Gardelegen is een stad in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt, gelegen in de Landkreis Altmarkkreis Salzwedel. Gardelegen telde op de peildatum van de meest recente statistiek inwoners. De gemeente is na Berlijn en Hamburg in oppervlakte de grootste van Duitsland.

Indeling gemeente

De gemeente bestond begin 2022Zie op de website van de gemeente: https://www.gardelegen.de/index.php?object=tx,3524.5.1&ModID=255&FID=3524.15576.1 uit 50 Ortsteile. Dit zijn:

Algenstedt, Ortschaft (181) Berge, Ortschaft (256) Ackendorf (271), behorend tot de Ortschaft Berge Laatzke (113) Breitenfeld, Ortschaft (145) Dannefeld, Ortschaft (297) Kahnstieg (20) Estedt, Ortschaft (353) Gardelegen-stad (9.895), exclusief de bestuurlijk tot de stad zelf gerekende Ortsteile: Ipse (117), 3½ km ten zuiden van het stadscentrum, met een bezienswaardig kerkje Lindenthal (58), 2½ km ten zuidoosten van het stadscentrum, in een wandelbos Weteritz (179), 4½ km ten zuidwesten van het stadscentrum, landgoeddorp met park Zienau (158), vlakbij Lindenthal Ziepel (62), 3 km ten zuiden van het stadscentrum Hemstedt, Ortschaft (184) Lüffingen (130) Hottendorf, Ortschaft (229) Jävenitz, Ortschaft (894) Jeggau, Ortschaft (195) Eigenthum (18) Jerchel, Ortschaft (300) Jeseritz, Ortschaft (241) Kassieck (170) Kloster Neuendorf, Ortschaft (394) Köckte, Ortschaft (350) Letzlingen, Ortschaft (1.410) Theerhütte (41) Lindstedt, Ortschaft (316) Lindstedterhorst (75) Wollenhagen (71) Mieste, Ortschaft, (1.904) 14 km ZW Wernitz (214) Miesterhorst, Ortschaft (605) Taterberg (16) Peckfitz, Ortschaft (133) Potzehne, Ortschaft (169) Parleib (60) Roxförde, Ortschaft (203) Sachau, Ortschaft (123) Schenkenhorst, Ortschaft (138) Seethen, Ortschaft (137) Sichau, Ortschaft (98) Siems (83) Tarnefitz (64) Solpke, Ortschaft (506) Trüstedt, Ortschaft (91); gelegen ten noorden van Jävenitz Wannefeld, Ortschaft (203) Polvitz (39) Wiepke (met Rothekrug en Wiebeck), Ortschaft (224) Zichtau, Ortschaft (206).

Tussen haakjes het aantal inwoners begin 2022 volgens boven aangehaalde webpagina van de gemeente. Totaal gehele gemeente Gardelegen: 22.339 personen.

De 29Zie de Hauptsatzung (hoofdgemeenteverordening), versie 4 december 2024, te downloaden via de gemeentewebsite onder Bürgerservice. plaatsen Algenstedt, Berge, Breitenfeld, Dannefeld, Estedt, Hemstedt, Hottendorf, +Jävenitz, Jeggau, +Jerchel, Jeseritz, Kloster Neuendorf, Köckte, Letzlingen, Lindstedt, Mieste, Miesterhorst, Peckfitz, Potzehne, Roxförde, Sachau, Schenkenhorst, Seethen, Sichau, Solpke, +Trüstedt, Wannefeld, Wiepke en Zichtau hebben volgens de hoofdgemeenteverordening (Hauptsatzung) de status van Ortschaft, en dus een eigen afvaardiging in het gemeentebestuur. +: Inmiddels (2025) geen Ortschaft meer.

Geografie, infrastructuur

De gemeente ligt in een landstreek met de naam Altmark in het uiterste noordwesten van Saksen-Anhalt. De omgeving is in het westen venig laagland (o.a. het drassige laagveengebied Drömling), en lijkt in het zuidoosten veel op de Veluwe in Nederland; daar, op de Colbitz-Letzlinger Heide, die ten dele natuurgebied en ten dele militair oefenterrein is, zijn heuvels tot 100 meter hoog, en groeit heide en naaldbos. De landbouwgrond in de gemeente is slechts matig vruchtbaar.

Aangrenzende gemeentes Klötze Kalbe, beide in de Altmarkkreis Salzwedel Bismark Stendal Tangerhütte, alle drie in de Landkreis Stendal Burgstall Westheide Calvörde Oebisfelde-Weferlingen, aan de grens met Nedersaksen, alle vier in de Landkreis Börde.

Infrastructuur Door de gemeente loopt de Bundesstraße 188 (oost↔west-verbinding). Onder andere door de dorpen Estedt en Letzlingen loopt de Bundesstraße 71. Deze twee wegen lopen noordelijk rondom Gardelegen-stad enige kilometers lang over een gemeenschappelijk tracé.

Aan de in 1871 geopende spoorlijn Berlijn - Lehrte liggen in de gemeente enkele stations en spoorweghaltes, waar doorgaans alleen de stoptreinen op dit traject stoppen, een keer per uur in beide richtingen. Van west naar oost zijn dit Miesterhorst, Mieste, Solpke, Gardelegen en Jävenitz. Hoe uitgestrekt de gemeente is, blijkt uit het feit, dat de halte Miesterhorst 20 km ten westen van Station Gardelegen ligt, en de halte Jävenitz 6 km ten oosten daarvan. Station Gardelegen ligt 44 km ten oosten van Wolfsburg Hauptbahnhof en 137 km ten westen van Berlin Hauptbahnhof. In Gardelegen stoppen ook de treinen van de spoorlijn Berlijn - Oebisfelde, een parallel aan de lijn Berlijn-Lehrte lopende hogesnelheidslijn.

In het verleden (van 1911-1951) bestond ook een spoorlijntje tussen Gardelegen en Haldensleben. Het traject Gardelegen-Letzlingen was nog tot 1971 voor reizigersverkeer in gebruik, en voor goederentreinen tot 1993, werd daarna gesloten, maar sinds 2002In dat jaar werd een eerder gesloopte spoorbrug op dit baanvak vervangen door een nieuwe. rijden af en toe weer militaire treinen van de Bundeswehr tussen Gardelegen en Letzlingen.

Een snelbuslijn Maagdenburg-Salzwedel doet Gardelegen aan.

Ruim 2 km ten westen van Gardelegen ligt een klein vliegveld, bedoeld voor de zweefvliegsport. Het heeft alleen een graspiste.

Een 232 km2 groot militair oefenterrein is gesitueerd in het bos- en heidegebied Colbitz-Letzlinger Heide, grotendeels gelegen in de gemeentes Gardelegen en Stendal. Zie ook onder Uchtspringe.

Economie Belangrijkste werkgever in de gemeente is de Bundeswehr vanwege de militaire faciliteiten alhier.

Aan de noord- en oostkant van de stad liggen uitgestrekte bedrijventerreinen, die grotendeels in gebruik zijn bij meubelzaken, garages, bouwbedrijven en andere ondernemingen, die als midden- en kleinbedrijf van lokale of hooguit regionale betekenis kunnen worden beschouwd. Nog iets verder oostelijk staat een glasfabriek. Ook een Poolse fabrikant van kunststof auto-onderdelen e.d. heeft te Gardelegen een productielocatie.

Het natuurschoon in de omgeving, de historische oude binnenstad en ook de gedenktekens van de Tweede Wereldoorlog trekken enig toerisme aan.

Geschiedenis

Veel van de plaatsjes rondom Gardelegen zijn in de middeleeuwen op locaties van 8e- 11e-eeuwse Slavische nederzettingen gesticht. Zie: Oostkolonisatie. De oude, aan Slavische talen ontleende plaatsnamen, bleven in verbasterde vorm bestaan.

De plaatsnaam Gardelegen is afgeleid van de naam van een persoon Gardo en -leben, Deens: -lev. Dit oud-Germaanse achtervoegsel betekent: nalatenschap, erfdeel, vergelijk Engels: to leave, achterlaten. De plaatsnaam betekent dus ongeveer: wat Gardo (aan zijn nabestaanden) heeft nagelaten.

In 1121 komt de plaats voor het eerst in een document voor als Gardeleve. Anno 1196 is een stuk te dateren, waarin Gardelegen Stad en burcht wordt genoemd. In 1314 verkreeg de stad uit handen van markgraaf Waldemar van Brandenburg het belangrijke privilege van het brouwrecht. Het brouwen van bier was een zeer belangrijke activiteit. Gardelegen kent een eigen biermerk, Garleybier, waarvan de geschiedenis tot vóór 1500, mogelijk wel tot 1314, teruggaat. Bovendien werd vanaf de 14e eeuw door veel boeren in de streek rondom Gardelegen hop van goede kwaliteit verbouwd, een van de redenen, waarom de stad tot en met de 16e eeuw grote economische bloei kende.

Vanaf de middeleeuwen behoorde Gardelegen eeuwenlang tot de Mark Brandenburg en vanaf de 18e eeuw tot Pruisen. In het stadswapen is links (heraldisch rechts) de adelaar van Brandenburg afgebeeld, en rechts drie hopranken, die naar de oude bierbrouwerstraditie verwijzen.

Gardelegen heeft vanaf 1358 tot de Hanze behoord. In 1488 raakte de stad in conflict met keurvorst Johann Cicero van Brandenburg over de hoogte van de accijns op bier. Aan de stad werd verder lidmaatschap van stedenbonden verboden, en Gardelegen trad nog in 1488 uit de Hanze.

In 1539 drong de Reformatie door tot Gardelegen. Sindsdien is de overgrote meerderheid van de christenen in de stad en haar omgeving evangelisch-luthers.Volkstelling 2022: 2,3% van de inwoners van de gemeente Gardelegen was rooms-katholiek, 21,9% evangelisch-luthers, en bijna 76% was atheïst, onkerkelijk of heeft uit privacy-overwegingen de informatie op dit gebied niet aan de overheid willen verstrekken. Tenzij anders aangegeven, zijn ook de in dit artikel vermelde kerkgebouwen in de gemeente tot op de huidige dag evangelisch-luthers.

Omstreeks 1553 werd Gardelegen voorzien van een stenen stadsmuur met vier stadspoorten. In 1564 werd, evenals te Bremen, in de stad een Roland geplaatst; het huidige Roland-beeld is daar een replica van.

De 17e en 18e eeuw waren slechte tijden voor Gardelegen. De Dertigjarige Oorlog veroorzaakte veel verwoesting en verlies aan mensenlevens. Stadsbranden troffen Gardelegen in 1658, 1667 en 1685.

Sinds 1725, toen een Pruisisch infanterieregiment hier werd gestationeerd, is Gardelegen een garnizoensstad (met een onderbreking vanaf het Verdrag van Versailles (1919) tot 1936). Van 1841 tot omstreeks 1970 stond er in Gardelegen een fabriek van parelmoeren knopen.

In de Hitler-tijd (1933-1945) werden vanaf 1936 een Fliegerhorst met parachutistenschool van de Luftwaffe en ook een cavalerieopleiding in Gardelegen gestationeerd.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog, op 14 maart 1945, werd de stad door de US Air Force gebombardeerd. Er vielen 52 doden, en de Sint-Nicolaaskerk brandde grotendeels uit. Op 14 april, een dag na de massamoord op de concentratiekamp-gevangenen, zie hierna, werd de stad door Amerikaanse troepen veroverd, en daarna door Britse troepen bezet. Op grond van de afspraken van de Conferentie van Jalta droegen de Britten de stad op 1 juli 1945 over aan het Sovjet-Russische Rode Leger.

Van 1949 tot 1990 lag Gardelegen in het uiterste westen van de DDR. Van 1960- 1991 was er een grote asbestcementfabriek in bedrijf. In 1994 nam de Bundeswehr het verlaten Russische militaire complex over, vernieuwde het en richtte er een gevechtstrainingscentrum voor de landmacht in (Gefechtsübungszentrum Heer, afgekort: GefÜbZH). Bijzonder op dit oefenterrein is de imitatie-stad Schnöggersburg, waar allerlei vormen van huis-aan-huisgevechten tijdens een stadsguerillaoorlog kunnen worden getraind.

Tussen 2009 en 2011 werd de gemeente sterk uitgebreid, doordat bij gemeentelijke herindelingen omliggende kleine dorpen eraan werden toegevoegd.

Massamoord van Gardelegen

Op 13 april 1945 werden aan de rand van de stad 1016 KZ-gevangenen vermoord.Zeeman uit Suriname die mensenredder werd in oorlogstijd, NOS.nl, 4-5-2017. Gearchiveerd op 29 januari 2022. Deze gevangenen, vertrokken met een dodenmars vanuit het station van Mieste, waar ze enkele dagen, na luchtaanvallen, stil stonden. Ze waren met de trein onderweg vanuit het concentratiekamp Mittelbau-Dora en een kamp bij Herrenhausen-Stöcken, gemeente Hannover. Na deze dodenmars werden ze in een schuur geperst, het aanwezige stro werd met benzine overgoten en aangestoken. Bij de eerste poging konden de gevangenen het vuur nog uittrappen, maar de tweede maal werd met machinegeweren op alles geschoten wat zich bewoog. De bewakers gooiden handgranaten en signaalraketten in de schuur. 24 uur na de massamoord bereikte het Amerikaanse leger dit oord (in het naoorlogse Duitsland bekend als Isenschnibber Feldscheune). Hoofdverantwoordelijke voor het drama van Gardelegen was Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij-leider Gerhard Thiele, die hiervoor nimmer werd vervolgd.https://web.archive.org/web/20100206212253/http://scrapbookpages.com/Gardelegen/GerhardThiele.html

Degenen, die tot de dodenmars werden gedwongen, kwamen in veel gevallen al vóór het bereiken van de omineuze veldschuur om het leven, door uitputting, ziekte of als gevolg van wrede mishandelingen door hun "begeleiders". Talrijke oorlogsgraven en -monumenten zijn, vooral in de DDR-periode (1949-1990), langs de route hiervan aangelegd.