Hadrianus (Latijn: Publius Aelius Traianus Hadrianus Augustus) (Rome of Itálica, 24 januari 76 – Baiae, 10 juli 138), was Romeins keizer van 117 tot 138. Hij is bekend vanwege het bouwen van de Muur van Hadrianus, die de noordelijke grens van Britannia consolideerde en deze provincie beschermde tegen invasies van de Picten. In Rome herbouwde hij het Pantheon en construeerde de Tempel van Venus en Roma. Hij was de derde van de vijf adoptiefkeizers. Hadrianus was filhellenist (liefhebber van de Griekse cultuur).

Hadrianus werd geboren als Publius Aelius Hadrianus. Zijn voorganger, Trajanus, was een neef langs moederskant van de vader van Hadrianus. Trajanus had nooit officieel een opvolger aangewezen, maar volgens zijn vrouw Pompeia Plotina wees Trajanus Hadrianus vlak voor zijn dood als keizer aan. Trajanus' vrouw en zijn vriend Licinius Sura waren Hadrianus goedgezind. Het kan goed zijn dat hij zijn benoeming aan hen te danken had.

Hadrianus stond bekend als een wijze en vredelievende keizer.A. Everitt, Hadrianus, De rusteloze keizer, Ambo 2010, . Zo gaf hij drie provincies die door zijn voorganger Trajanus waren veroverd (Armenië, Mesopotamië, Assyrië), onmiddellijk terug aan de oorspronkelijke bevolking, en besloot hij resoluut af te zien van verdere expansie van het Romeinse rijk, vooral omdat hij inzag dat handhaving van nieuwe gebieden de Romeinse schatkist onnodig meer geld (zou) kosten. Zelfs van de Joden, die weinig reden hadden om Romeinen te waarderen kreeg hij lof toegezwaaid, omdat hij inzette op verzoening tussen Joden en Alexandrijnse Grieken na een bloedige Joodse opstand.

Tijdens zijn heerschappij maakte Hadrianus reizen naar bijna elke provincie van het keizerrijk. Hadrianus was een bewonderaar van Griekenland, en wilde van Athene de culturele hoofdstad van het keizerrijk maken. Hij bracht zeer veel tijd door met het leger; hij droeg gewoonlijk militaire kledij en at en sliep zelfs met de soldaten. Hij beval dat de militaire training strenger moest zijn en maakte zelfs gebruik van valse aanvalsrapporten om zijn leger alert te houden. Na zijn troonsbestijging trok Hadrianus zich terug uit Mesopotamia en Armenia, de veroveringen die Trajanus was begonnen, en overwoog zelfs om Dacië te verlaten. Later in zijn heerschappij onderdrukte hij de Bar Kochba-opstand in Judaea en hernoemde deze provincie Syria-Palaestina. In 136 adopteerde een zieke Hadrianus Lucius Aelius als zijn opvolger, maar die stierf plotseling twee jaar later. In 138 besloot Hadrianus Antoninus Pius te adopteren op voorwaarde dat deze op zijn beurt Marcus Aurelius en Aelius' zoon Lucius Verus zou adopteren als diens eventuele opvolgers. Antoninus ging akkoord, en spoedig daarna stierf Hadrianus te Baia.

Afkomst en jeugd thumb|Amfitheater in Itálica. Hadrianus was afkomstig uit een Romeinse familie die zich al in de Republikeinse tijd in het kielzog van de Romeinse expansie in Itálica in de provincie Hispania ulterior (later Hispania Baetica) in het zuiden van het Iberisch schiereiland vestigde. De onbekende auteur van de Hadrianus' biografie in de Historia Augusta, die materiaal uit de nu verloren autobiografie van Hadrianus gebruikte, meldde dat de familie oorspronkelijk uit Hadria of Hatria (het huidige Atri) in het middel-Italiaanse Picenum afkomstig was. Op de naam van deze stad, die ook zijn naam gaf aan de Adriatische Zee, gaat de bijnaam Hadrianus terug. Baetica was rijk aan mineralen; graan, druiven en olijven werden er in grote hoeveelheden verbouwd. De provincie exporteerde onder andere olijfolie, wijn en garum, de voor de Romeinse keuken karakteristieke vissaus, naar Rome. Een paar van de in Hispania tot rijkdom opgeklommen, invloedrijke families, waaronder de Ulpii van Trajanus, de Aelii van Hadrianus en de Annii van Marcus Aurelius, vormden door huwelijksallianties een groter Hispaans netwerk dat ook in Rome bij het streven naar invloedrijke posities standhield en zich in de 1e en 2e eeuw kon doorzetten tegen andere coalities.

Hadrianus werd in 76 geboren als zoon van de senator en ex-praetor Publius Aelius Hadrianus Afer. Waarschijnlijk werd hij in Rome geboren, of anders in Itálica. Over Hadrianus' kindertijd is niets overgeleverd. Kijkend naar zijn al vroeg uitgesproken filhellenisme wordt wel betoogd dat zijn vader hem als kind tijdens zijn proconsulaat van de provincie Achaea mogelijk naar Griekenland heeft meegenomen. 2006, deel. 4.1, blz. 233 en 260 met een verwijzing naar de Epitome de Caesaribus 14,2. Hadrianus waardeerde de Griekse cultuur zozeer dat hij de bijnaam Graeculus ('Griekje') kreeg. In het jaar 86, hij was toen tien jaar oud, verloor Hadrianus zijn vader. Hij kwam vanaf nu onder voogdij te staan van de latere keizer Trajanus, een van zijn achterooms,Hadrianus was een kleinzoon van de zuster van Trajanus' vader alsook onder die van de eveneens uit Itálica afkomstige ridder Publius Acilius Attianus. Na de toga virilis te hebben verkregen, bezocht Hadrianus als veertienjarige zijn familielandgoederen in Itálica. Hij doorliep daar de militaire basisopleiding en het was de bedoeling dat hij zich vertrouwd zou maken met het beheer van de familielandgoederen. Volgens zijn voogd Trajanus legde hij in Baetica echter een al te groot enthousiasme voor de jacht aan de dag. Hij werd daarop teruggeroepen naar Rome., 2006, blz. 10.

Vroege carrière thumb|Trajanus, voogd van Hadrianus, volgde Nerva op als keizer In het jaar 94 werd Hadrianus achttien jaar en werd hij als Decemviri stlitibus iudicandis in een toezichthoudend orgaan bij het gerecht benoemd. Op weg naar een senatoriale carrière werd hij volgens de inscripties geattesteerd in twee functies: hij diende als militair tribuun, eerst bij Legio II Adiutrix in Aquincum (dicht bij het huidige Boedapest), waar hij Quintus Marcius Turbo leerde kennen, daarna bij Legio V Macedonica in de provincie Moesia Inferior.

In de herfst van 97 werd zijn voogd Trajanus onder grote druk van de pretoriaanse garde door toenmalig keizer Nerva geadopteerd. Hadrianus werd in de late herfst op weg naar de Rijn, waar Trajanus zich ophield, gestuurd om de felicitaties van zijn legioen aan Trajanus over te brengen. Zijn voogd was nu de troonopvolger en Hadrianus was in één klap een belangrijk man. Trajanus wilde hem op dat moment echter niet in zijn nabijheid en gaf hem een derde militair tribunaat, nu in Mogontiacum (het huidige Mainz), waar hij werd gestationeerd bij Legio XXII Primigenia. 2006, blz. 13 Hier had hij een moeizame verhouding met zijn oudere zwager Lucius Julius Ursus Servianus, de nieuw benoemde gouverneur van de provincie Germania Superior. Servianius, de man van Hadrianus' zuster, rivaliseerde met hem om de gunst van Trajanus.

Toen keizer Nerva in januari 98 overleed, volgde Trajanus hem als keizer op. Dit veranderde niets aan de rivaliteit tussen Hadrianus en de veel hoger in rang zijnde Servianus.De Historia Augusta (Vita Hadriani 2.6) meldt dat Hadrianus' koets door dienaren van Servianus werd aangevallen en onklaar gemaakt, om zo te verhinderen dat Hadrianus de nieuwe keizer Trajanus als eerste op de hoogte kon stellen. Jörg Fündling wijst deze anekdote echter als ongeloofwaardig van de hand. ( 2006, deel 4.1, blz. 289-294). Hadrianus haastte zich vanuit Mogontiacum naar Colonia Claudia Ara Agrippinensium (het huidige Keulen) in Germania Inferior om Trajanus het nieuws als eerste persoonlijk mede te delen.

Hadrianus' binding aan de keizerlijke familie werd in het jaar 100 nog nauwer. Pompeia Plotina, de vrouw van Trajanus, was bijzonder op Hadrianus gesteld. Spoedig nadat Trajanus keizer was geworden, arrangeerde zij een huwelijk van Hadrianus met de toen veertienjarige Vibia Sabina, een achternicht van Trajanus. Hadrianus was op het moment van het huwelijk vierentwintig jaar. In datzelfde jaar bekleedde Hadrianus het quaestorschap. Deze functie gaf hem toegang tot de Senaat en wel in de bevoorrechte positie van quaestor Augusti. Deze functionaris had onder andere de taak om de toespraken van de keizer in de Senaat voor te lezen.Wat betreft de dateringsproblemen en correctheid van de officiële carrière van Hadrianus in de onderzoeksliteratuur: zie 2006, deel 4.1, blz. 334-351 Bij de veldtocht tegen Decebalus, de koning van Dacië, was Hadrianus in 101 als comes Augusti in de staf van de keizer werkzaam. Vermoedelijk in 102 werd hij volkstribuun en in 105 praetor. Trajanus voorzag hem royaal van geld om de daarbij behorende spelen te kunnen betalen.

Hadrianus nam deel aan de door Trajanus in juni 105 begonnen tweede Dacische oorlog, nu als bevelhebber (legatus legionis) van Legio I Minervia. Trajanus beloonde hem voor zijn militaire successen met een diamant, dezelfde die Trajanus indertijd zelf van keizer Nerva had gekregen.Voor problematisering en weging hiervan zie 2006, deel 4.1, blz. 341. Daarna werd hij tot gouverneur van Neder-Pannonië benoemd, dat hij tegen de Jazygen moest beveiligen. Op 32-jarige leeftijd werd Hadrianus in het jaar 108 consul suffectus.

Of uit dit carrièrepad kan worden geconcludeerd dat Hadrianus planmatig op de rol van toekomstige opvolger van Trajanus werd voorbereid, is een nog niet opgehelderde vraag. Trajanus maakte hem niet al te snel tot patriciër; hierdoor kon hij het volkstribunaat en het ambt van aedilis niet overslaan; 2006, deel 4.1, blz. 335. Hadrianus werd echter net zo snel consul als bij patriciërs gebruikelijk was. Hij had daarboven het voordeel van een grote opgedane militaire ervaring, zoals die bij patriciërs in deze vorm niet gebruikelijk was. Trajanus verleende Hadrianus belangrijke voorrechten en bevoegdheden, die hij echter altijd doseerde. 2006, deel 4.1, blz. 351. Tot een soortgelijke conclusie over de loopbaanbevordering van Hadrianus door Trajanus komt Mortensen bij haar synopsis van de recente stand van het wetenschappelijk onderzoek (blz. 35-37).

Functies Hadrianus bekleedde de volgende functies: decemvir stlitibus iudicandis - sevir turmae equitum Romanorum - praefectus urbi (= stadscommandant) feriarum Latinarum - tribunus militum legionis II Adiutricis Piae Fidelis (95, in Pannonia Inferior) - tribunus militum legionis V Macedonicae (96, in Moesia Inferior) - tribunus militum legionis XXII Primigeniae Piae Fidelis (96, in Germania Superior) - quaestor (101) - ab actis senatus - tribunus plebis (105) - praetor (106) - legatus legionis I Minerviae Piae Fidelis (106, in Germania Inferior) - legatus Augusti pro praetore Pannoniae Inferioris (107) - consul suffectus (108) - septemvir epulonum (voor 112) - sodalis Augustalis (voor 112) - archon Athenis (112/13) - legatus Syriae (117).H. W. Benario in De Imperatoris Romanis: An Online Encyclopedia of Roman Emperors. Gearchiveerd op 22 mei 2023.

Hadrianus vergezelde keizer Trajanus in de Dacische Oorlogen. Vervolgens werd hij gouverneur van Pannonië, dat toentertijd te lijden had onder invallen van vijandelijke stammen. In 108 was hij consul. Toen Trajanus in 113/114 zijn veldtocht tegen de Parthen begon, ging Hadrianus mee. Na deze oorlog werd hij in 117 legatus Augusti pro praetore van Syria. Toen overleed Trajanus, en volgde Hadrianus hem op.

Opvolger van Trajanus thumb|Buste van Hadrianus met gorgoneion (= een kuras met Gorgo), marmer, 127-128, gevonden in Heraklion, Kreta. Louvre, Parijs. Waarschijnlijk heeft Plotina, toen keizer Trajanus in 117 overleed, de adoptie van Hadrianus door Trajanus aan diens sterfbed vervalst en zo een opvolging van Hadrianus geforceerd. Ofschoon velen twijfelden aan de rechtmatigheid van de adoptie, vocht niemand die aan.