De 18e eeuw is in de christelijke jaartelling de 18e periode van 100 jaar, bestaande uit de jaren 1701 tot en met 1800. De 18e eeuw behoort tot het 2e millennium. In de Europese cultuurgeschiedenis valt deze eeuw samen met de periode van de Verlichting. Op politiek terrein hebben zich in Europa en Amerika enorme verschuivingen voorgedaan, vooral in het laatste decennium. Na de Franse Revolutie van 1789 heeft Frankrijk zich ontwikkeld tot de meest agressieve Europese mogendheid: onder leiding van Napoleon Bonaparte voert het oorlog tegen Rusland, Oostenrijk, het Verenigd Koninkrijk, Portugal, Napels en het Osmaanse Rijk. Deze sterke expansiedrift doet zich voor aan het einde van een eeuw die juist een verlies van Franse macht op het continent en in de koloniën te zien heeft gegeven. Het Verenigd Koninkrijk heeft zich ontwikkeld tot de sterkste mogendheid in Europa, hoewel deze positie nu door Frankrijk wordt aangevochten. Vooral de omvang van het Britse koloniale rijk is toegenomen (Voor-Indië, Canada), ondanks het verlies van de nu onafhankelijke Verenigde Staten. Oostenrijk is naast het Verenigd Koninkrijk een van de meest vooraanstaande en verbeten tegenstanders van het revolutionaire Frankrijk; het land heeft de afgelopen eeuw een voorname rol gespeeld in de strijd om de Europese hegemonie. De andere belangrijke Duitse staat, Pruisen, houdt zich afzijdig van de Europese troebelen. Het heeft zich met zijn sterke interne structuur de afgelopen honderd jaar kunnen opwerken tot een van de machtigste mogendheden. De kolos in het oosten, Rusland, heeft zijn grenzen verder naar het westen verlegd en speelt voor het eerst in zijn geschiedenis een rol van betekenis in de Europese politiek. Bovengenoende vijf staten – Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Oostenrijk, Pruisen en Rusland – bepalen samen het politieke gezicht van Europa in de achttiende eeuw.
Tot de grote verliezers in deze eeuw behoort Spanje. In de 17e eeuw nog in het bezit van een machtig leger en van uitgestrekte gebieden op het Europese continent, is het nu een verkommerd land in een uithoek van Europa. De hegemonie van Zweden in het noorden is door de rampzalige oorlogen van Karel XII tenietgedaan. De trotse onafhankelijkheid van de Republiek der Zeven Provinciën is verloren gegaan: Nederland is nu onder de naam Bataafse Republiek een vazalstaat van Frankrijk. De Zuidelijke Nederlanden staan, na bijna een eeuw Oostenrijkse overheersing, onder Frans bewind. In Zuidoost-Europa heeft het Osmaanse Rijk verdere verliezen moeten accepteren; het speelt nauwelijks meer een rol in de Europese, continentale politiek.
In deze eeuw ontwikkelt zich een mondiale economie met Europa als middelpunt. Dit continent, met name het noordwesten, is onvergelijkbaar rijker dan welk ander werelddeel ook. De talrijke uitvindingen en de ontwikkelde techniek, die doorwerken in de landbouw en de industrie, geven veel Europeanen een grotere grip op eerder niet te beïnvloeden omstandigheden.
Benamingen voor eeuw
Verlichting Tijd van pruiken en revoluties (onderwijs)
Belangrijke gebeurtenissen en ontwikkelingen Europa Het vorstelijk absolutisme wint overal terrein. De adel verliest haar regionale machtspositie in ruil voor een plaats in het gecentraliseerde bestuursapparaat en in de dagelijkse entourage van de vorst (adelscompromis). Een variant van dit absolutisme is die van de verlicht despoot. Deze wil vader of moeder van het volk zijn, en laat zich daarbij niet door de adel hinderen. Hij / zij bevordert godsdienstige tolerantie, kunsten en wetenschappen, en streeft naar betrouwbare wetgeving, rechtspraak en bestuur. Voorbeelden zijn: Frederik de Grote van Pruisen, Gustaaf III van Zweden, Catharina de Grote van Rusland en Jozef II van het Heilige Roomse Rijk. Het Osmaanse Rijk verliest in Europa aan macht. De meeste bestuurlijke ambten worden uitgeoefend door Grieken. Ook de Russisch-Turkse oorlogen ten tijde van Catharina de Grote dringen het Osmaanse Rijk langzaam terug. De Russen vestigen hun overwicht in de Zwarte Zee en op land tot aan de Donau. De Russische Keizerlijke Marine opereert zelfs in de Middellandse Zee. De Janitsaren, eens het meest gevreesde Turkse legeronderdeel, zijn verworden tot een allegaartje van opportunisten, slechts uit op eigen gewin. Zij dwingen steeds meer rechten van de sultan af: het recht om te trouwen, financiële rechten, toelating van geboren moslims. De Janitsaren vormen erfelijke dynastietjes, die als een soort lagere adel in Europa leven, en de plaatselijke christelijke boeren genadeloos uitknijpen. Het Habsburgse Rijk wordt de dominante macht in Zuidoost-Europa. De Militaire Grens, in de 16e eeuw aangelegd langs de Kroatische Militärgrenze, wordt door de verovering van Turks grondgebied uitgebreid met de Slawonische Militärgrenze (1702), de Banater Militärgrenze (1742) en de Siebenbürger Militärgrenze (1764). In deze gordel wonen voornamelijk Slavische beroepsmilitairen die Europa tegen de Turken moeten verdedigen. Bij aanvang van de Hannoveriaanse periode, in het Verenigd Koninkrijk, worden de Whigs de belangrijkste politieke regeringspartij. Tegelijkertijd verdwijnen de Tories bijna als politieke machtsfactor. In de daaropvolgende regeerperiode van George III bevrijdt deze zich van de "Whig-magnaten"; een nieuwe Tory-partij wordt gevormd uit voormalige, gematigde Whigs. Na de Schotse steun voor de Jacobitische opstand in 1745 wordt het de Schotten verboden de doedelzak te bespelen, een kilt of wapens te dragen en grote bijeenkomsten te houden. De Pools-Litouws Gemenebest blijkt niet in staat zich tegen de inmenging van de buurlanden te verdedigen en in de Poolse delingen van 1772, 1793 en 1795 wordt Polen opgedeeld tussen Pruisen, Oostenrijk en Rusland. Het oorspronkelijke Litouwen komt onder Russisch bestuur. De regeringen laten zich in hun handels- en industriepolitiek leiden door het mercantilisme. Ze bevorderen de export, remmen de import en leggen goudvoorraden aan. De bruine rat doet zijn intrede en verdringt de zwarte rat. De pest komt hierna in Europa niet meer voor.
Landbouw In Engeland begint rond 1750 de agrarische revolutie: het drieslagstelsel wordt vervangen door het vierslagstelsel, waardoor het knelpunt van het drieslagstelsel, namelijk de braakliggende gronden, wordt uitgeschakeld. Rapen, klaver, wortelgewassen en grassen gaan de graanteelt afwisselen en de braak vervangen.
Industrie De Brit Abraham Darby ontwikkelt een methode voor de productie van ruwijzer in een hoogoven, waarbij de tot nu toe gebruikelijke brandstof, houtskool, wordt vervangen door de in Engeland ruim voorhanden zijnde cokes. In Engeland begint de industriële revolutie met de uitvinding van de stoommachine door Thomas Newcomen. Hij bouwt er honderd om de kolenmijnen droog te houden via met stoomkracht aangedreven waterpompen. James Watt verbetert de werking van de stoommachine aanzienlijk. De textielnijverheid wordt gemechaniseerd met de introductie van spinmachines en weefstoelen. Leiden verliest haar lakenindustrie aan Verviers. Langs de Oude IJssel ontstaan ijzergieterijen, die hier gebruik kunnen maken van het ijzeroer in de grond. De rivier vormt een geschikt transportkanaal. Russische machthebbers zetten lijfeigenen in, als goedkope vorm van arbeid in de grootschalige ontwikkeling van de industrie. Vooral in het Oeralgebied, het gouvernement Olonets en in Siberië worden veel geregistreerde boeren ingezet. Londen neemt in de 18e eeuw de positie van Amsterdam als financieel centrum over.
Amerika Eeuw van de slavenhandel, met name vanuit West-Afrika naar Amerika. De slaven worden gehaald om te werken op de suikerplantages in het Caraïbisch gebied en op de katoenplantages in het zuiden van Noord-Amerika. Groepen gevluchte slaven verenigen zich in de onontgonnen, niet-gekoloniseerde binnenlanden en zetten er eigen gemeenschappen op. Van daaruit bestoken de Marrons de kolonie en de plantages. Deze acties zijn gericht op de bevrijding van slaven en het verkrijgen van bestaansmiddelen om de groep in stand te houden, zoals werktuigen, zaden en wapens, maar ook vrouwen en kinderen. Met de introductie van het paard worden de Lakota een prairie-volk, dat jaagt op bizons, die dienen als bron van voedsel, kleding en tipi’s. Als de onderkoninkrijken Nieuw-Granada en Rio de la Plata gevormd worden, ten koste van grondgebied van het Onderkoninkrijk Peru, verliest Lima aan belang en worden Caracas en Buenos Aires belangrijke handelssteden. De Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog breekt uit wanneer de Engelse kolonisten in Amerika meer invloed opeisen op hun eigen bestuur. Dit resulteert in het opstellen van de Declaration of Independence In Brazilië wordt diamant gevonden. Holland krijgt het monopolie op de import en bewerking van Braziliaanse diamant.
Republiek der Verenigde Nederlanden
De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden slaagt er niet in om tot een betere besluitvorming te komen. De gewestelijke soevereiniteit verlamt de confederatie, hetgeen bijdraagt aan haar ondergang in 1795. Herhaalde twisten tussen prinsgezinden en staatsgezinden leiden tot het sluiten van contracten van harmonie, waarbij de openbare ambten tussen beide partijen worden verdeeld. Op den duur ontaardt dit systeem in nepotisme: de ambten worden verdeeld binnen dezelfde families. Te midden van de gewesten die de Republiek der Verenigde Provincien vormen, handhaven zich enkele exclaves, zoals de heerlijkheid Culemborg, de baronie IJsselstein, de stad Ravenstein en de heerlijkheid Vianen. Opper-Gelre wordt bij de Vrede van Utrecht (1713) opgedeeld in Pruisisch Opper-Gelre, Staats Opper-Gelre, Guliks Opper-Gelre en Oostenrijks Opper-Gelre. Dit duurt tot de Franse bezetting in 1795. Tussen 1722 en 1741 veilden de Staten van Holland uit geldnood 108 ambachtsheerlijkheden. De kopers mochten zich "ambachtsheer" noemen en kregen diverse rechten, zoals benoemingsrechten, en opbrengsten uit de ambachten, waaronder tienden, accijnzen en verpachtingen.De Ring van Putten : onderzoekingen over een hoogheemraadschap in het Deltagebied [Proefschrift Letteren, Rijksuniversiteit Leiden] / Jacobus Leonardus van der Gouw. - Zaltbommel: Europese Bibliotheek, 1967., p. 17-20
Zuidelijke Nederlanden De Habsburgse Nederlanden gaan bij de Vrede van Utrecht (1713) over van Spaans in Oostenrijks bewind. In de Oostenrijkse Nederlanden is de gevolmachtigd minister de hoogste vertegenwoordiger van de Oostenrijkse keizer na de landvoogd. De gevolmachtigd minister is het werkelijke hoofd van de regering in de Zuidelijke Nederlanden. Na het Theresiaanse compromis van 1748 wordt de regering zoveel mogelijk overgelaten aan de Belgen, mits zij de financiën op orde brengen. Na 1713 maakt de Oostenrijkse overheersing een meer open Joodse gemeenschap mogelijk. In deze tijd vindt er een grote immigratie van Asjkenazische Joden naar het land plaats. Keizer Jozef II geeft Joden het recht om handel te drijven, ambachten uit te oefenen en grond te bezitten. Ten slotte krijgen ze ook het recht op eigen begraafplaatsen. Begin van de verfransing van Brussel. Administratie en hoge burgerij bedienen zich uitsluitend van de Franse taal. Vanaf de Vrede van Utrecht in 1713 tot aan de Franse annexatie in 1795 bestaat er een provincie West-Vlaanderen, die veel zuidelijker ligt dan de huidige en ook nu Franstalige gebieden omvat. In Limburg vinden in de periodes 1743-1745, 1750-1752 en 1770-1778 de zogenaamde "Bokkenrijdersprocessen" plaats, massaprocessen waarbij minstens vijfhonderd inwoners van de streek werden veroordeeld en/of om het leven kwamen. Deze processen worden ook wel de laatste massale heksenprocessen in Europa genoemd, en zijn de eeuwen daarna een inspiratiebron voor schrijvers en kunstenaars.Augustus, L. (1991). Vervolgingsbeleid en procesvoering tegen de Bokkerijders: Het ontstaan van een waandenkbeeld. Publications de la société historique et archéologique dans le Limbourg, 127, 69-153