Donald Duck is een fictieve antropomorfe eend die voorkomt in veel van de strips en tekenfilms gemaakt door Walt Disney Animation Studios (oorspronkelijk Walt Disney Productions), de tekenfilmafdeling van The Walt Disney Company. Hij is een gezamenlijke creatie van Walt Disney en Dick Lundy.

Zijn volledige naam is Donald Fauntleroy Duck.duck is het standaard Engelse woord voor "eend".

Oorsprong thumb|Donald Ducks oorspronkelijke woonboot in Disneyland Park (Anaheim) thumb|Lichtshow waarbij Donald Duck is uitgebeeld De naam Donald Duck duikt voor het eerst op in The Adventures of Mickey Mouse, een boekje uit 1931. Hier wordt hij genoemd als een vriend van Mickey Mouse, maar hij speelt in dit verhaal verder geen rol. Wel is op een van de afbeeldingen een eend te zien, die echter weinig weg heeft van de latere Donald Duck.Donald Duck, McDrake Wiki. Geraadpleegd op 24-10-2013. Gearchiveerd op 29 oktober 2013.

Donald Duck zoals hij nu algemeen bekend is debuteerde in 1934 in The Wise Little Hen, een van de in totaal 75 filmpjes uit de serie Silly Symphonies van Disney. Donald werd voor dit filmpje ontworpen door Art Babbitt en Dick Huemer, twee animators die aan het filmpje werkten. Hij zag er hier nog sterk uit als een gewone eend, met een lange snavel en vleugels.

Karakter Naar verluidt is Donald Ducks karakter een combinatie van alle mensen waaraan Walt Disney − een van de grondleggers en de naamgever van The Walt Disney Company − zelf een grote hekel had. Vergeleken met veel andere vaste Duckstad-personages is Donald Duck vaak erg driftig, temperamentvol en opvliegend. In de Amerikaanse strips, met name de oudere afleveringen, valt Donald dan ook op door zijn asociale en veelal horkerige gedrag.

Het karakter van Donald Duck kenmerkt zich verder vooral door veel onhandigheid en/of domheid die op ongelukkige momenten de kop opsteken, en waarmee Donald zichzelf dan ook geregeld flink in de problemen brengt. Vaak zijn het dan zijn drie bij hem inwonende neefjes Kwik, Kwek en Kwak die de oplossing weten te vinden.

Naast deze opvallende negatieve karaktertrekken toont Donald zich ook vaak van zijn betere kant; zo heeft hij altijd het beste voor met zijn drie neefjes, over wie hij zelfs de volledige opvoeding voor zijn rekening heeft genomen.

Uitbeelding Donald Duck is een eend met oranje-gele benen, voeten en snavel. Hij draagt het vaakst een matrozenpak, bestaand uit een shirt; in de stripverhalen is dit meestal zwart en op (voor)platen blauw. Ook draagt hij vaak een rode strik en een blauwe pet.

Donald heeft zeer veel verschillende gezichtsuitdrukkingen: Aan de achterkant van zijn kop heeft hij altijd een paar veertjes overeind staan. Als Donald erg nijdig is, staan bijna alle veren overeind. Vaak is ook aan zijn pet te zien hoe het met hem gaat: als hij kalm is, staat zijn pet recht op zijn kop. Als hij boos is, hangt zijn pet over zijn ogen. Als hij verbaasd is, vliegt het petje soms helemaal van zijn hoofd af. Af en toe blijkt hij ook ineens tanden te hebben, die echter alleen te zien zijn als hij erg kwaad is.

Evolutie Donalds snavel en nek waren in het begin veel langer, en zijn handen waren meer vleugelachtig dan nu. Donald lijkt daardoor tegenwoordig minder op een echte eend dan in zijn eerste jaren als tekenfilm-/stripheld. Zijn kwakende stem is in de filmpjes wel altijd gebleven.

De strips van Donald Duck zijn ook niet hetzelfde gebleven. Vroeger waren er vaak meer plaatjes en minder tekst. De grappen zaten verstopt in de tekeningen. Later kwamen er meer grappen in de tekst, in de "tekstwolkjes" bij de plaatjes. Donald en de andere figuren gingen meer praten. Woordspelingen werden belangrijker.

Beroemdheid Donald Duck is sinds zijn introductie over de hele wereld beroemd geworden. Naast de vele stripverhalen zijn er honderden films van hem gemaakt. Na zijn debuut in 1934 speelde hij aanvankelijk mee in een aantal filmpjes waarin ook Mickey Mouse meedeed. Aanvankelijk had hij nog een bijrol in de krantenstrips rond Mickey Mouse. Hij kreeg echter al snel zijn eigen tekenfilmserie. Vanaf 1936 kreeg hij een eigen krantenstrip, getekend door Al Taliaferro en geschreven door Ted Osborne.

Donald was in Nederland en België voor het eerst te zien in 1938, in twee filmpjes. Daarnaast was hij ook hier af en toe als bijfiguur te zien in de Mickey Mouse-krantenstrips. In 1950 bracht uitgeverij Mulder & Zoon in Nederland de eerste boekjes op de markt met Donald Duck in de hoofdrol. In oktober 1952 volgde De Geïllustreerde Pers met het allereerste nummer van het weekblad Donald Duck, dat tot op heden bestaat. Het nummer bevatte een Nederlandse vertaling van Carl Barks' verhaal Fireman Donald.Weekblad Donald Duck, Duckipedia. Geraadpleegd op 28-05-2018. Gearchiveerd op 1 juni 2018. Sindsdien zijn de meeste lange en korte verhalen met Donald Duck in de hoofdrol minstens eenmaal in het Nederlands gepubliceerd. Het vaakst verschenen ze in het weekblad, soms in Donald Duck Extra (inclusief de meeste verhalen gemaakt door Keno Don Rosa) of in een van de Donald Duck-pocketreeksen. Sommige verhalen – onder meer van Paul Murry, Tony Strobl en Carl Fallberg – zijn vooralsnog nooit in het Nederlands uitgebracht.

Donald duikt in totaal in meer dan honderd korte (8 à 10 minuten) tekenfilmpjes op en in ca. 50 langere films. In een aantal van deze filmpjes en films deelt hij de hoofdrol met andere zeer bekend geworden Disney-karakters (zoals in Mickey and the Beanstalk uit 1947).

In ongeveer veertig landen zijn Donald Duck-strips te koop.

Sinds 1984 is zijn voetafdruk te vinden in de Walk of Fame. Op 9 augustus 2004 kreeg hij, ter ere van zijn zeventigste verjaardag, eveneens een ster in deze beroemde straat.

Vaste verhaallijnen thumb|De ster van Donald Duck op de Hollywood Walk of Fame Donald Duck zou – net als zijn tweelingzus Dumbella – op 9 juni 1934 zijn geboren.Donald Duck. Gearchiveerd op 19 juni 2023. Enkele tekenaars, onder wie Don Rosa, dateren Donalds geboorte echter al rond 1920. In deel XI van De jonge jaren van Oom Dagobert is hij in 1930 te zien als kind.

Uit de film Donald Duck gets drafted (1942) blijkt dat zijn volledige naam Donald Fauntleroy Duck is. Zijn tweede naam staat hier in een kort fragment vermeld op een oproepformulier voor het leger.

Familieleden en -verhoudingen

thumb|Striptekenaar Carl Barks (1901-2000), hier te zien tijdens een bezoek aan Finland in 1994, was een van de bekendste tekenaars van de Donald Duck-verhalen. thumb|Afbeelding van Donald Duck in Madrid, 1977 thumb|Donald Duck-monument in de Jardines del Real (Valencia) Donald woont samen met zijn drie neefjes Kwik, Kwek en Kwak, die de zoontjes zijn van Dumbella. De drie neefjes zijn in het Silly Symphonies-filmpje Donald's Nephews (1938) bij hun oom op bezoek gekomen en daarna nooit meer teruggegaan naar hun moeder. Sinds die tijd beleven Donald en de drie neefjes steeds weer nieuwe avonturen.

Volgens de hoofdzakelijk door Don Rosa uitgewerkte stamboom van de familie Duck is Donalds vader Woerd Snater Duck,Donald is in oudere verhalen zelf ook weleens Woerd Snater genoemd. en is Hortensia Duck zijn moeder. Hortensia is de jongste zus van Donalds oom, Dagobert Duck. Zijn opvliegendheid heeft Donald naar alle waarschijnlijkheid geërfd van zijn beide ouders.In deel X van De Jonge Jaren van Oom Dagobert wordt Hortensia bijvoorbeeld boos omdat ze het belachelijk vindt dat Snater hun zoon Donald wil noemen (laatste plaatje).

Donald heeft minstens drie volle neven. De bekendste is Guus Geluk, die bijna altijd geluk heeft en mede daardoor behoorlijk arrogant is. Guus voelt zich hierdoor over het algemeen enorm superieur aan Donald. De twee zijn dan ook grote rivalen en hebben in veel verhalen de grootst mogelijke ruzie, hoewel ze soms ook juist goed met elkaar overweg kunnen. In enkele verhalen komen ook Diederik en Wisse Duck voor, broers van elkaar en volle neven van zowel Donald als Guus.

Donald is een van de kleinkinderen van Dora Prul (Engels: Elvira Coot, in de meeste verhalen simpelweg "Oma Duck"). Hij is dan ook af en toe op haar boerderij te zien (hoewel in het merendeel van deze verhalen alleen Gijs Gans meedoet, een verre achterneef van o.a. Donald).

In de cartoon How to have an accident at work (1959) blijkt Donald zelf ook een zoontje te hebben.How to Have an Accident at Work, Internet Movie Database

Er is desondanks nooit een echt "officiële" stamboom van de gehele familie Duck geweest. Diverse tekenaars hebben door de jaren heen steeds hun eigen personages toegevoegd, die meestal slechts eenmalig in een verhaal zijn voorgekomen. Het vaakst wordt uitgegaan van de onderstaande stamboom, ontworpen door Don Rosa.De stamboom op de officiële Nederlandse Donald Duck-site. Gearchiveerd op 19 juni 2023.

Volgens Don Rosa is Katrien Duck dus – gezien haar achternaam – een aangetrouwd familielid, ondanks dat ze met zowel Donald als Guus een amoureuze relatie heeft.

Relaties met andere vaste Duckstad-personages Katrien Duck en Donald hebben in veel verhalen een knipperlichtrelatie. Donald doet voortdurend zijn best om Katrien in te palmen maar verpest het bijna altijd, met name voor zichzelf. Guus Geluk heeft eveneens een oogje op Katrien, nog een extra reden dat Guus en Donald elkaar bijna voortdurend dwarsliggen. Door zijn bijna constante geluk krijgt Guus vaak dingen voor elkaar die Donald nooit lukken. Donald Duck heeft daarnaast soms ook verhoudingen met andere vrouwen, die echter meestal in niet meer dan één verhaal voorkomen; de bekendste is waarschijnlijk Donna Duck, die te zien is in een filmpje uit 1937.

Om een probleem opgelost te krijgen of om iets moeilijks toch gedaan te krijgen roept Donald soms de hulp in van Willie Wortel, maar diens uitvindingen veroorzaken vaak alleen maar meer problemen.

Donald maakt bijna altijd ruzie met zijn buren. Zijn buurman is het vaakst Bertus Bolderbast, die voor het eerst te zien was in een verhaal uit 1943. Tot de andere vaste vijanden van Donald en de andere Ducks behoren vooral de talloze schurken en oplichters die het op het Dagoberts vermogen hebben voorzien; het vaakst zijn dit de Zware Jongens en Zwarte Magica, soms ook bijvoorbeeld Venijn McSnekke of Gerrit Gladsnuit (in enkele verhalen van Barks en Don Rosa).

Werk Donald Duck heeft allerlei verschillende beroepen uitgeoefend. Hij houdt het echter zelden langer dan een week uit bij dezelfde werkgever; zijn onhandigheid en zijn opvliegende karakter spelen hem daarbij steevast parten. Zo was hij bijvoorbeeld brandweerman, postbode, verkoper, winkelier, fabrieksarbeider, nachtwachter, politieagent, wijkagent, geheim agent en sloper. In een aantal Deense verhalen (van Egmont Group) is hij medewerker bij een margarinefabriek. Als hij fabrieksmedewerker is, laat hij machines vaak te hard draaien of hij vergeet hij ze op tijd uit te zetten. In sommige verhalen probeert hij zich eenmalig te ontplooien als bijvoorbeeld schrijver of muzikant.

In Barks' verhaal Truant officer Donald uit 1949 (gebaseerd op een tekenfilmpje uit 1942) is Donald schoolinspecteur, een rol waarin hij dan wel succesvol blijkt.

In veel verhalen heeft hij een slecht betaald baantje als muntenpoetser in het geldpakhuis van zijn oom Dagobert Duck, die Donald in dienst neemt omdat hij familie is en omdat Donald bovendien een fikse schuld bij zijn oom heeft. Munten poetsen is feitelijk ook het enige werk dat Donald echt goed kan. Oom Dagobert neemt hem dan ook vaak weer aan als hij elders ontslagen wordt. Het geldpakhuis is voor Donald tevens een schuilplaats waar hij zich desgewenst kan verstoppen als hij bang is om ontdekt te worden.

Omgeving