben.
De pester kan zelf ook slachtoffer zijn. Soms wordt deze zelf weer door een ander gepest, is dit vroeger gebeurd of is deze bang gepest te worden, en probeert door iemand anders te pesten de aandacht van andere potentiële pesters af te leiden van zichzelf. Ook problemen in de privésfeer kunnen een achterliggende oorzaak zijn. Bijvoorbeeld kinderen waarvan de ouders huwelijksproblemen hebben of een kind dat thuis mishandeld wordt en daarom op school gaat pesten. Het is dan belangrijk om ook het slachtoffer in de dader te herkennen. Ook persoonlijkheidsstoornissen zoals narcisme, psychopathie, een gebrek aan empathie of een manipulatievepersoonlijkheidsstoornis kunnen ten grondslag liggen aan intens pestgedrag. Sommige onderzoekers leggen een link tussen het pesten van andere kinderen en later crimineel gedrag.