Het vorstendom Balsha (Albanees: Principata e Balshajve) is een benaming voor de gebieden van Zeta die tussen 1360 en 1421 onder het gezag van het Huis Balsha (of Balšići) stonden. Het machtsgebied omvatte delen van het huidige Noord-Albanië en Montenegro en strekte zich gedurende verschillende perioden uit tot aangrenzende gebieden, waaronder Kosovo. De Balšići breidden hun macht in de late 14e en vroege 15e eeuw eveneens uit naar Vlorë in Zuid-Albanië.

Geschiedenis Het gebied van Zeta maakte in de eerste helft van de 14e eeuw deel uit van het Keizerrijk Servië onder de Nemanjić-dynastie. Na de dood van keizer Stefan Dušan in 1355 verzwakte het centrale gezag, waardoor verschillende regionale edelen hun macht wisten uit te breiden. In deze politieke context vestigde het Huis Balsha zich vanaf circa 1360 als de belangrijkste machtsdynastie in Zeta. De Balsha/Balšić (die zich mogelijk hevig hadden geassimileerd tijdens de Servische heerschappij) breidden hun gebied uit ten koste van rivaliserende edelen en verwierven daarnaast gebieden in het huidige Albanië en Montenegro. Tussen circa 1360 en 1421 regeerden zij over Zeta als het vorstendom Balsha. De heerschappij van de Balsha was niet volledig gecentraliseerd en hun machtsgebied veranderde regelmatig als gevolg van oorlogen, huwelijken en politieke allianties. Naast Zeta kwamen gedurende verschillende perioden onder hun gezag ook Shkodër, Bar, Ulcinj, Budva en gebieden in het noorden en zuiden van het huidige Albanië.

De Balsha waren door politieke en familiale banden nauw verbonden met verschillende Albanese adellijke geslachten. Balša II huwde met Komnena Muzaka, afkomstig uit de Albanese Muzaka-familie, en verkreeg hierdoor aanspraken op gebieden in Zuid-Albanië. De familie verwierf eveneens invloed in Vlorë en Berat. Konstantin Balsha huwde met Helena Thopia, een dochter van de Albanese prins Karl Thopia. Ondanks deze verwantschappen ontstonden tussen de Balsha en de Thopia's ook politieke en territoriale conflicten. In 1385 kwam het tot een gewapend conflict tussen Balša II en Karl Thopia. Thopia riep daarbij de hulp van het Ottomaanse Rijk in. Tijdens de Slag bij Savra nabij Lushnjë versloegen Ottomaanse troepen de strijdkrachten van Balša II, die tijdens de veldslag sneuvelde. Hierdoor verloor de Balsha-dynastie haar positie in Durrës en werd haar invloed in Zuid-Albanië aanzienlijk verzwakt. Na de dood van Đurađ II in 1403 werd zijn zoon Balša III heerser van Zeta. Tijdens zijn regering raakte Zeta verwikkeld in langdurige conflicten met de Republiek Venetië en andere regionale machten. Balša III trachtte de gebieden die de dynastie eerder had verloren te herwinnen, maar slaagde er niet in de vroegere omvang van het Balsha-rijk volledig te herstellen. Na de dood van Balša III in 1421 kwam een einde aan de zelfstandige heerschappij van de Balsha over Zeta. Balša III had zijn aanspraken op Zeta overgedragen aan zijn oom Stefan Lazarević, de Servische despoot. Een deel van de voormalige Balsha-gebieden kwam vervolgens onder het gezag van andere regionale dynastieën, waaronder het Huis Crnojević en het Huis Dukagjini. De politieke erfenis van de Balšići bleef echter voortbestaan binnen de adel van Zeta en Noord-Albanië.

Leden van de Balsha-familie bleven ook na het einde van hun heerschappij politiek actief. In 1444 sloten verschillende leden en verwanten van de familie zich aan bij de Liga van Lezhë, het door Skanderbeg geleide verbond van Albanese vorsten en edelen. Daarmee bleven de Balsha verbonden met de politieke ontwikkelingen in het laatmiddeleeuwse Albanië.

Vorsten Balsha I (1360-1362) Strazimir Balsha (1362-1373) Gjergj Balsha (1362-1378) Balsha II (1378-1385) Gjergj II Balsha (1385-1403) Balsha III (1403-1421) Komnena Balsha (1385–1396) Rudina Balsha (1414–1417)

Kaarten

Categorie:Historisch land op de Balkan Balsha Categorie:Geschiedenis van Albanië