Epimedium alpinum is een plantensoort die behoort tot de Berberisfamilie (Berberidaceae). In Nederland komt de soort hier en daar voor als verwilderde tuinplant. Het oorspronkelijke verspreidingsgebied is Zuidoost-Europa van Albanië tot in de Zuid-Alpen, en naar het westen toe tot Piëmont. De soort komt voor in schaduwrijke, warme loofbossen tot 1200 meter hoogte.

De bloeitijd is april tot juli.

Eigenschappen Epimedium alpinum is een vaste plant, die 6–30 cm hoog wordt. De plant heeft een ondergrondse, kruipende wortelstok. De stengel is rechtopgaand, maar iets gebogen. De bladeren zijn dubbel drietallig geveerd. De scheef hartvormige tot eironde, lang gesteelde deelblaadjes zijn 4–8 cm lang en hebben een lichtgekleurde naar voren gerichte stekel. De bovenzijde van het blad is donkergroen en de matgroene onderzijde is met verspreid voorkomende, korte, kroezige, roodachtige haren bedekt. De bloemen zitten in een losse tros en zijn ongeveer 1 cm breed. De bloemkroon bestaat uit vier gele, gespoorde kroonbladeren. De 4–6 buitenste kelkbladeren zijn tot 4 mm lang, groen tot roodachtig gekleurd en vallen later af. De binnenste kelkbladeren zijn twee keer zo groot als de buitenste, en donkerrood. De kokervrucht is tot 2 cm lang en heeft een korte snavel.

Afbeeldingen

Bronnen Xaver Finkenzeller, Jürke Grau: Alpenblumen (Steinbachs Naturführer). Mosaik Verlag GmbH, München 1996, .

Categorie:Berberisfamilie