De 16e eeuw (van de christelijke jaartelling) is de 16e periode van 100 jaar, bestaande uit de jaren 1501 tot en met 1600. De 16e eeuw behoort tot het 2e millennium.

Gebeurtenissen en ontwikkelingen thumb|Maarten Luther

Afrika Snelle expansie van het Songhairijk in West-Afrika door handel met Europa en Azië, de creatie van vele scholen. De islam wordt een belangrijk deel van het rijk.

Azië Vanaf 1510 is Goa het centrum van Portugees-Indië. De Portugezen maken van Goa een levendige stad, ruim opgezet met tuinen en lusthoven. Het pronkt met allerlei koopwaar, waaronder gelakte bedsteden en slaven. De stad groeit uit tot een bestuurlijk centrum met 200. à 300.000 inwoners, in grootte te vergelijken met Londen of Parijs. Vanuit Goa worden Portugese bezittingen op de Malabarkust, Ceylon, Malakka en Macau ondersteund. De Sadak-e-Azam (grote weg) door het noorden van het huidige India wordt opnieuw in gebruik genomen onder Sher Shah Suri, die de ver uit elkaar gelegen provincies van zijn enorme rijk met elkaar verbindt. Sher Shah laat het gedeelte tussen Agra en Sasaram in Bihar aanleggen. Nog in zijn regeringsperiode wordt de weg uitgebreid tot aan Multan in het westen en Sonargaon in het oosten. Daarna trekken de Moghulkeizers haar door naar Kabul. De Safawiden uit Azerbeidzjan (Iran) veroveren het Perzische rijk en maken er de Jafari (sjiisme) tot staatsgodsdienst. Het systeem van Mardijkers wordt op Java geïntroduceerd door de Portugezen. Gekerstende slaven worden vanuit Voor-Indië en zelfs Afrika naar Oost-Indië gebracht, waar ze een aparte bevolkingsgroep vormen, nauw verbonden met de Europese machthebbers. Van de vrijgelaten slaven wordt militaire wederdienst geëist, maar ze zijn vrij zich te vestigen waar ze willen.

Midden-Oosten De Osmaanse Turken veroveren Egypte en Mekkah. Van Hongarije maken ze een vazalstaat en ze belegeren Wenen. De eerste Koffiehuizen worden geopend in onder andere Damascus, Istanboel en Caïro.

Amerika Spaanse Conquistadores maken een eind aan eeuwenoude beschavingen van Maya's, Azteken, Inca's en vele andere volkeren in Latijns-Amerika. De conquistadores geven aan hun volgelingen het recht om groepen van de inheemse bevolking te werk te stellen en om tribuutbetalingen van hen te vragen. In ruil hiervoor krijgen dezen voedsel, onderdak en christelijk onderwijs. Het systeem wordt voor het eerst gebruikt in Hispaniola voor landbouwarbeid en later ook voor de landbouw in Mexico. Als de zilvermijnen in de jaren-1540 worden ontdekt, wordt ook daar het encomienda-systeem ingevoerd. Om de Spaanse conquistadores te betalen worden grote stukken land met de bevolking die erop woont toegekend aan de veroveraars. Dit systeem, waarin de eigenaar van het land recht heeft op de opbrengst en de inheemse bevolking voor zich mag laten werken in ruil voor hun bekering, staat bekend als encomienda. Hoewel indianen officieel als Spaanse onderdanen gelden en daarom geen slaaf kunnen worden, komt dit systeem in feite vaak neer op slavernij. In de jaren na 1520 doet zich in Nieuw-Spanje een van de grootste demografische catastrofes uit de geschiedenis van de mensheid voor. De eerste pokkenlijder, vermoedelijk een bemanningslid van Panfilo de Narvaéz, stapt in dat jaar aan land in Mexico. Binnen een paar maanden tijd richt deze ziekte een ravage aan onder de Azteken en deze epidemie wordt later gevolgd door griep, mazelen en cocoliztli (wsch. de builenpest). Van de 25,2 miljoen inwoners die Mexico naar schatting in 1520 heeft, zijn er in 1623 nog slechts 0,7 miljoen over, ofwel een bevolkingsdaling van 97% in een eeuw tijd. Op de terugreis brengen de veroveraars de geslachtsziekte syfilis mee naar Europa. Giovanni da Verrazzano verkent in 1524 in opdracht van Frankrijk de oostkust van Amerika. Tien jaar later vaart Jacques Cartier de Sint-Laurens op. In de volgende jaren bouwt hij handelsplaatsen en forten in een gebied dat later Quebec zal heten. Zo groeit in de loop van de eeuw Nieuw-Frankrijk.

Europa De katholieke vorsten bestrijden de protestantse ketterij met plakkaten en met vervolging door de Inquisitie. De godsdienstvrede van Augsburg laat de Europese vorsten vrij om met hun volk een kerkelijke richting te kiezen. Frankrijk wordt verscheurd door de Hugenotenoorlogen met de Bartholomeusnacht in 1572 als dieptepunt. Het Edict van Nantes maakt in 1598 een tijdelijk einde aan de Franse godsdienstoorlogen. Bij de Rijkshervorming van 1495 is een Rijkskamergerecht ingesteld als hof van beroep voor alle landen van het rijk. Het hof spreekt het gemene recht, met slechts een aanvullende rol voor het lokale gewoonterecht. Buiten dit stelsel blijft Engeland met zijn eigen Common law. Het Heilige Roomse Rijk wordt ingedeeld in kreitsen. De kreitsen zijn onder andere verantwoordelijk voor de handhaving van de vrede en de uitvoering van de uitspraken van de Rijkshofraad en het Rijkskamergerecht. Maar na de Reformatie zijn de vorstendommen in de praktijk gegroepeerd in protestantse en katholieke landen. Onder de Italiaanse Oorlogen (1494–1559) wordt een reeks conflicten verstaan, waarbij op verschillende tijdstippen alle West-Europese staten betrokken zijn. Ze groeien uit tot een gevecht om de heerschappij over Europa, vooral tussen Frankrijk en het Heilige Roomse Rijk en Spanje. Grote delen van Europa worden geregeerd door het huis Habsburg. Keizer Karel V bestuurt een gebied groter dan het Romeinse Rijk op zijn hoogtepunt; er wordt dan ook gesproken over het rijk waar de zon nooit ondergaat. Zijn zoon en opvolger Filips II van Spanje claimt en verovert hierbij ook nog eens het Portugese geboorteland van zijn moeder. Engeland wordt onder het Huis Tudor een grote mogendheid. Het verstevigt zijn greep op Ierland door het stichten van het koninkrijk Ierland en door de vestiging van Engelse kolonies. Het Pools-Litouwse Gemenebest beleeft zijn Gouden Eeuw in de 16e eeuw en de eerste helft van de 17e eeuw. Het gebied van de Duitse Orde wordt geannexeerd. De hertogdommen Pruisen en Koerland worden vazalstaten, het hertogdom Lijfland komt rechtstreeks onder de Kroon. Overal in West- en Midden-Europa wordt het in de tweede helft van de 16e eeuw kouder. De winters worden strenger, met meer sneeuw en ijs. Ze beginnen vaak al in november en duren tot maart of april. Vanaf 1530 worden ook de zomers koeler met herfstweer, compleet met storm en stormvloeden. Dit natuurverschijnsel wordt Kleine IJstijd genoemd.

De Izmaragd, een 14e-eeuwse moraalcodex, en de Domostroj, een huishoudelijk handboek, drukken hun stempel op het Russische leven. De besproken onderwerpen zijn van velerlei aard, zoals christelijke deugden, zonden, goede en slechte vrouwen, opvoeding van kinderen en het regelen van een huishouden.

In de hele Westers-christelijke wereld wordt prostitutie fel onderdrukt, overigens zonder spectaculaire resultaten.

Godsdienst De paters Dominicanen verbreiden het Rozenkransgebed over Europa. De Joden worden verdreven uit Spanje en Portugal. Ze trekken in alle windrichtingen en vestigen zich ten oosten in Thessaloniki, ten zuiden in Marokko, ten westen in Brazilië en ten noorden in de Nederlanden. In Italië leidt de toestroom van Joodse vluchtelingen uit Spanje tot de instelling van getto's. De moslims in El Andalus, ook wel Morisco's genoemd, worden door kardinaal Cisneros gedwongen zich tot het katholicisme te bekeren. Heimelijk blijven zij de islam aanhangen, en enkele grote opstanden bevorderen de verhoudingen niet. De Wali Songo verspreiden de islam op Java. Op Ambon brengen de Portugezen het christendom. In het noordwesten van het Indisch subcontinent ontstaat het Sikhisme, een godsdienst gebaseerd op vrede en verdraagzaamheid. In Europa en vooral in Frankrijk worden veel processen gevoerd tegen vermeende weerwolven. Als de rondtrekkende medicus en magiër Johann Faust in 1540 komt te overlijden, ontstaat al snel de Faustlegende over een "pact met de duivel".

Reformatie Ten behoeve van de bouw van de Sint-Pietersbasiliek ontstaat de aflaathandel: zondaars verkrijgen kwijtschelding door betaling in plaats van door biecht en penitentie. Deze misstand wordt aan de kaak gesteld door de Augustijner monnik Maarten Luther. De protestantse Reformatie leidt tot de Beeldenstorm. Kerken worden ontdaan van heiligenbeelden, schilderingen en gebrandschilderde ramen met Bijbelse voorstellingen. De muren worden witgeschilderd en voortaan staat de dienst in het teken van de Schriftlezing. Gezongen worden de Geneefse psalmen. De Waldenzen sluiten zich aan bij de Reformatie. In de protestantse Duitse landen doet de kerstboom zijn intrede. Ook wordt op voorschrift van Luther het Sinterklaasfeest vervangen door kerstmis. Stichting van de Kerk van Engeland als staatskerk in Engeland (1534) De katholieke reactie op de Reformatie is de Contrareformatie. Het priesterschap wordt hervormd, combinatie van kerkelijke ambten wordt verboden en de opleiding wordt verbeterd. Het Concilie van Trente (1543-1565) schrijft de oprichting van seminaries in elk bisdom voor, terwijl bisschoppen theologisch geschoold moeten zijn.

Katholicisme De eerste lijsten van verboden boeken verschijnen in de Nederlanden (1529), Venetië (1543) en Parijs (1551). Dit idee wordt overgenomen door Rome (1557). In 1564 verschijnt de zogeheten Index Tridentinus (Index van Trente) onder verantwoordelijkheid van paus Pius IV volgens normen die zijn vastgelegd op vraag van het Concilie van Trente, omdat de lijst van Paulus IV te streng is. In die Index verschijnen de zogeheten Tien Regels van Trente, in het Latijn decem regulae Tridentinae, die de norm zullen blijven.

Lage landen De hertogdommen Brabant, Limburg, Luxemburg, Gelre, de graafschappen Vlaanderen, Artois, Henegouwen, Holland, Zeeland, Namen, de heerlijkheid Mechelen, Friesland, Utrecht, Overijssel (met Drenthe, Lingen en Westerwolde), Groningen (met de Ommelanden), de steden en kastelen van Rijsel en de stad Doornik (met het Doornikse) vormen met elkaar de Zeventien Provinciën. Tussen 1507 en 1567 besturen drie vrouwen de Nederlanden. Als de jonge landsheer Filips de Schone naar zijn koninkrijk Spanje vertrekt, vertrouwt hij zijn kinderen en zijn Nederlanden toe aan zijn zuster Margaretha van Oostenrijk. Zij blijft landvoogd tot kort voor haar dood eind 1530. Voorjaar 1531 arriveert de door haar opgevoede Maria van Hongarije, landvoogd van 1531 tot 1555, wanneer ze zich tegelijk met haar broer Karel V terugtrekt. Ze wordt opgevolgd door Margaretha van Parma, halfzuster van de nieuwe landsheer Filips II van Spanje. Margaretha vertrekt in 1567, als de hertog van Alva arriveert met een contingent Spaanse troepen. In de Habsburgse Nederlanden nemen (academisch gevormde) ambtenaren (ambtsadel)de plaats in van de landadel in het bestuur. De Raad van State wordt nog gevormd door edelen, maar de Geheime Raad, die bestaat uit burgers, voert de feitelijke regering. Er vindt een ontwikkeling plaats naar eenheid van rechtspraak (Grote Raad van Mechelen) en eenheid van wetgeving (Criminele Ordonnantie). Na 1581 valt het noorden terug op de historische lappendeken van keuren en plaatselijke gebruiken. De eerste grote vinkenzettingen in Vlaanderen vinden plaats. Eenmaal per jaar houden de vogelvangers wedstrijden om te bepalen welke lokvogels het snelste kunnen zingen. oorspronkelijk waren vinken lokvogels voor de valkerij. De kunst van het vangen en africhten van valken verspreidt zich over de Kempen en mede door toedoen van landvoogd Maria van Hongarije wordt de faam van de Brabantse Valkerij aan de West-Europese hoven gevestigd.

Militair Op slagvelden in de vroegmoderne tijd wordt de cavalerie meestal op de flank geplaatst. Een typische cavalerieaanval begint dan met een omtrekkende beweging, waarna de vijand in de rug aangevallen kan worden. Ook voor het verstoren van de vijandige logistiek blijft de cavalerie goed inzetbaar.