Het plusquamperfectum, Latijn voor 'meer dan perfectum', is een verleden tijd uit het Latijn die in het Nederlands voltooid verleden tijd wordt genoemd. Bijvoorbeeld "ik had geroepen" of "ik was gegaan".

Vorming in het Latijn In het Latijn wordt de actieve indicatief plusquamperfectum gevormd door de perfectumstam + als uitgang: het imperfectum van esse. De passieve indicatief plusquamperfectum wordt gevormd met 2 delen: het participium perfectum en de indicatief imperfectum van 'esse'.

NB Strikt genomen wordt de actieve indicatief plusquamperfectum gevormd door de perfectumstam met daaraan vast de kenletters -ěra- en de uitgangen (1e p. enk.-m, 2e p. enk.-s, 3e p. enk.-t, 1e p. mv.-mus, 2e p. mv.-tis, 3e p. mv.-nt). Deze 2 laatste delen komen in dit geval overeen met het imperfectum van 'esse'. Voor de deponente werkwoorden bestaat er geen plusquamperfectum.

Vervoeging Actieve indicatief plusquamperfectum a-stame-stami-stammk-stamesse (zijn)posse (kunnen)vertaling clamare clamav-era-m timu-era-m audiv-era-m dix-era-m fu-era-m potu-era-m ik had geroepen clamav-era-s timu-era-s audiv-era-s dix-era-s fu-era-s potu-era-s jij had geroepen clamav-era-t timu-era-t audiv-era-t dix-era-t fu-era-t potu-era-t hij/zij had geroepen clamav-era-mus timu-era-mus audiv-era-mus dix-era-mus fu-era-mus potu-era-mus wij hadden geroepen clamav-era-tis timu-era-tis audiv-era-tis dix-era-tis fu-era-tis potu-era-tis jullie hadden geroepen clamav-era-nt timu-era-nt audiv-era-nt dix-era-nt fu-era-nt potu-era-nt zij hadden geroepenNederlands had geroepen had gevreesd had gehoord had gezegd was geweest had gekund

NB: De uitgang van de 3e persoon meervoud van de actieve indicatief plusquamperfectum (-erant) lijkt op de uitgang van de 3e persoon meervoud van de actieve indicatiefperfectum (-erunt).

Passieve indicatief plusquamperfectum a-stame-stami-stammk-stamesse (zijn)posse (kunnen)vertaling clamare clamatus eram timitus eram auditus eram dictus eram - - ik was geroepen clamatus eras timitus eras auditus eras dictus eras - - jij was geroepen clamatus erat timitus erat auditus erat dictus erat - - hij - zij - het was geroepen clamati eramus timiti eramus auditi eramus dicti eramus - - wij waren geroepen clamati eratis timiti eratis auditi eratis dicti eratis - - jullie waren geroepen clamati erant timiti erant auditi erant dicti erant - - zij waren geroepenNederlands was geroepen was gevreesd was gehoord was gezegd - -

Vertaling De indicatief plusquamperfectum is het beste vertalen met de voltooid verleden tijd. Het komt voor in het Latijn dat iets in de perfectum wordt geschreven en je het in het Nederlands met een plusquamperfectum moet vertalen. Dit kan ook andersom het geval zijn. Er staat dan vaak bij het woord in het woordenboek bij de Nederlandse vertalen +plpf.

Nuttige wenk: Bij het voegwoord postquam (nadat) en daarna een perfectumvorm moet je altijd de perfectumvorm met een voltooid verleden tijd vertalen.

Voorbeeld:

Postquam Sneep in animo habuit Perkamentum necare, schola eum cecidit. Nadat Sneep van plan was geweest Perkamentus te doden, doodde de school hem. Postquam Augustus vita cessit, Tiberius imperator erat. Nadat Augustus was gestorven, was Tiberius de keizer.

Met hadden; Quamquam Hero lucernam accenderat, Leander in litore manebat.

vertaling; Hoewel Hero de lantaarn had aangestoken, bleef Leander wachten op de kust.

Voorbeelden Puella pulchra fortiter pugnaverat. - Het mooie meisje had dapper gestreden. Audiveras bene. - Jij had goed geluisterd. Caedes creverat bis. - Het bloedbad was tweemaal gegroeid.

Zie ook Perfectum Imperfectum Voltooid verleden tijd

Categorie:Werkwoord in het Latijn Categorie:Tempus