Steenvliegen of oevervliegen (Plecoptera) zijn een kleine orde van gevleugelde insecten. Steenvliegen zijn te herkennen aan hun slanke, langwerpige lichaamsvorm en de doorzichtige vleugels die in rust plat op de rug worden gehouden. De nimfen leven in stromend water, terwijl de volwassen dieren zich ophouden op het land. De volwassen dieren leven meestal slechts enkele weken en komen vaak gesynchroniseerd binnen een kort tijdsbestek tevoorschijn, waardoor ze in grote aantallen kunnen worden aangetroffen.

De nimfen van steenvliegen zijn bijna jaarrond aanwezig en daardoor makkelijker te vinden dan de volwassen insecten. Hierdoor worden met name de nimfen van de steenvliegen verzameld en bestudeerd. De nimf lijkt wat op die van een waterjuffer of eendagsvlieg, maar onderscheidt zich door de twee lange, draadvormige achterlijfsuitsteeksels (cerci). De nimfen van steenvliegen zijn in de regel zeer gevoelig voor watervervuiling waardoor ze bekend staan als indicator voor waterkwaliteit.

In tegenstelling tot veel andere insecten hebben steenvliegen een voorkeur voor koelere tot uitgesproken koude streken. De nimfen leven vaak van plankton of algen op bladeren of dood hout, roofsteenvliegen leven van kleine ongewervelde dieren. Volwassen steenvliegen hebben meestal geen functionele monddelen maar er zijn soorten die wel voedsel opnemen. Dergelijke soorten leven altijd van plantaardige kost. Steenvliegen komen al voor sinds het vroege Perm, en worden beschouwd als een relatief primitieve insectengroep.

Steenvliegen zijn in vergelijking met andere insecten een relatief kleine orde die ongeveer 3920 soorten telt. De verschillende soorten komen voor op bijna alle continenten, de meeste in Azië. In Europa zijn ongeveer 500 soorten geregistreerd. Van de ongeveer tien soorten die in Nederland nog voorkomen is het grootste deel zeldzaam tot zeer zeldzaam. Zeventien soorten zijn in Nederland uitgestorven. Steenvliegen worden daarmee beschouwd als een van de sterkst bedreigde diergroepen in Nederland.

Naam en indeling De wetenschappelijke naam van de groep werd voor het eerst voorgesteld door Hermann Burmeister in 1839. Over de etymologie van de naam Plecoptera bestaan verschillende theorieën. Zo zou de naam vrij vertaald 'gevlochten vleugels' betekenen, naar de Oudgriekse woorden πλέκειν (plekein), dat vlechten betekent en πτέρυξ (pteryx), dat vleugel betekent. Andere bronnen vermelden echter dat Plecoptera vertaald moet worden als 'gevouwen vleugels' omdat het eerste deel van de naam zou zijn afgeleid van het Griekse pleco, dat gevouwen betekent.

De Nederlandstalige naam steenvliegen slaat op het feit dat de nimfen van veel soorten onder stenen in turbulente, snel stromende wateren leven zodat ze niet met de stroming worden weggevoerd. De adulten (de zogeheten imago's) worden vaak op in het water of langs het water liggende stenen gezien om de eieren af te zetten. Ook in veel andere talen wordt een dergelijke naam gebruikt, zoals het Engelse 'stone flies' en het Duitse 'steinfliegen'. De naam Plecoptera wordt ook gebruikt voor een geslacht van vlinders uit de familie spinneruilen, zie het artikel Plecoptera.

Indeling thumb|alt= Een steenvlieg van de soort Leuctra inermis op een blad in Commanster, België|Exemplaar van de soort Leuctra inermis, Commanster, België. Steenvliegen werden voor het eerst uitgebreid onderzocht door de Duitser Hermann Burmeister (1807-1892) in zijn werk Handbuch der Entomologie uit 1839.Burmeister, H. C.C. 1839. Handbuch der Entomologie (Plecoptera: Vol. 2), 863–881. Berlin: T.C.F. Enslin. Later werden ze gedetailleerd beschreven door de Zwitser François-Jules Pictet de la Rive (1809-1872) in het boek Histoire naturelle générale et particulière des insectes Névroptères uit 1841.Pictet, F. J. 1841. Histoire naturelle générale et particulière des insectes Névroptères. Famille des Perlides, Genève: Kessmann. Paris: J.-B- Baillière Sindsdien worden de steenvliegen als een aparte groep van insecten beschouwd.

De steenvliegen werden voor het eerst in groepen ingedeeld door Peter Walter Claassen (1886-1937). Dit werk werd postuum gepubliceerd in 1940 en bevatte iets minder dan 1000 soorten met hun synoniemen, het verspreidingsgebied en referenties naar de literatuur. Joachim Illies (1925-1982) publiceerde in 1966 een meer uitgebreid werk in zijn publicatie Katalog der rezenten Plecoptera waarin een verbeterde classificatie was opgenomen en ongeveer 1600 soorten werden vermeld. Tevens waren vele ondergeslachten opnieuw ingedeeld en werden typesoorten benoemd, evenals soorten waarvan de status onduidelijk was. Illies vermeldde tevens de biogeografische gegevens zoals een uitgebreide lijst van verspreidingsgebieden per soort. Veel soorten die toentertijd al als geldig werden gezien ontbraken echter waardoor Peter Zwick in 1973 met een update kwam waarin ongeveer 1800 soorten staan vermeld.

Latere werken richtten zich voornamelijk op de vraag aan welke insectengroepen de steenvliegen verwant zijn en hun positie binnen de Hexapoda, zoals N. P. Kristensen in 1975 en David Grimaldi en Michael S. Engel in 2005.Grimaldi, D. and Engel, M. S. 2005. Evolution of the Insects, New York: Cambridge University Press.

Decennialang waren er weinig nieuwe publicaties tot Romolo Fochetti, José Manuel Tierno de Figueroa en Joel Hallan voor het eerst een digitaal systeem ontwikkelden. In 2008 werd Edward DeWalt verantwoordelijk voor de database en converteerde die naar de Species File Software, op internet beschikbare software die geschikt is om een taxonomische database te genereren. De informatie is beschikbaar op de Plecoptera Species File. Deze database wordt ook gebuikt om bijvoorbeeld de indeling van de wandelende takken (Phasmatodea) gemakkelijk doorzoekbaar te maken (Phasmatodea Species File). Tegenwoordig wordt de database bijgehouden door bioinformatici van de Universiteit van Illinois te Urbana-Champaign (afdeling Illinois Natural History Survey).

De steenvliegen worden verdeeld in twee onderorden, de Antarctoperlaria (vroeger: Filipalpia) en de Arctoperlaria (vroeger: Setipalpia). De Antarctoperlaria bezitten enkele kenmerken die bij de Arctoperlaria niet voorkomen, zoals een karakteristieke spier aan de trochanter en de aanwezigheid van bepaalde zintuigcellen. Antarctoperlaria zijn een vrij kleine onderorde, ze worden vertegenwoordigd door 325 soorten en komen alleen voor op het zuidelijk halfrond. Ze worden verdeeld in twee superfamilies die in totaal zes families tellen.Vertegenwoordigers van de veel grotere groep Arctoperlaria komen voornamelijk voor op het noordelijk halfrond, zij worden verdeeld in twee infraordes, elf families en ongeveer 3590 soorten.

In totaal zijn circa 3920 soorten beschreven die verdeeld worden in zeventien families. Dit is exclusief de uitgestorven steenvliegen en soorten die nog geen wetenschappelijke naam hebben. In noordelijk Azië komen verhoudingsgewijs de meeste soorten voor, ongeveer 1180. In Afrika komen ongeveer 80 soorten voor, dit continent heeft het laagste aantal. Ieder jaar worden er ongeveer 45 nieuwe soorten beschreven. Vermoed wordt dat er tussen 2019 en 2100 ongeveer 2130 nieuwe soorten zullen worden erkend.

De grootste familie vormen de borstelsteenvliegen (Perlidae) met 1225 soorten, de familie Kathroperlidae is met vier vertegenwoordigers de kleinste. In veel indelingen wordt deze groep tot de familie groene steenvliegen (Chloroperlidae) gerekend. Sommige geslachten zijn zeer soortenrijk, zoals Anacroneuria dat maar liefst 356 vertegenwoordigers telt. Dit is exclusief 237 soorten die als nomen dubia worden beschouwd en 21 'tijdelijke' soorten. Aan deze soorten is nog geen wetenschappelijke naam toegekend (binomen), zij hebben namen als CO1 tot en met 10 en GU1 tot en met 5.

Lijst van families Onderstaand zijn alle families van steenvliegen weergegeven, met de auteur, het aantal soorten, het verspreidingsgebied, een voorbeeldsoort en indien beschikbaar een afbeelding hiervan. Uitklapbare tabel van alle families van de steenvliegen (Plecoptera) Naam Auteur Soorten Voorbeeldsoort Afbeelding voorbeeldsoortAustroperlidae Tillyard, 1921 15 Austroperla cyrene 100px Capniidae Banks, 1900 302 Allocapnia granulata 100px Groene steenvliegen(Chloroperlidae) Enderlein, 1909 217 Siphonoperla torrentium 100px Diamphipnoidae Ricker, 1950 9 Diamphipnoa annulata Eustheniidae Tillyard, 1921 19 Stenoperla prasina 100px Gripopterygidae Enderlein, 1909 275 Andiperla willinki 100px Kathroperlidae Banks, 1947 4 Kathroperla takhoma kaderloos|100x100px Naaldsteenvliegen(Leuctridae) Klapálek, 1905 400 Leuctra nigra 100px Beeksteenvliegen(Nemouridae) Newman, 1853 747 Nemoura cinerea 100px Notonemouridae Ricker, 1950 120 Notonemoura alisteri Peltoperlidae Claassen, 1931 78 Soliperla sierra 100px Borstelsteenvliegen(Perlidae) Latreille, 1802 1225 Perla marginata 100px Perlodidae Klapálek, 1912 366 Perlodes microcephalus 100px Pteronarcyidae Newman, 1853 6 Pteronarcys dorsata 100px Scopuridae Uéno, 1935 8 Scopura longa Styloperlidae Illies, 1966 12 Styloperla jiangxiensis Vroege steenvliegen(Taeniopterygidae) Klapálek, 1905 106 Februarirood(Taeniopteryx nebulosa) 100px

Indeling tot op geslachtsniveau Onderstaand is de volledige indeling van de moderne steenvliegen opgenomen in een uitklapbare tabel waarbij de onderordes, infraordes, superfamilies, families, onderfamilies en geslachten zijn vermeld. Merk op dat dit een grote tabel is van meer dan 350 regels. De gegevens zijn afkomstig van de Plecoptera Species File. Het betreft alleen de moderne soorten en groepen, een aantal soorten en groepen zijn voor de overzichtelijkheid weggelaten.

Uitgestorven groepen en soorten zijn niet opgenomen. Tribussen zijn weggelaten, de verschillende geslachten die tot een tribus behoren zijn wel opgenomen. Soortengroepen (ondergeslachten) zijn niet opgenomen. De betreffende soorten zijn wel opgeteld bij het bovenliggende geslacht. Soorten die nog niet aan een geslacht zijn toegewezen zijn niet opgenomen. Soorten met een tijdelijke naam, dus zonder geldige wetenschappelijke naam, zijn niet opgenomen. Soorten met een twijfelachtige wetenschappelijke status (nomen dubia) zijn niet opgenomen. De totalen staan in de kolomkoppen tussen haakjes weergegeven.