Trypanosomen zijn eencellige organismen behorend tot het geslacht Trypanosoma. Er zijn verschillende soorten bekend die allemaal parasitair leven en bij mens en dier de oorzaak zijn van een aantal bijzonder gevaarlijke tropische ziektes, zoals in Afrika de slaapziekte en in Zuid-Amerika de ziekte van Chagas. Het merendeel van deze aandoeningen wordt door insecten overgebracht, die de trypanosomen van het ene levende wezen op het andere overbrengen. De belangrijkste overbrenger van de slaapziekte is de tseetseevlieg, die zich voedt met het bloed van gewervelde dieren, in het bijzonder dat van zoogdieren.
De trypanosomen brengen twee tot drie weken in het bloed van de tseetseevlieg door, voordat zij in de speekselklieren van deze insecten komen. Daar pas voltooien zij hun ontwikkeling en worden zij besmettelijk. Als de vlieg dan ook een zoogdier bijt, wordt deze besmet en als gevolg daarvan ziek. Als de trypanosomen op die manier op een nieuwe drager zijn overgegaan, komen zij eerst in het bloed terecht, waar zij tussen de bloedcellen leven. Na een poosje gaan zij over naar de lymfklieren om uiteindelijk hun leven te slijten in het centrale zenuwstelsel. Trypanosoma brucei gambiense is de veroorzaker van de slaapziekte bij de mens; de verwante Rhodesische trypanosoom (Trypanosoma brucei rhodesiense), veroorzaakt de nagana, wat een ziekte is bij de mens, het vee en een groot aantal andere zoogdieren, waaronder de hond.
Het is in praktijk erg moeilijk om de trypanosomen te bestrijden. Daarvoor zou men alle in een bepaald gebied levende zoogdieren moeten doden, wat men in het verleden in Oost-Afrika weleens geprobeerd heeft.
Levenscyclus Als voorbeeld wordt de levenscyclus van Trypanosoma cruzi gegeven. 600px|thumb|left|Levenscyclus 600px|thumb|left|Levenscyclus In de darm van roofwantsen verandert de met het bloed opgenomen parasiet van een trypomastigoot in een epimastigoot; deze kunnen zich door deling in het spijsverteringskanaal van de wants vermeerderen. In de endeldarm van de wants ontstaan uit de epimastigoten weer nieuwe trypomastigoten, die met de uitwerpselen uitgescheiden worden en zoogdieren via huidwondjes of het slijmvlies kunnen infecteren.
Bij zoogdieren komt de parasiet als trypomastigoot in de bloedbaan of als amastigoot in lichaamscellen voor. Na de infectie worden als eerste de macrofagen in de huid besmet. De intracellulaire amastigoten kunnen zich in het cytoplasma van de gastheercellen door deling vermeerderen en na omvorming in trypomastigoten de gastheercellen kapotmaken. Daardoor komen ze opnieuw in de bloedbaan en kunnen andere lichaamscellen van gewervelden, zoals hartspiercellen, of een nieuwe bloedzuigende roofwants infecteren.
Van mens op mens is ook overdraging van trypomastigoten door bloedtransfusie en orgaantransplantatie mogelijk. Ook kan de parasiet via de placenta van de moeder de foetus besmetten.
Soorten De soorten Trypanosoma cruzi en Trypanosoma brucei worden uitvoerig beschreven. Trypanosoma aulopi Mackerras & Mackerras, 1925 Trypanosoma balistes Saunders, 1959 Trypanosoma blenniclini Fantham, 1930 Trypanosoma boissoni Trypanosoma bothi Lebailly, 1904 Trypanosoma brucei Henry George Plimmer & John Rose Bradford, 1899 Trypanosoma burresoni Jones & Woo, 1993 Trypanosoma callionymi Brumpt & Lebailly, 1904 Trypanosoma capigobii Fantham, 1919 Trypanosoma carchariasi Laveran, 1908 Trypanosoma caulopsettae Laird, 1951 Trypanosoma cephalacanthi Ranque, 1973 Trypanosoma coelorhynchi Laird, 1951 Trypanosoma congiopodi Laird, 1951 Trypanosoma cotti Brumpt & Lebailly, 1904 Trypanosoma cruzi Chagas, 1909 Trypanosoma delagei Brumpt & Lebailly, 1904 Trypanosoma flesi Lebailly, 1904 Trypanosoma froesi Lima, 1976 Trypanosoma gargantua Laird, 1951 Trypanosoma giganteum Neumann, 1909 Trypanosoma gobii Brumpt & Lebailly, 1904 Trypanosoma granulosum Laveran & Mesnil, 1902 Trypanosoma haploblephari Yeld & Smit, 2006 Trypanosoma heptatreti Laird, 1948 Trypanosoma khani Burreson, 2007 Trypanosoma laternae Lebailly, 1904 Trypanosoma limandae Lebailly, 1904 Trypanosoma marplatensis Bacigalupo & de la Plaza, 1948 Trypanosoma mugilicolum Lima, 1976 Trypanosoma murmanense Nikitin, 1927 Trypanosoma myoxocephali Nikitin, 1927 Trypanosoma nudigobii Fantham, 1919 Trypanosoma pacifica Burreson & Pratt, 1972 Trypanosoma parapercis Laird, 1951 Trypanosoma platessae Lebailly, 1904 Trypanosoma pleuronectidium Robertson Trypanosoma pulchra Mackerras & Mackerras, 1925 Trypanosoma rajae Laveran & Mesnil, 1902 Trypanosoma scorpaenae Neumann, 1909 Trypanosoma scylliumi Laveran & Mesnil, 1901 Trypanosoma senegalense Ranque, 1973 Trypanosoma soleae Laveran & Mesnil, 1901 Trypanosoma triglae Neumann, 1909 Trypanosoma tripterygium Laird, 1951 Trypanosoma variabile Laveran & Mesnil, 1902 Trypanosoma yakimovi Yakimov, 1911
Externe link The Flagellum Attachment Zone: ‘The Cellular Ruler’ of Trypanosome Morphology
Zie ook Ziekte van Chagas Slaapziekte
Categorie:Euglenozoa