Het Pools voetbalelftal (Pools: polska reprezentacja narodowa) is een team van voetballers dat Polen vertegenwoordigt in internationale wedstrijden. De bijnaam is Biało-czerwoni (wit-roden). Deze bijnaam komt van de kleuren van het thuistenue die op de nationale vlag terugvallen.
Het Poolse team speelde zijn eerste interland op 18 december 1921 in Boedapest tegen het Hongaars voetbalelftal, en verloor met 1-0 van de thuisploeg. Polen won op de Olympische Spelen van 1972 in München de gouden medaille, gevolgd door de zilveren medaille, vier jaar later in Montréal. Op de WK's van 1974 en 1982 eindigde Polen op de derde plaats.
Geschiedenis 1921 - 1966 De beginjaren 1921 - 1939 thumb|300px|left|Pools voetbalelftal, 1921. Polen speelde zijn eerste internationale wedstrijd tegen Hongarije op 18 december 1921, het verloor met 1-0. De eerste Poolse voetbalfederatie werd echter al opgericht op 25 juni 1911 in Lemberg, toen Polen nog geen onafhankelijk land was. In 1924 deed het mee aan de Olympische Spelen in Parijs, het verloor in de eerste ronde met 5-0 van Hongarije. Polen schreef zich in voor het WK van 1934, door een 1-2 thuisnederlaag tegen Tsjecho-Slowakije werd kwalificatie niet afgedwongen. Op de Olympische Spelen in Berlijn in 1936 werd de halve finale bereikt na overwinningen op Hongarije en Groot-Brittannië, nederlagen tegen Oostenrijk en Noorwegen leverde uiteindelijk de vierde plaats op. thumb|150px|Ernest Wilimowski De stijgende lijn werd voortgezet in het kwalificatie-toernooi voor het WK van 1938, door een 4-0 overwinning op Joegoslavië werd voor de eerste keer WK-kwalificatie afgedwongen. In de eerste ronde van het WK in Frankrijk was Brazilië de eerste tegenstander, in de eerste helft stond Polen met 3-1 achter. In de tweede helft begon het te regenen, hetgeen in het nadeel was van de Zuid-Amerikanen die problemen hadden met hun schoeisel, Polen kwam terug in de wedstrijd en na 90 minuten ston het 4-4. In de verlenging boog Polen uiteindelijk het hoofd met een 6-5 nederlaag, op Zwitserland-Oostenrijk van 1954 (7-5) na de doelpuntrijkste wedstrijd in de WK-geschiedenis. Opvallendste man was Ernest Wilimowski, hij scoorde vier doelpunten, de Brazilianen waren zo onder de indruk dat ze hem wilden overhalen om zich te naturaliseren tot Braziliaan.
Op 27 augustus 1939 speelde Polen tegen de nummer twee van het laatste WK Hongarije en won met 4-2, Wilimowski scoorde driemaal. Vier dagen later viel Nazi-Duitsland Polen binnen en begon de Tweede Wereldoorlog. Wilimowski werd door de Duitsers gezien als een Volkduitser en speelde nog acht wedstrijden voor Nazi-Duitsland waarin hij dertien doelpunten scoorde. Na de oorlog werd hij in Polen gezien als een verrader en vertrok naar Duitsland, hij zou geen internationale wedstrijden meer spelen.
1946 - 1966 thumb|150px|Włodzimierz Lubański Na de oorlog volgde een moeizame periode, dieptepunt was een 8-0 nederlaag tegen Denemarken, tot op heden de grootste nederlaag in de Poolse geschiedenis. Het schreef zich in voor het WK van 1954, tegenstander zou zijn Olympisch kampioen Hongarije van Ferenc Puskas, op dat moment gezien als het sterkste team van de wereld, Polen trok zich terug. In het kwalificatie-toernooi van 1958 was opnieuw een Olympisch kampioen de voornaamste tegenstander de Sovjet-Unie. Het begon de cyclus met een 3-0 nederlaag in Moskou, maar door een 2-1 overwinning in Chorzờw werd een beslissingswedstrijd afgedwongen. In Oost-Berlijn werd met 2-0 verloren.
In de periode daarna was Polen weinig succesvol, in zes wedstrijden voor kwalificatie voor het EK 1960, WK 1962 en EK 1964 werd één keer gelijk gespeeld en vijf keer verloren, tegenstanders waren Spanje, Joegoslavië en Noord-Ierland. Voor het WK van 1966 boekte het voor de eerste keer sinds de Tweede Wereldoorlog een aansprekend succes, het won in Glasgow met 1-2 van Schotland. De overige uitwedstrijden eindigden in een deceptie, Polen verloor met 2-0 van Finland en werd definitief uitgschakeld na een 6-1 nederlaag tegen Italië. Włodzimierz Lubański brak in deze periode door, hij scoorde vijf keer in twee wedstrijden.
1966 - 1986 Gouden generatie wint twee keer brons op WK's 1966 - 1972 thumb|150px|Kazimierz Deyna Voor het EK van 1968 won Polen tweemaal van België, maar twee nederlagen tegen Frankrijk en een gelijkspel tegen Luxemburg werden de ploeg fataal. In die periode brak spelmaker Kazimierz Deyna door. Voor het WK van 1970 streed het met het eveneens opkomende Nederland en Bulgarije om een plaats, het kwam één punt tekort ten opzichte van Bulgarije. Voor het EK van 1972 was het Duitsland van Franz Beckenbauer en Gerd Müller nog te sterk, het verloor thuis met 1-3 van de latere Europese kampioen. Ook tegen de zwakkere landen waren er teleurstellende resultaten, in Albanië bleef het 1-1 en in Turkije werd er verloren.
In dezelfde periode werd Kazimierz Górski aangesteld als manager, hij werd de architect van het dynamische Polen van de jaren zeventig. Op de Olympische Spelen in 1972 won Polen door de gouden medaille door in de finale met 2-1 van Hongarije te winnen. Deyna scoorde beide doelpunten in de finale en werd topscorer van het toernooi met negen doelpunten. Vier jaar later haalde Polen opnieuw de finale, het verloor in Montreal met 3-1 van Oost-Duitsland.
WK 1974 thumb|150px|Grzegorz Lato De Olympisch kampioen begon de kwalificatie teleurstellend met een 2-0 nederlaag tegen Wales, in de thuiswedstrijden waren de Polen met een 2-0 zege op de wereldkampioen van 1966 Engeland en een 3-0 zege op Wales terug in de race. Tegen Engeland behoorde Lubański tot de doelpuntenmakers, maar na een charge was hij twee jaar geblesseerd. De beslissing moest vallen in de uitwedstrijd tegen Engeland, Polen zou genoeg hebben aan een gelijkspel. Engeland viel onverdroten aan, maar keeper Jan Tomaszewski, vooraf door gelegenheidscommentator Brian Clough als clown neergezet, was niet te passeren. Bij een spaarzame tegenaanval scoorde Jan Domarski en de druk van de Engelsen werd heftiger, maar Tomaszewski was alleen nog te passeren uit een strafschop. Polen plaatste zich voor de eerste keer sinds 1938 voor het WK en groeide samen met het Nederland van Johan Cruijff uit tot de smaakmaker van het WK in West-Duitsland. Na acht minuten stond Argentinië al met 2-0 achter door doelpunten van de spitsen Grzegorz Lato en Andrzej Szarmach, de eindstand werd 3-2 voor Polen. Na een 7-0 overwinning op Haïti (3 keer Szarmach) was Polen al na twee wedstrijden zeker van de tweede ronde, maar het deed nog zijn sportieve plicht door vice-wereldkampioen Italië met 2-1 te verslaan en ook definitief uit te schakelen. In de tweede ronde ging de zegetocht verder met zeges op Zweden en Joegoslavië, Polen moest echter voor de zesde keer dit toernooi winnen om de finale te halen, West-Duitsland had een beter doelsaldo. Voor de wedstrijd in Frankfurt had het de hele dag geregend, het veld was zo goed als onbespeelbaar. Polen was als aanvallende ploeg in het nadeel en dankzij reflexen van doelman Sepp Maier en een doelpunt van Gerd Müller wonnen de Duitsers met 1-0. Bekroning op een uitstekend toernooi volgde in de "kleine finale", aftredend wereldkampioen Brazilië werd met 1-0 verslagen door een doelpunt van Lato. Lato werd topscorer van het toernooi met zeven doelpunten, Szarmach werd gedeeld tweede met vijf doelpunten en Deyna en Lato werden opgenomen in het All-Star Team.
EK 1976 Loting voor het EK in 1976 was pittig met onder andere Nederland en Italië als tegenstanders. Na een 0-0 in Rome werd een intern verdeeld Nederlands elftal met 4-1 weggespeeld, Szarmach scoorde tweemaal. Bij de return in Amsterdam waren de rollen omgedraaid, Nederland won met 3-0. Met nog één wedstrijd te spelen had Polen één punt achterstand op Nederland, beide landen moesten nog tegen Italië. Polen kwam niet verder dan 0-0 tegen Italië en Nederland kwalificeerde zich nu met een kleine nederlaag (1-0) voor de kwartfinales.
WK 1978 thumb|150px|Zbigniew Boniek Polen had weinig problemen zich te plaatsen voor het WK, in de eerste wedstrijd werd de voornaamste tegenstander Portugal in Lissabon met 0-2 verslagen door twee doelpunten van Lato en een 1-1 gelijkspel in de return was genoeg om zich te plaatsen. Alle sterren van het vorige WK waren nog steeds present aangevuld met de weer herstelde Lubański en het nieuwe talent Zbigniew Boniek. In de openingswedstrijd van het WK in Argentinië speelde Polen in een wedstrijd zonder hoogtepunten doelpuntloos gelijk tegen West-Duitsland. Zonder te imponeren werd de tweede ronde bereikt met overwinningen op Tunesië en Mexico. In de tweede ronde speelde het louter tegen Zuid-Amerikaanse landen. Tegen Argentinië hervond Polen zijn vorm, maar de omstandigheden zaten niet mee, het vijandige publiek, Mario Kempes die twee keer scoorde en de scheidsrechter die een strafschop gaf na duidelijk handsspel van Kempes, maar dezelfde Kempes niet uit het veld stuurde. De strafschop werd bij een 1-0 stand gemist en Kempes scoorde later de beslissende 2-0. Na een 1-0 overwinning op Peru moest er gewonnen worden van Brazilië om in ieder geval de kleine finale te halen. Na een 1-1 stand bij de rust werden de Polen in de tweede helft overlopen en verloren met 3-1.
EK 1980 Loting voor het EK was opnieuw pittig met Nederland en Oost-Duitsland als opponenten, Polen verloor in Leipzig met 2-1 van Oost-Duitsland en won met 2-0 van Nederland in Chorzów. Nadat Polen thuis niet verder kwam dan een 1-1 gelijkspel tegen Oost-Duitsland moest er gewonnen worden in Amsterdam. Na zeven minuten kwam Polen op voorsprong via Rudy, maar een omhaal van Huub Stevens zorgde voor de gelijkmaker. Polen eindigde op de tweede plaats met één punt achterstand op Nederland.
WK 1982 thumb|150px|Włodzimierz Smolarek Oost-Duitsland was opnieuw een opponent voor kwalificatie voor het WK van 1982. Nu ging het veel voorspoediger, Polen won de thuiswedstrijd met 1-0 door een vrije trap van Andrzej Buncol en stond in de return al na vijf minuten met 2-0 voor. Włodzimierz Smolarek was de nieuwe belofte, hij scoorde tweemaal. Polen begon het WK in Spanje met doelpuntloze gelijke spelen tegen Italië en Kameroen. Na een ruststand van 0-0 denderde Polen in de tweede helft over Peru heen, in twintig minuten werd er vijf keer gescoord. De wedstrijd tegen België was de definitieve internationale doorbraak van Boniek, hij scoorde driemaal en verdiende een transfer naar de Italiaanse topclub Juventus. Omdat de Sovjet-Unie slechts met 1-0 van België won had Polen een gelijkspel nodig om de halve finale te halen. De wedstrijd was beladen vanwege de politieke situatie in Polen, een half jaar had de Poolse communistische regering de noodtoestand in het land uitgeroepen, zeer waarschijnlijk onder dwang van een Russische inval. Meest opvallende aan de wedstrijd was dat er heel de wedstrijd een spandoek van de verboden vakbond Solidairiteit hing, de wedstrijd eindigde zonder doelpunten. Voor de halve finale tegen Italië was Boniek geschorst, Polen had niet meer in te brengen dan hard spel en verloor met 2-0 door doelpunten van Paolo Rossi. De wedstrijd om het brons werd met 3-2 gewonnen van Frankrijk, hetzelfde resultaat als acht jaar geleden. Opvallend was dat Polen van de zeven wedstrijden slechts drie keer doelpunten produceerde, in die drie wedstrijden werden liefst elf doelpunten gescoord.
EK 1984 Hoe succesvol het Poolse team in die jaren was in de WK-toernooien, het haalde nooit de eindronde van het EK. Polen begon met een 2-3 uitzege op Finland, maar het bleek de enige overwinning te zijn in zes wedstrijden. De thuiswedstrijden tegen Finland en de Sovjet-Unie werden gelijk gespeeld door eigen doelpunten en er werd twee keer verloren van de verrassende winnaar Portugal. Een jaar later nam Lato afscheid van het nationale team met 100 interlands, op dat moment een record.
WK 1986 thumb|Władysław Żmuda in duel met Kees Kist tijdens Polen - Nederland op 2 mei 1979.