Jeanne d'ArcDit is de gebruikelijke Franse spelling van haar naam. Haar naam werd op verscheidene wijzen geschreven, vooral vóór het midden van de 19e eeuw. Zie , Joan of Arc: Her Story, New York, 1998, p. 220-221. Jeanne zelf schijnt haar naam altijd als "Jehanne" te hebben geschreven, zoals valt op te maken uit de drie overgeleverde ondertekeningen van haar hand: eerste, tweede en derde en laatste ondertekening. Gearchiveerd op 6 februari 2021. (Domrémy, Lotharingen, ca. 1412Moderne biografieën geven vaak 6 januari 1412 als haar geboortedatum, maar Jeanne zelf kon haar leeftijd slechts schatten. Dat geldt ook voor alle getuigen bij het rehabilitatieproces, hoewel verscheidene van dezen meters en peters van haar waren. De vaak genoemde datum 6 januari is op één enkele bron gebaseerd: een brief van Lord Perceval de Boulainvilliers op 21 juli 1429 (zie , Joan of Arc: By Herself and Her Witnesses, New York, 1966, p. 98: "Boulainvilliers tells of her birth in Domrémy, and it is he who gives us an exact date, which may be the true one, saying that she was born on the night of Epiphany, January 6"). Boulainvilliers was echter niet afkomstig uit Domrémy. De gebeurtenis was waarschijnlijk niet vastgelegd. Het gebruik van parochieregisters voor niet-adellijke geboortes begon pas verscheidene generaties later. – Rouen, Normandië, 30 mei 1431), bijgenaamd de Maagd van Orléans, is een nationale heldin van Frankrijk. Ze werd geboren tijdens de Franse Burgeroorlog (1410-1435) en speelde een cruciale rol tijdens de Honderdjarige Oorlog tussen Engeland en Frankrijk (1337-1453).
Ze vertelde visioenen te hebben van onder andere de heilige Catharina, Margaretha en de aartsengel Michaël, die haar vertelden dat ze de Dauphin Karel VII moest helpen en Frankrijk van de Engelsen moest bevrijden. Tijdens haar eerste jaren in het leger had ze successen, maar in de latere jaren leed ze verliezen en werd ze gevangen genomen door de vijand.
Op ongeveer negentienjarige leeftijd werd ze door een partijdige kerkelijke rechtbank tot de doodstraf veroordeeld en stierf ze op de brandstapel in Rouen. Vijfentwintig jaar na haar dood liet paus Calixtus III het proces herzien. Ze werd onschuldig bevonden en kreeg op 7 juli 1456 de titel van martelares. In 1909 werd ze door de Rooms-Katholieke Kerk zalig verklaard en in 1920 volgde de heiligverklaring.
Achtergrond: strijd om het regentschap Karel VI de Waanzinnige (Frans: Charles le Fou) was 12 jaar toen zijn vader Karel V de Wijze in 1380 overleed. Tot 1388 werd daarom het feitelijk gezag gevoerd door een Regentschapsraad van zijn ooms, de hertogen Lodewijk I van Anjou, Jan van Berry en Filips de Stoute van Bourgondië; veelal in hun eigen voordeel. Nadat de jonge koning zelf kon gaan regeren, kreeg hij in augustus 1392 een zware aanval van waanzin, waarbij hij vier van zijn begeleiders doodde. Na die gebeurtenis regeerde de koning zelf in heldere periodes, afgewisseld met periodes van waanzin waarin de regering werd overgenomen door zijn ooms. Na het Bal des Ardents ("bal van de brandenden") op 28 januari 1393, waar de koning op het nippertje aan de dood ontsnapte dankzij zijn tante Jeanne de Boulogne, sloeg de waanzin compleet toe. Het land werd daarna bestuurd door een regentenraad voorgezeten door zijn vrouw, koningin Isabella van Beieren. Overige leden van de raad waren Karel VI's ooms Jan van Berry en Filips de Stoute, en diens zoon Jan zonder Vrees, de hertog van Bourgondië en graaf van Vlaanderen en Artesië.
Na de dood van Filips de Stoute in 1404 kwam zijn jongere broer Lodewijk I van Orléans in de regentenraad. Hij wist Jan zonder Vrees buitenspel te zetten door gebruik te maken van de affectie van zijn broer, tijdens diens heldere momenten, en van zijn invloed op de koningin tijdens diens ziekteperiodes. Met als voorwendsel een dreigende inval van de Engelsen verhoogde Lodewijk I de belastingen en gebruikte de opbrengst voor eigen profijt.Noël Coulet, Le temps des malheurs (1348-1440) tiré de Histoire de la France des origines à nos jours sous la direction de Georges Duby, Larousse, 2007, p 405 Jan zonder Vrees kreeg het volk echter op zijn hand door belastingverminderingen en hervormingen van het beleid te beloven. In 1407 liet hij Lodewijk I vermoorden, wat het begin werd van een burgeroorlog. Lodewijk's zoon, Karel van Orléans, wilde zijn vader wreken en bij zijn huwelijk met Bonne, de dochter van Bernard VII van Armagnac, vormde hij een bondgenootschap tegen Jan zonder Vrees. Dit genootschap heette de Armagnacs, en was een samenwerking met zijn schoonvader, de hertogen Jan van Berry, Lodewijk II van Bourbon, en Jan V van Bretagne, en de graaf Jan I van Alençon.
Met huurlingen die hij rekruteerde in het zuiden ondernam hertog Bernard VII strooptochten tot in de directe omgeving van Parijs. Op 9 november 1411 werd hij in Saint-Cloud verslagen door Jan zonder Vrees. In 1413 slaagde de laatste er in om de Parijzenaars in opstand te laten komen en de macht te grijpen. Door het schrikbewind dat werd gevoerd door zijn medestanders (de Bourguignons en de Cabochiens) kwam de bevolking echter massaal in opstand en kwamen de Armagnacs weer aan de macht.
De Engelsen zetten beide partijen verder tegen elkaar op; ze sloten verdragen of kochten mensen hun neutraliteit af. Zo tekenden de Armagnacs in 1412 een verdrag met Hendrik IV van Engeland waarbij ze de regio Guyenne kregen en werden erkend als soeverein van Poitou, het Graafschap Angoulême en de Périgord. Jan zonder Vrees ontzag de Engelsen omdat hij de leveringen van wol uit Engeland naar het welvarende Vlaanderen niet in gevaar wilde brengen. In 1415 hervatten de Engelsen de vijandelijkheden en versloegen het Franse leger, dat voornamelijk bestond uit aanhangers van de Armagnacs, bij Azincourt.
Op 29 mei 1418 werd Parijs door verraad opnieuw ingenomen door Jan zonder Vrees. Vele Armagnacs, waaronder Bernard VII, werden door de bevolking vermoord. Jan zonder Vrees begon onderhandelingen met de Engelsen en leek bereid de aanspraken van de Engelse koning op de Franse troon te steunen.
Tegelijkertijd zocht de dauphin, de latere Karel VII van Frankrijk en zoon van Karel VI, toenadering tot Jan zonder Vrees, die op dat moment een groot deel van Frankrijk in zijn macht had. Beide partijen begonnen te onderhandelen, maar tijdens een van die ontmoetingen, op 10 september 1419, werd Jan zonder Vrees vermoord. Hierdoor werd elk akkoord onmogelijk en Frankrijk dreigde ten onder te gaan aan interne conflicten. Filips de Goede, de zoon van Jan zonder Vrees, verbond zich met de Engelsen.
Het gevolg van de moord op Jan was dat koningin Isabella van Beieren in 1420 met Hendrik V van Engeland het Verdrag van Troyes afsloot. Volgens dit verdrag zou Karel VI de Waanzinnige na zijn dood worden opgevolgd door hun schoonzoon Hendrik V van Engeland, die met hun dochter Catherina van Frankrijk was getrouwd. Hun zoon, Karel VII, werd van de opvolging uitgesloten. De meerderheid van de Franse adel verzette zich hier echter tegen.
Op 31 augustus 1422 overleed Hendrik V onverwachts in Bois de Vincennes, bij Parijs, vermoedelijk ten gevolge van dysenterie. Karel VI de Waanzinnige overleed anderhalve maand later op 21 oktober 1422. Engeland eiste de kroon op voor Hendrik VI van Engeland, die op dat moment nog geen jaar oud was. De Franse kroonprins Karel VII twijfelde mettertijd aan zijn eigen afkomst en aan zijn rechten op de troon. Met het Verdrag van Troyes had zijn moeder zich akkoord verklaard met het verlies van zijn rechten, en waren het zuidwesten en het grootste deel van het noorden van het land onder Engels bewind gekomen.Met uitzondering van het onafhankelijke Bretagne, dat niettemin later een belangrijke rol zou spelen door de blokkade van Bordeaux
In deze uitzichtloze situatie zou Jeanne d'Arc een doorbraak forceren.
Jeugd met hemelse stemmen thumb|Jules Bastien-Lepage schilderde in 1879 Jeanne terwijl ze de stem van God hoort in de tuin van haar vader. thumb|La Vision de Jeanne d'Arc, olieverf op doek van Louis Vivin. Op een dag, toen ze dertien jaar oud was, terwijl ze schapen hoedde in de tuin van haar vader, hoorde Jeanne d'Arc de hemelse stemmen van de aartsengel Michaël en de heiligen Catharina en Margaretha, die haar vroegen vroom te zijn, het koninkrijk Frankrijk te bevrijden en de Dauphin naar de troon te leiden.
Jeanne d'Arc werd geboren in het jaar 1412, wellicht op 6 januari, op de boerderij van haar vader in noord-oost Frankrijk, dicht bij de kerk van Domrémy. Haar ouders waren Jacques d’Arc en Isabelle de VouthonHaar moeder had als bijnaam La Romée, omdat ze als meisje een bedevaart naar Rome gemaakt zou hebben., welgestelde boeren die hun eigen land bewerkten. Haar roepnaam was Jehanne, waarschijnlijk naar haar moeders zus Jehanne Lassois of naar een van haar meters Jehanne Royer of Jehanne de Viteau. Haar broers en zussen waren Jacquemin, Jean, Pierre en Catherine.
In haar tijd was Domrémy een dorpje in het prinsbisdom Toul van het Rooms-Duitse Rijk. Het lag in het grensgebied en invloedsgebied van de Champagne, de Barrois en Lotharingen.De historici zijn het nog altijd niet eens over de vraag tot welk gebied het noordelijke deel van Domrémy, waar Jeanne werd geboren, precies behoorde. Sommigen denken aan het graafschap Champagne, anderen aan het leengoed van Bar. In ieder geval werd het noordelijke deel van Domrémy in 1429 door Karel VII vrijgesteld van belastingen op het moment dat hij de familie in de adelstand verhief, wat pleit voor de Barrois. Tegenwoordig heet het dorp Domrémy-la-Pucelle (Nederlands: Domrémy-de-Maagd), ter ere van Jeanne.
thumb|Notre Dame de Bermont (beeld van de kapel van Bermont, waar zich ook een muurschildering bevindt die mogelijk Jeanne d'Arc voorstelt), nu in de crypte van de Basilique du Bois Chênu Later, tijdens haar proces, zou ze zelf verklaren dat ze Jehanne heette en dat ze in Frankrijk, waar ze later naartoe ging, Jeanne genoemd werd. Ook zei ze dat ze dacht dat ze negentien was en geboren was in “Domrémy qui est tout un avec Grus”Domrémy dat deel uitmaakte van Greux. (Nederlands: "Domrémy die één is met [het dorp] Grus [Greux]"), dat haar moeder haar het Pater Noster, het Ave Maria en het Credo had geleerd en niemand anders haar had onderwezen sinds haar geboorte.Proces 8e zitting, 21 februari 1431. Tijdens de negende zitting van haar proces verklaarde Jeanne dat ze kon naaien en weven en dat ze het hierin tegen elke vrouw van Rouen wou opnemen.Proces 9e zitting, 22 februari 1431.
Volgens de getuigen uit haar dorp (die tijdens het rehabilitatieproces werden opgeroepen) was ze een goed, eenvoudig, levenslustig en aangenaam kind, dat plichtsbewust haar moeder hielp en graag werkte. Ook ging ze graag naar de mis, bad ze en offerde ze dikwijls kaarsen in de kapel van Bermont bij de kluizenarij van Bermont. De getuigen verklaarden dat Jeanne een godvruchtig meisje was, aangezien ze ook tijdens het werk op het veld neerknielde om te bidden wanneer de kerkklokken opriepen tot gebed. Niettemin was ze volgens diezelfde getuigen geen 'pilarenbijtster'Iemand die zeer vroom is, veel bidt, dagelijks de mis bijwoont et cetera, maar dit louter voor de buitenwereld doet, zonder eigenlijke ondergrond., maar speelde en vierde ze mee met de jeugd van het dorp. Volgens de getuigenverklaringen was een gewoon en normaal boerenmeisje die zich vooral bezighield met de werkzaamheden in en om het huis en haar broers en vader hielp op het veld.Marie-Véronique Clin, Jeanne d'Arc, Le Cavalier Bleu, 2003, p. 24