Molière (geboren als Jean-Baptiste Poquelin; Parijs, 15 januari 1622 – aldaar, 17 februari 1673) was een Frans toneelschrijver en acteur die bekendheid verwierf met zijn satirische komedies. Zijn bekendste werken zijn Dom Juan, Tartuffe en L'Avare (De Vrek).
Biografie Jean-Baptiste was de zoon van Jean Poquelin, een rijke handelaar in wandtapijten die in 1631 de titel tapissier et valet de chambre du roi zou kopen, en Marie Cressé. Zijn moeder overleed toen hij 10 was. Jean hertrouwde met Catherine Fleurette die aan Jean-Baptiste twee halfzusters schonk alvorens in 1636 eveneens te overlijden. Vader Jean bleef achter als weduwnaar met 5 kinderen; het is misschien niet toevallig dat in de toneelstukken van Molière weinig moeders voorkomen, maar des te meer schoonmoeders en toegewijde dienstmeiden.
Tot 1639 liep hij school aan het prestigieuze Parijse jezuïetencollege Collège de Clermont, waar hij via zijn leraar Pierre Gassendi kennis maakte met het werk van Epicurus. Hij zou er Claude-Emmanuel Luillier (de latere dichter Chapelle), de filosoof François Bernier en Cyrano de Bergerac leren kennen. Uit die tijd zou ook zijn vertaling van het werk De Rerum Natura van Lucretius dateren.
Hij studeerde rechten aan de Universiteit van Orléans. In 1643 stichtte hij, naar eigen zeggen gedreven door een onweerstaanbare roeping, met de familie Béjart een toneelgezelschap, l'Illustre Théâtre, en nam de naam Molière aan.
thumb|Armande Béjart, Molière en Madeleine Béjart Heel abrupt was die keuze voor het theater echter niet. De families Poquelin en Béjart onderhielden al jaren een zakelijk contact. Het zou kunnen dat Jean-Baptiste handelde uit verliefdheid op de oudste dochter Madeleine (geb. 1618). Hij kreeg van zijn vader een voorschot op de erfenis en stond het recht op ambachtsopvolging af aan zijn jongere broer.Dat recht zou hem bij de dood van zijn broer in 1660 terug toevallen; overigens liet hij ook in de tussentijd niet na geregeld de nuttige titel valet de chambre ordinaire du Roi te voeren. Op 30 juni 1643 werd dan de oprichtingsakte van het gezelschap ondertekend.
Het gezelschap werkte zonder succes. Molière moest wegens schulden enige tijd in de gevangenis doorbrengen. Hij verliet Parijs en reisde met zijn kameraden gedurende een twaalftal jaren door de provincie. Al spoedig begon hij zelf komedies te schrijven.
Op 24 oktober 1658 trad hij voor het eerst op voor koning Lodewijk XIV en zijn hele hof in een zaal van het Louvre. De bijval was zo groot, dat Molières gezelschap de naam Troupe de Monsieur mocht voeren en een zaal van het Petit-Bourbon tot zijn beschikking kreeg. In 1659 opende hij met Les précieuses ridicules een reeks van ongeveer dertig kluchten en blijspelen, die hem de gunst en bescherming van Lodewijk XIV bezorgden en hem bij het nageslacht beroemd maakten.
Van ca. 1661 tot zijn dood in 1673 werkte hij samen met de componist Jean-Baptiste Lully, wat resulteerde in comédies-ballets, composities van illustratieve begeleidingen bij enkele van de beste toneelstukken van de schrijver. Zo componeerden zij samen het comédie-ballet Les Fâcheux voor Fouquets grote openingsfeest van het kasteel van Vaux-le-Vicomte op 17 augustus 1661.
In 1662 huwde hij met de jonge toneelspeelster Armande Béjart (vermoedelijk geb. 1642 of 1643), zuster of dochter van zijn aanvankelijke geliefde Madeleine.
In zijn komedies had Molière kritiek op edelen en geestelijken, die bevoorrecht leefden, op hun sleur, hun blinde aanbidding van gezag, hun minachting van ervaring en waarneming. Hij richtte zijn kritiek ook op medici, schijngeleerden en de overdreven bewonderaars van kunst en wetenschap. Lodewijk XIV kon hem wel waarderen en steunde het gezelschap van Molière. Hij gaf toestemming op te treden in zijn eigen Palais-Royal. Na de afbraak van het paleis Petit-Bourbon, wegens uitbreiding van de oostelijke vleugel van het Louvre, speelde het gezelschap vaker op de nieuwe locatie.
Molière overleed op 51-jarige leeftijd na de vierde voorstelling van zijn laatste komedie, Le malade imaginaire, waarin hij zoals gewoonlijk de hoofdrol vertolkte. In dit toneelstuk werd de spot gedreven met ziek zijn. Een goed recept tegen ziekte was onverdunde wijn met een groot stuk rundvlees en Hollandse kaas. Tijdens de opvoering werd Molière plotseling onwel. Hij werd naar huis gebracht en vroeg om een stuk Parmezaanse kaas, het enige dat hij nog kon eten. Het mocht echter niet baten, Molière stierf nog diezelfde avond. De aartsbisschop van Frankrijk verbood de parochiepriester hem als toneelspeler een kerkelijke begrafenis te geven, maar de leden van Molières toneelgezelschap wisten dankzij hun invloed op de koning te bewerkstelligen dat hij op het kerkhof van St. Joseph werd begraven. Later werd hij herbegraven op Père Lachaise.Bericht uit Parijs van 24 februari (1673) in Oprechte Haerlemse Courant van 7 Maart 1673.
Jean Racine en Pierre Corneille, beiden ook toneelschrijvers, waren tijdgenoten van Molière.
Naleven In 1680, zeven jaar na zijn dood, werd bij decreet door Lodewijk XIV La Comédie Française opgericht, waarvan Molière als de wegbereider beschouwd mag worden.
Er zijn verscheidene speelfilms gemaakt over het leven van Molière.
Later werd het talent van Molière ook in intellectuele kringen erkend. Hij werd postuum lid van de Académie Française. Op zijn borstbeeld in de erezaal van de Academie werd in 1778 de tekst aangebracht: “Rien ne manque à sa gloire, il manquait à la nôtre” (“niets ontbreekt aan zijn eer, hij ontbrak aan de onze”).
Bibliografie thumb|Tekening door Jean-Michel Moreauvan Le Malade imaginaire thumb|Tekening door Jean-Michel Moreauvan Le Bourgeois gentilhomme Le Médecin volant (1645). Vertaald als: De vliegende dokter. Utrecht: Vrijzinnig christelijke jeugd centrale, 1956 La Jalousie du barbouillé, 1650. Zie: Oeuvres complètes de Molière L'Étourdi ou les Contretemps, 1655. Vertaald als: Oratyn en Maskariljas, of Den ontydigen loskop; blyspelOratyn en Maskariljas, of Den ontydigen loskop op Early European Books. Gearchiveerd op 14 juni 2025. (1692) Le Dépit amoureux, 16 december 1656. Vertaald als: De spyt der verliefden, blyspelDe spyt der verliefden op Google Books (1708) Le Docteur amoureux, 1658, (Gespeeld voor Lodewijk XIV)Toneeltekst. Gearchiveerd op 14 juni 2025. Les Précieuses ridicules, 18 november 1659. Vertaald als: De belachchelyke hoofsche juffersDe belachchelyke hoofsche juffers op Google Books (1685) Sganarelle ou le Cocu imaginaire, 28 mei 1660. Vertaald als: De verwarde jalousy, blyspelDe verwarde jalousy op Google Books (1663) Dom Garcie de Navarre, ou le Prince jaloux, comedieDom Garcie de Navarre, ou le Prince jaloux, comédie. In het Frans op Google Books, 4 februari 1661 L'École des maris, 24 juni 1661. Vertaald als: Steiloorige Egbert, of De twee ongelijke broeders. BlyspelSteiloorige Egbert, of De twee ongelijke broeders op Google Books (1690) Les Fâcheux, 17 augustus 1661. Vertaald als: De quel-geesten: bly-spelDe quel-geesten op Early European Books. Gearchiveerd op 14 juni 2025.De quel-geesten. ca. 1720 op Google Books (1681) L'École des femmes, 26 december 1662. Vertaald als: Het school voor de vrouwen, blyspelHet school voor de vrouwen op Google Books (1806) La Jalousie du Gros-René, 15 april 1663, tekst verloren gegaan La Critique de l'école des femmes, 1 juni 1663 L'Impromptu de Versailles, 14 oktober 1663 Le Mariage forcé, 29 januari 1664. Vertaald als: De gedwongen knecht: kluchtspel met zang in een bedrijf. Nijmegen, Malmberg, 1898 Gros-René, petit enfant, 27 april 1664, tekst verloren gegaan La Princesse d'Élide, 8 mei 1664 Tartuffe ou l'Imposteur, 12 mei 1664. Vertaald als: Steyl-oor, of de schijnheylige bedriegerSteyl-oor, of de schijnheylige bedrieger op Google Books (1674) Dom Juan ou le Festin de pierre, 15 februari 1665 (Dom Juan, of De stenen gast) L'Amour médecin, 15 september 1665. Vertaald als: De liefdendokter, kluchtspelDe liefdendokter. Den tweeden druk op Google Books (1680) Le Misanthrope ou l'AtrabilaireAtrabilaire is zwartgallige amoureux, 4 juni 1666. Vertaald als: Misantrope. BlyspelMisantrope op Google Books (1682) Le Médecin malgré lui, 6 augustus 1666. Vertaald als: De gedwongen doctor, klucht-spelDe gedwongen doctor op Google Books (1671) Mélicerte, 2 december 1666 Pastorale comique, 5 januari 1667 Le Sicilien ou l'Amour peintre, 14 februari 1667. Vertaald als: De schilder door liefde, blyspelDe schilder door liefde op Google Books (1682) Amphitryon (13 januari 1668). Vertaald als: Amphitrion: bly-eynde-spelAmphitrion op Google Books (1670) George Dandin ou le Mari confondu (18 juli 1668). Vertaald als: Lubbert Lubbertze, of De geadelde boer. BlyspelLubbert Lubbertze, of De geadelde boer op Google Books (1686) L'Avare, 9 september 1668. Vertaald als De vrék, blyspélDe vrék op Google Books (1685) Monsieur de Pourceaugnac, 6 oktober 1669 (De heer van Pourceaugnac, Of een vrijage met hindernissen) Les Amants magnifiques (4 februari 1670). Vertaald als: De prachtige minnaars. Bly-spelDe prachtige minnaars op Google Books (1719) Le Bourgeois gentilhomme, 14 oktober 1670. Vertaald als: Gentilhomme bourgois, ofte burgerlycke edelman; klucht-spelGentilhomme bourgois, ofte burgerlycke edelman op Google Books (ca. 1680) Psyché, 17 januari 1671 Les Fourberies de Scapin, 24 mei 1671. Vertaald als: De aerdige bedriegeryen van SchapinDe aerdige bedriegeryen van Schapin op Google Books (ca. 1679) La Comtesse d'Escarbagnas, 2 december 1671 (Het huwelijk van Gravin van Escarbagnas) Les Femmes savantes, 11 maart 1672. Vertaald als: De geleerde vrouwen, blijspelDe geleerde vrouwen op Google Books (1850) Le Malade imaginaire, 10 februari 1673. Vertaald als: De ingebeelde zieke. BlyspélDe ingebeelde zieke op Google Books (1686) Oeuvres complètes de Molière.Oeuvres complètes de Molière. Tome I 1922. In het Frans op Google BooksOeuvres complètes de Molière. Tome II 1923. In het Frans op Google Books Bevat: I: La jalousie du Barbouillé; Le médecin volant; L'etourdi. II: Le dépit amoureux; Les précieuses ridicule. Contennant, en apendice, une étude sur Molière et sa musique par Th. Gerold (1922-1923)
Toneelgezelschap In chronologische volgorde: Madeleine Béjart Joseph Béjart Geneviève Bejart Pierre Réveillon, onder de naam Châteauneuf René Berthelot, onder de naam Du Parc of Gros-René Catherine Leclerc du Rosé, ook du Rozet of du Rozay, onder de naam Mademoiselle de Brie, echtgenote van Edme Villequin de Brie Louis Béjart Michel Baron Edme Villequin de Brie Marie Ragueneau de l’Estang, onder de naam Mademoiselle de La Grange Marquise-Thérèse de Gorle, onder de naam Mademoiselle du Parc Armande Béjart Charles Varlet, onder de naam La Grange Guillaume Marcoureau, onder de naam Brécourt André Hubert Philibert Grassot, onder de naam Du Croisy Marie Claveau, onder de naam Mademoiselle Du Croisy, echtgenote van Philibert Grassot François Le Noir, onder de naam La Thorillière François Bedeau, onder de naam Gorgibus oder L’Espy Julien Geoffrin Bedeau, onder de naam Jodelet
Bron Spaargaren, F. (1992) Pompadour, pompernickel en pique-nique. De namen van beroemde gerechten verklaard.
Literatuur Album Molière. Iconographie choisie et annotée par François Rey. Bibliothèque de la Pléiade. Éditions Gallimard, 2010. Baron Theun de Vries 1987
Categorie:Frans toneelschrijver Categorie:17e-eeuws schrijver Categorie:Pseudoniem