Rudolf Pieter s'Jacob (Almelo, 8 september 1905 - Hilversum, 29 september 1941) was een Nederlandse advocaat, verzetsman en medeoprichter van Vrij Nederland.

Levensloop s'Jacob was de zoon van Charles Mari s'Jacob en Adriana Catharina Mees. Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak, was hij substituut-griffier in de arrondissementsrechtbank van Amsterdam. Samen met Anne Anton Bosschart en Cornelis van der Vegte richtte hij Comité voor Vrij Nederland op.

s'Jacob werd in december 1940 gearresteerd en overgebracht naar het Oranjehotel waar hij van 16 december tot en met 26 juli 1941 was opgesloten. Op 1 juli 1941 werd hij door het Feldkriegsgericht in Den Haag veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaar. Voor de rechter verklaarde hij: Ik was nooit een hartstochtelijk mens, mijnheer de voorzitter, maar één grote liefde heb ik toch steeds gehad: mijn Vaderland! Voor dat Vaderland heb ik gedaan, hetgeen is geschied... en ik vraag de heren rechters goed te willen begrijpen, dat elke andere drijfveer mij vreemd is geweest. Deze straf werd later omgezet in de doodstraf. Op 29 september 1941 werd hij met Bosschart en Van der Vegte op de Bussummerheide in Hilversum gefusilleerd. s'Jacob werd op de Oude Algemene Begraafplaats te Doorn begraven.

Monument Op de Bussumerheide in Hilversum is in 1978 een monumentaal houten kruis geplaatst ter vervanging van het eenvoudige kruis dat er sinds 1945 stond. Hierop stonden aanvankelijk vier namen: Anne Anton Bosschart, Lodo van Hamel, Rudolf s'Jacob en Cornelis van der Vegte. In 2007 werd daar de naam van Han van Zomeren aan toegevoegd.

De naam van s'Jacob wordt tevens genoemd op een plaquette in het Paleis van Justitie in Amsterdam.

Categorie:Nederlands advocaat Categorie:Nederlands verzetsstrijder omgekomen tijdens de Tweede Wereldoorlog Categorie:Nederlands persoon geëxecuteerd tijdens de Tweede Wereldoorlog