Garri Kimovitsj Kasparov (Russisch: ), geboren als Garri Kimovitsj Weinstein (Russisch: , Bakoe, Azerbeidzjaanse SSR, Sovjet-Unie, tegenwoordig Azerbeidzjan, 13 april 1963) is een in de Sovjet-Unie geboren voormalig schaker van Armeens-Joodse afkomst. Hij werd op 9 november 1985 als 22-jarige de jongste wereldkampioen schaken ooit. Hij stond van 1986 tot hij in 2005 stopte gedurende 225 van de 228 maanden bovenaan de wereldranglijst en was tot januari 2013 houder van de hoogste FIDE-rating ooit (daarna overtroffen door Magnus Carlsen).
Na zijn schaakloopbaan in 2005 werd Kasparov politiek actief in Rusland met een sterke anti-Poetinvisie. In 2013 vluchtte hij naar de Verenigde Staten. Hij werd voorzitter van het Bestuur en de Internationale Raad van de Human Rights Foundation (HRF).Garry Kasparov, humanrightsfoundation.org Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 was hij automatisch Russisch staatsburger geworden, maar in maart 2014 liet hij zich naturaliseren tot Kroaat.AD – Kasparov wordt Kroaat na kritiek op Poetin
Kasparovs voornaam wordt in de Nederlandstalige schaakliteratuur ook wel gespeld als 'Gary' en 'Garry'.
Levensloop Kennismaking met het schaken en de opmars Al op jonge leeftijd raakte Kasparov gefascineerd door het schaakspel en hij belandde dan ook op de bekende schaakschool van Michail Botvinnik. Op zijn dertiende werd hij voor het eerst Russisch jeugdkampioen schaken met een ongekend hoog niveau, een jaar later in 1977 herhaalde hij dit met nog betere cijfers. Zijn eerste successen als jeugdspeler boekte hij onder de naam Harry Weinstein, maar enkele jaren na het overlijden van zijn vader besloot hij verder te gaan onder de gerussificeerde versie van de naam van zijn moeder (Kasparjan).
In 1978 debuteerde hij, 15 jaar oud, in het kampioenschap van de Sovjet-Unie. In 1979 werd hij voor het eerst 'losgelaten' op een internationaal toernooi en liet in Banja Luka 14 grootmeesters achter zich. In 1980 werd hij wereldkampioen bij de jeugd en in 1981 de jongste kampioen van de Sovjet-Unie.
Het wereldkampioenschap miniatuur|Kasparov (links) en Karpov tijdens de match om het wereldkampioenschap in 1985 In 1982 begon Kasparov aan zijn opmars naar het wereldkampioenschap door het Interzonetoernooi van Moskou met overmacht te winnen. In 1983 versloeg hij in kandidatenmatches Oleksandr Beljavsky met 6-3 en Viktor Kortsjnoj met 7-4. In 1984 won hij in de finale met 8½-4½ van Vasili Smyslov en verwierf het recht om regerend wereldkampioen Anatoli Karpov uit te dagen.
Hun match begon in 1984 en ging om zes winstpartijen, waarbij remises niet meetelden. Kasparov stond na 9 partijen met 4-0 achter, maar wist via een schier eindeloze reeks remises de strijd te rekken tot het na 46 partijen 5-1 voor Karpov stond. Daarna won Kasparov twee partijen. Hoe het verder zou zijn gegaan is een open vraag, maar op dit punt werd de match afgebroken door de FIDE-voorzitter Florencio Campomanes. In 1985, bij de tweede match, lukte het hem wel om Karpov te verslaan (13-11), waarmee Kasparov de jongste wereldkampioen schaken aller tijden werd. Hij verdedigde zijn titel met succes tegen Karpov in 1986 (12½-11½), 1987 (12-12) en 1990 (12½-11½).
In 1993 won Nigel Short de kandidatencyclus. Na onenigheid met de FIDE over de voorwaarden voor de match besloten Short en Kasparov hun tweekamp buiten de FIDE om te spelen. Ze richtten daartoe een nieuwe schaakbond op, de PCA, waarna de FIDE Kasparov zijn titel ontnam. Jan Timman en Anatoli Karpov stonden klaar om die titel over te nemen: Timman verloor de match en Karpov werd opnieuw wereldkampioen schaken. Na deze scheuring waren er twee wereldkampioenen schaken.
Kasparov behield zijn wereldtitel in matches tegen Short (1993, 12½-7½) en Viswanathan Anand (1995, 10½-7½) maar verloor hem in 2000 aan Vladimir Kramnik (6½-8½). Daarna bleef hij echter de nummer 1 van de wereldranglijst tot aan het eind van zijn loopbaan in maart 2005. Zijn laatste FIDE-rating was 2812 (januari 2006). Uit onvrede over de manier waarop een uitdager voor Kramnik bepaald zou worden, trok hij zich terug uit de strijd om de 'klassieke' wereldtitel. Later zou Kasparov als uitvloeisel van het Pact van Praag een match om het FIDE-kampioenschap spelen met Roeslan Ponomarjov. Deze match ging om onduidelijke redenen niet door. In 2005 zouden Kasparov en Rustam Kasimdzjanov een match spelen waarvan de winnaar Kramnik zou mogen uitdagen. Toen de FIDE deze match niet van de grond kreeg, trok Kasparov zich helemaal terug uit de strijd om het wereldkampioenschap.
Toernooiprestaties Voor hij wereldkampioen werd, speelde Kasparov weinig toernooien. Hij won er wel een aantal: Bakoe 1980, Bugojno 1982 en Niksic 1983.
Nadat hij wereldkampioen was geworden begon hij aan een imposante reeks van 11 opeenvolgende (soms gedeelde) overwinningen: Brussel 1986, Brussel 1987, het Optiebeurs-toernooi (1988), Belfort 1988, kampioenschap Sovjet-Unie 1988, Reykjavik 1988, Barcelona 1989, Skelleftea 1989, Tilburg 1989, Belgrado 1989 en Linares 1990.
In de jaren negentig was Kasparov wat minder actief, maar won Linares 1992, Dortmund 1992, Linares 1993, het VSB-toernooi van 1994, Novgorod 1994, Horgen 1994, Riga 1995, Novgorod 1996, het VSB-toernooi van 1996, Las Palmas 1996, Linares 1997, Novgorod 1997 en Tilburg 1997.
In 1999 debuteerde Kasparov in het Hoogovenstoernooi. Zijn winst daar was het begin van een nieuwe reeks opeenvolgende overwinningen: Linares 1999, Sarajevo 1999, Corus 2000, Linares 2000, Sarajevo 2000, Corus 2001, Linares 2001, Astana 2001 en Linares 2002. In 2004 won hij het kampioenschap van Rusland en 2005 sloot hij zijn loopbaan af met winst in Linares.
Beste schaker aller tijden Sommigen beweren dat Kasparov de beste schaker aller tijden is. Hij heeft met 2851 punten de op dat moment hoogste FIDE-rating ooit gehaald. Daarvoor was het Bobby Fischer die met 2789 punten de hoogste rating bezat. Ondertussen is dit record verbroken door Magnus Carlsen (rating 2882, mei 2014). Volgens sommigen dient men bij deze verschillen in rating echter rekening te houden met zogeheten ratinginflatie. In ieder geval mag worden gesteld dat Kasparovs bijdragen aan het schaken significant zijn. De jonge Kasparov viel tot het begin van de jaren negentig op door zijn creatieve aanvalsschaak, met ongewone, risicovolle concepten en offers. Toen leek hij al, net als een van zijn grote voorgangers Michail Tal, vanuit praktisch oogpunt gerechtvaardigde offers te kunnen plegen. Hij heeft zijn enorme creativiteit achter het bord laten gelden op het strategische vlak maar zeker ook op het tactische, vooral tijdens de eerste helft van zijn carrière. Revolutionair voor de schaaksport was zijn denken in drie dimensies: materiaal, tijd en kwaliteit. Hij had als geen ander inzicht in hoe deze zich tot elkaar verhouden. Hij wist welke materiële achterstand een bepaalde voorsprong in ontwikkeling rechtvaardigde alsook welk positioneel voordeel. Ook wist hij hoe deze aspecten zich verhouden tot de tijd die er kan worden gewonnen met een of ander initiatief of aanval. Beroemd geworden is zijn inzicht dat in bijna alle gevallen een paard op f5 voor wit een pionoffer rechtvaardigt, en voor zwart eentje op f4. Ook heeft hij aan de hand van enkele partijen geïllustreerd, dat een dominant wit paard op de zesde rij en een zwart paard op de derde rij (wat een octopus wordt genoemd) het offeren van een kwaliteit compenseert. Daarnaast heeft hij met zijn ‘cut the board in two’ laten zien welke extra aanvals- en offermogelijkheden er zijn wanneer de verdedigende partij meer stukken op de andere bordhelft heeft dan die waarop zijn koning zich bevindt. Door al deze inzichten heeft hij het schaken naar een hoger plan gebracht.
Begin jaren tachtig had Kasparov al dusdanige schaakinzichten en baanbrekende ideeën dat hij een grote bijdrage heeft kunnen leveren aan het gemeengoed worden van schaakcomputers. Hij zal hierbij ook ongetwijfeld de vooruitziende blik hebben gehad, dat een goede voorbereiding op tegenstanders in de toekomst schuilt in het samen met de machine ontwikkelen van nieuwe openingsvarianten en strategische concepten. Uiteindelijk is deze visie van Kasparov realiteit geworden en kan geen enkele grootmeester van betekenis meer zonder een gedegen schaakprogramma. Kasparov zelf heeft de tweede helft van zijn carrière bewezen ook het beste te kunnen samenwerken met de computer, en zo wist hij nummer één van de wereld te blijven tot en met 2005. Kasparov heeft tal van oude openingsvarianten gecorrigeerd, zoals vele van zijn partijen lieten zien. Eind jaren negentig had hij zo'n 4000 concepten in zijn eigen database staan, zo wist hij enkele partijen al in zijn studeerkamer te beslissen.
Ondanks dit alles blijft het vraagstuk wie de grootste schaker aller tijden is moeilijk te beantwoorden. In feite zal het gaan om, zeker wanneer spelers uit verschillende tijden met elkaar worden vergeleken, de relatieve sterkte. Dit omdat het absolute niveau stijgt naarmate de tijd vordert, en schakers uit latere tijden konden steeds voortbouwen op de inzichten van hun voorgangers. In feite zijn er altijd tal van beoordelingscriteria te bedenken (zoals meeste toernooioverwinningen, het langst wereldkampioen, hoogste rating, hoogste winstpercentage in carrière, enz.). Anderen beweren echter, dat je schakers uit verschillende tijden onmogelijk met elkaar kunt vergelijken op basis van dit soort criteria. Vast staat in ieder geval dat hij tot de grootste schakers aller tijden kan worden gerekend.
Kasparov tegen Deep Blue Een opmerkelijk toernooi uit Kasparovs lange carrière is zijn tweekamp tegen de IBM-supercomputer Deep Blue. IBM benaderde het schaken uit wiskundig oogpunt en dacht dat een computer met brute rekenkracht wel een menselijk schaker kon verslaan. In 1996 daagde IBM Kasparov uit om tegen Deep Blue te schaken. De eerste partij van de wedstrijd resulteerde meteen in een 1-0 stand voor Deep Blue. Het was de eerste keer dat een computer een wereldkampioen versloeg. Uiteindelijk zou Kasparov de match wel winnen met 4 tegen 2. In mei 1997 werd er opnieuw gespeeld. Nu speelde Kasparov tegen de vernieuwde Deep Blue, die werd aangedreven door 30 processors en 480 schaakchips. Hij kon 200 miljoen zetten per seconde berekenen en op deze manier ook nog 12 zetten vooruit denken. In de 1e, 2e en 6e wedstrijd maakte Kasparov een paar grote fouten (waarschijnlijk was hij van zijn stuk gebracht door een willekeurige zet van Deep Blue als gevolg van een bug) en zo kwam Deep Blue na een beladen match over 6 partijen uiteindelijk als winnaar uit de bus: 3½-2½. Kasparov heeft IBM daarna nog een aantal keer uitgedaagd, maar het is nooit tot een derde match gekomen. Wel speelde Kasparov in 2003 een match tegen Deep Junior, een Israëlische schaakcomputer. De uitkomst was 3-3.
Einde schaakloopbaan Op 11 maart 2005, na afloop van het Linares-toernooi, maakte Kasparov in een persconferentie bekend dat hij met onmiddellijke ingang stopte met schaken. Zijn laatste officiële partij speelde hij een dag ervoor op 10 maart 2005 tegen Veselin Topalov, een partij die hij overigens verloor.
Leven na het schaken Kasparov heeft diverse schaakboeken geschreven en is woordvoerder geweest bij politieke, educatieve en sociale hervormingen in Oost-Europa. Daarnaast houdt hij zich bezig met liefdadigheid en heeft daarvoor de Kasparov Foundation opgericht in Moskou. Hij promoot het schaken in Rusland als schoolvak en heeft een eigen schaakschool opgericht: de Kasparov International Chess Academy. Verder spreekt hij regelmatig op internationale congressen zoals het World Economic Forum in Davos en de Cursos de Verano in Madrid. Ook schrijft hij een column in het schaakblad New In Chess. Na de beëindiging van zijn loopbaan als schaakgrootmeester probeerde Kasparov voet aan de grond te krijgen in de Russische politiek.
Eenmalige terugkeer in de toernooiarena