miniatuur|Neanderthalers in het Gallo-Romeins Museum (Tongeren), met aannames voor kleding en 'transport' De neanderthalerIn de naam neanderthaler vindt men een h (in thal). Deze letter staat wel in de Latijnse naam, maar is door spellingwijzigingen in het Duits en in navolging daarvan in andere moderne talen vaak verdwenen. Neander was het Griekse pseudoniem van Joachim Neumann (neos andros = nieuwe man = Neu Mann), de predikant-componist die hier vaak vertoefde. De neanderthaler is dus letterlijk vertaald een bewoner van het dal van de nieuwe man (Homo neanderthalensis, indien als soort beschouwd, of Homo sapiens neanderthalensis,, Neanderthal taxonomy reconsidered: Implications of 3D primate models of intra- and interspecific differences, in PNAS 101 (2003), pp. 1147-1152. doi: 10.1073/pnas.0308085100 indien als ondersoort beschouwd) is een uitgestorven mensensoort of -ondersoort die nauw verwant is met de huidige mens. De mensensoort neanderthaler leefde op het grondgebied van het huidige Europa en delen van Azië van omstreeks 400.000 jaar v.Chr tot circa 40.000 v.Chr. en is gedurende een periode van honderdduizenden jaren geleidelijk geëvolueerd vanuit de mensensoort Homo heidelbergensis. De naam is in de 19e eeuw gekozen door wetenschappers omdat de eerste skeletdelen die als menselijk werden geduid waren gevonden in het Duitse Neandertal.

Vondsten van fossiele skeletten (tot dusver zijn 12 complete skeletten gevonden uit verschillende perioden) en skeletdelen (botten, tanden, botfragmenten en een enkel natuurlijk hersenafgietselThe Neanderthal endocast from Gánovce (Poprad, Slovak Republic)) van neanderthalers zijn gedaan in Europa, het Midden-Oosten en Centraal-Azië tot aan de Altaj.

Ontdekkingsgeschiedenis

19e eeuw De eerste resten van de neanderthaler werden bij toeval ontdekt, en niet bij een zorgvuldig archeologisch onderzoek. Daardoor zijn van dit geval vrijwel geen gegevens bekend over de vondstomstandigheden, zoals de datering van aardlagen e.d. waarin de resten werden aangetroffen. In 1856 stuitte een aantal arbeiders bij het uitgraven van een grot in het Neandertal, een deel van het rivierdal van de Düssel vlak bij Düsseldorf, op botresten. Ze brachten deze naar de natuurkundeleraar Johann Carl Fuhlrott in het nabijgelegen Elberfeld (nu Wuppertal). Fullroth herkende de resten als menselijke botten. Het ging om een schedeldak, een spaakbeen, twee dijbeenderen, een opperarmbeen, een ellepijp en nog enkele botresten.

De paleoantropoloog Fuhlrott interpreteerde de gevonden beenderen als de resten van een voormalige, primitieve mensensoort. De toen wereldvermaarde anatoom Rudolf Virchow beweerde echter dat de ongewoon platte mensenschedel te wijten was aan pathologische misvorming, en dat de relatief recente eigenaar mentaal onvolwaardig moest zijn geweest. Tot aan zijn dood weigerde Virchow de vondst uit het Neandertal te aanvaarden als bewijs voor het bestaan van andere mensensoorten in het verleden. , Der Irrtum des Rudolf Virchow. Vor 150 Jahren wurde der Neandertaler entdeckt – Deutsche Stiftung Denkmalschutz

In oude grindlagen bij Maastricht was in 1823 een onderkaak gevonden; de datering daarvan bleef omstreden.Specimen RGM.18728geologievannederland.nl: Homo sapiens Linnaeus 1758 (1823): Extrait d'une notice sur les ossements fossiles, trouvées en 1823, en creusant le canal entre Maestricht et Hocht, lue à la réunion générale de la Société des Amis des Sciences, Lettres et Arts de Maestricht, du 4 novembre 1823. Messager des Sciences historiques ou Archives des Arts et de la Bibliographie de Belgique 1823/24, p. 354-363

Toen later breder erkend werd dat het een uitgestorven mensensoort betrof waarvan eerder ook elders fossiele skeletresten bleken te zijn gevonden, werd de naam neanderthaler een geoniem voor deze soort, waarover meer bekend zou worden door volgende vondsten bij gerichte archeologische opgravingen.

De in 1856 gevonden resten staan thans ook wel bekend als Neanderthal 1. In 1999 bracht onderzoek op de inmiddels afgegraven oorspronkelijke vindplaats botten aan het licht die mogelijk eveneens afkomstig waren van het in 1856 toevallig gevonden individu, van wiens skelet veel verloren was gegaan (in 2000 werden de resten van een tweede aldaar gevonden individu aangemerkt als Neanderthal 2).

thumb|Het landschap rond de ingang van de grotten van Engis (Grottes Schmerling) in de Belgische provincie Luik, waar in 1829 de eerste resten van neanderthalers werden gevonden. Hoewel eerder ook al op meerdere plaatsen skeletresten van neanderthalers bleken te zijn gevonden, geldt de vondst in het Neandertal als een belangrijk moment in de geschiedenis van de paleoantropologie. In 1956 organiseerde de Wenner-Gren Foundation een symposium in Düsseldorf om die vondst te herdenken en bij het wetenschappelijk belang ervan stil te staan.

De eerste vondst van een overblijfsel van een neanderthaler bleek achteraf te zijn gedaan door Schmerling in de grotten van Engis nabij Luik in 1829. Dat werd echter nog niet als zodanig herkend. Later in de negentiende eeuw vond men vervolgens op talrijke plaatsen in Europa andere zogenoemde idiotenschedels: in Gibraltar en Spy (bij Namen).

20e eeuw Begin 20e eeuw vond men bij gerichte archeologische opgravingen in La Chapelle-aux-Saints (1908), en Le Moustier (eveneens 1908) in de Franse streek de Dordogne skeletten die werden herkend als afkomstig van neanderthalers. Zelfs hele geraamtes van deze voorhistorische mens werden ontdekt en op grond van 100 vondsten werd het mogelijk een betrouwbaar beeld te verkrijgen van Homo neanderthalensis of de 'Neanderthalmens' die niet groter was dan 1,60 m, en volkomen rechtop liep.

De eerste reconstructies van het uiterlijk van de neanderthaler waren vooral gebaseerd op de vondsten te La Chapelle-aux-Saints en te Le Moustier, die het resultaat waren van gerichte archeologische opgravingen, waardoor daarvan betrekkelijk veel behouden was gebleven. De meeste eerder aan het licht gekomen resten betroffen toevallige, niet-wetenschappelijke vondsten.

De kromme gestalte op oudere afbeeldingen van de neanderthaler was gebaseerd op de reconstructie door Marcellin Boule van de skeletresten van een op hoge leeftijd overleden neanderthaler: de "grijsaard van La-Chapelle-aux-Saints". (1908): 'l'Homme fossile de la Chapelle-aux-Saints (Corrèze)' in L'Anthropologie, Volume 19, p.519-525 Na Boule waagde de Duitse antropoloog Hans Weinert zich eveneens aan een reconstructie, aan de hand van de resten van de eerder door Hauser gevonden en door Hermann Klaatsch beschreven Jongeling van Le Moustier.

Inmiddels zijn botten van ongeveer 400 individuen bekend.

Na de ontdekking van vrij complete skeletten van neanderthalers die met vermoedelijke grafgiften werden aangetroffen, zoals dat te Le Moustier, werd duidelijk dat ze hun doden begroeven, hetgeen wijst op een zekere vorm van geestelijk leven en een geloof in een hiernamaals, dat algemeen als een wezenlijk menselijk kenmerk wordt beschouwd. Dit gebruik zal hebben bijgedragen aan de mogelijkheid van fossilisatie van de botresten in de bodem, waardoor deze duizenden jaren behouden zijn gebleven.

De neanderthaler komt niet voor in Darwins On The Origin of Species (1859). Darwin liet de oorsprong van de mens in dat werk buiten beschouwing. In 1864 toonden twee vrienden hem een neanderthalerschedel.<ref> (2009): 'New Work May Complicate History Of Neandertals and H. sapiens''', Science, p. 224 - 225</ref> In The Descent of Man (1871) noemt Darwin de neanderthaler een keer: "Nevertheless it must be admitted that some skulls of very high antiquity, such as the famous one of Neanderthal, are well developed and capacious".Darwin Online, hoofdstuk 4 Darwin accepteert dus dat de schedel van de neanderthaler relatief groot is (zonder afmetingen of datering te geven), maar daarmee past deze vondst niet zo goed in zijn betoog dat primitieve mensen kleinere schedels en hersenen dan de moderne mens zouden moeten hebben gehad. Geplaatst in de context van zijn tijd is het niet verwonderlijk dat Darwin in 1859 niets over de neanderthal-vondst schreef, omdat het toen de enige vondst was en zeer tegenstrijdige interpretaties werden gegeven.

21e eeuw Begin 21e eeuw werd de neanderthaler Krijn (50.000-35.000 jaar geleden) ontdekt voor de Zeeuwse kust. Het is de eerste neanderthaler die in Nederland is gevonden (het exemplaar in Engis even buiten beschouwing gelaten).

In 2019 werden voetafdrukken van neanderthalers gevonden in Le Rozel, Frankrijk (ca. 80.000 jaar geleden) en in 2020 werden voetafdrukken van neanderthalers in Zuid-Spanje ontdekt (ca. 106.000 jaar geleden).

Ontstaan De neanderthaler ontwikkelde zich zo'n 250.000 jaar geleden uit Homo heidelbergensis.BIOPRO Baden-Württemberg: A Heidelberg man of African origin, 11 augustus 2017 Overgangsvormen zoals de Steinheimmens, meestal gezien als Europese varianten van Homo heidelbergensis, worden ook wel als "proto-neanderthaler" beschouwd. DNA-onderzoek van een H. heidelbergensis-individu van 430.000 jaar geleden uit Sima de los Huesos ('put van botten', Sierra de Atapuerca, Noord-Spanje) toonde echter dat diens mitochondriaal DNA meer overeenkwam met de latere denisovamens dan met de neanderthaler. Volgens deze gegevens zou de splitsing neanderthaler/denisovamens ongeveer 765.000 jaar geleden hebben plaatsgevonden.Oeroud DNA doet menselijke stamboom wankelen, Newscientist, 18 maart 2016 Dit plaatst de mogelijke gemeenschappelijke voorouder als Homo antecessor in plaats van Homo heidelbergensis, die pas vanaf 700.000 jaar geleden evolueerde.

De eerste onomstreden vondsten van skeletresten die de klassieke neanderthalerkarakteristieken vertonen dateren van 180.000 en 176.000 jaar geleden.; ; (2008): The Neanderthals. Peoples of the ancient world, Taylor & Francis. Bron refereert op pag. 63 aan vondsten in de Lazaretgrot en in Biache-Saint-Vaast in Noord-Frankrijk, waarvan de ouderdom op respectievelijk 180.000 en 176.000 jaar is gedateerd Vondsten uit die tijd, midden in het Saalien, zijn weliswaar zeer zeldzaam, maar dit betekent niet dat er al niet eerder neanderthalers hebben rondgelopen. Pas zo rond 130.000 jaar geleden, tegen het einde van het Saalien en tijdens het voorlaatste interglaciaal, het Eemien (van 128.000 tot 116.000 jaar geleden), worden de vondsten talrijker. Een belangrijke vondst, die volgens de oudste schattingen van rond de 130.000 jaar geleden zou kunnen dateren, werd in 1899 op de site van Krapina nabij de gelijknamige stad in Kroatië gedaan. (1901-1904) 'Der paläolitische Mensch und seine Zeitgenossen aus dem Diluvium von Krapina in Kroatien' in Mittheilungen der Anthropologische Gesellschaft Wien, 31: 164-197; 32: 189-216 & 34: 187-199 (totaal 11 platen)

De precieze plaats van de neanderthalers in de menselijke evolutionaire stamboom is onduidelijk. Algemeen wordt aangenomen dat zij weliswaar niet de directe voorouders van de moderne mens zijn. Recent DNA-onderzoek toont echter aan dat ze genetisch wel bijgedragen hebben. De neanderthalers leefden enige tijd gelijktijdig met de Europese vroege moderne mens (Homo sapiens sapiens). Door de meeste paleoantropologen wordt tegenwoordig aangenomen dat de moderne mens ongeveer 200.000 jaar geleden in Afrika onafhankelijk van de neanderthaler uit een andere Afrikaanse ondersoort van Homo heidelbergensis is ontstaan.

Lichaamsbouw

thumb|Schedel van een neanderthaler gevonden in Spy. Let op het lage voorhoofd, de langgerekte schedel en het bolvormig achterhoofd en het gat tussen de laatste kies en de opgaande tak van de kaak: dit zijn typische kenmerken van een neanderthaler. thumb|Schedel van een neanderthaler gevonden in La Ferrassie.