Het Gotisch is een uitgestorven Oost-Germaanse taal, de enige taal uit deze tak waarover redelijk veel bekend is. De vierde-eeuwse Gotische Bijbelvertaling van bisschop Wulfila is het eerste overgeleverde literaire werk in een Germaanse taal en daarom van groot belang voor de taalwetenschap. Met onder andere vier of vijf naamvallen, een dualis en een synthetische lijdende vorm vertoont het Gotisch veel archaïsche kenmerken.

Het Gotisch werd gesproken door het volk der Goten en verspreidde zich na de derde eeuw vanuit het gebied ten noorden van de Zwarte Zee naar het huidige Italië, Frankrijk en Spanje, maar stierf na de val van de Gotenrijken in de achtste eeuw in West-Europa uit. Op de Krim bleef een variant van het Gotisch, het Krim-Gotisch, in ieder geval tot in de zestiende eeuw bestaan. Er zijn toen tachtig woorden en een liedje aangetroffen bij mensen die de taal toen nog spraken.

Bronnen Verreweg de belangrijkste bron voor het Gotisch is Wulfila's Bijbelvertaling. Hiervan is het grootste gedeelte verloren gegaan. Bewaard gebleven zijn meer dan de helft van de evangeliën, in de Codex Argenteus, de brieven van Paulus en een deel van Nehemia. Het enige andere belangrijke Gotische document is de Skeireins, een commentaar op Johannes. Er zijn daarnaast een tiental andere fragmenten bekend. In 2016 vonden Russische onderzoekers een korte Gotische tekst ingekrast op brokstukken van een middeleeuwse kerk. Het bleken twee tekstregels uit psalm 77 te zijn, met een hulpverzoek "Heer help uw dienaar" (in het Gotisch Frauja hilp skalkis einis).

Alfabet

Wulfila ontwierp voor zijn bijbel zelf een op het Griekse alfabet gebaseerd schrift. Voorheen schreven de Goten in runen. Men mag aannemen dat het alfabet grotendeels fonematisch is, met waarschijnlijk de volgende op de uitspraak van het Grieks gebaseerde uitzonderingen: <ei> = , <au> = , <ai> = en <gg> = . In de wetenschap wordt vrijwel uitsluitend met de transliteratie naar het Latijnse alfabet gewerkt.

Letter 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px Transliteratie a b g d e q z h þ i k l m n Getalswaarde 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 20 30 40 50 Uitspraak Letter 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px 16px Transliteratie j u p — r s t w f x ƕ o — Getalswaarde 60 70 80 90 100 200 300 400 500 600 700 800 900 Uitspraak

thumb|Een pagina uit de Codex Argenteus

Klanken Klinkers MonoftongenBestand:Gothic vowel chart.png DiftongenBestand:Gothic diphthong chart.png

Medeklinkers  LabialenDentalenAlveolarenPalatalenVelarenLabiovelarenLaryngalenPlosieven      Fricatieven     Approximanten           Nasalen          Lateralen         Trillen         

Morfologie Het Gotisch vertoont een relatief complexe morfologie met veel archaïsche Indo-Europese kenmerken die in de huidige Germaanse talen zijn verdwenen.

Verbuiging Naamwoorden worden in het Gotisch verbogen naar naamval, getal en geslacht.

Het Gotisch kent vier of vijf naamvallen: nominatief, genitief, datief, accusatief en vocatief, waarbij de laatste in vorm altijd gelijk is aan de nominatief of accusatief. Bovendien zijn er resten van een instrumentalis.

Er zijn drie getallen, enkelvoud, meervoud en tweevoud (dualis). De dualis komt echter alleen in het persoonlijk voornaamwoord (en in het werkwoord) van de eerste en tweede persoon tot uitdrukking.

Vervoeging Het Gotische werkwoord wordt vervoegd naar: tijd: verleden en niet-verleden; wijs: indicatief, conjunctief (optatief), imperatief en infinitief; actief/passief; persoon: eerste, tweede en derde; getal: enkelvoud, meervoud en dualis.

Een bijzonderheid is dat het Gotisch nog een synthetisch, dus niet omschreven, passief kent.

Specimen Het bekendste Gotische fragment is het Onzevader (Matt. 6:9-13):

Wulfila Letterlijk NBVAtta unsar þu in himinam, weihnai namo þein. qimai þiudinassus þeins. wairþai wilja þeins, swe in himina jah ana airþai. hlaif unsarana þana sinteinan gif uns himma daga. jah aflet uns þatei skulans sijaima, swaswe jah weis afletam þaim skulam unsaraim. jah ni briggais uns in fraistubnjai, ak lausei uns af þamma ubilin.Vader onze u in hemelen, geheiligd worde naam uw. kome koninkrijk uw. worde wil uw, zoals in hemel ook op aarde. brood ons het dagelijkse geef ons deze dag. en vergeef ons dat schuldenaren wij zijn, zoals ook wij vergeven de schuldenaren onze. en niet moge u brengen ons in verzoeking, maar verlos ons van het boze.Onze Vader in de hemel, laat uw naam geheiligd worden, laat uw koninkrijk komen en uw wil gedaan worden op aarde zoals in de hemel. Geef ons vandaag het brood dat wij nodig hebben. Vergeef ons onze schulden, zoals ook wij hebben vergeven wie ons iets schuldig was. En breng ons niet in beproeving, maar red ons uit de greep van het kwaad.

Literatuur W. H. Bennett, An Introduction to the Gothic Language, New York, 1980 W. Braune - E. Ebbinghaus, Gotische Grammatik, 1966, Tübingen Fausto Cercignani, The Reduplicating Syllable and Internal Open Juncture in Gothic, Zeitschrift für vergleichende Sprachforschung, 93/1, 1979, 126-132 Fausto Cercignani, The Development of the Gothic Short/Lax Subsystem, Zeitschrift für vergleichende Sprachforschung, 93/2, 1979, 272-278 Fausto Cercignani, Alleged Gothic Umlauts, Indogermanische Forschungen, 85, 1980, 207-213 Fausto Cercignani, The Enfants Terribles of Gothic Breaking: hiri, aiþþau, etc., The Journal of Indo-European Studies, 12/3-4, 1984, 315-344 Fausto Cercignani, The Development of the Gothic Vocalic System, Bela Brogyanyi i Thomas Krömmelbein, Germanic Dialects: Linguistic and Philological Investigations, Amsterdam/Philadelphia, Benjamins, 1986, 121-151. Fausto Cercignani, The Elaboration of the Gothic Alphabet and Orthography, «Indogermanische Forschungen», 93, 1988, 168-185. W. Krause, Handbuch des Gotischen, 1968, München. F. Mossé, Manuel de la langue gotique, Aubier Éditions Montaigne, 1942 Walter William Skeat, A Moeso-Gothic glossary, London, 1868 Irmengard Rauch, Gothic Language: Grammar, Genetic Provenance and Typology. Readings, Peter Lang Publishing Inc., 2011 Wilhelm Streitberg, Die gotische Bibel , 1965, Heidelberg Joseph Wright, Grammar of the Gothic language, Oxford, 1910

Categorie:Dode taal Categorie:Taal uit de oudheid