Nikita Sergejevitsj Chroesjtsjov (Russisch: Ники́та Серге́евич Хрущёв [xruˈɕ:of] - )(Kalinovka, 15 april 1894 – Moskou, 11 september 1971) was een Sovjet-politicus en eerste secretaris van de Communistische Partij van de Sovjet-Unie van 7 september 1953 tot 14 oktober 1964.

Levensloop Vroege periode Nikita Chroesjtsjov, etnische Rus https://iz.ru/866746/stanislav-sergeev/nikita-sergeevich-khrushchev-russkii-vo-vsekh-kolenakh, werd geboren in het boerendorp Kalinovka in de Russische oblast Koersk. Chroesjtsjov werkte als herdersjongen vanaf jonge leeftijd. Hij ging maar gedurende vier jaren naar school. Hij kreeg een opleiding als pijpenlegger en werkte ook in verschillende mijnen.

Tijdens de Russische Revolutie vocht hij in het Rode Leger. Hij steeg in de partijhiërarchie tot aan het Politbureau. Eerst was hij nog tweede partijsecretaris in Abchazië, de opname in het Politbureau kwam tot stand op voorspraak van Stalins vrouw. Hij behoorde tot de intieme kring van partijleiders en commissarissen die rechtstreeks toegang hadden tot Stalin.

Tijdens de periode van de Grote Zuiveringen gaf Chroesjtsjov opdracht tot de executie van 55.741 regionale functionarissen, waarbij hij het door Stalin opgegeven quotum van 50.000 ruim overschreed. STALIN het hof van de rode tsaar, p.242, Uitg. Spectrum, Utrecht, 2004, Tegen de lente van 1938 had hij toezicht gehouden op de arrestatie van 35 van de 38 provinciale en stedelijke partijsecretarissen. Hij bracht als leider van Moskou zijn dodenlijsten zelf rechtstreeks naar Stalin. Hij heeft later de Sovjetarchieven laten doorzoeken in een poging alle sporen uit te wissen.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog bereikte hij de rang van luitenant-generaal.Historiek.net Nikita Chroesjtsjov, Russische president, geraadpleegd op 24 mei 2020 Hij was politiek commissaris tijdens de Slag om Stalingrad en tijdens de Slag om Koersk.

Partijleider Na de dood van Stalin in maart 1953 ontstond een interne richtingenstrijd. Chroesjtsjov won deze en hij werd in september 1953 aangeduid als partijleider. In december 1953 werd zijn belangrijkste concurrent voor de opvolging van Stalin, Beria, het hoofd van de NKVD, gearresteerd op verdenking een Britse agent te zijn. Na een korte rechtszaak, waarbij geen verweer mogelijk was, werd Beria eind december geëxecuteerd.Historisch Nieuwsblad Nikita Chroesjtsjov (1894-1971), 2/2009, geraadpleegd op 24 mei 2020

Chroesjtsjov schokte de gedelegeerden van het 20e partijcongres op 25 februari 1956 door in zijn toespraak getiteld Over persoonsverheerlijking en de gevolgen ervan kritiek te leveren op de cultus rond Stalin, hem te beschuldigen van massamoord tijdens de Grote Zuiveringen en van een groteske persoonsverheerlijking. Hierdoor maakte hij zich onbemind bij de conservatieve stroming in de Partij. De toespraak was geheim, maar raakte desondanks toch in ruime kring bekend. In Poznań in Polen leidde dit tot protesten, die uiteindelijk ontaardden in de Hongaarse Opstand. Op 4 november 1956 viel het leger op bevel van Chroesjtsjov Hongarije binnen en sloeg de opstand, met veel slachtoffers, neer. Dit leidde tot veel ontevredenheid in het Warschaupact.

In juni 1957 overtuigden Vjatsjeslav Molotov, Georgi Malenkov, Nikolaj Boelganin en Lazar Kaganovitsj de meerderheid van het Presidium om hem te ontslaan als partijleider. Russia and the Russians, Penquin books, 2002, , p.531 Chroesjtsjov verdedigde zich door te stellen dat hij door het Centraal Comité was benoemd en dat dit orgaan ook over zijn aftreden moest beslissen. Hier zaten veel mensen die hun positie aan Chroesjtsjov hadden te danken en zij stemden in meerderheid voor zijn aanblijven. Hij werd premier op 27 maart 1958, na een serie langdurige en complexe manoeuvres.

Hij was een overtuigd communist., pp.532-533 Hij wilde terug naar de ideeën van Lenin, waar Stalin zo duidelijk van was afgeweken. De partij moest het voorbeeld zijn en de gids naar een communistische samenleving. Het volk moest een belangrijkere rol spelen en de rol van de staat terugdringen. Volgens hem zou de Sovjet-Unie de communistische fase bereiken omstreeks 1980.

Binnenlands beleid Tijdens het bewind van Stalin hadden de werknemers weinig rechten. Op kleine overtredingen, zoals te laat of dronken op het werk komen, stonden zeer zware straffen. Onder Chroesjtsjov viel dit grotendeels weg. Er kwam een soort sociaal contract, waarbij de werknemer een laag salaris accepteerde in ruil voor: goedkoop eten, huisvesting en transport, werkzekerheid en veel ruimte voor een slechte arbeidsmentaliteit., p.536 Met dit beleid nam de arbeidsproductiviteit af en dit was structureel; zijn opvolgers kregen hier problemen mee.

Onder Stalin lag de nadruk sterk op de zware industrie en na de oorlog op de heropbouw van het land. Dit leidde voor de bevolking tot een groot gebrek aan consumptiegoederen en woonruimte. Chroesjtsjov gaf meer ruimte om consumptiegoederen te produceren en zorgde ervoor dat de woningbouw sterk toenam om zo de ergste woningnood te lenigen. Verder namen de opleidingsmogelijkheden toe en kwamen er meer scholen en leraren. Hetzelfde effect was ook zichtbaar in de gezondheidszorg, waarbij het aantal ziekenhuisbedden toenam van 1,5 miljoen in 1958 naar 2,2 miljoen in 1965., p.352

Hij besteedde veel aandacht aan de landbouwsector. Hij zag dat er onder Stalin verkeerde keuzes waren gemaakt, waardoor de productie ver achter bleef ten opzichte van de verwachtingen en van de prestaties in het buitenland. Hij kwam met een plan om deze te herstellen door een programma van prijsverhogingen, waardoor de boeren minder onderbetaald zouden worden en door extra investeringen. Hij initieerde de Maagdelijke-grondencampagne (1954-1963), waarbij onbewerkte grond in aride gebieden met tarwe ingezaaid werd. De oogstopbrengsten waren aanvankelijk goed, maar bleken op den duur zeer wisselend en in de laatste jaren van zijn bewind zeer teleurstellend. Hij was sterk overtuigd van schaalvoordelen. Tijdens zijn leiderschap nam het aantal staatsboerderijen sterk toe en halveerde het aantal kolchozen door deze samen te voegen tot grotere eenheden. An Economic History of the U.S.S.R., Penquin Press, London, 1969, , p.336 In 1958 werd besloten de machine- en tractorstations (MTS) op te heffen. De machines en het personeel werden verdeeld over de grotere kolchozen. Dit werd geen succes, de positie van de MTS-medewerkers ging erop achteruit en velen vertrokken, waardoor het onderhoud en het gebruik van de landbouwmachines afnam. Hierdoor werd de productie nadelig beïnvloed.

Na de Grote Vaderlandse Oorlog was de tolerantie van de staat t.o.v. de godsdienst toegenomen. Er werden weer kerkgebouwen van de Russisch-Orthodoxe Kerk geopend. Onder Chroesjtsjov sloeg dit weer helemaal om, hij liet bijna driekwart van alle kloosters en parochies sluiten. Chroesjtsjov was een overtuigd communist en hij verwachtte dat binnen 20 jaar de socialistische Sovjet-Unie een communistische samenleving zou zijn. Volgens hem was hierbinnen ideologisch geen plaats voor religie.

Hij initieerde een ruimtevaartprogramma waardoor op 1 oktober 1957 de kunstmatige satelliet Spoetnik I werd gelanceerd. Russian Space Web The first Soviet satellite project, geraadpleegd op 24 mei 2020 In 1961 werd Joeri Gagarin als eerste mens in een (eenmalige) baan rond de aarde gebracht. De Verenigde Staten bleef hierop achter, maar besloot de achterstand in te halen, met een ruimtewedloop als resultaat.

Relatie met het buitenland De relatie met Mao Zedong van de Volksrepubliek China was bekoeld na Chroesjtjovs toespraak op het 20ste partijcongres. The Rise and fall of Communism, HarperCollins, New York, 2009, , p.318-321 In november 1957 had Mao Moskou bezocht en hij hield een pleidooi voor een kernoorlog. Hierbij zouden miljoenen mensen omkomen, maar de vijanden zou een zwaardere slag worden toegebracht. Chroesjtsjov vond dit een uitermate onverantwoord idee, desondanks hielp hij China met de ontwikkeling van een eigen atoombom. Chroesjtsjov bezocht driemaal China, maar dit leidde niet tot een verbetering van de relatie. In de zomer van 1959 trok de Sovjet-Unie de belofte in om China te helpen met de atoombom en Mao keurde het bezoek van Chroesjtsjov aan de Verenigde Staten, in september 1959, sterk af. In de zomer van 1960 trok de Sovjet-Unie al zijn mensen terug uit China en daarmee werd de breuk tussen de twee landen compleet.

In 1961 besloten Walter Ulbricht en Chroesjtsjov de Berlijnse Muur te bouwen. In de nacht van 12 op 13 augustus werd begonnen met de bouw en binnen enkele weken tijd werd een zwaarbewaakte betonnen hindernis met prikkeldraad opgeworpen rondom West-Berlijn.

thumb|Schip met Sovjet-raketten onderweg naar Cuba (september 1962) Het in 1959 socialistisch geworden Cuba onder Fidel Castro had zich na de mislukte invasie in de Varkensbaai tot de Sovjet-Unie gewend om militaire bijstand.Historiek Cubacrisis (1962), geraadpleegd op 25 mei 2020 Omstreeks dezelfde periode had de Verenigde Staten raketten geplaatst in Italië en Turkije, gericht op de Sovjet-Unie. Door de toch al gespannen situatie van de Koude Oorlog besloot Chroesjtsjov in Cuba kernraketten op te stellen. In oktober 1962 werden de raketten gefotografeerd door Amerikaanse Lockheed U-2-verkenningsvliegtuigen. Op 22 oktober 1962 hield president John F. Kennedy een rede waarin hij de ontmanteling eiste van alle raketbases op het eiland en hiermee werd de Cubacrisis wereldnieuws. Twee dagen later werd Cuba “in quarantaine” geplaatst, met als doel de levering van militair materieel te voorkomen. Op 27 oktober kwam het, zoals tientallen jaren later duidelijk werd, bijna tot een kernoorlog. De volgende dag maakte Moskou bekend de bases te ontmantelen en de Sovjetschepen maakten rechtsomkeert. Deze concessie volgde op een intensieve briefwisseling tussen beide leiders. De Amerikanen beloofden Cuba met rust te laten en ook de raketten in Italië en Turkije verdwenen. Chroesjtsjov stemde ermee in, deze laatste maatregel niet openbaar te maken waardoor het leek of de Sovjet-Unie een ernstige nederlaag had geleden.