thumb|350px|Thuisgebied der Saksen tussen de Wezer, Eider en Elbe (geel) De Saksen (Latijn: Saxones, Oudengels: Seaxe, Oudsaksisch: Sahson, Nederduits: Sassen, Duits: Sachsen) waren een groep bevolkingsstammen die zich tijdens de late Romeinse tijd en de vroege middeleeuwen op een gebied bevonden dat aan de Noordzee en Oostzee lag, in het noorden van wat nu Nederland en Duitsland is, tot aan het Duitse middelgebergte. Een deel trok ook naar het huidige Groot-Brittannië. Het merendeel van de Saksen bleef in het oorspronkelijke woongebied en bood weerstand tegen het zich uitbreidende Frankische Rijk, onder het leiderschap van de semi-legendarische Saksische held Widukind. Het vroegste woongebied van de Saksen was waarschijnlijk Noordalbingië. Een deel van het woongebied van de Saksen wordt meestal ook gezien als het leefgebied van de Angelen.
Een deel van de Saksen, samen met de Angelen en andere continentale stammen, zochten vanaf de 5e eeuw nieuwe leefgebieden in Groot-Brittannië, men noemt dit nu de Angelsaksen. De plaatselijke Brythonisch-Keltische bevolking noemde al deze groepen gezamenlijk Saksen.Simon Young "AD 500 A journey through the dark isles of Britain and Ireland" pag. 36, Phoenix 2006 Het is niet bekend hoe groot hun aantal was, er wordt geschat dat ongeveer tweehonderdduizend mensen de oversteek maakten naar het eiland.Germans set up an apartheid-like society in Britain In de middeleeuwen oefenden de Saksen invloed uit op de talen en culturen van Noord-Germaanse, Baltische, Finse, Polabische en Pomeriaanse (West-Slavische) volkeren.
Etymologie Het begrip Saksen is vermoedelijk afgeleid van een bepaald soort mes of zwaard dat door dit volk werd gebruikt, de sax.Burton, Mark (2002). Milites deBec Equipment.Retrieved 27 September 2005. De sax heeft nog steeds een symbolische betekenis in Engelse counties zoals Essex en Middlesex. Beide hebben op hun ceremoniële embleem nog steeds drie saxen staan. Saxnôt was de Saksische god van de oorlog en rechtspraak, die met de Romeinse oorlogsgod Mars wordt vergeleken en de Germaanse Týr/Tiwaz.Otten, D. (2012), Hoe God verscheen in Saksenland, p.62
Saks als etnoniem voor Engelsen In de Keltische talen is het woord voor de Engelse nationaliteit afgeleid van het Latijnse Saxones. Het voornaamste voorbeeld hiervan is het Schots-Gaelische Sassenach, wat vaak (vriendelijk) spottend gebruikt wordt in het Schots en Engels.
Het eerst gedocumenteerde gebruik van het woord in het Engels is volgens de Oxford English Dictionary in 1771. In het Schots-Gaelisch is Engeland Sasainn.
Het Ierse Sasana, Sasanach (Engelsman) heeft dezelfde afleiding, evenals de Welshe woorden voor Engelsman (Saeson, sing, Sais), Saesneg (de Engelse taal), en alles wat Engels is in zijn algemeenheid.
In het Cornisch wordt Engels aangeduid met Sawsnek, en Sawson (het Engelse volk) van dezelfde afleiding, in het Bretons met saoz(on), Saozneg (de Engelse taal), Bro-saoz (Engeland).
Romaanse talen De aanduiding Sasi (Roemeens voor Saks) werd ook toegepast op de Zevenburger Saksen, Duitse migranten die zich in de 13e eeuw vestigden in Zuidoost-Transsylvanië. Vanuit Transsylvanië zijn sommige van deze Saksen verder getrokken naar Moldavië, zoals de naam van een stad daar aangeeft: Sascut.
Oostzeefinse talen De Finnen en Esten hebben over de loop van de eeuwen hun gebruik van de term Saksen veranderd om nu geheel Duitsland (Saksa en Saksamaa) en Duitsers (Saksalaiset en sakslasad) aan te duiden. Het Finse woord sakset voor schaar toont een verband aan met het Saksische zwaard, de sax. In het Estisch betekent saks een edelman of een ander persoon met een hoge status. Als gevolg van de Noordelijke Kruistochten bestond vanaf de middeleeuwen en tot in de 20e eeuw de opperklasse van Estland vooral uit mensen van Duitse komaf.
Saksen als toponiem Na de ondergang van Hendrik de Leeuw en de daaruit volgende splitsing van het Hertogdom Saksen in verschillende gebieden werd de naam van het stamhertogdom gewisseld naar de landen van de Ascaniërs. Hierdoor ontstond er een onderscheid tussen Nedersaksen, het gebied bezet door de Saksische stam, en Oppersaksen, het gebied dat toebehoorde aan de familie Wettin. Toen het woord Opper verdween van Oppersaksen had een ander gebied dus de Saksische naam verkregen, waardoor in wezen de oorspronkelijke betekenis van het woord was veranderd.
Geschiedenis Oorspronkelijke leefruimte thumb|350px|Kaart van het Romeinse Rijk en de rest van Europa in 125 na Christus, toont de locatie van de Saksen in Noord-Duitsland. Saksen als aanduiding voor een volk wordt in de 2e eeuw na Christus voor het eerst genoemd in de Geographia van Claudius Ptolemaeus. In sommige edities van dit geschrift wordt een stam Saxones genoemd in het gebied ten noorden van de benedenloop van de Elbe.Catholic Encyclopedia In andere edities wordt dezelfde stam Axones genoemd. Mogelijk is dit een verkeerde spelling van Aviones, een stam die door de Romeinse historicus Tacitus (ca. 56-117) werd beschreven in zijn werk De origine et situ Germanorum. Volgens een wetenschappelijke hypothese was de naam Saxones een poging van latere schrijvers om een naam te verbeteren die hen niets zei.Green, D. H. & Siegmund, F.: The Continental Saxons from the Migration Period to the Tenth Century: An Ethnographic Perspective, Boydell Press, 2003 pages 14-15 , Een andere hypothese komt van Schütte in zijn werk Ptolemy's Maps of Northern Europe die meent dat Saxones de juiste spelling is en hij voert daarbij aan dat de eerste letter van woorden wel vaker wegvalt bij werken van Ptolemeaus.
Schütte merkt ook op dat het leefgebied van de Saksen in de middeleeuwen vaak Oud Saksen werd genoemd.Schütte page 64
De eerste keer dat het onomstreden vast staat dat de Saksische naam genoemd werd was in 356, toen keizer Julianus de Saksen noemde als bondgenoten van een rivaliserende keizer genaamd Magnentius in Gallië. Zosimus noemde ook een aparte stam van Saksen genaamd de Kouadoi ("Quadi"), waarmee hij wellicht de Chamaven of de Chauken bedoelde. Deze stam stak de Rijn over en verdreef de Salische Franken die gevestigd waren in Batavië, waardoor sommigen van de Saliërs het gebied van de Toxandriërs binnentrokken, met steun van keizer Julianus. Als verdediging tegen de Saksische kolonialisten wierpen de Romeinen een verdedigingslinie op aan beide kanten van het Engelse kanaal, genaamd Litus Saxonicum of Saksische kust. thumb|400px|Europa in de late 5e eeuw. De meeste namen zijn de Latijnse namen van 5e-eeuwse volkeren, met uitzondering van Syagrius (koning van een Gallisch-Romeinse rompstaat), Odoaker (Germaanse koning van Italië), en Julius Nepos (bijnaam van een van de laatste West-Romeinse keizers, de facto heerser over Dalmatië).
In 441-442 duiken de Saksen bij een onbekende Galische schrijver voor het eerst op als inwoners van Brittannië, met de zin "De Saksen heersen nu over Britannia".
In het jaar 555 worden Saksen voor het eerst genoemd als inwoners van Noord-Duitsland toen Theudowald, de Frankische koning, stierf en de Saksen de gelegenheid zagen voor een opstand. De opstand werd neergeslagen door Chlotarius I, Theudowald's opvolger. Sommige van zijn opvolgers streden tegen de Saksen, anderen waren hun bondgenoten. Chlotharius II won uiteindelijk een beslissende slag tegen hen.
De Thuringers doken vaak op als betrouwbare bondgenoten van de Saksen.
Nedersaksen De Saksen die in het gebied van het huidige Nedersaksen leefden lijken zich aan het eind van de 8e eeuw te hebben verenigd. Vanaf de 7e eeuw ontwikkelde zich een politieke eenheid, waaruit na 804 het Hertogdom Saksen ontstond.
Vanuit het gezichtspunt van de biograaf van Karel de Grote hebben de Saksen zich lang verzet tegen kerstening"they are much given to devil worship," Einhard said, "and they are hostile to our religion," as when they martyred the Saints Ewald en overheersing door het Frankische Rijk. De Saksen werden voortdurend aangevallen door legers van Karel de Grote en vochten voor behoud van hun eigen cultuur en hun zelfstandigheid. Uiteindelijk moesten ze het onderspit delven in de Saksenoorlogen (772 - 804). Karel de Grote beschikte over veel middelen om legers te organiseren en had als bondgenoot de steeds machtiger wordende Rooms-Katholieke kerk. Na het slagen van de gewelddadige verovering van Saksische gebieden volgde gedwongen bekering tot het christelijke geloof zoals dat werd uitgedragen door de Rooms-Katholieke kerk en werden de Saksen met geweld gedwongen deel uit te maken van het Frankische Rijk. Veel van de culturele eigenheden werden door de overheersers vernietigd, zoals de Saksische Heilige boom (of pilaar), de Irminsul. Ook is bekend dat in Oost-Holstein 10.000 Saksische jonge mannen gevangen werden genomen en gedeporteerd naar Neustrië. Het akkerland werd in beslag genomen en er werd een overeenkomst gesloten met een koning van de Slavische Abodriten. Einhard, de schrijver die in opdracht van Karel de Grote een biografie over hem schreef, koos de volgende woorden voor deze gewelddadigheden:
De heersende dynastie van de Karolingen dwongen de Saksen allerlei diensten en goederen aan hen te leveren, vaak zonder redelijke tegenprestatie. Volgens sommige bronnen voorzagen zowel de Saksen als de Slavische Sorben en Abodriten de Karolingers op deze manier ook van militaire eenheden. De hertogen die nu over Saksen heersten, ontwikkelden zich tot koningen (Hendrik de Vogelaar) en later in de 10e eeuw, werden ze de eerste keizers van Duitsland (Hendriks zoon, keizer Otto I de Grote). Deze positie ging in 1024 weer verloren. Het stamhertogdom werd gesplitst toen Hendrik de Leeuw, keizer Otto's kleinzoon, weigerde samen met zijn neef keizer Frederik I Barbarossa ten strijde te trekken in de oorlog in Lombardije.
Tijdens de hoge middeleeuwen, onder het bewind van de Salische dynastie en later onder de Duitse Orde trokken veel mensen uit deze streek naar het oosten, de rivier de Saale over, het gebied van de Slavische Sorben. Zo werd dit gebied gegermaniseerd. In het Ertsgebergte was zilvererts gevonden en nieuwkomers in het Markgraafschap Meißen kregen als burger vrijheidsrechten aangeboden. Dat veroorzaakte een grote toestroom van mensen uit de wijde Thuringse omgeving. De heersers van Meißen verkregen in 1423 heerschappij over het hertogdom Saksen en gebruikten uiteindelijk de naam Saksen voor hun gehele koninkrijk. Tot op heden heeft dit Slavische en Thuringse gebied in het oosten van Duitsland de naam Saksen, hetgeen soms voor verwarring zorgt over het oorspronkelijke leefgebied van de Saksen.
Nederland In Nederland bewoonden de Saksen het gebied ten zuiden van de Friezen en ten noorden van de Franken. In het westen reikte hun leefgebied ongeveer tot het Gooi en in het zuiden tot de Rijn. Hier worden nog steeds Nedersaksische dialecten gesproken, die weer afstammen van het Oudsaksisch. Het gebied kwam echter al vroeg onder Frankische heerschappij. Na de overheersing door Karel de Grote vormde dit het kerngebied van het Aartsbisdom van Utrecht.
Italië en de Provence In 569 vergezelde een deel van de Saksen de Longobarden, onder leiding van Alboin, richting Italië en vestigden zich daar.Bernard Bachrach, p.39. In 572 gingen zij op rooftocht door het zuidwesten van Gallië, ongeveer tot aan Stablo, nu Estoublon. Omdat de Saksen zeer verdeeld ten strijde trokken, werden zij met gemak verslagen door de Gallisch-Frankische generaal Eunius Mummolus.