Jack de Nijs (Tjimahi, 18 juli 1941 – Roosendaal, 26 mei 1997) was een Nederlandse zanger (Jack Jersey), componist, arrangeur, tekstdichter en artistiek en muziekproducent van lichte muziek.

Hij begon zijn loopbaan in bandjes en brak door als componist en producer voor een groot aantal artiesten, met grote hits voor Jan Boezeroen, Nick MacKenzie en André Moss. Van de laatste kregen vanaf 23 augustus 1973 meerdere hits een nieuw leven als tune op de befaamde TROS donderdag op Hilversum 3. Hij was tevens de producer en de schrijver van de Nederlandse tekst van Comment ça va uitgevoerd door The Shorts uit 1983, die internationaal aansloeg. Ook andere composities van hem werden in het buitenland gecoverd.

Als zanger had hij eerst meerdere kleine hits in het Nederlands, tot hij in 1973 in het Engels doorbrak met I'm calling dat Alarmschijf werd bij Radio Veronica. In 1974 en 1975 bracht hij meerdere singles uit met The Jordanaires die in de jaren ervoor Elvis Presley hadden begeleid. Vanwege overeenkomsten in het stemgeluid werd hij veel met Elvis vergeleken. Al zijn hits achter elkaar gezet hebben meer dan tweeënhalf jaar in de hitlijsten gestaan.

Leven Jonge jaren Jack de Nijs werd geboren in Tjimahi bij Bandung (Nederlands-Indië). Hij had twee oudere broers en een zusje.West-Brabants 60s Rock & Roll Archief, Jack de Nijs. Gearchiveerd op 25 augustus 2017. Hij is geen familie van Rob de Nijs, die hier zelf door journalisten ook over gevraagd werd.BNNVARA, Jack Jersey verdient een standbeeld. Maar komt ie er ook?, 5 juli 2025 In een interview uit 1974 noemde hij zijn afkomst een mengelmoes. Aan vaderszijde was zijn opa van Nederlandse afkomst en aan moederszijde van Luxemburgse. Zijn oma's waren Javaans en Japans.Het Vrije Volk, Jack Jersey gaat naar Mekka van Country & Westernwereld, Piet Koster, 4 juli 1974

Zijn vader was een militair (luitenant) bij het KNIL en werd in 1953 bevorderd tot kapitein bij de commando's omdat hij tijdens de watersnoodramp het initiatief nam om met zijn militairen naar Zeeland te gaan om aldaar de mensen te helpen en te redden. Twee jaar eerder, in 1951, was het gezin naar Nederland gerepatrieerd, waar het eerst een jaar woonde in het Ambonezenkamp in de plaats Wouw. In 1952 vestigden ze zich in de nieuwgebouwde Fatimawijk in Roosendaal. Over de muzikaliteit van zijn ouders is alleen bekend dat zijn vader gitaar speelde en er heel af en toe bij zong.

Als kind in Indonesië speelde hij al met een plaatselijk orkestje mee met een eigen ukelelebanjo. Hij kreeg later drie jaar lang pianoles en vervolgens leerde hij zich het musiceren zelf aan.Hollands Glorie, Goud uit het zuiden, Veronicablad, 27 mei 1972 Als hij sprak, dan stotterde hij licht, maar bij het zingen had hij daar geen last van. Uit biografieën komt een intelligente jongen naar voren die de HBS en vanaf 1959 de Hogere Hotelschool in Maastricht wist af te ronden.Harry Knipschild, Jack de Nijs, deel 1 – een Indische jongen in Nederland, 14 juni 2017. Gearchiveerd op 6 juni 2023. Zelf was hij echter het liefst niet eens aan de HBS begonnen, maar daar was zijn vader op tegen.Lutgard Mutsaers, Rockin’ Ramona. ’n Gekleurde kijk op de bakermat van de Nederpop, Den Haag, SDU, 1989, Na twee jaar studie in Maastricht leerde hij zijn toekomstige vrouw Elly (Elisabeth), wier vader een registeraccountant (NIVRA) was, kennen.

Als tiener zong hij in het dixielandorkest The Dixy Stampers.Muziekencyclopedie, Jack de Nijs, Jack Jersey en formaties. Gearchiveerd op 12 augustus 2023. Bij Jan de Winter en Addy Kleijngeld nam hij in deze tijd met een bandje zijn eerste plaatjes op.

Zanger in verschillende bands Tijdens zijn studie begon hij een kwartet onder de naam The Four Sweeters. De groep werd ontdekt door de Maastrichtse grammofoonplatenhandelaar Henk Severs die de groep vier nummers liet opnemen die waren geschreven door De Nijs. Ze kwamen uit op de singles Heavenly woman en Pretty rockin' shoes.Harry Knipschild, 158 - Platenwinkel 'De Harp' in Maastricht - deel 1, 4 september 2013. Gearchiveerd op 6 juni 2023.

Nadat hij de hotelschool afsloot, werkte hij slechts één dag in een hotel. In Roosendaal begon hij met Cor van Leest het op de Everly Brothers geïnspireerde duo Jack & Woody. Weer werden vier nummers opgenomen, waaronder Paulette. Vervolgens formeerde hij Jack Dens & The Swallows waarmee hij in 1961 de single Careless babe uitbracht. In 1963 ging de band in gewijzigde bezetting verder als The Firestrings en in 1964 als The Flames.

Hij had er verschillende baantjes naast en ook nog een tijdje een Chinees-Indisch eenmansbedrijfje in maaltijdenbezorging. Het bedrijfje was echter verliesgevend en zijn schulden werkte hij later weg met een baan in de haven van Rotterdam. Ondertussen vervulde hij zijn militaire dienstplicht en werd hij bij optredens vaak vervangen.

Medio 1965 ging hij twee keer twee maanden voor optredens naar Duitsland, eerst met de indo-rockband The Rhythm Brothers en vervolgens met Tony & his Magic Rhythms. Bij terugkeer formeerde hij met onder meer Rudy Wenzel en Henk Voorheyen de beatband The Losers.Indo Rock Gallery, The Losers (Roosendaal). Gearchiveerd op 11 april 2019. Midden in het nederbeattijdperk kregen ze een contract bij het platenlabel CNR, die hen met enkele andere bands naar voren schoof onder het motto Beat from Holland. Voor deze band was hij tot 1967 de leadzanger.20 jaar The Sound of The Sixties 1975-1995, 20e jaargang, nr. 86

In 1965 verscheen hun eerste plaat Since you're gone/Mexico. Mexico kwam in meerdere landen uit. In verschillende interviews vertelde de zanger dat de single op nummer 1 van de hitlijsten van Peru zou zijn terechtgekomen, het land van herkomst van Francis Lopez, de componist van het nummer.The Loosers, Mexico (YouTube). Gearchiveerd op 14 november 2018.Jip Golsteijn, Soms moet ik gas terugnemen, anders maak ik een concert in plaats van een hit, PopScore, De Telegraaf, 15 februari 1975 Een Nederlandse vertaling ervan werd in 1969 en 1986 een hit voor de Zangeres Zonder Naam.Dutch Charts, Mexico (1969), Mexico (1986) In 2008 kwam de versie van The Loosers nog aan bod voor opname in de Mexicaanse tekenfilm Campeones de la lucha libre.BN/De Stem, Nieuw leven voor Jack Jersey's 'Mexico' (mirror), 4 februari 2008

thumb|130px|Elly en Jack de Nijs Na vijf jaar verkering trad De Nijs op 6 mei 1966 in het huwelijk. In 1967 werd hun zoon geboren. Zijn aspiratie voor de muziek verdween naar de achtergrond en hij werkte vijf jaar voor Philips, onder andere als afdelingschef. Ernaast speelde hij in The Rose Valley Quartet (1967) en het Jack de Nijs Combo (1968-1970). Het werk bij Philips lag hem niet en door zijn optredens hield hij het leven enigszins plezierig.West Brabants 60s Rock & Roll Archief, The Rose Valley Quartet / Jack de Nijs Combo (Roosendaal 1967-1970). Gearchiveerd op 16 juli 2018.

Songwriter en producent In 1968 maakte hij de professionele terugkeer naar de muziekwereld. Deze keer deed hij dat echter op de achtergrond, door met Ruud Wenzel de productiemaatschappij JR (Jack en Ruud) op te zetten. Met een bandrecorder als eerste apparatuur maakten ze hier hun eerste demo's boven de toenmalige Bristol Bar aan de Brugstraat, en kort erna aan het Permekeplein. Aan het eind van het jaar vertrok Wenzel en voegde Henk Voorheijen, een ander voormalig bandlid, zich bij hem als compagnon. De naam JR hielden ze overeind, maar de betekenis ervan werd uiterlijk in 1970 gewijzigd in Jeetzi Rah dat Scheppingswereld betekent in het Hebreeuws.Aanvankelijk stond J.R. voor Jack en Ruud (Wenzel). Na Wenzels vertrek duurde het tot uiterlijk eind 1970 voordat er de nieuwe betekenis van Jeetzi Rah (scheppingswereld) aan was gegeven (PZC , 4 december 1970). In de tussenliggende periode zou nog niet meteen een nieuwe betekenis bedacht zijn (Harry Knipschild, 14 juni 2017). In april 1969 werd bijvoorbeeld (ironisch) door Jack de Nijs opgemerkt dat de betekenis Jens maar Raak zou zijn (De Stem, 12 april 1969). Gearchiveerd op 2 april 2018. Hun eerste studio was primitief ingericht en alleen geschikt voor proefopnames. Hij was gevestigd boven De Raatskelder in het centrum van Roosendaal en heette Studio Raats.Brabants Nieuwsblad, Studio Raats op zoek naar nieuw Westbrabants talent, 20 juni 1968

Op zoek naar een platenlabel was er van Artone een laag bod gekomen. Met meer zelfvertrouwen probeerde De Nijs het vervolgens bij Polydor. Hier probeerde hij het met de slogan "we komen het goud uit het Zuiden brengen". Het werd met veel gelach ontvangen, maar zorgde er wel voor dat ze hier hun eerste productiecontract voor JR verwierven.

Geheel tegen hun eigen verwachting in werd hun eerste plaat Antoinette een grote hit. Op precies dezelfde dag werd in 1969 zijn dochter geboren. De uitvoerende zanger was Leo den Hop voor wie het een gouden plaat betekende. Het bleef niet bij een hit in Nederland alleen, want een cover leverde Ray Miller in Duitsland platina op.

In het eerste jaar kwamen er tien singles van ze uit waarvan er acht de hitlijsten bereikten. Na dit succes kreeg hij lucratieve aanbiedingen om over te stappen naar Bovema Negram/EMI. Die tijd beschreef hij als: "Plotseling kon ik álles doen." Harry Knipschild was rond die tijd werkzaam voor Polydor. Hij herinnert zich dat er in die tijd veel bij deze platenmaatschappij mogelijk was, door de grote inkomsten uit artiesten als James Last, Jimi Hendrix, de Bee Gees, The Who en uit de Amerikaanse labels Atlantic en MGM.

Een van die hits was Gina Lollobrigida (1970) over de gelijknamige actrice die werd uitgevoerd door Tony Bass. Het werd met 132.000 verkochte exemplaren een platina plaat voor hem. Daarnaast werd het ook weer door Ray Miller gecoverd, die er in Duitsland 900.000 exemplaren van verkocht, wat wederom goed was voor platina. Ray Miller had ook nog een hit met Sofia Loren (1970) die hijzelf eerder als Jack de Nijs had uitgebracht.

In 1972 vormde hij nog enige tijd de formatie Jack de Nijs Sextet met de twee singles genaamd Marian en Hee, dans met mij die voor de carnaval werden uitgebracht.

thumb|130px|Zangeres Zonder Naam, 1987 thumb|130px|Arne Jansen, 2007 Bij het schrijven van een nummer had hij de arrangementen vaak al in zijn achterhoofd. In de studio nam hij vervolgens de gehele regie op zich en was er in principe geen ruimte voor artiesten om er nog iets aan te veranderen. Bij André Moss betekende dat weleens dat die de muziek zonder te oefenen op de plaat zette. De bedoeling erachter was dat de spontaniteit van het eerste moment niet verloren zou gaan. Door het vele schakelen tussen de verschillende genres nam hij later niettemin Sjaak Verburgt erbij in dienst als producer.

Bij Polydor was het maandsalaris nog vijfhonderd gulden geweest, terwijl daar de onkosten nog van afgetrokken moesten worden. Rond 1973 maakten ze de overstap naar Bovema waar ze een riant inkomen wisten te verwerven. Hier kreeg hij ook de kans om meer aan Engelstalige muziek te werken.

Artiesten De succesvolle start in 1969 luidde een succesvolle periode in de jaren zeventig in. Er kwamen hits voor zijn producties voor bijvoorbeeld Crown's Clan (No place for our minds, 1970) en Clover Leaf (Oh what a day, 1971). In 1975 vormde hij een productieteam met Dries Andres HoltenBrabants Nieuwsblad, Dries Holten (Andres) en Jack de Nijs vormen produktieteam, 30 april 1975 en in hetzelfde jaar nam Sjaak Verburgt als extra producer aan, de oud-bassist van Clover Leaf.Muziekencyclopedie, Clover Leaf. Gearchiveerd op 12 augustus 2023. Daarnaast werd Peter Nieuwerf als producer aangenomen.Harry Knipschild, 301 - Jack de Nijs, deel 2 – ontdekker van Frank & Mirella, 11 juli 2017