thumb|Volvo S40 MKI (1999-2000) thumb|Volvo S40 MKI Phase II (2000-2003) thumb|Volvo S40 MKI Phase II (2003-2004) thumb|Volvo S40 Super Touring

De Volvo S40 en de estate-evenknie Volvo V40 zijn automodellen van Volvo, die in 1995 werden geïntroduceerd, geproduceerd bij NedCar in Born. Daar werden ze gebouwd op hetzelfde platform als de Mitsubishi Carisma. Onderdelen die gedeeld werden waren onder andere delen van het onderstel, versnellingsbakken, motoren en elektronische componenten.

De tweede generatie kwam in 2004 op de markt, deelde het Ford C1-platform met de Ford Focus en werd geproduceerd door Volvocars Gent. Het C1-platform is intern bij Volvo gekenmerkt als P1.

Eerste generatie Met de introductie van de Volvo S40 en V40 is Volvo midden jaren 90 een nieuwe weg ingeslagen. Deze modellen moesten Volvo een jonger en frisser imago geven, waar de hoekige vormen werden ingeruild voor een spel van vloeiende lijnen en vormen. Bovendien waren het de eerste modellen die de nieuwe nomenclatuur van Volvo toegepast kregen: S voor sedans, en V voor breaks waar de V staat voor veelzijdigheid/versatility.

Oorspronkelijk wilde Volvo zijn nieuwe telgen S4 en F4 dopen.https://www.nrc.nl/nieuws/1995/12/08/volvo-wil-in-born-produktie-van-nieuwe-modellen-fors-7291310-a487183 Dit kwam in conflict met Audi, die een patent heeft op de combinaties van S1-9, die voor hun sportievere modellen zijn voorbehouden. Toen Volvo besloot de wagens S40 en F40 te noemen stootte het Ferrari tegen het been, die het typeplaatje F40 liever niet zag prijken op een Volvo. Dus werd het de Volvo S40 en Volvo V40.

Sinds hun introductie zijn de S40 en V40 goed ontvangen geweest door het grote publiek en werd Volvo vooral door deze modellen populair.

De S40 werd voor het eerst aan het publiek voorgesteld in september 1995 op de autosalon van Frankfurt. Aan het eind van datzelfde jaar werd de V40 voorgesteld in het Italiaanse Bologna. Op dat moment waren drie motoren beschikbaar: de 2.0, de 1.8 en de 1.9TD.

Vanaf 1997 werden de S40 en V40 op markten verkocht buiten Europa, inclusief Japan en Zuid-Afrika. Bovendien werden deze modellen nu ook beschikbaar met twee nieuwe turbomotoren: de 2.0T en de 1.9 T4. De T4 was herkenbaar aan zijn dubbele koplampen achter helder glas, daarnaast was deze enkel op de 2.0T optioneel leverbaar. Het motorengamma bevatte nu ook een 1.6 en had een bereik van 105 pk tot 200 pk, met een turbodiesel van 90 pk.

In 1998 werd het motorengamma van de S40 en V40 uitgebreid met de direct ingespoten benzinemotor van Mitsubishi: de 1.8i.

In 1999 kregen de S40 en V40 een lichte update in dezelfde periode van de introductie van de nieuwe Volvo S80. Volvo profiteerde van deze gelegenheid om een update uit te voeren en op de grille een Volvo-embleem met blauwe achtergrond te plaatsen die op de S80 werd geïntroduceerd. Deze update, die betrekking had tot het onderstel en techniek, was heel subtiel. Maar het grootste nieuws was hier dat de S40 en V40 nu beschikbaar waren met de 1.9D-turbodieselmotor met directe injectie van 95 pk. Uiterlijk kreeg het model ook een lichte update die zich beperkte tot transparante dubbele koplampen die voorheen enkel beschikbaar waren op de T4 en als optie op de 2.0T. Het onderstel kreeg een iets dynamischer en beter dempende afstelling, terwijl de boordcomputer werd geïntegreerd in een klein scherm naar voorbeeld van de grotere Volvo's.

Vanaf september werd de S40/V40 nu ook beschikbaar in Amerika met als enige motor de 2.0T, die 1.9T genoemd werd omdat dat de werkelijke inhoud is.

Facelift In 2000 onderging de S40 een serieuze facelift. Deze werd officieel Phase II genoemd. De uiterlijke wijzigingen zijn te herkennen aan de onderbreking in de stootrand op de bumper ter hoogte van de nummerplaat, grotere sidemarkers, het Volvo-opschrift centraal op de kofferklep bij de sedan, gewijzigde bumpers voor en achter met mistlampen vooraan die transparant zijn en eleganter van ontwerp, en achterlichten die transparanter zijn en moderner ogen. In het interieur zijn de gebruikte materialen opgewaardeerd geweest, is het dashboardlicht gewijzigd met knoppen die verwijzen naar de knoppen in de S80, is het asbakje in de middenconsole verdwenen, is er geen inleg meer op het dashboard maar rond de versnellingspook, is er een bakje tussen de voorstoelen met een schuifluikje dat doet denken aan oude Nederlandse boekenkasten, en zijn de knopjes voor raambediening verhuisd naar de bestuurdersdeur in plaats van tussen de voorstoelen. Op technisch vlak is de airconditioning (al dan niet automatisch) nu elektronisch geregeld en zijn er nieuwe radio-units beschikbaar van de HU-generatie. Onderhuids kreeg het model een vering die beter dempend was en nieuwe motoren waar vooral de met common-rail direct ingespoten dieselmotoren heel belangrijk waren om mee te kunnen met de concurrentie. De T4 kreeg een grotere motor: van 1.9 naar 2.0. Het doel was vooral om een beter comfort te bieden, motoren die stiller, zuiniger en ook krachtiger waren dankzij de upgrades.

Rond april 2002 kreeg de Phase II een lichte opfrissing, die soms ten onrechte werd aangeduid als Phase III. Deze keer miniem met een zwart radiatorrooster met chromen rand en rechthoekige openingen in plaats van verchroomde verticale spijltjes (vaak 'blokjesgrille' genoemd), een gewijzigde tellerconfiguratie in het dashboard (vier tellers in plaats van drie), een driespaaksstuurwiel en (optioneel) bumpers gespoten in kleur. Bij deze laatste grote update werd de software van de motoren nog eens geüpdatet voor een lager verbruik en werd de 1.8 bi-fuelmotor aan het gamma toegevoegd.

Op 19 mei 2004 werd de productie van de S/V40 gestopt. Er waren in totaal 1.000.034 exemplaren geproduceerd tussen 1995 en 2004.

Bijzondere uitvoeringen Voor zowel de Phase I als Phase II waren er naast de gewone uitrustinglines speciale uitvoeringen die gemakkelijk kunnen worden onderscheiden door te kijken naar het exterieur. De namen van de pakketten kunnen verschillen van land tot land. Ook de specifieke uitrusting kan verschillen. De hoofdkenmerken worden hier opgenoemd.

Phase I: S40/V40 Dynamic – Is herkenbaar door de dubbele koplampen met zwarte achtergrond, 16" Ares multispaaksvelgen, interieurbekleding in halfleder waarvan de stof een soort ruitjesmotief is, carbonlook blackadder inleg op het dashboard en deurpanelen; Phase II: Sports Edition – Dit model is te herkennen aan de dubbele koplampen met zwarte achtergrond, ten minste 15" aluminium velgen, achterspoiler, voorspoiler met zwarte inleg, interieur met halfleder bekleding, pianolak/houtlook inleg in het interieur, achterspoiler met zwarte inleg; Luxury Edition – Dit model is te herkennen aan de fluwelen binnenbekleding en houtinleg/pianolak in het interieur, de verchroomde deurgrepen, verchroomde kofferknop, chroomstrip onderaan het kofferdeksel; Phase II vanaf 2003: Waren zowel leverbaar als Sports Edition en Luxury Edition, het nieuwe voor de Sports Edition hier was dat koplampen zwarte achtergrond handen en ook chromen ringen, bovendien heeft de achterspoiler op de V40 een iets grotere vorm. Limited Sports Edition: dit is een combinatie van de Sports Edition en de Luxury Edition met daarbij de zijskirts, voor- en achterspoiler in grijs metallic gespoten, witte sidemarkers, sportchassis met niveauregeling en werd uitgerust met 17" Arcadia velgen. Was enkel beschikbaar in de kleuren Silver Metallic, Sapphire Black Metallic en Virtual Blue Metallic.

Motorsport De S40 was in 1997 goedgekeurd om te racen in de Super Touring klasse.http://www.supertouringregister.com/register/model/25/ Deze werd door Volvo en Tom Walkinshaw Racing (TWR) ingezet op o.a. het British Touring Car Championship (BTCC) tussen 1997 en 1999. In 1998 won Volvo het BTCC met piloot Rickard Rydell. In datzelfde jaar won Rickard Rydell in Australië de AMP Bathurst 1000. In totaal zijn er twaalf touring wagens gemaakt waaronder één prototype die geracet werden in verschillende kampioenschappen over de hele wereld.

De S40 was de tweede wagen ooit na de 850 die Polestar gebruikte om te racen.https://web.archive.org/web/20170708205929/https://www.polestar.com/intl/about/about-polestar/cars/

Technische specificaties: Motor: 1998 cc vijfcilinder in lijn, dwarsgeplaatst, 20 kleppen, op benzine, 300 pk bij 8.500 rpm Tankinhoud: 40 liter Aandrijving: voorwielaandrijving gekoppeld sequentiële zesversnellingsbak Gewicht: 975 kg BBS Wielen 19x8,2 inch op Michelin banden

Techniek Een kleine opmerking over de motorcodes: het laatste cijfer van de motorcode staat voor het versienummer. Het kan zijn dat bepaalde motoren een lichte wijziging kregen door de jaren heen waarbij ze een nieuw versienummer kregen. Dat laatste cijfer kan ook duiden op een andere motor, zoals bij de diesels.

Het kan zijn dat het officieel vermogen van de motoren van land tot land afwijkt. Dat heeft te maken met de verschillende fiscale systemen in de landen waar fiscale lasten worden ingedeeld in schijven. Het verlagen van het officieel vermogen zorgt ervoor dat de motor in een fiscaal gunstiger tarief komt zonder dat het werkelijke vermogen verandert.

Nomenclatuur van de motorcodes, voorbeelden: D4192T3: D(iesel)4(cilinders)19(inhoud)2(kleppen/cilinder)T(urbo)3(versie) B5254S2: B(enzine)5(cilinders)25(inhoud)4(kleppen/cilinder)S(atmosferisch)2(versie)

Type pk Oorsprong Code Cilinders Kleppen Cilinderinhoud (cc) Vermogen Koppel Opmerkingen Dieselmotoren 1.9TD 90 Renault 1.9dT D4192T 4 8 1870 90 pk bij 4250 rpm 176 Nm bij 2250 rpm indirecte injectie; tot 1999 1.9D 95 Renault 1.9dTi D4192T2 4 8 1870 95 pk bij 4000 rpm 190 Nm bij 2000 rpm directe injectie; 1999-2000 1.9D 115 Renault 1.9dCi D4192T3 4 8 1870 115 pk bij 4000 rpm 265 Nm bij 1750-2500 rpm directe injectie, common rail; vanaf phase II 1.9D 102 Renault 1.9dCi D4192T4 4 8 1870 102 pk bij 4000 rpm 215 Nm bij 1750-3250 rpm directe injectie, common rail; vanaf phase II Benzinemotoren atmosferisch 1.6 105/109 Volvo B4164S/2 4 16 1587 105/109 pk bij 5800 rpm 145 Nm bij 4000 rpm 1.8 115 Volvo B4184S 4 16 1731 115 pk bij 5500 rpm 165 Nm bij 4100 rpm 1.8 122 Volvo B4184S2/3 4 16 1783 122 pk bij 5800 rpm 170 Nm bij 4000 rpm 1.8i 125 Mitsubishi GDI B4184SM 4 16 1834 125 pk bij 5500 rpm 174 Nm bij 3750 rpm directe injectie 1.8i 122 Mitsubishi GDI B4184SJ 4 16 1834 122 pk bij 5800 rpm 174 Nm bij 4000 rpm directe injectie 1.8 bi-fuel 120 Volvo B4184S9 4 16 1783 120 pk bij 5800 rpm (LPG) 167 Nm bij 4000 rpm (LPG) benzine/LPG 2.0 140 Volvo B4204S 4 16 1948 140 pk bij 6000 rpm 183 Nm bij 4500 rpm 2.0 136 Volvo B4204S2 4 16 1948 136 pk bij 5800 rpm 190 Nm bij 4000 rpm vanaf Phase II Benzinemotoren turbo 2.0T 160 Volvo B4204T/2 4 16 1948 160 pk bij 5100 rpm 230 Nm bij 1800-4500 rpm 2.0T 163 Volvo B4204T3 4 16 1948 163 pk bij 5250 rpm 240 Nm bij 1800-4500 rpm vanaf Phase II T4 1.9 200 Volvo B4194T/2/3 4 16 1855 200 pk bij 5500 rpm 300 Nm bij 2500-3600 rpm T4 2.0 200 Volvo B4204T5 4 16 1948 200 pk bij 5500 rpm 300 Nm bij 2500-4000 rpm vanaf Phase II

Tweede generatie thumb|Volvo S40 MKII (2004-2007) thumb|Volvo S40 MKII Phase II (2007-) In 2004 werd de S40 opgevolgd door de geheel vernieuwde S40, die op basis van het met de Ford Focus, Mazda 3 en Volvo V50 gedeelde Ford C1-platform wordt geproduceerd door Volvocars in Gent. De estate wordt nu V50 genoemd, wat de nieuwe filosofie werd binnen het merk: V van versatility en oneven nummers voor de estate; even nummers voor de sedan. Opmerkelijk is dat de S40 weer in Frankfurt werd voorgesteld en de V50 enkele maanden later in Bologna, net zoals de S/V40 negen jaar ervoor.

Naast de breakvariant V50 bestaat dit gamma uit een driedeurs hatchback C30 en een coupé-cabriolet C70.