Het Missiehuis St. Michaël, ook wel Missiehuis Steyl, is een kloostercomplex in het kloosterdorp Steyl in de Nederlandse gemeente Venlo. Het in 1875 gestichte klooster is het moederhuis van de missiecongregatie Societas Verbi Divini (SVD, Gezelschap van het Goddelijke Woord), meestal aangeduid als Missionarissen van Steyl. Het complex bestaat uit het eigenlijke Sint-Michaëlklooster, het moederhuis met een imposante kloosterkerk, direct aan de Maas gelegen, en een groot aantal oostelijk van de Kloosterstraat en de Sint-Michaëlstraat gelegen gebouwen, waaronder het Sint-Gregorklooster, het Missiemuseum Steyl en de drukkerij. Daaromheen ligt een uitgestrekt park van ongeveer acht ha. Van het binnen het beschermde dorpsgezicht van Steyl gelegen kloostercomplex genieten 32 onderdelen bescherming als rijksmonument, waarmee het tot de grotere rijksmonumentale complexen in Nederland behoort.
Geschiedenis Het klooster werd in 1875 gesticht door de uit het Duitse Goch afkomstige priester Arnold Janssen. Deze wilde in eerste instantie in eigen land een op de missie gerichte congregatie oprichten. Omdat de Rooms-Katholieke Kerk vanaf 1871 door Bismarck werd tegengewerkt (de Kulturkampf), week hij met drie andere paters uit naar het nabij de Duitse grens gelegen Steyl. Zoals in veel andere Nederlands-Limburgse grensplaatsen waren in Steyl meerdere kloostergemeenschappen uit Duitsland en Frankrijk neergestreken. In Steyl kocht Janssen de herberg met bijgebouwen van Nicolaas Ronck en hier vestigden de vier paters hun kloostergemeenschap. Twee paters verlieten de gemeenschap al snel, maar in 1876, een jaar na een moeilijk begin, startte de bouw van een eigen missiehuis met een kleine kloosterkapel.Kugelmeier (1942/2010), p. 71. Dat jaar werd tevens de eerste drukpers in gebruik genomen. Een jaar later werd het eerste bouwblok opgeleverd door aannemer Frans Peeters uit Baarlo. Tussen het missiehuis en de Maas werd van 1881 tot 1884 de kloosterkerk met twee torens gebouwd. In 1885 werd de Gemeenschap van het Goddelijk Woord (Societas Verbi Divini, SVD) officieel opgericht.'Congregaties' op kloostercenakel.nl.
In 1889 stichtte Arnold Janssen een congregatie van missiezusters, de Dienaressen van de Heilige Geest ("blauwe zusters"), in 1896 gevolgd door een congregatie van slotzusters, de Dienaressen van de Heilige Geest van de Altijddurende Aanbidding ("roze zusters"). In 1904 betrokken beide congregaties het Heilig Hartklooster.
Het Missiehuis Steyl breidde zich gestaag uit. De kloostertuinen met beelden en grotten, grotendeels gelegen aan de overkant van de weg tegenover het missiehuis, werden tussen 1890 en 1900 aangelegd. In 1892 werd de oude Villa De Rijk aangekocht, daarna Gezellenhuis genoemd. Hier werd het noviciaat gevestigd, waar jonge kloosterlingen hun proeftijd doorbrachten. Van 1910 tot 1928 was er ook het generalaat ondergebracht. In 1894 werd een nieuw drukkerijcomplex in gebruik genomen. In 1909 werd de drukkerij voorzien van een stoommachine. De productiviteit kon hierdoor sterk toenemen. Tot 1912 werden er delen aan het missiehuis bijgebouwd.
thumb|left|200px|Het Missiehuis omstreeks 1885 In 1914 werd het Heilige Geestklooster opgeleverd, exclusief voor de slotzusters. Hierna werd het Heilig Hartklooster nog uitsluitend door de missiezusters bewoond. Het eerder door de zusters benutte Sint-Gregorklooster met de Sint-Gregordubbelkapel werd daarna door de missiepaters in gebruik genomen als noviciaat. In dit klooster werd later een verzorgingscentrum voor bejaarde paters ondergebracht.'Kloostertuin Sint Gregorklooster in Steyl' op samen-aan-tafel.nl.
De Gemeenschap van het Goddelijk Woord, in 1901 goedgekeurd door de Heilige Stoel, was ten tijde van het overlijden van Arnold Janssen op 15 januari 1909 uitgegroeid tot een congregatie die ongeveer 500 paters telde, 1000 priesterstudenten en 700 lekenbroeders.Kugelmeier (1942/2010), p. 72. Sinds 1975, het jaar van zijn zaligverklaring, bevindt de sarcofaag van Arnold Janssen zich in de benedenkapel van de kloosterkerk. Het Gezellenhuis is in de jaren 1980 afgebroken. Arnold Janssen werd in 2003 heilig verklaard.
De Congregatie van het Goddelijk Woord is een van de grootste missiecongregaties in de Katholieke Kerk. Vandaag de dag telt deze over de hele wereld meer dan 6000 paters en broeders. Voor al deze missionarissen is de belangrijkste functie van Missiehuis Steyl thans die van retraitehuis .'De wereld in een dorp' op website Missionarissen van Steyl.
Gebouwen Sint-Michaëlklooster thumb|Sint Michaëlstraat met drukkerij (links) en St. Michaëlklooster Het Sint-Michaëlklooster is een groot, bakstenen gebouw met een min of meer M-vormige plattegrond, waarvan de neogotische kloosterkerk het middelpunt vormt. Het drie verdiepingen tellende retraitegebouw met puntgevel dateert uit circa 1884, maar is rond 1980 gemoderniseerd. Aan weerszijden bevinden zich verblijfsvleugels. De rechtervleugel dateert uit 1876 en is in 1878-1879 uitgebreid. De linkervleugel ontstond in 1884. De voorgevel aan de Sint Michaëlstraat toont op beide hoeken een torenachtig bouwwerk uit 1911-1912, bekroond door een boogfries en kanteelachtige schoorstenen en kolommen. De zuidvleugel heeft aan de Maaszijde een octogonale, torenachtige, zes verdiepingen tellende uitbouw, eveneens met kantelen. De structuur, met entreehallen, gangen en trappenhuizen, is in het interieur van de verblijfsgebouwen grotendeels in tact gebleven. In de voormalige aula dragen afgeschuinde vierkante kolommen van natuursteen grote spitsbogen. In de sacristie bevinden zich nog de authentieke paramentenkasten met gebeeldhouwde panelen.
Kloosterkerk thumb|Kloosterkerk en zuidvleugel Missiehuis De kloosterkerk van Sint-Michaël is een grote driebeukige dubbelkapel met een pseudotransept, kooromgang en straalkapellen. Het ontwerp is van de Keulse priester-architect Joseph Prill. De westzijde wordt gedomineerd door het hoge dubbeltorenfront, dat vanaf de overkant van de Maas van verre zichtbaar is. Tussen de torens bevindt zich twee loggia's of dwerggalerijen met spitsbogen. Het interieur van de bovenkerk heeft zijn neogotische inrichting grotendeels behouden. De hoog oprijzende zuilen hebben goudbeschilderde bladkapitelen. Op het priesterkoor staat een rijk gebeeldhouwd neogotisch vleugelaltaar. De straalkapellen bezitten gebrandschilderde ramen met afbeeldingen van heiligen die verbonden zijn met de missie. De gemoderniseerde benedenkerk heeft zware pijlers waarop kruisribgewelven steunen. Door het lage gewelf heeft dit deel de sfeer van een crypte. In het westelijk deel bevindt zich, sinds zijn zaligverklaring in 1975, de graftombe van Arnold Janssen. De moderne glas-in-betonramen hebben sprankelende kleuren. De benedenkerk is in tegenstelling tot de bovenkerk openbaar toegankelijk.
Sint-Gregorklooster en Missiemuseum Het Sint-Gregorklooster bestaat uit twee delen: Oud en Nieuw Sint-Gregor. Onderdeel van Oud Sint-Gregor is het voormalige wijnkopershuis Moubis uit 1810. Hier vestigden zich in 1876 Kanunnikessen van Sint-Augustinus van de Congregatie van Onze-Lieve-Vrouw uit Essen, die er een vleugel aan toevoegden en het 'Notre-Dame' noemden. Na hun vertrek in 1890 vestigden zich hier de missiezusters van Steyl. In de oude kloostervleugel bevindt zich de sterfkamer van de op 29 juni 2008 zalig verklaarde Hendrina Stenmanns ("moeder Josepha"), die na een verwoestende brand in 2008 is gerestaureerd en heringericht. Tot 2008 was in het complex het Limburgs Schutterij Museum gevestigd. De gevels met hardstenen deur- en vensteromlijstingen en het mansardedak zijn min of meer ongewijzigd. In het interieur zijn onder meer stucplafonds en twee schouwen in empirestijl bewaard gebleven. De haaks hierop aansluitende kloostervleugel met gebroken schilddak dateert uit 1876. De werkkamer van Arnold Janssen bevindt zich eveneens in Oud Sint-Gregor, dat rond 1895 werd verbouwd tot noviciaat en generalaat. Het complex werd in 1930 uitgebreid als missiemuseum. De ingang van het missiemuseum is aangebouwd om de lege hoek te vullen. De hardstenen raamlijsten zijn afkomstig uit de oude gevel. Na de Tweede Wereldoorlog zijn deze drie ramen verbreed. Sint Gregor (vanaf 1905) deed tot voor kort dienst als verzorgingshuis voor hulpbehoevende bejaarde of zieke missiepaters en -broeders.
thumb|Wijnkopershuis Moubis (links) en Sint-Gregorkapel met traptoren De Sint-Gregorkapel is een bakstenen dubbelkapel uit 1895. De westelijke traptoren (zie afbeelding hiernaast) wordt bekroond door een leien kegeldak. De kapel telt zeven traveeën waarin rondboogvensters zijn geplaatst, de onderste vensters met dubbele rondbogen. Langs de dakrand loopt een rondboogfries. Het interieur van de boven- en benedenkapel zijn vrijwel identiek aan een dubbele rij van zes granieten zuilen met kubusvormige kapitelen. De benedenkapel heeft kruisribgewelven, de bovenkapel een tongewelf (in het midden) en kruisgewelven (aan de zijkanten). Het bovenste deel van de zuilen is zwart, het onderste deel grijs. De benedenkapel is met de komst van de slotzusters in 1897 in tweeën gedeeld: het westelijk deel werd toebedeeld aan de missiezusters, het oostelijk deel aan de slotzusters. Ook de bovenkerk is door de zusters als kerk gebruikt. Na 1904 zijn de beide zusterorden naar hun respectievelijke nieuwe kloosters verhuisd. De bovenkerk (bovenkapel) werd toen de kloosterkapel voor de paters en broeders van het missiehuis en was tevens enige tijd in gebruik als slaapzaal. In 1970 is de kapel ingericht als bibliotheek. In de kapel opende in 2016 het pop-up Forgiveness Museum, dat aandacht schenkt aan het gegeven dat de van oorsprong Duitse kloosters in Steyl aan het eind van de Tweede Wereldoorlog maandenlang schuilgelegenheid boden aan honderden inwoners van het dorp. 'Bezoek de expositie' op forgivenessmuseum.com. Over dit bijzondere oorlogsverhaal verscheen in 2015 het boek 100 dagen in de kloosterkelders van Steyl. Het boek is inmiddels ook in de Duitse en Engelse taal uitgekomen. In 2022 is een film over oorlogsverhaal van de kloosterkelders opgenomen, die eind december dat jaar werd vertoond.
Het Missiemuseum Steyl is sinds 1931 gehuisvest in een geschakeld gebouw aan de Sint Michaëlstraat. De bezoekersingang, kassa en expositieruimte bevinden zich op de begane grond van het oudste bouwdeel, het voormalige wijnkoophuis Moubis. Het andere gebouw dateert uit circa 1895 en was onderdeel van het noviciaatshuis van de missiepaters. Het museum bezit dankzij de verzamelwoede van de paters van Steyl een unieke volkenkundige en natuurhistorische collectie. De indeling en presentatie zijn sinds 1931 nauwelijks veranderd. Het museum vindt zijn oorsprong in een educatief kabinet bedoeld voor aankomende missionarissen, maar werd het al vrij snel een toonkamer voor bezoekers van het jonge missiehuis. Van 1893 tot 1931 was het elders in het kloostercomplex gevestigd.
Drukkerij en ketelhuis Het gebouw van de kloosterdrukkerij en boekbinderij uit 1893 bevindt zich op de hoek van de Sint Michaëlstraat en de Parkstraat. De afgeschuinde hoek van de bakstenen gevel is versierd met een rondboognis, waarin een beeld van Sint-Jozef onder een baldakijn is geplaatst. In het gebouw was tot 1931 ook het eerste Steyler missiemuseum gevestigd. Het daarachter liggende drukkerijcomplex op de begane grond heeft elf sheddaken. Hier werd bijna een eeuw lang (tot 1967) het geïllustreerde maandblad Katholieke Missiën gedrukt. Op de twee grote diepdrukpersen werden diverse maandbladen gedrukt. De afdeling hoogdruk, later offsetdruk, drukte boeken en tijdschriften met kleinere oplagen. Het betrof een Nederlands grafisch drukkerijbedrijf met een Duitse eigenaar, de SVD. Na een reorganisatie in 2001 kwam er een nieuwe eigenaar. Van de 75 werknemers bleven er 35. In 2004 sloot de drukkerij. Sinds 2014 is in een deel van het complex de culturele attractie Wereldpaviljoen gevestigd. Andere delen van het complex hebben sterk te lijden van leegstand.