Ernest Ouandié (1924 – Bafoussam, 15 januari 1971) was een Kameroens politicus. Hij werd gëxecuteerd door het regime van president Ahmadou Ahidjo.

Ouandié was actief in de onafhankelijkheidsbeweging en was vice-president van de sinds 1955 verboden partij UPC (Union des Populations du Cameroun). Hij had contacten met de communistische regimes in Europa en China om wapens te bekomen voor de onafhankelijkheidsstrijd tegen Frankrijk. Hij was gehuwd met Marthe Ouandié (1922 – 2016), die voor de onafhankelijkheid van Kameroen actief was in de Union démocratique des femmes camerounaises (UDEFEC).

Na de onafhankelijkheid van Kameroen regeerde president Ahmadou Ahidjo met ijzeren hand. In 1970 werd Ouandié aangehouden door het regime van president Ahidjo. In een groot "rebellieproces" in januari 1970 werd hij samen met twee andere partijfunctionarissen ter dood veroordeeld door een militaire rechtbank. Er volgden ook doodvonnissen tegen andere betichten voor samenzwering tegen het leven van de president. Ook katholiek bisschop Albert Ndongmo werd ter dood veroordeeld maar zijn straf werd onder buitenlandse druk omgezet in levenslang. Ook voor Ouandié kwamen er protesten uit het buitenland, onder andere van de Internationale Commissie van Juristen. Ouandié weigerde gratie te vragen aan de president en werd op 15 januari in het openbaar doodgeschoten in Bafoussam. Dit was in de opstandige regio van de Bamileke, een volk waar Ouandié lid van was.Winkler Prins jaarboek 1972, p. 79-80

ouandie ouandie