thumb|Wereldkaart van de legervormenGegevens 2008

De dienstplicht of militaire dienst is de verplichting tot het tijdelijk vervullen van werkzaamheden door (een deel van) de bevolking. Meestal wordt de term dienstplicht gebruikt voor de militaire dienstplicht, waarbij jonge mensen (in de meeste landen alleen mannen), vaak miliciens genoemd, een tijdlang verplicht deel uitmaken van de krijgsmacht. Beroepsmilitairen spreken over zichzelf als in dienst ofwel in militaire dienst. Strikt juridisch is de dienstplicht een belasting in natura.

Het komt voor (dit hangt van het land af) dat mannen die hun dienstplicht hebben vervuld 'op herhaling' moeten. Dit betreft dan meestal een 'opfriscursus' van enkele weken.

De middeleeuwse voorganger is de heervaart, de plicht van weerbare mannen om in oorlogstijd een bepaalde tijd krijgsdienst te verrichten voor de landsheer. De moderne dienstplicht nam een aanvang met de "levée en masse" in 1793 in het revolutionaire Frankrijk.

Nederland thumb|De Wachter (Nassauplein, Den Haag)gemaakt door Shinkichi Tajiri, met de tekst:

Aangeboden ter gelegenheid van HET EINDE VAN DE DIENSTPLICHT door de belangenverenigingen van en voor dienstplichtigen AVNM en VVDM, 31 augustus 1996

Iedere man en vrouw in Nederland tussen de 17 en 45 jaar oud heeft te maken met de dienstplicht. Sinds 1 mei 1997 is echter de opkomstplicht opgeschort, wat betekent dat zolang de regering de opkomstplicht niet heractiveert dienstplichtigen zich niet hoeven te melden, en gewoon kunnen blijven leven in de burgermaatschappij.Bekendmaking inzake Dienstplicht, StaatscourantDienstplicht, Rijksoverheid.nl. Gearchiveerd op 8 mei 2017. De dienstplicht is niet afgeschaft, en daarom worden dienstplichtigen nog ingeschreven. Als dit gebeurt ontvangt de dienstplichtige een dienstplichtbrief met daarin uitleg over de dienstplicht en de melding dat de dienstplichtige niet verplicht is tot opkomst. De dienstplicht wordt geregeld in artikel 98 van de grondwet en in de Kaderwet dienstplicht.Artikel 98 van de Nederlandse Grondwet. Gearchiveerd op 31 januari 2018.Kaderwet dienstplicht op wetten.nl. Gearchiveerd op 23 juni 2023.

Geschiedenis thumb|left|Herontdekte loteling (1828) In Nederland werd de militaire dienstplicht, toentertijd "conscriptie" genaamd, in 1810 ingevoerd na inlijving van het Koninkrijk Holland in het Franse Keizerrijk. Iedere man van 20 jaar of ouder moest zich inschrijven. Door middel van loting werd bepaald wie dienst moest nemen (de loteling) in het Franse leger. Het systeem werd na de verdrijving van de Fransen en de stichting van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden in stand gehouden, de zogenaamde Nationale Militie. Tot 1898 kon iemand die ingeloot was echter een vervanger (remplaçant) inhuren. Na 1898 gold de persoonlijke dienstplicht. Later gold onder de Dienstplichtwet zoals die gold sinds 1922 de militaire dienstplicht voor alle mannen vanaf 18 jaar. Bepaalde personen waren bij wijze van uitzondering vrijgesteld van de vervulling van de militaire dienstplicht. Dit betrof onder meer afgestudeerden die bezig waren met een doctoraalonderzoek. Ook was er enige tijd een specifieke regeling voor vrijstelling van personen die een opleiding volgden tot paardenarts.

Uitstel, bijvoorbeeld vanwege studie, was mogelijk. Gewetensbezwaarden, mensen die principieel tegen het leger zijn, konden een vervangende dienstplicht vervullen in een andere sector. Dat was meestal in de zorg of welzijnswerk.

In de jaren 1946 tot en met 1949 werden in totaal ongeveer 95.000 Nederlandse dienstplichtigen naar Indonesië gestuurd tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog. Hiervoor moest de grondwet gewijzigd worden om het mogelijk te maken dienstplichtigen ook tegen hun wil te kunnen sturen.

In 1966 werd de Vereniging van Dienstplichtige Militairen (VVDM) opgericht, die zich als een belangenvereniging voor dienstplichtige soldaten ontwikkelde tot een serieuze gesprekspartner van de militaire en politieke leiding.

thumb|Dienstplichtigen op herhaling (1986) Door diverse oorzaken kwam de militaire dienstplicht eind 20e eeuw steeds meer onder druk te staan. Door het einde van de Koude Oorlog was het directe gevaar van een oorlog afgenomen. In plaats daarvan werd het Nederlandse leger steeds vaker ingezet bij vredesoperaties die niet direct dienden ter verdediging van Nederlands grondgebied. De complexiteit en het gevaar van deze missies maakten de inzet van dienstplichtigen omstreden. Er werd steeds vaker gewezen op een mogelijk discriminerend karakter van de dienstplicht. In een tijd waarin gelijke rechten en plichten voor iedereen steeds vanzelfsprekender werden, paste een plicht voor alleen mannen niet langer. Verder vond men de dienstplicht op basis van geslacht onverenigbaar met artikel 1 van de Nederlandse Grondwet. Dit bezwaar is vervallen nu sinds 1 januari 2020 ook voor vrouwen dienstplicht is ingevoerd. Verder bestond er kritiek op het gegeven dat de opgeroepen dienstplichtigen na een basisopleiding van enkele weken weinig meer te doen hadden en de rest van hun dienstplicht in ledigheid doorbrachten. Niet alleen was dit verspilde tijd vanuit het oogpunt van de dienstplichtigen, maar op deze manier had ook de overheid weinig aan hen.

Per 1 januari 1997 is de Dienstplichtwet vervangen door de Kaderwet dienstplicht.

Door de Wet van 3 oktober 2018 tot wijziging van de Kaderwet dienstplicht en van de Wet gewetensbezwaren militaire dienst in verband met het van toepassing worden van de dienstplicht op vrouwenWet van 3 oktober 2018 tot wijziging van de Kaderwet dienstplicht en van de Wet gewetensbezwaren militaire dienst in verband met het van toepassing worden van de dienstplicht op vrouwen, Staatsblad, 25 april 2019 geldt sinds 1 januari 2020 voor vrouwen die na die datum de zeventienjarige leeftijd bereiken hetzelfde als voor mannen.Kaderwet dienstplicht wordt aangepast voor vrouwen, Rijksoverheid, 2 februari 2016Artikel 70a Kaderwet dienstplicht, Overheid.nl

Opschorting In Nederland is sinds 1 mei 1997 de opkomstplicht officieel opgeschort. De Tweede Kamer heeft in mei 1993, bij aanvaarding van de Prioriteitennota, ingestemd met opschorting van de opkomstplicht. Sinds 22 augustus 1996 werden er al geen nieuwe dienstplichtigen meer opgeroepen. De opschorting wil zeggen dat burgers geen militaire dienst hoeven te vervullen zolang de veiligheidssituatie dat niet vereist. De Nederlandse krijgsmacht bestaat sindsdien volledig uit (vrijwillige) beroepsmilitairen. Wel krijgt iedere mannelijke en vrouwelijke staatsburger een dienstplichtbrief waarin wordt verteld dat hij/zij is ingeschreven, maar niet opkomstplichtig is. De dienstplicht is dus niet afgeschaft, alleen de opkomstplicht is opgeschort. De Kaderwet dienstplicht regelt dat opschorting en beëindiging daarvan bij Koninklijk Besluit wordt geregeld, maar dat wordt ingetrokken als de Staten-Generaal bezwaar maakt.

In het voorjaar 2008 waren er geluiden, onder andere in de VVD en in de krijgsmacht zelf (generaal Dick Berlijn), die wilden onderzoeken of de opkomstplicht weer zou moeten worden ingevoerd, vanwege de zware belasting op het beroepsleger door de vele uitzendingen naar conflictgebieden.

In 2016 stelde het CDA voor de opkomstplicht opnieuw in te voeren, te beginnen met jeugdige vandalen en andere 'raddraaiers', en later alle jongeren.CDA wil militaire dienstplicht voor 'raddraaiers', NOS, 2 juli 2016. Gearchiveerd op 10 april 2022.

Maatschappelijke dienstplicht Ter vervanging van de militaire dienstplicht maken met name de ChristenUnie en het CDA zich sterk voor de invoering van een maatschappelijke dienstplicht, die voor alle schoolverlaters zou moeten gelden.De onvervulde droom van Sybrand Buma, de Volkskrant, 17 september 2018. Gearchiveerd op 10 april 2022.CDA wil nieuwe dienstplicht, NOS, 11 oktober 2014. Gearchiveerd op 10 april 2022. Jongeren zouden daarbij enige tijd werk verrichten bij een maatschappelijke instelling of project, of bij Defensie. Oud-CDA-leider Sybrand Buma stelt dat een dergelijke dienstplicht een 'disciplinerende werking' heeft en de 'gedeelde identiteit' versterkt.CDA-leider Buma: 'We moeten laten zien dat landgenootschap meer betekent dan alleen belasting betalen'. Gearchiveerd op 25 september 2022. In het regeerakkoord van het kabinet-Rutte III was een 'maatschappelijke diensttijd' opgenomen, die echter vrijwillig is.

Vrienden uit dienst In Nederland zijn er, naar Amerikaans voorbeeld, verschillende online platforms ontstaan waar (voormalig) dienstplichtigen en beroepsmilitairen op zoek kunnen naar vrienden uit hun diensttijd. Met name de eerste groep is op zoek naar de dienstmatenDienstmaten.nl Platform om oude dienstmaten op te sporen waar ze een vaak betekenisvolle periode in hun leven mee hebben gedeeld. Ook genealogiesitesgeneanet.org Namen op site maken dankbaar gebruik van geregistreerde informatie over mannen ('naam, rang en registratienummer') die in dienst zijn geweest.

Curaçao, Aruba en Sint Maarten Op Curaçao, Aruba en Sint Maarten bestaat een dienstplicht. Dienstplichtigen, die miliciens worden genoemd, moeten een jaar dienen bij de respectievelijke milities. Het eerste halfjaar van de opleiding is een algemene militaire opleiding. In het tweede halfjaar volgen de miliciens een vakopleiding. Wel is de opkomstplicht op Aruba opgeschort.

België De Zuidelijke Nederlanden werden in 1795 door Frankrijk geannexeerd. Door de Franse Wet van 5 september 1798 (19 fructidor VI) op de algemene dienstplicht, ook gekend als de wet Jourdan-Delbrel, werden alle jongemannen tussen 20 en 25 jaar opgenomen in het Franse bevrijdingsleger. Vooral de plattelandsbevolking verzette zich tegen deze conscriptie, in Vlaanderen bekend als de Boerenkrijg.

Het Franse systeem hield in dat door middel van loting werd bepaald wie effectief dienst moest nemen (de loteling). Na de verdrijving van de Fransen en de stichting van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden werd het stelsel in stand gehouden, de zogenaamde Nationale Militie. Na de onafhankelijkheid werd ook het Belgisch leger gevormd uit vrijwilligers en conscriptie van lotelingen. Vanaf de leeftijd van 20 jaar werd elke jongeman op 1 maart opgeroepen naar het rekruteringsbureau. Daar moesten de jonge mannen een nummer trekken. Wie ingeloot was, moest dienstplicht doen, terwijl een hoog nummer vrijstelling betekende. Dit systeem, dat vermogende of verzekerde rekruten toeliet om (tegen vergoeding) een vrijwillige plaatsvervanger te sturen, werd gehekeld bij de lagere en middenklasse. Een afschaffing van de loting stond lang ter discussie in het Belgische parlement. Na het gevaar van de Frans-Duitse Oorlog van 1870, wilden Koning Leopold II en minister van Oorlog Henri Guillaume het systeem hervormen, maar zonder succes. In 1909 was het vervangen door de dienstplicht voor één zoon per gezin. Het oorlogsklimaat zorgde vier jaar later, op 30 augustus 1913 (één jaar voor de Duitse invasie in augustus 1914), voor de invoering van een algemene dienstplicht voor mannen.

Na de Tweede Wereldoorlog vervulden vele dienstplichtigen hun legerdienst bij de Belgische strijdkrachten in Duitsland. Om de dienstplichtige soldaten te ondersteunen had onder andere de katholieke beweging het sociaal netwerk "Milac" uitgebouwd. Vanaf 1963 konden gewetensbezwaarden een burgerdienst vervullen. In 1992 werd de dienstplicht onder minister Leo Delcroix opgeschort en sindsdien worden er geen dienstplichtigen meer opgeroepen. De dienstplichtwet is niet meer van toepassing op lichtingen na die van 1993.Artikel 1bis, eerste lid van de gecoördineerde dienstplichtwetten van 30 april 1962 (ingevoegd bij wet van 31 december 1992 en in werking getreden op 18 januari 1993). Op 5 februari 1995 zwaaiden de laatste dienstplichtigen af.

Overige EU-landen thumb|Zweedse dienstplichtigen (circa 1918-1920).