Hieronder staat een lijst van uitdrukkingen en gezegden met steekwoorden die beginnen met een letter in de serie K-O.

kaars Als een nachtkaars uitgaan. In een gestaag tempo minder worden en eindigen.

De duivel houdt de kaars. De duivel bemoeit zich ermee.

Een kaars voor de duivel branden. Bij iedereen slijmen.

Iemand met een kaarsje kunnen doorlichten. Gezegd van iemand die zeer mager en bleek is.

In de kaars vliegen. Het slachtoffer zijn van zijn eigen lichtzinnigheid; gevat worden.

Met een kaarsje naar iets moeten zoeken. Zoeken naar iets dat moeilijk te vinden is.

Om de kaars vliegen. Zich onvoorzichtig blootstellen (aan gevaar).

Zijn kaars aan twee kanten branden. Door roekeloze verspilling zijn krachten voortijdig opgebruiken.

Zijn kaars brandt in de pijp. Hij nadert het einde van zijn leven.

Zo recht als een kaars. Zeer recht van gestalte, zeer rechtop.

kaart Alles op één kaart zetten. Zijn geluk van een enkele handeling laten afhangen.

De kaarten liggen (nu) anders. De toestand is veranderd. De partijen staan er anders voor.

Een doorgestoken kaart. Er is heel duidelijk iets mis! Hier is getracht om iemand te laten geloven dat er bij toeval iets gebeurt, terwijl het in feite van tevoren gearrangeerd is.

Iemand in de kaart kijken/zien. De geheime plannen of bedoelingen van iemand doorzien.

Iets in kaart brengen. Een overzicht van iets geven.

In de kaart van de tegenpartij spelen. Onbedoeld de plannen van de tegenpartij bevorderen.

Je kaarten op tafel leggen. Laten weten over welke middelen je beschikt om iets gedaan te krijgen.

Je in je kaart laten kijken. Meestal onopzettelijk een ander inzicht geven in je bedoelingen.

Kaart op tafel spelen. Eerlijk zeggen wat je bedoeling is. Niets verbergen.

Op de kaart zetten. Gemaakt tot iets waar rekening mee gehouden wordt. Bijvoorbeeld in "het baanbrekende werk van deze arts heeft onze oogkliniek op de kaart gezet".

Open kaart spelen. / Met open kaart spelen. Eerlijk zeggen wat je bedoeling is. Niets verbergen.

Van de kaart vegen. Geheel vernietigen of volledig uitroeien.

Van de kaart zijn. De kluts kwijt zijn.

Zijn kaarten op iets zetten. Van iets zijn doel maken. Iets willen bereiken.

Zijn kaarten op tafel leggen/blootleggen Openlijk tonen wat zijn bedoelingen en mogelijkheden zijn.

kaas De boter en de kaas te dik gesneden hebben. Alles opgemaakt hebben.

Ergens kaas aan hebben. Zich ergens niet om bekommeren.

Er geen kaas van hebben gegeten. Er geen verstand van hebben.

Zich de kaas van het brood laten halen/eten. Zich laten ontnemen waarop men recht heeft.

kaf Het kaf van het koren scheiden. Hoofd- van bijzaken scheiden.

kalf Als de kalveren op het ijs dansen. Dat dat nooit gaat gebeuren.

Het gouden kalf aanbidden. Rijkdom beschouwen als het hoogste goed.

De dans om het gouden kalf. Het streven om rijk te worden.

kan Het/alles is in kannen en kruiken. Het is allemaal voor elkaar.

kanon Met een kanon op een mug schieten. Overdreven zware maatregelen nemen.

kapitein Geen twee kapiteins op één schip. Er moet maar één persoon de leiding hebben, anders gaat het niet goed.

kast Van het kastje naar de muur sturen. Steeds weer naar een andere instantie of loket doorsturen, zonder iemand werkelijk te helpen.

Iemand op de kast jagen. Iemand zijn goede humeur doen verliezen door plagen.

Uit de kast komen. Voor je [seksuele] geaardheid uitkomen.

kastanje Voor iemand de kastanjes uit het vuur halen. Riskante of onaangename dingen moeten doen om problemen voor een ander op lossen. Dit gezegde verwijst naar de fabel De aap en de kat, toegeschreven aan Aesopus. De aap en de kat zitten voor het vuur, waarin kastanjes liggen te poffen. Met wat vleiende woorden krijgt de aap de kat zover de kastanjes uit het vuur te halen. De aap eet vervolgens de kastanjes op, maar de kat, die zijn poten heeft gebrand, krijgt niets.

kat Als een kat in een vreemd pakhuis. Voelt zich niet op zijn gemak.

Als de kat om de hete brij (draaien). Graag willen, maar niet weten hoe een zaak aan te pakken.

De kat uit de boom kijken. Een afwachtende houding aannemen.

De kat op het spek binden. Iemand in verleiding brengen. (Vermenging van twee oudere gezegden: 1) Men moet de kat niet bij het spek zetten = iemand niet in verleiding brengen; en 2) Als men de kat op 't spek bindt wil hij er niet van vreten = men moet iemand de nodige vrijheid laten om te doen wat hij overigens graag zou doen.)

De kat bij de melk (het spek, de kaas) zetten. Iemand in verleiding brengen.

De kat de bel aanbinden. Een moeilijke of gevaarlijke opdracht beginnen; mistoestanden melden. Dit gezegde verwijst naar de fabel De kat en de muizen, soms toegeschreven aan Aesopus. De muizen besluiten dat het tijd is om de kat een bel om te doen, zodat ze hem kunnen horen aankomen. Maar als het erop aankomt durft geen van de muizen het plan uit te voeren, en de situatie blijft zoals die was.

Een kat in de zak kopen. Een miskoop doen. (Zie verder: Wisseldaalder.)

Geen katje om zonder handschoenen aan te pakken. Die weet best van zich af te slaan.

Die is niet voor de poes. Die moet als tegenstander niet onderschat worden.

De kat in 't donker knijpen. In het geheim doen wat het daglicht niet verdraagt.

Zijn kat sturen. Niet komen opdagen.

Er was geen kat. Er was niemand.

Dat loopt uit op katjesspel. Plagerij of spel dat op ruzie of erger uitloopt. (Zoals het spel van of met katten vaak op krabben uitloopt.)

kattenkwaad Kattenkwaad uithalen. Kwajongensstreken.

Keulen Keulen en Aken zijn niet op één dag gebouwd. Een groot project kost tijd, niet alles komt ineens. (Keulen en Aken zijn twee steden met beroemde kathedralen.)

Kijken of je het in Keulen hoort donderen. Aan je gezicht zichtbaar laten zijn dat je zeer verbaasd bent / er niets van begrijpt.

Op dat mes kun je naar Keulen rijden. Dat mes is erg bot.

kerfstok Heel wat op zijn kerfstok hebben. Veel dingen misdaan hebben. (Afgeleid van het gebruik om schulden bij een café te registreren door kerfjes in een stok te snijden.)

kerk In de kerk geboren zijn. De buitendeur open laten staan.

De kogel is door de kerk. Er is een beslissing genomen.

Voor het zingen de kerk uit. Coitus interruptus.

Kermis Kermis in de hel. Het regent terwijl de zon schijnt.

kers Als kers op de taart. Iets extra's toevoegen.

ketter Vloeken als een ketter. Zeer grondig vloeken.

Zuipen als een ketter. Erg veel (alcoholische drank) drinken.

Roken als een ketter. Erg veel roken.

Ketters wonen het dichtst bij de paus. De beste vrienden van een machtig man zijn vaak zijn grootste vijanden.

Dat maakt van Jezus nog een ketter. Dat is zelfs bij de meest integer mens een schanddaad.

kind Het kind van de rekening worden. Het slachtoffer worden.

Het kind met het badwater weggooien. Samen met het slechte ook het goede wegdoen.

Er geen kind aan hebben. Geen lastpost.

Een kind kan de was doen. Iets gaat heel makkelijk.

Kind noch kraai hebben. Geen nazaten of andere familieleden hebben, alleen rekening moeten houden met zichzelf.

Een kinderhand is snel gevuld. Men is snel tevreden.

Een ondergeschoven kindje zijn. Iets of iemand is miskend. Zie Bedstede voor de letterlijke betekenis.

kip De kip met de gouden eieren slachten. Ten behoeve van een gering kortetermijnvoordeel een eind maken aan iets dat een groot voordeel zou hebben opgeleverd voor de lange termijn.

Kip, ik heb je. Ziezo, dat is gelukt.

Geen kip meer kunnen zeggen. Zoveel hebben gegeten dat je niets meer kan eten. Volkomen verzadigd.

Er als de kippen bij zijn. Ergens snel bij zijn, m.n. om een voordeel te behalen.

Met de kippen op stok gaan. Vroeg naar bed gaan.

Kip zonder eieren. Politieman.

Als een kip zonder kop. Ondoordacht.

Lees voor kip konijn. Aangeven dat de gemaakte plannen op het laatste moment toch nog gewijzigd zijn.

Kippig zijn. Aangeven dat iemand bijziend is.

Er is geen kip (te zien). Er is niemand (te zien).

Zich kiplekker voelen. Zich erg lekker voelen.

Van een kale kip kun je niet plukken. Van een arm persoon kan je geen geld krijgen.

klaar Ergens mooi klaar mee zijn. Een probleem hebben.

Ergens helemaal klaar mee zijn. Ergens schoon genoeg van hebben.

Klaas Een houten Klaas. Een houterig, zich onhandig bewegend persoon.

klad De klad zit er in. Het gaat niet goed.

kleding Dat gaat je niet in de kouwe kleren zitten. Dat is heel ingrijpend. Daar ben je niet snel overheen (bv. een traumatische ervaring).

klein Op de kleintjes letten. Zuinig zijn. Ook de kleine uitgaven proberen terug te dringen.

klets Van de klets-klets zijn. Homoseksueel zijn.

kleur Hij oordeelt als een blinde over kleuren. Oordelen zonder enig inzicht.

Iets in geuren en kleuren vertellen. Iets zeer uitvoerig en gedetailleerd vertellen.

Hij schijt zeven kleuren bagger. Hij is erg bang.

Kleur bekennen. Bekend laten worden welke mening of welk belang men heeft.

klok De klok wel hebben horen luiden, maar niet weten waar de klepel hangt. Ergens oppervlakkig weet hebben zonder er werkelijk verstand van te hebben.

Iets aan de grote klok hangen. iets wat enkelen betreft in de openbaarheid brengen.

klomp Iets met zijn klompen aan voelen. Iets heel duidelijk voelen. Bijvoorbeeld: "Met je klompen aan kun je voelen, dat ze hem niet als gelijke accepteren". Dus niet: "Met je klompen kun je aanvoelen..."

Nu breekt mijn klomp. Dit had ik niet verwacht.

Met de klompen op het ijs komen. Met de klompen in het gelag komen. Beide: Onvoorzichtig handelen, zich wagen op een terrein, waar men niet thuis hoort, zich op domme wijze verpraten.

Met de klompen van het ijs blijven. Zich met iets niet inlaten.

Zijn klompen wegbrengen. Naar huis gaan.

Zijn klompen wegzetten. Sterven.

Dat zal mijn klomp niet roesten. Ik maak me er niet druk om; het kan mij niet schelen.

Dat heb ik nog nooit op een klomp horen spelen. Dat is al te gek.

kluit Met een kluitje in het riet sturen. Afpoeieren.

kluts De kluts kwijt zijn. Helemaal in de war zijn.

knikkers Het gaat om de knikkers. Het resultaat van de wedstrijd is het belangrijkst.

knie Het probleem onder de knie hebben. Het probleem is opgelost.

Over de knie leggen. Een pak slaag geven.

Door de knieën gaan. Ergens met tegenzin mee akkoord gaan.

knip Geen knip voor zijn neus waard zijn. Niets waard zijn.

De hand op de knip houden. Zuinig zijn.

knollen Knollen voor citroenen verkopen. Oplichterij.

De knollen op hebben. Uitgeput zijn.

Weer in zijn knollentuintje zijn. Als in: "hij zit weer in zijn knollentuintje." Hij praat weer over zijn favoriete onderwerp.

knoop De knoop doorhakken. Een beslissing forceren. (Afgeleid van het verhaal van de gordiaanse knoop.)

knuppel De knuppel in het hoenderhok gooien. Opschudding veroorzaken met een voorstel of uitspraak, met de bedoeling om een discussie op gang te brengen, of veranderingen op gang te brengen.

koe Oude koeien uit de sloot halen. Reeds afgedane kwesties uit het verleden opnieuw ter sprake brengen.

De koe bij de horens vatten. Actief beginnen met de oplossing van een bepaald probleem (bijvoorbeeld doordat zich een gebeurtenis voordoet die een extra impuls geeft om nu actie te ondernemen).

De auto is voor velen een heilige koe. Iets heiligs, waar je niet aan mag komen.

Over koetjes en kalfjes praten. Over van alles en nog wat praten.

Hoe een koe een haas vangt. Een oplossing voor een schijnbaar onmogelijk oplosbaar probleem.

Een waarheid als een koe. Onbetwistbaar feit.

koek Een koekje van eigen deeg gepresenteerd krijgen. Het slachtoffer worden van een streek, op dezelfde wijze als men voorheen anderen een streek leverde.

Het is niet koek en ei. Er ontbreekt iets aan de situatie.

Dat is andere koek. Dat is wezenlijk beter. (Ook gebruikt als reclame-uiting)

De koek is op. Op is de koek, en weg zijn de dubbeltjes. Het maximaal haalbare is bereikt, meer zit er niet in.

Kletskoek. Lariekoek. Lulkoek. Onzin.

koets Uit de koets stappen. Overlijden.

koffiedik