Alain Louvier (Parijs, 13 september 1945) is een Frans componist, muziekpedagoog en dirigent.
Levensloop Louvier studeerde van 1953 tot 1967 aan het Conservatoire à rayonnement régional de Boulogne-Billancourt bij Marcel Landowski en van 1967 tot 1970 aan het Conservatoire national supérieur de musique in Parijs bij Manuel Rosenthal, Norbert Dufourcq, Henriette Puig-Roget, Olivier Messiaen, Tony Aubin en Robert Veyron-Lacroix en behaalde negen 1e prijzen. In 1968 was hij de laatste winner van de Prix de Rome met zijn cantate Folie et mort d’Ophélie. Daarmee verbonden was een beurs voor een 3-jarig verblijf in de Villa Medici in Rome. Na zijn terugkomst werd hij nog met verdere prijzen bekroond zoals de Prix Arthur Honegger (1975), de Prix Paul Gilson (1981) en de Prix George Enescu door de Franse Auteursrechtsmaatschappij Société des Auteurs, Compositeurs et Éditeurs de Musique (SACEM).
Van 1972 tot 1986 was hij directeur van het Conservatoire à rayonnement régional de Boulogne-Billancourt en zijn directeurschap was gekenmerkt door een onderwijsvernieuwing en een opmerkelijke opdracht aan rond 50 componisten voor korte nieuwe werken voor zijn muziekstudenten. Van 1986 tot 1991 was hij directeur van het Conservatoire national supérieur de musique in Parijs. Van 1991 tot 2009 doceert hij muziekanalyse en orkestratie aan dit conservatorium. In mei 2009 werd hij opnieuw directeur van het Conservatoire à rayonnement régional de Boulogne-Billancourt.
Als dirigent leidde hij vanaf 1971 vele uitvoeringen (premières) van nieuwe muziek. Vooral met het Ensemble de l’Itinéraire voerde hij werken uit van Karlheinz Stockhausen, Giacinto Scelsi, Gérard Grisey, Michaël Levinas, Roger Tessier, Aurèle Stroë, Tristan Murail, Thierry Blondeau, Fabio Campana, Bruno Mantovani en Régis Campo.
Ook als componist is hij opmerkelijke wegen gegaan. Hij schreef met een zeer persoonlijk gebarenspel bijvoorbeeld voor toetseninstrumenten (Études pour Agresseurs, Agrexandrins). Zijn werktitels verraden ook zijn interesse aan de muzikale uitwerking van geometrische figuren of numerieke sequenties (Hommage à Gauss, 9 Carrés pour 4 flûtes, Chant des Aires, l’Isola dei Numeri) en opent ook nieuwe perspectieven door de invoering van de modaliteit in de wereld van microtonale nuances (kwarttonen) (le Clavecin non Tempéré, Suite en Do, Anneaux de Lumière, « S »).
Composities Werken voor orkest 1969: Chant des Limbes, voor orkest 1973: Trois Pièces Faciles, voor jeugd- of schoolorkest 1974: Trois Atmosphères, voor orkest Méthane Azote Hélium 1977: Suite en Do, voor orkest Prélude Lude Postlude 1982: Concerto pour orchestres 1987: Tutti, voor jeugdorkest 1993: Itinéraires d’Outre-Rêve, voor piano en 17 instrumenten 1996: Concert, voor altviool en orkest 1998: Météores, voor 2 piano's en orkest 2007: Etudes pour Agresseurs (Livre 7), voor piano, klavecimbel, orgel en orkest
Werken voor harmonieorkest 2006: Archimède, voor harmonieorkest Concert, voor harp, piano, celesta en harmonieorkest
Missen en andere kerkmuziek 1978: Messe des Apôtres, voor 12 mannenstemmen, kinderkoor, orgel en slagwerk 1994: Missa de Angelis, voor 18 zangstemmen, 2 hoorns en slagwerk
Muziektheater Toneelmuziek 1971: Sept Caractères, d’après La Bruyère, voor piano en 13 instrumenten 1976: Casta Diva, muzikaal en choreografisch spektakel
Vocale muziek Cantates 1967: « Voyageur, où t’en vas-tu ? », voor sopraan, mezzosopraan, bas en orkest - tekst: Rabindranath Tagore 1968: « Folie et mort d’Ophélie », cantate voor sopraan, bariton en orkest - tekst: William Shakespeare
Werken voor koor 1981: Et Dieu créa l’Enfant, voor kinderkoor en strijksextet 1986: Musique de Neige, voor kinderkoor, 8 dwarsfluiten, cello en 2 slagwerkers 1990: Atomes de Requiem, voor gemengd koor en piano met een 16-tonig octaaf-systeem 1999: Une cloche de feu rose dans les nuages, voor 11 zangstemmen en piano
Liederen 1968: Quatre Poèmes de Mallarmé, voor sopraan, spreker en orkest Cantique de Saint Jean Sainte Au seul souci de voyager... Ses purs ongles très haut dédiant leur onyx... 1976: Canto di Natale voor zangstem en 12 instrumenten 1984: Poèmes de Ronsard, voor zangstem en kamerorkest 2001: Lagunes et Lucanes, voor zangstem, sopraansaxofoon (ook baritonsaxofoon) en piano - tekst: van de componist
Kamermuziek 1965: Cinq Pièces, voor koperkwintet 1972: An de Grâce 1947, voor 3 blokfluiten 1972: Cromagnon, voor tuba en celesta 1974: Cinq Portraits et une Image, voor hobo, klarinet, fagot en altsaxofoon 1975: Hydre à 5 têtes, voor piano en klarinet (of fagot of hoorn of altsaxofoon of trombone) 1976: Deux Brèves et une Longue, voor cello solo en 16 celli 1976: Qu’est devenu ce bel œil ?, voor dwarsfluit (of hobo) en bandrecorder 1977: Raga, voor cello (of Ondes Martenot) en bandrecorder 1981: Cinq Ephémères, voor sopraansaxofoon (of klarinet) en piano 1981: Sempre piu alto, voor altviool en piano 1984: Trois Nuits en Trio, voor klarinet, cello en piano 1986: Envols d’écailles, voor dwarsfluit, altviool en harp 1988: Chant des Aires, voor dwarsfluit solo en fluitkoor 1991: Eclipse, voor dwarsfluit, viool, altviool en cello 1994: Clamavi, voor cello en slagwerk 1994: Le Zoo de Noé, voor dwarsfluit (ook piccolo), hobo (ook althobo), klarinet, trompet, hoorn, tuba, harp, viool, altviool, cello, piano en 2 slagwerkers 1995: Janus et Moebius, voor 2 klarinetten 1995-1999: Strijkkwartet 1995: Un Gamelan à Paris, voor gamelan, slagwerk, synthesizer en bandrecorder 2000: Nuit de feu, rumeur d’espace, voor viool, altviool, cello, contrabas en piano 2001: Diurne, voor 2 klarinetten en basklarinet 2003: Heptagone, voor dwarsfluit, klarinet, viool, altviool, cello, piano en harp 2004: Herbies 1, voor 2 tot 4 dwarsfluiten 2005: Herbier 2, voor harp, gitaar en mandolines 2009: Bach, Bachelios, voor dwarsfluit, viool, altviool en cello 2010: Quatre Bagatelles sur le nom de Haydn, voor strijkkwartet
Werken voor orgel 1983: Etudes pour Agresseurs (Livre 6) 1984: Quatre Alléluias 2010: Organo di Luce
Werken voor piano 1964: Etudes pour Agresseurs (Livre 1) 1964: Thème et variations 1966: Sonate, voor 2 piano's 1967: Etudes pour Agresseurs (Livre 2) 1967-1972: Etudes pour Agresseurs (Livre 4), voor 2 piano's 1972: Etude 37 pour 8 Agresseurs 1972: Etude 38 pour 16 Agresseurs Apprivoisés 1975: Trois Gymnopédies Automatiques 1981: Agrexandrins (Livre 1) 1983: Anneaux de Lumière, voor 2 kwarttoonpiano's 1991: l’Isola dei Numeri 1995: La Dormeuse et les Oiseaux de Nuit 1997: Triangle, voor piano vierhandig 1999: « S », voor piano en 1 kwarttoonpiano 2006: Dextres Agrexandrins (Livre 2) Agrexandrins (Livre 3)
Werken voor klavecimbel 1969: Etudes pour Agresseurs (Livre 3) 1972: Etudes pour Agresseurs (Livre 5) 1973-1978: Le Clavecin Non Tempéré 1976: Etudes pour Agresseurs (Livre 3 bis) 1987-1993: Livre pour Virginal
Werken voor celesta 2011: Études pour Agresseurs (Livre 8)
Werken voor harp 1973: Chimère 1980: Joutes, voor 2 harpen 2009: L’Harpenteur étrange
Werken voor slagwerk 1970: Duel, voor 2 tot 5 slagwerkers 1970: Shima, voor 6 slagwerkersShima door Les Percussions de Strasbourg. Gearchiveerd op 6 april 2017. 1972: Candrakala, voor 6 slagwerkers
Bibliografie
Wolfgang Suppan, Armin Suppan: Das Neue Lexikon des Blasmusikwesens, 4. Auflage, Freiburg-Tiengen, Blasmusikverlag Schulz GmbH, 1994, Martial Leroux: Histories musicales des Hauts-de-Seine, 1993. 490 p. Suzanne Montu-Berthon: La musique a deux claviers (clavecin, piano, clavicorde ... ), 1987, 141 p.
Externe links Officiële internetpagina Biografie op de internetpagina van de muziekuitgeverij Babel scores
Categorie:Frans componist Categorie:Frans dirigent Categorie:Frans muziekpedagoog Categorie:20e-eeuws componist Categorie:21e-eeuws componist