Dedoplistskaro (Georgisch: , Dedoplistsqaros moenitsipaliteti) is een gemeente in het uiterste zuidoosten van Georgië met ongeveer 19.000 inwoners (2024) en een oppervlakte van 2532 km², gelegen in de regio Kacheti. De gelijknamige stad is het bestuurlijk centrum van de gemeente.

Dedoplistskaro is gesitueerd aan het zuidoostelijke uiteinde van het Gomborigebergte in het Iori-hoogland. Het nationaal park Vasjlovani beslaat ongeveer tien procent van de gemeente en heeft een combinatie van (semi-)woestijn, steppe-vegetatie, loofbossen en canyons die typisch zijn voor het gebied.

Geschiedenis Archeologische opgravingen met vondsten uit verschillende tijdperken, waaronder de steentijd, tonen aan dat het gemeentelijk gebied heel lang bewoond is door mensen. De belangrijkste vondsten zijn gedaan rond de plaats Chornaboedzji, de oude burcht Chornaboedzji en overblijfselen van de stad Choratani. Het territorium was deel van de historische Georgische streek Kambetsjovani.

In de vroege middeleeuwen viel het gebied onder Hereti, dat in de 10e eeuw opging in het verenigde Koninkrijk Georgië. Na het uiteenvallen van het Koninkrijk Georgië in de 15e eeuw behoorde het gebied van Dedoplistskaro tot het Koninkrijk Kachetië en voor korte tijd het fusiekoninkrijk Kartli-Kachetië tot het Russische Rijk in 1801 tot annexatie van Kartli-Kachetië overging.

Russische Rijk Na de Russische annexatie werden de contouren geschapen van de moderne bestuurlijke indeling. Het gebied van de hedendaagse gemeente Dedoplistskaro werd onderdeel van de oejezd Signagi dat in 1801 opgericht werd als een van de vijf provincies van het nieuwe gouvernement Georgië. De stad Signagi was het bestuurscentrum van de provincies. Vanaf 1846 werd het gebied onderdeel van het nieuw opgerichte gouvernement Tiflis.

miniatuur|links|upright=0.8|Oejezd Signagi. In beige het district Sjiraki. Het oejezd Signagi omvatte naast Dedoplistskaro het gebied van de moderne gemeentes Signagi, Lagodechi, de helft van Sagaredzjo en het grootste deel van Goerdzjaani. Binnen Signagi viel het gebied van Dedoplistskaro onder het district (oetsjastok) Sjirakski (Russisch: ), genoemd naar de Sjirakivlakte in het gebied. De stad Dedoplistskaro was het bestuurscentrum van dit district.

Tijdens de Kaukasusoorlog in de 19e eeuw was het gebied onderdeel van een Russische verdedigingslinie tegen Dagestaanse invallen. De Russische soldaten bleven na het staken van de oorlog in het gebied wonen.

Sjiraki en Vazja-Psjavela Tegen het einde van de 19e eeuw vestigde het keizerlijk gezag Russen in het district Sjiraki. Dit veroorzaakte onrust onder de Georgische bergvolken uit de streken Toesjeti, Psjavi, Chevsoeretië en Goedamakari, die in de Sjirakivlakte hun winterverblijf hadden voor hun schapen en er watermeloenen teelden.

Zij begonnen zich vervolgens permanent te vestigen in Sjiraki, zonder toestemming van het keizerlijk gezag, wat ook tot conflict tussen deze volken onderling leidde. De bekende Georgische dichter en schrijver Vazja-Psjavela, die zelf uit Psjavi kwam, speelde een belangrijke rol in het protest tegen de Russische kolonisatie en voor het legaliseren van de vestiging van de Georgische bergvolken. Zijn actie resulteerde in de stichting van dorpen aan de noordrand van de Sjirakivlakte langs de Alazani. Rond 1920 werden Armeniërs uit Azerbeidzjan verdreven en vestigde een aantal zich aan de Georgische kant van de Alazanirivier. Zo ontstond in de uiterste hoek van Georgië het dorp Sabatlo.

In de Sovjet-Unie Met de vestiging van het communistische Sovjetregime kwamen er kolchozen in het gebied. In 1931 waren dat er 45. Medio 1929 vonden bestuurlijke hervormingen van de Sovjet-Unie plaats en werd het oejezd Signagi afgeschaft. In 1930 werd het gebied van Dedoplistskaro ingedeeld bij het nieuwe en kleinere rajon (district) Signagi. In 1938 werd het district Tsiteli-Tskaro (, Russisch: , vertaald als Rode Bron) als zelfstandige bestuurseenheid afgesplitst van Signagi, met Tsiteli-Tskaro als bestuurlijk centrum.

Tijdens de de-sovjetisering van toponiemen in 1991 werd de naam van zowel het district als de stad gewijzigd in het huidige Dedoplistskaro, wat Koninginsbron betekent. Het was de oorspronkelijke Georgische naam voor de plaats, verwijzend naar koningin Tamar. De Russische overheersers hadden deze naam begin 19e eeuw veranderd in Tsarski Kolodtsi (, Koninklijke Bron), waarna de Sovjets in de jaren 1920 de verwijzing naar aristocratie subtiel veranderden in een communistische. In 1995 werd het district onderdeel van de nieuw opgerichte regio (mchare) Kacheti en in 2006 werd het district omgevormd naar een gemeente (municipaliteit).

Luchtmachtbasis miniatuur|Voormalige luchtmachtbasis Sjiraki. Middenin de Sjirakivlakte ligt de oude Sovjet luchtmachtbasis (Didi) Sjiraki. Het initiatief voor de aanleg van een basis op deze plek kwam van een Georgische Sovjetluchtmachtofficier die in 1950 gestationeerd was in Telavi. Hij ondervond op een moment technische problemen met zijn toestel en moest het op een veld in de buurt van de Alazani-rivier aan de grond zetten. Dat beviel hem zo goed, dat hij er alles aan deed de autoriteiten in Moskou te overtuigen in de Sjirakivallei een militair vliegveld te bouwen wat hem ook lukte.

Vanaf de jaren 1970 was er een regiment bommenwerpers gestationeerd waarvan piloten en toestellen later naar Afghanistan gestuurd werden. Na de onafhankelijkheid van Georgië en de val van de Sovjet-Unie werd in juni 1992 de basis opgedoekt. De Georgische krijgsmacht maakte er in de beginjaren incidenteel gebruik van, maar de basis is intussen vrijwel geheel gestript.

Tijdens de opmaat naar de Irakoorlog in 2003 deed Georgië de voormalige basis in de aanbieding als steunpunt voor Amerikaanse troepenopbouw. Experts beoordeelden dat de landingsbaan van Sjiraki het meest geschikt was voor zware transporten ten opzichte van de bases bij Marneoeli en Tbilisi. In najaar 2003 begon de OVSE met een programma ter vernietiging van 500 gevaarlijke bommen die nog op de basis lagen opgeslagen. Tijdens de Russisch-Georgische Oorlog in 2008 werd de verlaten basis op 11 augustus door Russische toestellen gebombardeerd.

Geografie miniatuur|Tsjatsjoena natuurreservaat De gemeente Dedoplistskaro grenst in het westen en noordwesten aan de gemeente Signagi en in het noordoosten, oosten en zuiden aan Azerbeidzjan, waarmee bij het dorp Samtatskaro een weinig gebruikte grensovergang is. De gemeente ligt in het uiterste zuiden van de regio Kacheti, en is letterlijk het einde van Georgië, gelegen aan het uiteinde van het Gomborigebergte, met de rivieren Iori en Alazani als natuurlijke begrenzing. De Alazani is in het noorden en oosten de landsgrens met Azerbeidzjan.

Het Gomborigebergte heeft haar zuidoostelijke eindpunt in de gemeente, vlak bij de stad Dedoplistskaro, waar de Nikorastsiche net buiten de stad de hoogste berg is in de gemeente (1001 m). De kam van het Gomborigebergte is de grens met de gemeente Signagi. De Ioririvier stroomt in het zuidelijk grensgebied met Azerbeidzjan van noordwest tot zuidoost door de gemeente, en is voor een kort segment de landsgrens. De Iorivallei is deel van het natuurreservaat Tsjatsjoena.

Sjirakivlakte miniatuur|De Sjirakivlakte met de Grote Kaukasus op de horizon en de dorpen Archiloskalo en Kvemo- en Zemo Kedi. In het noordoostelijke deel van de gemeente ligt aan de Alazani de komvormige steppe-achtige Sjirakivlakte. Dit is een plateau met een hoogte van gemiddeld 550-600 meter boven zeeniveau en maximaal 740 meter langs de Alazani, die hier ruim 500 meter lager ligt. Aan deze noordelijke rand van het plateau ligt het tweede cluster nederzettingen van de gemeente, met drie dorpen op het plateau en drie beneden aan de Alazani, waar de kleine grensovergang naar Azerbeidzjan is.

In deze dorpen wonen bij elkaar ongeveer 6000 mensen, waarvan bijna een derde in het grootste dorp Zemo Kedi. Het plateau wordt aan de zuidwestelijke kant omsloten door de heuvelruggen Nazarlebi en Kaladabra met een maximale hoogte van 876 meter boven zeeniveau. De Sjirakivlakte watert in het zuidoosten af door het nationaal park Vasjlovani naar het Azerbeidzjaanse Mingəçevir-reservoir. Ten zuiden van dit natuurgebied ligt langs de linkeroever van de Iori de Eldarivlakte, het enige Georgische gebied met een steppeklimaat. Hier ligt het laagste punt van Oost-Georgië.

Schaapsherders uit Toesjeti miniatuur|Toesjeti schaapsherders en hun kudde in de Eldarivlakte. In de zuidoosthoek van de Sjirakivlakte ligt de nederzetting Kasristskali. Dit dorp hoort bestuurlijk bij de gemeente Achmeta, dat hemelsbreed meer dan 120 kilometer naar het noordwesten ligt. Het dorp is het winterverblijf van schaapsherders uit de Noord-Georgische bergstreek Toesjeti. Zij maken elk jaar in het najaar de transhumance met honderden schapen vanuit het diep in de Grote Kaukasus gelegen Toesjeti, dat in de wintermaanden geheel geïsoleerd is, over de Abanopas naar het laagland van Kacheti.

Eerst trekken ze 100 kilometer naar (Zemo/Kvemo) Alvani bij de stad Achmeta, waar de meeste Toesjeten tegenwoordig wonen, om bij te komen van de driedaagse zware trek door en over de bergen. Van daar trekken ze zeven dagen naar de ruim 140 kilometer in het zuidoosten gelegen Sjirakivlakte waar ze gedurende de winter en het voorjaar in het dorp Kasristskali wonen. In mei maken de schaapsherders met hun schapen de trek terug naar Toesjeti. Dit is een traditie die teruggaat naar de 16e en 17e eeuw toen de hooglanders winterwoningen en landbouwgrond in Alvani en de Sjirakivallei kregen van koning Levan van Kachetië.

Demografie De gemeente Dedoplistskaro telde 18.904 inwoners bij de volkstelling van 2024, een daling van elf procent ten opzichte van de volkstelling in 2014. Bevolkingsontwikkeling van de gemeente Dedoplistskaro 1923 1939 1959 1970 1979 1989 2002 2014 2024 Gemeente Dedoplistskaro - 30.796 36.316 37.330 35.405 37.299 30.811 21.221 18.904 Dedoplistskaro 4.126 5.569 8.492 9.026 9.460 10.249 7.724 5.940 5.773 Verantwoording data: Bevolkingsstatistiek Georgië 1897 tot heden. Noot:

Etniciteit en religie miniatuur|Een nieuwe kerk in Dedoplistskaro (2005) De bevolking van Dedoplistskaro bestond in 2014 voor 91 procent uit Georgiërs. Etnische minderheden in de gemeente zijn Armeniërs (4,5 procent), Russen (1,7 procent) en Azerbeidzjanen (1,0 procent). Kleinere bevolkingsgroepen zijn Osseten en Oekraïners.

Een opvallende minderheid volgens de volkstelling van 2014 waren de ruim 50 Bosja die vrijwel allemaal in het dorp Tsjoeti wonen, waar ze ruim 40 procent van de bevolking zijn. De Armeniërs woonden gelijkelijk verspreid over drie plaatsen, te weten Dedoplistskaro, Chornaboedzji (de tweede grote plaats dat tegen Dedoplistskaro aan ligt) en het dorp Sabatlo in het uiterste oosten van de gemeente, waar zij ruim in de meerderheid zijn.

De religieuze samenstelling volgt in grote lijnen de etnische. Verreweg de meeste inwoners zijn oosters-orthodox (92,2 procent). Andere religies in de gemeente zijn de islam (ruim vijf procent), Armeens-Apostolisch (1,2 procent) en Jehova's getuigen (0,5 procent). Een deel van de moslims zijn Adzjaren, die in de jaren 90 als "eco-vluchtelingen" zijn verhuisd naar Dedoplistskaro en zich in een aantal dorpen vestigden, waaronder Samtatskaro.

Administratieve onderverdeling miniatuur|Dorps- en wegbeeld De gemeente Dedoplistskaro is administratief onderverdeeld in 13 gemeenschappen (, ) met in totaal 15 dorpen (, ) en één stad (, ), namelijk het bestuurlijk centrum Dedoplistskaro.