upright=1.5|miniatuur|Het ENCI-complex te Maastricht: groeve en fabrieksinstallaties ENCI, ofwel Eerste Nederlandse Cement Industrie, was een Nederlandse producent van cement met productievestigingen in Maastricht (tot 2020), Rotterdam, IJmuiden en onder meer een verkoopkantoor Den Bosch. ENCI behoort voor 100% tot de multinational HeidelbergCement.

Geschiedenis Op 15 juli 1926 werd te Maastricht de nv Eerste Nederlandsche Cement Industrie opgericht, de oorsprong van het latere bedrijf. De oprichters en aandeelhouders en commissarissen kwamen in overgrote meerderheid uit Belgische en Zwitserse kringen. Het bedrijf verkreeg in 1926 van de Nederlandse overheid een exploitatieconcessie voor de winning van Limburgse mergel op de Sint-Pietersberg, een onderdeel van het Plateau van Caestert, even ten zuiden van Maastricht.

Er bestond al langer mergelwinning ter plaatse, vanaf 1916 door de fa. Marx & Co. waarvan de groeve in 1921 werd overgenomen door CBR, de latere grootaandeelhouder van ENCI. In 1923 maakte H.A.H. (Herman) de Ronde de eerste ontwerpen voor de fabriek aan de Lage Kanaaldijk. Vier jaar later kwam de zogenaamde 'Peutzhal' tot stand, een ontwerp van Frits Peutz, die in deze periode samenwerkte met De Ronde. (1997): Architectuurgids Maastricht 1895-1995, pp. 164, 199, 206. Stichting Topos & Gemeente Maastricht, Maastricht, (online tekst op toposmaastricht.com). Gearchiveerd op 31 maart 2023. In 1930 telde het bedrijf 377 werknemers van wie 109 in het buitenland (België) wonend. De oppervlakte van het bedrijfsterrein besloeg 28.600 m². (1947): Maastricht. Een geografische – hoofdzakelijk economisch-geografische – beschrijving en verklaring der agglomeraties in de gemeente Maastricht, p. 151 & bijlage B. Uitgeversmaatschappij Ernest van Aelst, Maastricht/Vroenhoven. Samen met ENCI IJmuiden richtte ENCI een Verkoopassociatie inclusief een afdeling propaganda op als aparte nv Verkoopassociatie ENCI-CEMIJ, gevestigd te Amsterdam.

Per 1 december 1927 nam de ENCI de Nederlandsche Portland-Cementfabriek in Vijlen over die, na inbedrijfstelling van de eigen fabriek, in 1929 werd gesloten. De aandelen van ENCI waren al vanaf de oprichting grotendeels in handen van het te Brussel gevestigde bedrijf CBR (Cimenteries et Briquetteries Réunies de Bonne Espérance). Dit bedrijf is in 1993 overgenomen door het Duitse HeidelbergCement, een internationaal opererend concern dat momenteel de op drie na grootste cementproducent ter wereld is. In 2020 sloot de productielocatie in Maastricht, nadat twee jaar eerder de mergelwinning in de ENCI-groeve was stopgezet.

Productielocaties De cementproductie van ENCI vond plaats in fabrieken in Maastricht (in bedrijf: 1928), IJmuiden (1931) en Rotterdam (1964). Verkoop en marketing vonden sinds 1979 plaats vanuit een kantoor in 's-Hertogenbosch, Cementrum geheten. Dit verkoop- en documentatiecentrum sloot in 2013 de deuren, een herbestemming loopt. thumb|Deel van de groeve op de Sint-Pietersberg

Vestiging Maastricht In de ENCI-groeve in de St. Pietersberg te Maastricht vond tot 2018 het totale productieproces van cement plaats: de winning van kalksteen in dagbouw, het produceren van het halffabricaat klinker, en ten slotte het malen van deze klinker tot cement. De ENCI-groeve was een grote kalksteengroeve van 150 hectare, die op 1 juli 2018 werd gesloten voor mergelwinning.

De fabriek is gelegen tussen de groeve en de Maas en heeft een eigen kade. In 2007 produceerde de Maastrichtse vestiging circa 900.000 ton klinker en 1.400.000 ton cement. De klinker werd deels naar Rotterdam en IJmuiden vervoerd om aldaar tot cement te worden verwerkt. De cementoven met een capaciteit van 800.000 ton klinker per jaar is op 29 maart 2019 stilgelegd. De Provincie Limburg wilde de klinkeroven lange tijd behouden omdat daarin ruim 85.000 ton rioolzuiveringsslib werd gebruikt als secundaire brandstof, naast o.a. diermeel. Het voornaamste argument om de oven in bedrijf te houden was het ontbreken van een geschikter alternatief voor opslag en verwerking van rioolwaterzuiveringsslib en diermeel. In 2008 werd besloten de klinkeroven uiterlijk in 2019 stop te zetten. Zie MER-besluit op www.limburg.nl. Alleen de cementmolens bleven nog in bedrijf: een energiezuinige rollenpers en drie kogelmolens om de klinker tot cement te malen met een maximale productie van 1,2 miljoen ton cement per jaar. Op 31 augustus 2020 werd ook deze laatste activiteit gestaakt. De productiekosten liepen te hoog op, onder meer door transport en opslag, waarop het moederbedrijf Heidelberg Cement besloot ook met die laatste activiteit te stoppen.

Vestigingen Rotterdam en IJmuiden De andere twee Nederlandse vestigingen van ENCI bevinden zich te Rozenburg en IJmuiden. In deze vestigingen wordt de klinker, samen met hoogovenslak, tot cement vermalen. De fabriek in IJmuiden (Cemij) maakt gebruik van hoogovenslak dat vrijkomt bij de productie van ruwijzer bij de nabijgelegen vestiging van Tata Steel Europe. Cemij werd in 1930 opgericht door Hoogovens en ENCI. Vanuit Antoing of Lieze, beide gelegen in België, wordt de klinker per schip aangevoerd. Qua capaciteit is de maalfabriek van IJmuiden twee keer zo groot als de fabriek in Rotterdam. Er wordt in de vestiging in IJmuiden zo'n 1,2 miljoen ton cement geproduceerd. In totaal worden in beide fabrieken vier soorten hoogovencement geproduceerd. In Rotterdam werd in 2009 ruim 340.000 ton cement geproduceerd. Deze fabriek werd in 1964 gebouwd.

Milieueffecten thumb|Natuurontwikkeling aan de zuidrand van de groeve: nieuwe wandel- en fietspaden thumb|Natuurontwikkeling naast de groeve: vismeertje

Tot circa 1970 was de ENCI een van de grootste werkgevers van Maastricht. Sinds de jaren 1970 nam de kritiek op het bedrijf toe omdat steeds meer mensen de activiteiten van de groeve en de fabriek belastend vonden voor natuur en milieu, met name vanwege: de aantasting van de Sint-Pietersberg door afgraving; de verdroging van het Jekerdal die deels te wijten is aan het oppompen van grondwater door ENCI; de uitstoot van schadelijke stoffen in de lucht, mede door het bijstoken van afvalstoffen in de klinkeroven.

Aantasting Sint-Pietersberg De kalksteen in de Sint-Pietersberg werd in dagbouw gewonnen, waarbij een steeds groter deel van de berg werd afgegraven. In 1948 verkreeg de ENCI een nieuwe vergunning voor 60 jaar. De afgraving betekende een aanzienlijke aantasting van het landschap en van de daar levende flora en fauna. Daarnaast werd in 2006 een stuk ENCI-bos op de Sint-Pietersberg gekapt zonder dat ENCI over de vereiste ontheffing beschikte, en in strijd met de richtlijnen die het ministerie van LNV aan de ENCI had verstrekt.ENCI start boskap op indymedia.nl, 13-03-2006. Gearchiveerd op 28 januari 2021.

Verdroging Jekerdal Naast de invloed van het Albertkanaal leveren de activiteiten van ENCI een bijdrage aan de verdroging van het Jekerdal door het oppompen van grote hoeveelheden grondwater uit de groeve, ten behoeve van de mergelwinning., Een eeuw verdroging in het Jekerdal: de betekenis van watermolens voor een nat beekdallandschap, Natuurhistorisch maandblad, 94 (2005): 11, pp. 227-231.

Luchtkwaliteit Om te besparen op het gebruik van fossiele brandstoffen en de effectieve uitstoot van CO2 te beperken, werden in de klinkeroven als afval gekwalificeerde brandstoffen bijgestookt. Het betrof slib afkomstig van rioolwaterzuiveringsinstallaties naast gesorteerd materiaal afkomstig uit huisvuilverwerking e.d. Restmateriaal dat na verbranding achterblijft werd met de klinker verwerkt. Over de vraag of er sprake is van "een verantwoorde verwijdering van afval" bestond meningsverschil. Omwonenden klaagden over de overlast van stank, stof en geluid als gevolg van de verbranding van reststoffen. De verbranding van dit afval leverde daarnaast een extra uitstoot op van onder meer kwik. ENCI in Maastricht stootte jaarlijks onder meer zo'n 70 kg kwik en 30.000 kg fijnstof uit.

Protesten en verlenging vergunning; sluiting Nadat de ontgrondingsvergunning van ENCI B.V. op 31 december 2009 afliep, werd deze in 2010 nog eenmaal verlengd tot 2018. In dat jaar volgde de definitieve stopzetting van de mergelwinning op de Sint-Pietersberg; de klinkerproductie werd tot 2019 met gebruikmaking van de opgebouwde voorraden mergel voortgezet. Vanaf 2018 werd de klinker uit België (Antoing) aangevoerd om de cementmolens te laten draaien.

Met de stopzetting van de mergelwinning en klinkerfabricage in Maastricht is een voorlopig eind gekomen aan de jarenlang voortslepende strijd van buurtbewoners en milieuactievoerders tegen het cementbedrijf. Al tientallen jaren waren er protesten tegen de verdere aantasting van de Sint-Pietersberg, om meer schade aan natuur en milieu te voorkomen. De actiegroep 'Sint-Pietersberg Adembenemend' zamelde als burgerinitiatief eind 2007 bijna 5000 handtekeningen van tegenstanders van verdere afgraving. ENCI-medewerkers zamelden vervolgens ruim 12.000 handtekeningen in.Limburg1, Tienduizenden handtekeningen voor burgemeester Leers, 26 augustus 2008. Gearchiveerd op 26 januari 2021. De gemeente Maastricht en Provinciale Staten van Limburg namen aanvankelijk een dubbele houding aan, waarbij het werkgelegenheidsaspect vele jaren de doorslag gaf. In 2019 viel het besluit van de ENCI tot sluiting van de cementfabriek in Maastricht die ook daadwerkelijk per 2020 plaatsvond.

Herinrichting De groeve zal grotendeels worden afgewerkt en aan de natuur worden teruggegeven. Het terrein van de klinkerfabriek (25 ha) wordt herontwikkeld tot bedrijventerrein. Een deel van de gebouwen van ENCI is in gebruik als cultureel verzamelgebouw AINSI met onder andere een theaterzaal en kunstenaarsateliers.

Bronnen, noten en referenties

Categorie:Nederlands bedrijf Categorie:Cement Categorie:Economie in Maastricht Categorie:Industrieel erfgoed in Maastricht Categorie:Maastricht-Zuidwest