Rheinberg (Nederlands, verouderd: Rijnberk, Berck of Rijnberg) is een Duitse stad en gemeente in de deelstaat Noordrijn-Westfalen in Kreis Wesel. De gemeente telt inwoners () op een oppervlakte van 75,16 km².

De plaatsnaam wordt door de inwoners uitgesproken met de klemtoon op de tweede lettergreep, dus Rheinberg.

Stadsindeling en bevolkingsgegevens Wapens

Stadsindeling en bevolkingscijfer De gemeente is onderverdeeld in vier stadsdistricten (Stadtbezirke), die 15 zogenaamde Wohnplätze (buurten, dorpen of steden) omvatten:

Stadtbezirk Borth: (7.314 inwoners) Borth, 9 km ten N (noorden) van Rheinberg-stad Wallach, ten O van Borth in de uiterwaard van de Rijn Ossenberg, 4 km ten N van Rheinberg-stad Stadtbezirk Rheinberg: (15.993 inwoners) Rheinberg-centrum incl. Lützenhof Annaberg Millingen (tot 1975 deel van de gemeente Alpen; 2.445 inwonersbron:https://web.archive.org/web/20201029172428/https://www.millingen.de/historie/ ); 3 km ten NW van Rheinberg-stad Winterswick, direct ten Z van Rheinberg-stad Alpsray, 4 km ten ZW van Rheinberg-stad, aan de zuidwestkant van de A57 Xantener Straße incl. Binnenfeld Mühlenhof Stadtbezirk Budberg: (4.724 inwoners) Budberg, 2–3 km ten ZO van Rheinberg-stad Eversael (ca. 800 inw.), 4 km ten O van Rheinberg-stad Vierbaum, 3 km ten W van Orsoy Stadtbezirk Orsoy: (4.177 inwoners) Orsoy, 7 km ten ZO van Rheinberg-stad Orsoyer Berg

Het aantal inwoners, in totaal 32.329, van wie 15.842 als man en 16.487 als vrouw stonden geregistreerd, is ontleend aan de gemeentewebsite.De site geeft geen verklaring voor het verschil (40 vrouwen en 71 mannen) tussen het bevolkingscijfer van de gehele gemeente en het totaal van de inwonertallen van elk van de 4 Stadtbezirke. Bron: https://web.archive.org/web/20210125032456/https://www.rheinberg.de/de/inhalt/statistiken-8549425/ Peildatum: 23 september 2020.

Religie Rooms-katholieken: 12.601 Evangelisch-luthersen: 8.997 Overigen, incl. atheïsten: 10.731

Bron: zie boven.

Ligging, infrastructuur De stad ligt op de westelijke, stroomafwaarts varend gezien linker, oever van de Rijn en wordt tot de westelijke periferie van het Ruhrgebied gerekend. Aan weerszijden van de Rijn liggen in Rheinberg, Orsoy en omgeving diverse vogelreservaten.

Naburige steden Rheinberg ligt 8 km ten noordoosten van Kamp-Lintfort, 15 km ten zuiden van Wesel, 11 km ten noorden van Moers en circa 16 km ten noordwesten van Duisburg.

Wegverkeer De gemeente ligt enkele kilometers ten noorden van Kreuz Kamp-Lintfort in de Autobahn A42 (waar de dichtstbijzijnde Rijnbrug is) en bij afrit 7 van de Autobahn A57 (E 31), alsmede aan de Bundesstraße 57 naar Xanten en Kleef, en aan de Bundesstraße 510 naar Kamp-Lintfort. Bij het noordelijke stadsdeel Borth kan men van de B 57 rechtsaf over de Bundesstraße 58 de Rijn oversteken naar Wesel.

Openbaar vervoer

Aan de in 1904 geopende spoorlijn Rheinhausen - Kleef liggen binnen de gemeentegrenzen twee stations: Station Millingen bei RheinbergHet stationsgebouw staat onder monumentenzorg. en Station Rheinberg (Rheinl). Op het eerste daarvan stoppen vooral goederentreinen, maar ook 1 x per uur een stoptrein voor reizigersvervoer. Station Rheinberg wordt ook alleen door deze stoptreinen aangedaan. Dit station ligt ten westen van het stadscentrum. Dicht erbij ligt het ZOB (busstation).

Rheinberg heeft tamelijk frequente busverbindingen met Xanten, Wesel, Kamp-Lintfort en Moers. Daarnaast rijden er enkele scholierenbusdiensten en één lokale belbus.

Waterwegen De stad is via een 2 km lange zijarm verbonden met de Rijn, en bezit twee binnenhavens voor vrachtschepen, en wel te Ossenberg, Rijnkilometer 806, voor met name de overslag van zout en kalksteen voor de soda-fabricage, en te Orsoy, rondom Rijnkilometer 794, voor steenkool en andere bulkgoederen.

Van Rheinberg-Orsoy naar Duisburg-Walsum vaart een veerpont, waarmee ook auto's overgezet worden (Rijnkilometer 793).

Economie

In stadsdeel Borth bevindt zich sinds 1906 de zoutfabriek van voorheen Solvay, later overgenomen door esco, sedert 2019 een onderdeel van het K+S-concern. Sinds 1924 is ter plaatse ook een zoutmijn aanwezig, één der grootste van geheel Europa. De aangeboorde zoutlaag is 200 meter dik en strekt zich onder de grond uit tot 50 km ver, tot juist over de Nederlandse grens bij Winterswijk. Uit dit zuivere, 700-900 meter diep onder de grond aanwezige, steenzout wordt kwalitatief hoogwaardig keukenzout voor menselijke consumptie gewonnen. Het zout wordt ook geleverd aan overheden als strooizout voor gladheidsbestrijding in de winter op de wegen en aan de farmaceutische en chemische industrie als grondstof. De zoutfabriek en de mijn hebben samen tussen 300 en 400 personeelsleden. In Rheinberg zelf staat sinds 1906 de sodafabriek van voorheen Solvay, later overgenomen door esco, sedert 2019 een onderdeel van het K+S-concern. In het hart van de stad staat de fabriek, waar de kruidenbitter Underberg gemaakt wordt, met een bijbehorende kantoortorenflat; de bottelarij van deze drank is echter elders gevestigd. In de gemeente is een groot distributiecentrum van het verzendhuis Amazon gevestigd. In stadsdeel Millingen staat een tot het wereldwijd actieve Aumund-concern (waarvan één holding in Venlo zetelt) behorende fabriek (Aumund Fördertechnik), die transportbanden en soortgelijke installaties bouwt, die in havens e.d. gebruikt worden voor overslag van ertsen en andere bulkgoederen. Dit bedrijf beschouwt zich volgens zijn eigen website als wereldmarktleider in deze branche. Er werken circa 500 mensen (wereldwijd) van wie meer dan de helft in Rheinberg. Eveneens te Millingen bevindt zich een kalkzandsteenwinning met een fabriek van bakstenen.

Geschiedenis De plaats wordt onder de naam Berke (wat ofwel met berg (hoogte) ofwel met de boomnaam berk verklaard wordt) voor het eerst in een document, gedateerd anno 1003, vermeld. Uit datzelfde jaar dateert ook de eerste schriftelijke vermelding van Budberg. Rheinberg kreeg in 1233 en Orsoy in 1273 stadsrechten van respectievelijk prins-bisschop Hendrik I van Keulen en Diederik VII van Kleef. In 1337 kreeg Rheinberg een Latijnse school, die in de vorm van het prestigieuze Amploniusgymnasium Rheinberg tot op de huidige dag voortbestaat. thumb|left|Beleg en inname van Rijnberk door prins Maurits in 1601. J. Blaeu

De heerlijkheid Rheinberg was oorspronkelijk een exclave van het keurvorstendom Keulen. (2004) Atlas zur Geschichte des Niederrheins, Schriftenreihe der Niederrhein-Akademie 4, Peter Pomp, Bottrop/Essen (5e druk). Tijdens oorlogen van de zestiende tot in de negentiende eeuw wisselde de stad geregeld van bezetting. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog streden het Spaanse en het Staatse leger om het bezit van de strategisch gelegen stad. Veldheer Karel van Mansfeld veroverde Rheinberg in 1590 voor de Spanjaarden. Maurits van Nassau nam op zijn beurt de stad in tijdens zijn veldtocht van 1597. Door Francesco de Mendoza kwam Rheinberg in 1598 alweer in Spaanse handenTijdens de beschietingen door de Spanjaarden schoten dezen een kanonskogel door de kruittoren van Rheinberg, wat een zware ontploffing tot gevolg had, waardoor een groot deel van de stad werd verwoest., waarop Maurits de stad in 1601 heroverde. Ambrogio Spínola kwam ten slotte in 1606 met een groot leger voor de stad, waarop hij die innam en ze voor zevenentwintig jaar in Spaanse handen bleef.

De Spanjaarden probeerden van 1626 tot circa 1630 een Rijn-Maaskanaal aan te leggen vanaf de Rijn bij Rheinberg. Dit kanaal, de Fossa Eugeniana, moest via Geldern naar de Maas bij Venlo voeren, maar werd nooit voltooid., 'Plannen voor Schelde-Maas-Rijnverbindingen, 16e-18e eeuw', hoofdstuk 5 in: Troebele betrekkingen: Grens-, scheepvaart- en waterstaatskwesties in de Nederlanden tot 1800 (Hilversum, 2017, ).

In 1633 heroverde Frederik Hendrik de stad weer voor de Staatse partij. De Republiek hield Rheinberg daarna weer voor negenendertig jaar in bezit. De vesting vormde deel van de Kleefse barrière. In deze periode werd de Sint-Pieterskerk gebruikt voor protestantse erediensten. In het rampjaar 1672 werd Rheinberg ingenomen door het Franse leger van Lodewijk XIV. Ook in 1701 tijdens de Spaanse Successieoorlog veroverden de Fransen de stad. Vervolgens werd ze van 1703 tot 1715 bezet door Pruisen. In dat laatste jaar gaf Pruisen ze terug aan Keur-Keulen. In 1794 werd ze opnieuw bezet, nu door revolutionaire Franse troepen. Dat duurde tot 1814, toen Rheinberg bij Pruisen werd gevoegd. In 1721 werd Rheinberg door verzanding van de haven van de Rijn afgesneden, wat tot economische neergang leidde; in 1846 werd weer een toegang tot en haven aan de rivier open gebaggerd.

De geschiedschrijving van het dorp Ossenberg is vooral een opsomming van talrijke dijkdoorbraken en overstromingen, soms verergerd door bewegingen van kruiend ijs in de Rijn. Meestal leidden deze natuurrampen tot groot verlies aan mensenlevens en aan vee en tot grote materiële schade. De jaren, waarin zo'n natuurramp zich voordeed, zijn: 1374, 1450, 1551 - 1573 vrijwel jaarlijks, 1668, 1740, 1784, 1809, 1855, 1882, 1920 en het zgn. Jahrtausendhochwasser van 1926 met recordwaterpeil. Aangenomen mag worden, dat deze watervloeden ook elders in de omgeving ernstige gevolgen hebben gehad. Vanaf 1935 begon men, het gebied door middel van een bandijken- en sluizensysteem tegen hoog water in de Rijn te beveiligen. Een bijkomend probleem is, dat de ondergrond, met dijk of sluis en al, onvoorspelbaar in een zinkgat kan storten, omdat er oude mijngangen van voormalige steenkoolmijnen liggen. Daarom worden de dijken permanent gemonitord. De tot 14 meter hoge Rijnbandijken in de gemeente Rheinberg behoren tot de hoogste dijken ter wereld.

Het stadsdeel Budberg was tot 1795 tweeherig: de macht over de plaats werd gedeeld door het Vorstendom Meurs en het Prinsbisdom Keulen.

Het dorp Eversael kende tot de 18e eeuw een voor het Rijnland typisch instituut met de naam Honnschaft (honderdschap). Het was een onderlinge rechtspraak tussen de boeren onderling om geschillen over erfgrenzen, weiderecht e.d. te beslechten.

Van 1730-1850 had Orsoy belangrijke textiel-(laken-)nijverheid, die daarna tot 1960 opgevolgd werd door tabak- en sigarenproductie. In 1906 begon de industrialisatie met de opening van de Solvay-zout- en sodafabrieken. Na de Eerste Wereldoorlog was Rheinberg enige tijd door Belgische troepen bezet. Vanaf de Tweede Wereldoorlog tot rond 1990 kende Rheinberg belangrijke textielindustrie, die daarna door concurrentie van elders onrendabel werd en verdween.

Na de bevrijding aan het einde van de Tweede Wereldoorlog werd in Rheinberg door de Commonwealth War Graves Commission het oorlogskerkhof Rheinberg War Cemetery aangelegd. Er rusten 3182 soldaten van het Verenigd Koninkrijk en het Gemenebest. Ook was kort na de oorlog een van de Rheinwiesenlager, slecht geoutilleerde gevangenkampen voor door de geallieerden gevangen genomen Duitse militairen, bij Rheinberg gevestigd.

Bezienswaardigheden, toerisme e.d. In Rheinberg zelf Het in 1449 gebouwde, en tot 2014 als gemeentehuis en -kantoor gebruikte, Oude Raadhuis zal, na een in 2019 gestarte verbouwing die volgens de meest recente plannen tot 2022 zal duren, een multifunctioneel centrum voor cultuur en ontmoeting worden, met o.a. een museum, restaurants, concertzalen, vergaderruimtes enz. Enkele restanten van de oude stadswallen, waaronder de ruïne van de Pulverturm ( de in 1598 verwoeste kruittoren) zijn bewaard gebleven. Het gebouw Alte Kellnerei is het enige overblijfsel van het stadskasteel van Rheinberg. Het werd in 1573 gebouwd, in 1598 verwoest en in het begin van de 17e eeuw herbouwd. In een Kellnerei zetelde een namens de landheer optredende magistraat (Kellner), die o.a. over de belastingheffing zeggenschap had. Het gebouw huisvest een muziekschool, het stadsarchief en enkele vertrekken, die kunstenaars uit de regio kunnen huren voor exposities e.d.