Lightrail (Engels: light rail) is een vorm van openbaar railvervoer die tussen trein, metro en tram valt.Light rail in urban regions: what Dutch policymakers could learn from experiences in France, Germany and Japan, geraadpleegd op 2026-08-07.Openbaar vervoermiddelen, blz. 430, geraadpleegd op 2026-06-07. Ze wordt overwegend aangelegd binnen en tussen stedelijke gebieden.
De Engelstalige aanduiding light refereert aan de lichtere draagcapaciteit en dientengevolge lichtere bouwwijze van een lightrailbaan ten opzichte van een volwaardige spoor- of metrolijn.Light-Rail Transit (LRT), geraadpleegd op 2023-02-19. Gearchiveerd op 19 februari 2023. Lightrail is een parapluterm voor de lijnen of systemen met een lagere capaciteit (en goedkoper te bouwen) dan een metro, maar die sneller dan een stadstramlijn zijn.Light Rail (LR) (mode), geraadpleegd op 20 februari 2021
Lightrail-netwerken mengen binnen één netwerk of lijn vaak secties met verschillende kenmerken:
op kruisingsvrije vrije baan, soms in tunnels of op viaducten op vrije baan, vaak tussen rijbanen van een weg, maar met gelijkvloerse kruisingen met overig wegverkeer op straat, gemengd met het overig wegverkeer, als een klassieke stadstram, of zelfs in voetgangersgebieden.
Sommige lightrailsystemen liggen in hun geheel qua constructie dichter tegen een metro of voorstadstrein aan, terwijl andere meer lijken op een klassieke tram en deels in het wegdek liggen.
Lightrail wordt veelal geëxploiteerd met van trams afgeleide voertuigen,light-rail, geraadpleegd op 2023-07-03. Gearchiveerd op 3 juli 2023.Transit 101: Heavy Rail and Light Rail, geraadpleegd op 2023-08-01. Gearchiveerd op 1 augustus 2023.Mode of Service Definitions, geraadpleegd op 2023-09-02. terwijl deze voertuigen de mogelijkheid hebben om zowel op vrije baan zonder gelijkvloerse kruisingen als op de weg gemengd met ander verkeer te rijden.
Er is geen eensluidende definitie van Lightrail, maar in de Verenigde Staten, waar de term in de jaren 1970 gemunt werd From: 9th National Light Rail Transit Conference, rijdt lightrail vrijwel alleen op vrije baan, en worden enkele of gekoppelde tramvoertuigen gekoppeld tot een trein die lagere capaciteit en lagere snelheid heeft dan een klassieke trein of metro, maar een hogere snelheid heeft dan een trambaan.
Naam
De kwalificatie light (licht) staat tegenover heavy (zwaar), het betreft hier niet in het gewicht van de materialen van de infrastructuur of het gewicht van de voertuigen.Track Design Handbook for Light Rail Transit, Second Edition paragraaf 1-2-2, geraadpleegd op 25 januari 2023. Gearchiveerd op 25 januari 2023. Dit verschil ligt in de context van light-capacity rail transit tegenover heavy-capacity rail transit.9th National Light Rail Transit Conference pagina 26, geraadpleegd op 24 januari 2023. Gearchiveerd op 23 maart 2023.
In de praktijk hebben lightrailvoertuigen wel een lager gewicht. Dit volgt niet uit de ontwerpeisen van gebruikers, maar is een gevolg van wettelijke eisen. Deze eisen betreffen de botsveiligheid en zijn voor lightrail (inclusief trams) lager gesteld dan voor veel andere railvoertuigen. Door de lagere eisen voor botsveiligheid kan de constructie lichter worden uitgevoerd. De wettelijke grens ligt in de VS wel hoger dan in Europa.Uitweg uit de Spraakverwarring - Definitie & begrippenkader Light Rail pagina 7, origineel op www.lightrail.nl, geraadpleegd op 2023-03-22. Gearchiveerd op 22 maart 2023.
In de jaren 1960-1970 waren de termen sneltram, semimetro en metrotramNS zijn voorstander van metrotramsysteem. "NRC Handelsblad". Rotterdam, 15-10-1974. Geraadpleegd op Delpher op 17-07-2026Metrotrams, geraadpleegd op 23-08-28. gebruikelijk voor tramsystemen waarvan delen op vrije baan of in tunnels gelegd werden. Deze termen worden af en toe nog gebruikt.
Geschiedenis Voorlopers Aan het einde van de 19e eeuw plaatsten enkele steden delen van hun tramwerk ondergronds om verkeersontstoppingen te ontlopen. Vroege voorbeelden zijn de Murray Hill Tunnel in New York, in 1870 aangepast voor trams38 St, geraadpleegd op 2024-05-10., het ondergrondse station Noailles van de tram van Marseille dat geopend werd in 1893 in Marseille, Noailles Tunnel, geraadpleegd op 08-05-2024. en de Tremont Street subway in Boston uit 1897, basis van de huidige Green Line.
In London werd in 1906 de Kingsway tramway subway met twee haltes gebouwd om twee tramnetwerken met elkaar te verbinden, en in hetzelfde jaar werd het eerste deel van een lange tramtunnel in Philadelphia geopend, nu nog in gebruik voor tramlijnen T1 tot en met T5 en telt 10 stations. miniatuur|Skokie Swift in 1964
Vroege lightrailsystemen De Shaker Heights Rapid Transit in Cleveland (1920s) was een vroeg model van een voorstads-spoorlijn die omgevormd werd naar tram-achtige uitvoering, nu onderdeel van de Metro van Cleveland. In Europa werd een voorstadslijn in Den Haag in 1927 omgevormd tot een tramlijn, en in 1959 werd in Boston de Highland branch omgebouwd tot wat de D-tak van de Green Line werd, met moderne PCC-trams die het passagiersaantal flink opkrikte.. In 1964 werd, als demonstratieproject, in Chicago de Skokie Swift-dienst opgezet, waarbij in 6½ minuut een traject van 8 km werd afgelegd. Dit traject kent veel kenmerken die later in vele light rail systemen in de VS opgenomen zijn, de lijn is later onderdeel geworden van de Metro van Chicago
Verenigd Koninkrijk Na studiereizen in Zweden en Boston introduceerde W. Vane Morland het lightrailconcept in 1944 in Leeds dat toen nog een tramnet had. Zo werden snelle tramlijnen naar het zuiden en oosten gerealiseerd en plannen gemaakt om deze aan te sluiten op tramtunnels in de binnenstad. In 1948 deed Eric Fitzpayne hetzelfde in Glasgow en reeds in 1949 kwam een snelle tramlijn naar Blairdardie gereed. Beide steden hebben de plannen niet af kunnen ronden en zelfs hun tramnetten verloren door een gebrek aan politieke wil. In Glasgow kwam het idee voor een lightrail in 1973 weer op tafel, ditmaal als uitbreiding van het lokale metro die een zeer klein profiel heeft. Men wilde daar een netwerk creëren die de bestaande metroring verbond met oude Light Railway lijnen (lokaalspoorwegen)Call for big extension to underground, geraadpleegd op 2024-05-12., maar dit is uiteindelijk niet doorgegaan. miniatuur|In Leeds kreeg de tram wel een eigen baan, maar de tunnels kwamen er niet.
Na-oorlogse opkomst Veel klassieke tramsystemen in het Verenigd Koninkrijk, Verenigde Staten en elders werden na de jaren 1950 ingekrompen of gesloten, omdat autobussen en privéauto's populairder werden en meer investering kregen. In het Verenigd Koninkrijk, waar Leeds en Glasgow in de jaren 1940 nog gemoderniseerde tramlijnen hadden aangelegd, waren in 1962 alle tramnetten gesloten, behalve Blackpool. Moderne lightrail werd voornamelijk in het naoorlogse West-Duitsland ontwikkeld, waar veel tramnetten gemoderniseerd werden. Op deze Stadtbahn-netwerken werden uitgerust met ontwikkelingen zoals voertuigen met hogere capaciteit, vrije banen en ondergrondse banen in tunnels in stadscentracentra. Vrijwel alle grote en de meeste middelgrote Duitse steden (met uitzondering van Hamburg) behielden hun tramnet en moderniseerden dat tot een lightrailsysteem. Vergelijkbare ontwikkelingen vonden plaats in Zürich, Rotterdam, Den Haag, Göteborg, Brussel, en in Centraal- en Oost-Europa, bijvoorbeeld Ostrava.
In de Verenigde Staten definieerde stedenbouwkundige H. Dean Quinby in 1962 het concept van een "limited tramway", en maakte het onderscheid van een traditionele tram met kenmerken als gelede voertuigen, meerdere deuren en hogere capaciteit.
In 1972 werd de term light rail transit in Noord-Amerika geïntroduceerd om deze verbeterde netwerken aan te duiden. Het eerste netwerk van deze nieuwe generatie was de Edmonton LRT werd geopend in 1978 met Duitse Siemens-Düwag U2-trams als materieel. Calgary en San Diego volgden, werden succesvol en vormden het voorbeeld voor veel andere Amerikaanse, Canadese en Mexicaanse lightrail-systemen.
In deze tijd werden er ook grootse netwerken gepland, die uiteindelijk niet gerealiseerd of zelfs tijdens de bouw teruggeschaald werden. Zo hebben in België zowel in Antwerpen als in Charleroi delen van het vanuit de straattram omgebouwde netwerk er vanaf de jaren 1980 decennia ongebruikt in ruwbouw of zelfs vrijwel geheel afgebouwd bij gelegen. Delen hiervan zijn in de jaren 2010 en 2020 alsnog in gebruik genomen.
Wereldwijde uitbreiding links|miniatuur|Lightrail in Addis Ababa, Ethiopia Vanaf de jaren 1980 kwamen lightrail en moderne tramnetwerken in een hernieuwde interesse. In Europa werden nieuwe netten gebouwd in steden die eerder hun tramsystemen hadden gesloten, zoals Nantes, die zijn tramsysteem in 1985 heropende, en Grenoble, Parijs, Straatsburg, Bordeaux, Dublin, Barcelona en Bergen. In Groot-Brittannië openden nieuwe lightrailsystemen zoals de Tyne and Wear Metro (1980), Manchester Metrolink (1992), South Yorkshire Supertram (1994) en in Edinburgh (2014).
In Noord-Amerika werd de San Diego Trolley (1981) een model voor latere projecten, en het aantal netwerken verdubbelde tussen grofweg de jaren 1990 en de jaren 2010 met uitbreidingen in Portland, Los Angeles, Denver, Dallas, Minneapolis en Seattle. In Canada werden in 2019 in zowel Waterloo als Ottawa lijnen geopend, en in Australië opende de lightrail van Sydney in 1997.
In Azië werd in 2006 de Toyama Light Rail geopend, Japan's eerste nieuwe tramlijn in decennia. In een aantal Chinese steden, zoals Shenyang, Nanjing, Guangzhou, Peking en Shanghai, opende nieuwe netwerken.
In Afrika en het Midden-Oosten werden lightrailnetwerken geopend in Tunis (1985), Rabat (2011), Algiers (2011), Jeruzalem (2011), Casablanca (2012), Dubai (2014), Addis Ababa (2015) en Lusail (2022).
In Zuid-Amerika werden netwerken geopend in onder andere Mendoza (2012), Medellín (2016) en Rio de Janeiro (2016).miniatuur|rechtop=0.8|Wegklapbare treden voor het instappen bij zowel lage als hoge perrons
Typering miniatuur|De Kusttram heeft een lijn van 67 km lang en verbindt verschillende stedelijke centra. Het is vaak geen duidelijke scheidslijn tussen lightrail en andere vormen van stedelijk railverkeer. Een systeem dat in de ene regio een lightrailnetwerk genoemd wordt, kan in een andere stad tram genoemd worden. Omgekeerd liggen sommige netwerken die lightrail genoemd worden erg dicht tegen metro aan. In sommige regio's komen lightrailtreinen op stukken spoor die gedeeld worden met zwaardere vormen zoals metro of spoorlijn, terwijl ze elders het spoor delen met trams.
Flexibiliteit Lightrail-corridors kunnen volledig vrijliggend zijn, een vrije baan op of naast een weg (maar met wegkruisingen), een trambaan in het asfalt (maar wel exclusief voor trams en eventueel bussen), of in de straat gemengd met overig verkeer of zelfs in een voetgangersgebied liggen. Hierdoor is een netwerk veel flexibeler dan een reguliere spoorlijn. Veel netwerken wisselen deze kenmerken af, zelfs op dezelfde lijn.
Lagere capaciteit miniatuur|Station Berliner Platz in Essen. Het moeilijkste onderscheid ligt tussen lagevloer-lightrailnetwerken en tramnetwerken. Er is een overlap in technologie, hetzelfde materieel kan voor beide typen netwerk gebruikt worden, en sommigen klasseren moderne tramnetwerken als een subcategorie van lightrail, in plaats van een andere vorm van vervoer. Er kan wel onderscheid gemaakt worden, maar sommige netwerken combineren kenmerken van beide. Lagevloer lightraillijnen hebben over het algemeen een vrije baan, waarbij de voertuigen voorrang krijgen bij wegkruisingen, en rijden in het algemeen niet tussen het verkeer, waardoor er hogere dienstsnelheden gehaald kunnen worden. Lightrail-lijnen hebben vaak minder haltes per afstand dan tramlijnen, en hebben een langer lengte. Lightrail-voertuigen worden vaak gekoppeld tot eenheden van twee of meer voertuigen.
Hogere capaciteit