Tunesië (Arabisch: , Frans: ), officieel de Republiek Tunesië (Arabisch: الجمهورية التونسية, al-Jumhūrīyah at-Tūnisīyah, Frans: République tunisienne), is een land in Noord-Afrika dat grenst aan Algerije en Libië en aan de Middellandse Zee. Het behoort tot de Maghreblanden, waartoe ook Marokko, Mauritanië, Algerije en Libië worden gerekend.

Geschiedenis

Er zijn aanwijzingen dat na de ineenstorting van de tempelcultuur van Malta groepen het eiland verlieten en zich in Tunesië vestigden, getuige de megalithische monumenten van Ellès en soortgelijke bouwwerken in het gouvernement Siliana.

Vanaf de 10e eeuw v.Chr. werden de kustgebieden gekoloniseerd door Feniciërs. Hun belangrijkste nederzetting, Carthago, was vanaf de 5e eeuw v.Chr. een geduchte concurrent voor het opkomende Romeinse Rijk. De climax van de strijd tussen de beide steden was de legendarische veldtocht naar Italië van de Carthaagse generaal Hannibal, zoon van Hamilcar Barkas. In 146 v.Chr. werd Carthago door de Romeinen met de grond gelijk gemaakt en werd het huidige Tunesië ingelijfd bij het Romeinse rijk. In de late oudheid werd Tunesië eerst overheerst door de Vandalen, daarna door de Byzantijnen.

In de 7e eeuw werd Tunesië ingenomen door de Arabieren, die de islam introduceerden. Tot de 10e eeuw maakte de regio deel uit van de grotere Arabische kalifaten. Vanaf de 11e eeuw had het land zwaar te lijden onder vernietigende invallen door de Banu Hilal bedoeïen. Van de 10e tot de 16e eeuw heersten een opvolging van Berberdynastieën over het land: de Ziriden (973-1152), de Almohaden (1152-1229) en de Hafsiden (1229-1574). Onder deze laatste werd Tunis de hoofdstad en ontwikkelde het land zich als een grootmacht. Gedurende deze periode was het land constant in conflict met het Marokko van de Meriniden. Na enkele mislukte pogingen van Spanje om de Reconquista uit te breiden naar het Noord-Afrikaanse vasteland kregen vanaf eind 16e eeuw de Ottomanen het voor het zeggen. Zij regeerden Tunesië via de bei van Tunis, een machtige gouverneur die in de praktijk regeerde als een autonome vorst. Onder de beis ontwikkelde Tunis zich tot een belangrijke haven voor de beruchte Barbarijse zeerovers. Toen in de loop van de 19e eeuw de bei in financiële moeilijkheden raakten, grepen de Fransen, die eerder al Algiers hadden ingenomen, hun kans en bezetten het land.

Van november 1942 tot mei 1943, ten tijde van het Vichyregime, werd Tunesië bezet door nazi-Duitsland. Halverwege de 20e eeuw werd Tunesië zelfstandig: eerst als monarchie maar al spoedig daarna als republiek.

Belangrijke data 12 mei 1881 Frans protectoraat 1942-1943 Duitse bezetting, pro-nationalistische bei Muhammad al-Munsif 1943-1957 bei Muhammad VIII al-Amin 1954-1956 premier Tahar ben-Ammar 3 juni 1955 autonomie 20 maart 1956 onafhankelijk Koninkrijk Tunesië met Muhammad al-Amin als staatshoofd en Habib Bourguiba van de Parti Socialiste Destourien als premier vanaf 1956 nationalisering Franse bedrijven, collectivisatie van de landbouw, stichting landbouwcoöperaties 25 juli 1957 de Republiek Tunesië wordt uitgeroepen: koning Muhammad al-Amin wordt afgezet, Habib Bourguiba wordt president 1978 vanwege aanhoudende stakingen wordt de noodtoestand afgekondigd 1980 plundering grensstad door Libische militairen 1981 studentenrellen; invoering meerpartijenstelsel 1984 verbod op het dragen van een hoofddoek in openbare gebouwen 2 oktober 1987 Zine El Abidine Ben Ali wordt door Bourguiba als premier aangesteld 7 november 1987 Ben Ali zet Bourguiba af en wordt president december 1987 Ben Ali stapt uit de Parti Socialiste Destourien en richt het Rassemblement Constitutionnel Démocratique op 1990 Ben Ali keurt de Iraakse bezetting van Koeweit scherp af 1991 Tunesië keurt de Amerikaanse en Britse inval in Irak af. De islamitische Ennahda-beweging groeit 2003 Tunesië keurt de aanval door de Coalitie-troepen op Irak af 14 januari 2011 De Jasmijnrevolutie begint. Zine El Abidine Ben Ali vlucht naar Saoedi-Arabië 23 oktober 2011 Eerste vrije verkiezingen sinds de val van het dictatoriale regime 13 december 2011 Moncef Marzouki wordt door het parlement verkozen tot interim-president 5 oktober 2013 Tussen de fracties in de Grondwetgevende Vergadering wordt een "routekaart naar democratie" overeengekomen 8 februari 2014 De nieuwe grondwet wordt ondertekend. Tunesië wordt een parlementaire democratie met een semi-presidentieel systeem, waarin de macht wordt gedeeld tussen president, premier en parlement 6 maart 2014 Bij presidentieel decreet wordt de noodtoestand opgeheven

Geografie 250px|Satellietfoto Tunesië 250px|Kaart van Tunesië

Tunesië is het kleinste van de Maghreblanden. Het ligt in het noorden van Afrika aan de Middellandse Zee en is van Europa gescheiden door het 140 km brede kanaal van Sicilië. Sicilië en het zuiden van Sardinië zijn dichtbij.

Flora en fauna Aan de noordkust en in het Atlasgebergte ligt een mediterraan loof- en struikgewasbos met steeneik, kurkeik en aleppo-den, waar naast klein wild ook wilde zwijnen voedsel vinden.

Bevolking Demografie Genetische studies uitgevoerd door National Geographic in Tunesië, hebben getoond dat de bevolking 88% Amazigh (berbers), 5% Europees, 4% Arabisch en 2% sub-Saharaans is. De bevolking bestaat dus voor het grootste gedeelte uit Berbers. Veel Tunesiërs zijn zich hiervan echter niet meer bewust en beschouwen zichzelf als Arabieren. Na de Jasmijnrevolutie van 2011 kwam er echter een eind aan de volstrekte dominantie van de Arabische cultuur. Als Berber kon je nu trots zijn op je Berber-afkomst. Er kwam zelfs een Berber-museum, waardoor de Tunesiërs konden kennisnemen van de/hun Berbercultuur. Oases in de Oriënt, afl.4, in de Tunesische Dahar-regio gaat Kefah Allush op zoek naar de laatste bewoners van de ondergrondse grotwoningen, EO, NPO2,uitgezonden op 6-5-2020

In de loop van de geschiedenis hebben veel verschillende volken het grondgebied bezet en er hun sporen achtergelaten.

The World Factbook van de CIA meldt over 2023 de volgende cijfers:CIA - The World Factbook bevolkingsgroei: 0,63%; sterftecijfer: 6,4 per 1000 inwoners; geboortecijfer: 14,1 per 1000 inwoners; levensverwachting: gemiddeld 77,1 jaar (mannen: 75,4 jaar, vrouwen: 78,8 jaar); Uitgaven voor gezondheidszorg: 6,3% van het bbp (2020); Onderwijsuitgaven: 7,3% van het bbp (2016); analfabetisme: 17,3% (mannen: 10,9%, vrouwen: 17,3% (2021)); bevolkingsgroepen: 98% Arabieren, 1% Europeaan en overige groepen 1%; religie: soennitische moslims: 99%, overige (waaronder christenen, joden, sjiitische moslims, soefi moslims, ibaditische moslims en bahai) < 1%; werkloosheid bij de jeugd 15-24 jaar: totaal 38,3% (mannen 37,1%, vrouwen 41,2%) (2021); migratiesaldo: -1,3 migranten per 1000 inwoners.

Religie thumb|De Al-Zaytuna-moskee in Tunis, die gebouwd werd in de 7e eeuw De grondwet van Tunesië bepaalt dat de staatsgodsdienst de islam is.https://www.constituteproject.org/constitution/Tunisia_2014.pdf Tunesische grondwet 2014 Ruim 99% van de bevolking staat geregistreerd als islamitisch. De meerderheid van de moslims in Tunesië zijn soennieten maar er zijn ook kleine gemeenschappen sjiieten, soefis en ibadieten. Het land is lid van de Organisatie voor Islamitische Samenwerking (OIS) sinds de oprichting in 1969. Tunesië kent slechts een beperkte vorm van godsdienstvrijheid. Zo kan volgens de grondwet enkel een moslim president worden en mogen niet-islamitische religies niet proberen moslims tot hun geloof te bekeren.Tunisia, International Religious Freedom Report 2007

In Tunesië wonen kleine minderheden van christenen, joden en bahai.

Het christendom in Tunesië kent een lange geschiedenis. Cyprianus was in de 3e eeuw bisschop in Carthago. De katholieke gemeenschappen, die in de 12e eeuw nog belangrijk waren, verdwenen aan het einde van de 14e eeuw. In 1884 werd er opnieuw een aartsbisdom opgericht (het Aartsbisdom Carthago), dat echter in 1964 onder druk van de Tunesische regering werd opgeheven en omgezet in de prelatuur (nullius) Tunis. De meeste kerken werden toen ook genationaliseerd. De kathedraal van Saint-Louis werd aan de eredienst onttrokken en is sinds 1993 onder de naam Acropolium in gebruik als cultureel centrum. In 1995 werd de prelatuur wederom verheven tot aartsbisdom.Diocèse de Tunis Sinds 16 maart 2013 staat aartsbisschop Ilario Antoniazzi aan het hoofd van het Rooms-katholiek aartsbisdom van Tunis. De Kathedraal van Sint-Vincent-de-Paul is de meeste gekende kathedraal van het land. In 2007 waren er 25.000 christenen in Tunesië.

Woonden er in vroeger jaren nog circa 85.000 joden in Tunesië,Encyclopaedia Britannica, 15e druk, 1978 in 1972 waren dat er nog slechts 25.000Grote Winkler Prins, zesde druk, 1974 en in 2007 nog 1.500. In 2011 werd het aantal gesteld op 1.700, waarvan er 700 in Tunis woonden en 1.000 op het eiland Djerba. El-Ghriba, de eeuwenoude synagoge van het eiland, was op 11 april 2002 het doelwit van een bomaanslag waarbij 20 mensen de dood vonden.

De jodenbuurt van Tunis heette Hara, het tegenwoordige Hafsia.

Steden De hoofdstad van Tunesië is Tunis, dat in het noorden van het land ligt. Buiten de medina die nog een traditionele sfeer ademt, is Tunis deels een westers aandoende stad, voornamelijk door de invloed van het voormalige Franse koloniale bewind.

Politiek en bestuur

Bestuurlijke indeling

Tunesië is staatkundig onderverdeeld in 24 gouvernementen (معتمدية, muʿtamadiyya), verder verdeeld in gemeenten (البلدية, albaladia).

Staatsinrichting De grondwet van Tunesië dateert van 2014.https://web.archive.org/web/20150923210602/http://www.constitutionnet.org/files/2014.01.26_-_final_constitution_english_idea_final.pdf Volgens die grondwet is het land een democratie met een semipresidentieel systeem en wordt er gekozen voor een evenwichtige verdeling van de (politieke) macht. Zo wordt de uitvoerende macht verdeeld over de president en de eerste minister. Deze laatste is de belangrijkste functie.

President van de Republiek De president van de Republiek Tunesië wordt gekozen door middel van rechtstreekse algemene verkiezingen voor een periode van vijf jaar. Iedere moslim die ten minste 35 jaar oud is, sinds de geboorte de Tunesische nationaliteit heeft en geen andere nationaliteit heeft of zich formeel verbindt om af te zien van een andere nationaliteit wanneer verkozen, kan kandidaat zijn bij de Tunesische presidentsverkiezingen. Overeenkomstig met artikel 75 van de Grondwet mag niemand meer dan twee ambtstermijnen vervullen, hetzij opeenvolgend of gescheiden. Deze bepaling kan niet worden gewijzigd om het aantal termen te verhogen.

De president is het staatshoofd en opperbevelhebber van de strijdkrachten en definieert het algemene beleid van het buitenlands beleid, defensie en nationale veiligheid. Hij benoemt de Grootmoefti van de Republiek, de Gouverneur van de Centrale Bank, evenals hoge posten binnen de diplomatieke diensten, de nationale veiligheid en defensie. Hij kondigt wetten aan die zijn aangenomen door de Volksvertegenwoordiging en kan om nader overleg vragen. Als het algemeen belang dit rechtvaardigt, kan hij ook wetten aan een referendum onderwerpen. De president kan het Tunesische parlement voor zijn zittingsperiode ontbinden. Wanneer het land in gevaar is, kan de president tijdelijk buitengewone bevoegdheden uitoefenen.

De Vergadering van volksvertegenwoordigers kan met een meerderheid van twee derde van haar leden besluiten het mandaat van de president te beëindigen in geval van schending van de Grondwet. De president heeft het recht gratie te verlenen in naam van de republiek. De president kan ook wetsvoorstellen indienen aan het parlement (recht van initiatief). De president benoemt en ontslaat alle gouverneurs die aan het hoofd staan van gouvernementen op voorstel van de minister van Binnenlandse Zaken. De president geniet tijdens zijn ambtstermijn rechterlijke immuniteit.

Eerste Minister