De lederschildpad (Dermochelys coriacea) is een schildpad die in zee leeft, en behoort tot de familie lederschildpadden (Dermochelyidae). Het is de enige in zee levende schildpad die niet tot de familie zeeschildpadden (Cheloniidae) behoort. Met een schildlengte tot 2,4 meter is het de grootste schildpad ter wereld.
De lederschildpad heeft een vrijwel wereldwijde verspreiding en komt voor van de tropische zeeën rond de evenaar tot in de poolwateren. De voortplanting is vergelijkbaar met die van andere in zee levende schildpadden. Door de mens werd er lange tijd op de schildpad gejaagd. Omdat de soort sterk in aantal en verspreidingsgebied achteruitgegaan is, wordt de schildpad tegenwoordig beschermd. Door het vele onderzoek dat naar deze soort is verricht, is er in vergelijking met andere schildpadden veel bekend over de biologie en levenswijze van de lederschildpad.
De lederschildpad onderscheidt zich van alle andere zeeschildpadden door de afwijkende levenswijze. Het is het enige reptiel dat vrijwel volledig leeft van kwallen, die zeer arm zijn aan voedingsstoffen. Het uiterlijk is karakteristiek omdat de voor schildpadden kenmerkende hoornschilden op het rugschild ontbreken en daarnaast de rugzijde duidelijk meervoudig gekield is. De lederschildpad is het enige reptiel dat min of meer endotherm is, de lichaamswarmte wordt zelf aangemaakt en vastgehouden. Alle andere schildpadden zijn uitgesproken poikilotherm of koudbloedig.
Verspreiding thumb|Verspreidingskaart met neststranden, rode stippen geven de belangrijkste neststranden aan, gele stippen de minder belangrijke.
De lederschildpad is pelagisch, wat betekent dat het dier in open zee leeft en zich weinig laat zien in kustzones. Dat er toch veel waarnemingen van de lederschildpad uit kustgebieden bekend zijn, komt doordat vrouwelijke schildpadden aan land komen om eieren af te zetten en dode exemplaren kunnen aanspoelen op het strand. Soms zoeken de dieren langs de kust naar voedsel, maar meestal vindt het foerageren plaats op volle zee. De lederschildpad heeft van alle in zee levende schildpadden het grootste verspreidingsgebied. De soort is kosmopolitisch en komt voor in bijna alle wereldzeeën, hoewel het verspreidingsgebied per ondersoort verschilt. Op enkele plaatsen is de soort niet aangetroffen: het uiterste zuiden van Zuid-Amerika en enkele noordelijke gebieden, het grootste deel van noordelijk Noord-Amerika, noordelijk Azië en wat Europa betreft, de zee bij IJsland.
De grootste legplaatsen bevinden zich aan de kusten van Suriname en het naburige Franse departement Frans-Guyana, en aan de overkant van de Atlantische Oceaan, de kust van Gabon. Aan deze kusten waren in 2008 de populaties stabiel of zelfs groeiend. De populaties in de Pacifische Oceaan stonden echter onder zware druk. Het verschil is deels te verklaren door het feit dat in Suriname en Frans-Guyana de nestplaatsen zich in beschermde natuurgebieden zoals Wia Wia en Galibi bevinden.
De landen en gebieden waar de lederschildpad voorkomt zijn: Andamanen en Nicobaren, Angola, Anguilla, Antigua en Barbuda, Australië, Argentinië, Bangladesh, Belize, Brazilië, Chili, Colombia, Congo-Kinshasa, Costa Rica, Cuba, Dominica, Dominicaanse Republiek, El Salvador, Ecuador, Eritrea, Fiji, Gabon, Galapagoseilanden, Ghana, Grenada, Guadeloupe, Guatemala, Guyana, Suriname, Frans-Guyana, Honduras, India, Indonesië, Israël, Italië, Ivoorkust, Japan, Kameroen, Liberia, Maagdeneilanden, Madagaskar, Maleisië, Martinique, Mexico, Montserrat, Mozambique, Myanmar, Nicaragua, Noorwegen, Pakistan, Panama, Papoea-Nieuw-Guinea, Peru, Puerto Rico, Salomonseilanden, Senegal, Somalië, Sri Lanka, Togo, Trinidad en Tobago, Venezuela, Verenigde Arabische Emiraten, Verenigde Staten en Zuid-Afrika en het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden.
Atlantische populaties thumb|Een volwassen vrouwtje en de mens ter vergelijking.
De Atlantische lederschildpad (D. c. coriacea) komt voor in de Atlantische Oceaan. Aan de oostzijde begint het noordelijkste verspreidingsgebied in de Barentszzee, de Oostzee en de Noordzee. Hier wordt uitsluitend naar voedsel gezocht en er zijn geen nestplaatsen. In de Noordzee wordt de soort zelden aangetroffen en alleen bij wijze van uitzondering stranden exemplaren in Nederland. Een recente waarneming is een dood exemplaar, dat aanspoelde op het strand van Den Helder op 21 september 2009.De Telegraaf - Lederschildpad aangespoeld in Den Helder - Website Zes dagen later, op zondag 27 september 2009, werd een levend dier waargenomen en gefotografeerd tussen Den Helder en Texel. Op 22 september 2020 werd een levend exemplaar gefilmd in de Oosterschelde. Ook in Belgische wateren wordt de soort heel uitzonderlijk waargenomen.
In Europa komt de schildpad verder voor in de Middellandse Zee en de Zwarte Zee. In Europa is echter maar één legplaats bekend, in Italië. In de Egeïsche Zee komt de lederschildpad niet voor, in 1997 werd voor het eerst in de recente geschiedenis een dood exemplaar in ondiep water aangetroffen in Turkije. Het dier was verstrikt geraakt in een vissersnet en werd drijvend gevonden bij een waterdiepte van tien tot dertien meter. De carapaxlengte bedroeg 129 centimeter, het was waarschijnlijk een groot maar subadult mannetje, gezien de onderontwikkelde seksuele kenmerken.Ertan Taskavak, Ralf H. Boulon Jr. & Mehmet K. Atatur – Marine Turtle Newsletter 80:13 – 1998 – Website. Gearchiveerd op 18 juli 2020.
Verder naar het zuiden komt de lederschildpad voor langs de gehele Afrikaanse kust tot onder Zuid-Afrika. Verspreid langs de kust liggen hier ook een aantal van de minder belangrijke neststranden, alleen de legstranden in Gabon zijn van enig belang; het hier gelegen Nationaal Park Mayumba is de belangrijkste afzetplaats van het gehele Afrikaanse continent. Onderzoek wees uit dat er jaarlijks meer dan tienduizend nesten worden afgezet aan de gehele westkust van Afrika, maar het precieze verspreidingsgebied is niet bekend. Daarnaast zijn er weinig historische gegevens waarmee de cijfers vergeleken kunnen worden.
Aan de westelijke kant van de Atlantische Oceaan ligt de noordgrens van het verspreidingsgebied bij de kust van Newfoundland en Labrador in Canada en de zuidgrens halverwege de kust van Argentinië. Wereldwijd de belangrijkste neststranden van de schildpad liggen rond de Golf van Mexico en de Caraïbische Zee en de soort komt in dit hele gebied voor. De bekendste legplaatsen zijn te vinden in de Verenigde Staten in oostelijk Florida, waar jaarlijks enkele honderden nesten worden afgezet. Andere bekende legplaatsen zijn Costa Rica (Parismina), Suriname en Guyana.
Pacifische populaties De Pacifische lederschildpad (D. c. schlegelii) leeft in de Grote Oceaan, er worden twee verschillende populaties onderscheiden. De westelijke populatie zet de eieren af op stranden in Papoea, India en de Salomonseilanden. Het foerageergebied bevindt zich echter aan de andere kant van de Grote Oceaan, langs de westkust van Noord-Amerika. In Australië is één nestplaats aan de oostkust bij de stad Brisbane, dit is een van de belangrijkste afzetplaatsen.
De oostelijke populatie zoekt naar voedsel in zuidelijke wateren, langs de kust van Zuid-Amerika tot in Peru en Chili. De neststranden liggen in Midden-Amerika, van Mexico tot Costa Rica, waar ook de Atlantische populaties hun eieren begraven.
De lederschildpadden die op Maleisië de eieren afzetten worden wel beschouwd als een derde populatie,SWOT REPORT – The State of the World’s Sea Turtles – Website het aantal exemplaren wordt echter geschat op enkele honderden, waarmee deze groep op de rand van uitsterven staat.
Uiterlijke kenmerken thumb|Een schema van het rugschild.
De lederschildpad heeft net als alle schildpadden een groot en opvallend schild, waar vier zwempoten, een kop en een staart uitsteken. Net zoals de zeeschildpadden kan de lederschildpad zijn ledematen en kop niet in het schild terugtrekken bij gevaar.
De kop, staart en poten zijn donkergrijs tot zwart gekleurd, met soms kleinere lichte tot roze vlekjes. Het vlekjespatroon verschilt per exemplaar en wordt door wetenschappers gebruikt om verschillende individuen uit elkaar te houden. De snuit is stomp en de bovenkaak heeft twee tandachtige uitsteeksels aan de voorzijde van de bovenkaak. Het schild heeft dezelfde kleur als de ledematen, de onderzijde is lichter. Door een donkere bovenzijde en een lichtere onderzijde is de schildpad zowel van boven als van onderen moeilijker te zien in het water.
De lederschildpad is de grootste en zwaarste schildpad ter wereld. Op enkele grotere krokodilachtigen na is het tevens het grootste nog levende reptiel op Aarde. Het gemiddelde gewicht is 575 kilogram en het lichaamsgewicht kan oplopen tot meer dan 900 kilogram, vergelijkbaar met een kleine auto. Lederschildpadden bereiken een gemiddelde schildlengte van 1,5 tot 1,6 meter, dus exclusief kop en staart. Deze gemiddelde lengte geldt voor de vrouwtjes, de mannetjes blijven kleiner. Vrouwtjes worden het vaakst waargenomen, omdat ze gedurende het voortplantingsseizoen meerdere keren aan land komen, waarbij het schild kan worden opgemeten. Mannetjes en vrouwtjes kunnen worden onderscheiden door de langere staart van het mannetje, die tot voorbij de achterpoten reikt; de staart van het vrouwtje is korter. Daarnaast heeft een mannetje een iets holler buikschild dan het vrouwtje, dit dient om makkelijker op haar te klimmen bij de paring; bij een plat schild zou hij eraf glijden.
De meeste exemplaren blijven onder de twee meter, maar er zijn uitschieters bekend die aanmerkelijk groter werden. Het grootste exemplaar werd in 1988 gevangen in Gwynedd (Wales). De totale lengte van dit dier was 2,74 meter en de schildpad had een totaalgewicht van 914 kilogram.BBC News – Giant turtle seen off Welsh coast – Website De langste Nederlandse lederschildpad werd op 4 augustus 1968 op Ameland dood aangetroffen. Dit exemplaar had een totale lengte van 2,44 meter en een schildlengte van 1,58 m.
thumb|Afbeelding van Haeckels' Kunstformen der Natur (1904). De tandachtige uitsteeksels, het flexibele schild en de verlengde voorpoten zijn op deze afbeelding wat sterk aangezet. De lederschildpad is eenvoudig van alle andere schildpadden te onderscheiden door zijn grootte, maar met name doordat het rugschild geen zichtbare hoornplaten heeft. Bij de weekschildpadden ontbreken die platen ook, maar dat zijn zoetwaterdieren. Pasgeboren lederschildpadden hebben nog wel hoornplaat-achtige structuren op het schild maar verliezen deze binnen zes maanden. Het werkelijke schild bestaat net als bij andere schildpadden uit een door de ribben gevormde laag botweefsel. Deze is bedekt met een ongeveer 4 cm dikke laag bindweefsel die vele kleine benige plaatjes bevat. Deze beenplaatjes hebben een enigszins mozaïekachtige verspreiding. De lederschildpad heeft dus wel een uitwendig schild maar dit is niet zichtbaar vanaf de buitenzijde. Het bindweefsel bevat een olieachtige substantie die isoleert en het dier beschermt tegen lage watertemperaturen.
Het schild heeft zeven duidelijke lengterichels die ook wel kielen worden genoemd aan de bovenzijde. De middelste drie zijn het duidelijkst zichtbaar. De twee kielen aan iedere flank zijn minder geprononceerd.Het ontbreken van externe hoornschilden en de aanwezigheid van kielen op de rug is uniek voor deze diersoort en dient waarschijnlijk om wrijving te verminderen tijdens het zwemmen. Het relatief flexibele schild is ook een voordeel bij het duiken omdat het bij grotere diepten en de daarmee gepaard gaande hogere druk kan worden samengeperst zonder dat de schildpad daar schade van ondervindt. Een hard en met keratine bedekt schild zoals de meeste schildpadden hebben zou in elkaar worden gedrukt op grote diepte.