Harlingen (Westerlauwers Fries: Harns (, ) is een stad in de Nederlandse provincie Friesland en de hoofdplaats van de gelijknamige gemeente. Harlingen behoort tot de Friese elf steden en telt ongeveer inwoners (). Het is de op vier na grootste plaats van Friesland. De haven van Harlingen is de belangrijkste haven van de provincie.
Geschiedenis Ontstaan en stadsrechten miniatuur|links|Historische kaart van Harlingen uit 1664 Harlingen werd voor het eerst in 1228 genoemd als Herlinge, een niet-agrarische buurt ten westen van Almenum en het klooster Ludingakerke. De monniken van het klooster hielden zich o.a. bezig met het graven van vaarten en kanalen. Ook voor zoutwinning uit verzilt veen en voor baksteenproductie moest er gegraven worden.Schroor pp. 26-30
Dat Harlingen in 1234 stadsrechten zou hebben gekregen wordt voor het eerst door Andreus Cornelius in zijn kroniek uit 1597 vermeld. Deze kroniek wordt als niet betrouwbaar beschouwd en bewijzen voor deze vroege stadsrechten zijn er niet.Dokkum, Bolsward, Leeuwarden en Staveren hebben in de 11e eeuw munten geslagen met hun naam erop, wat duidt op een belangrijke economische ontwikkeling. Schroor stelde vast dat er in de jaren 1228-1234 ‘te weinig fundament is om het Harlingen van die jaren als een stedelijke nederzetting te typeren.’(p. 30) Zie ook Schroor pp. 36-38 over Stedelijke aspiratties.
Ten noordwesten van Harlingen lag het eiland Griend. Het was in de Middeleeuwen deels eigendom van twee kloosters. Klooster Mariëngaarde had er een uithof met kloosterschool en de kerk was eigendom van het klooster Ludingakerke. Latere bronnen spreken over een stad, maar er moet eerder worden gedacht aan een wierde met een handelsnederzetting met een aantal losse boerderijen op eigen huiswierden op de kwelder. In elk geval was de kwelder van Griend omvangrijk en de moeite van exploiteren waard.Knol e.a., Inleiding Na de desastreuze Sint-Luciavloed in 1287 begon de aftakeling van de Griend. In 1720 stond er nog maar één huis, en in 1835 werd het enkel nog als schaapsweide gebruikt.Millis p. 3 Thans is Griend nog slechts een zandplaat in de Waddenzee.
De naam Harlingen is vermoedelijk afkomstig van de state Harlinga. In 1311 kwam "Harlingen" voor in Engelse havenregisters. In 1579 ondertekenden afgezanten van de stad de Unie van Utrecht en op 22 december 1634 ontving Harlingen zijn octrooi van de Staten van Friesland voor Groenlandsch- en Straat Daevids-visscherij (walvisvaart).
Twee eeuwen lang bestaat Harlingen, gelegen op een bogtigen uithoek der kust, in de schaduw van de universiteitsstad Franeker. Maar door de verbinding met de zee nam de welvaart gestaag toe. Vroeger lag de stad westelijker dan vandaag, maar de zee sloeg regelmatig land weg. In 1543 en 1565 breidde men uit in noordelijke richting, zodat de Noorderhaven de Binnenhaven wordt, die hij nu nog is. Op de middag van 17 mei 1568 werden tot verbazing van de Harlingers 1800 Waalse soldaten aan land gezet, die later in de slag bij Heiligerlee verslagen worden.
Na de stormvloed in de zomer van 1573 moesten dijkgedeelten ten noorden en zuiden van Harlingen landinwaarts nieuw worden aangelegd. De Spaanse kolonel Caspar de Robles perste de bevolking geregeld geld af voor de soldij van zijn soldaten.Woltjer, dr. J.J., Friesland in hervormingstijd (Leiden 1962) o.a. p. 237: men verkoos tenslotte de georganiseerde afpersing door de kolonel boven de ongeorganiseerde door zijn troepen Hij was in 1574, inmiddels stadhouder, traag bij de voedselvoorziening voor de dijkwerkers en er dreigde hongersnood ook voor de burgers van de stad. Die mochten bovendien de stad niet verlaten op straffe van verbeurdverklaring van hun bezit. De geplande dijkhoogte van 12 voet bleef steken op 10 voet.Nieuwe kijk op Caspars dijk (pdf) pp. 53-67. Gearchiveerd op 29 november 2022.
miniatuur|Harlingen omstreeks 1610 (De Baudouz en Lous) In 1579 volgde een uitbreiding naar het oosten, mede door de toevloed van Vlaamse doopsgezinden die de katholieke repressie in de Zuidelijke Nederlanden ontvluchtten. Door deze uitbreiding die in drie maanden werd voltooid, lag de kerk van Almenum nu binnen de stadsvesten. De handelsvaart naar de landen om Noord- en Oostzee nam toe en in 1598 werd de stad weer uitgebreid, nu in zuidelijke richting. De kofschepen, karvelen en fluiten waarmee de Harlinger havens destijds vol lagen, zijn goed te zien op de stadsplattegrond uit 1610 van Robberetus de Baudouz en Jacob Lous. In 1596 werd het oudste nog bestaande stenen woonhuis gebouwd, De Vergulde Engel, aan de Lanen 28. Het gebouw is ieder jaar op Monumentendag te bezichtigen.
miniatuur|Admiraliteit van Friesland in de Zuiderhaven (1790) In 1644 kwam de Friese Admiraliteit van Dokkum naar Harlingen. De Zuiderhaven kreeg het karakter van marinehaven. De vermaarde Tjerk Hiddes de Vries wordt er later luitenant-admiraal. De krijgsvaart bleef echter van minder belang dan de handelsvaart. Talrijke schippers onderhielden beurtvaarten naar de Waddeneilanden, naar alle hoeken van de provincie en naar de Zuiderzeehavens, waarvan Amsterdam de belangrijkste was. De stad kende veel nijverheid. Er waren scheepswerven, bierbrouwerijen, zeep- en zoutziederijen, steen- en pottenbakkerijen, kalkovens, graan- en zaagmolens. Maar zoals dat al eerder het geval was met de Hanzesteden aan de toenmalige Zuiderzee, werd Harlingen in de volgende eeuwen voorbijgestreefd door Amsterdam en Rotterdam. Toch bleef Harlingen als kustvaart- en vissershaven met veel voorzieningen en het nieuw gegraven Van Harinxmakanaal van groot economisch belang voor Friesland en de rest van Nederland.
Pollendam Omstreeks 1875 werd een stroomgeleidende dam (de Pollendam) aangelegd over de ondiepten tussen de Blauwe Slenk en het dieper water voor de Harlingen haven. Met de aanleg werden de getijdestromingen gekanaliseerd en kon een vaargeul uitgebaggerd worden. Hiermee werd een rechtstreekse vaarroute naar zee gecreëerd ook bij laagtij.Topotijdreis De Pollendam is voor het eerst te zien op de kaart van 1875. Gearchiveerd op 12 juli 2023.Vaarroute 5.3 Harlingen – Noordzee;Varen doe je samen website, geraadpleegd 29 april 2021. Gearchiveerd op 29 april 2021.
Oranjebezoeken Verschillende keren is Harlingen bezocht door de stadhouderlijke en later de koninklijke familie. Het eerste bezoek was van Willem van Oranje.
+Koninklijke bezoeken aan Harlingen Jaar Persoon Opmerkingen1581Willem van Oranje enige bezoekWillem van Oranje bepaalde dat de stad voor onderhoud zeewerken, pieren en sluizen jaarlijks 3000 gulden zou ontvangen uit de provinciale domeinen. (Daarvoor werd dat betaald uit de koninklijke domeinen, beide belastingen werden door de bevolking betaald.) Schroor p. 89.1734Prins Willem IV eerste bezoek1745Prins Willem IV tweede bezoek1773Prins Willem V eerste bezoek1791Prins Willem V tweede bezoek1837Koning Willem I1873Koning Willem III1877Prins Hendrik van Oranje-Nassau Prins Hendrik opent als plaatsvervanger van Koning Willem III de Nieuwe Willemshaven1905Koningin WilhelminaKoningin-moeder Emmaen Prins Hendrik van Mecklenburg-Schwerin1950Koningin JulianaIn het kader van een bezoek aan FrieslandHarlinger Courant d.d. 22 september 19501982Koningin BeatrixKoninginnedag2016Koning Willem Alexander en Koningin Maxima Streekbezoek
Inwoners Veel Harlingers hebben weinig met Friesland, wat zich vertaalt in het feit dat slechts weinig Harlingers de Friese taal spreken en het weinig wordt onderwezen op Harlinger scholen. Als verklaring wordt gegeven dat Harlingen lange tijd afhankelijk was van de handel en zich daarom meer op Holland oriënteerde. Eerder hadden Harlingers het gevoel dat de provincie weinig voor hen deed, Franeker kreeg een universiteit en Leeuwarden genoot als hoofdstad veel privileges. Het feit dat gemeentelijke herindelingen in Friesland weinig voor Harlingen als gemeente opleverden heeft ook enigszins kwaad bloed gezet. Niet te vergeten dat Harlingen ooit, vergeleken met de rest van Friesland, een grote handelsstad was. Enkele Friezen nemen het gebrek aan Fries nationalisme en taal onder de Harlingers kwalijk. De Fryske Nasjonale Partij heeft nog nooit meegedaan aan de gemeenteraadsverkiezingen in de stad.
Bijnamen De bijnamen van Harlingers zijn "Tobbedansers" en "Ouwe seunen". De eerste bijnaam is te danken aan de productie van Harlinger bont. Deze kledingstof werd gemaakt van wol. Toen veel doopsgezinde Vlamingen vluchtten naar Nederland, belandden er relatief veel in Harlingen. Zij namen de gewoonte van tobbedansen mee: om de wol schoon te maken werd het in grote tobbes met water al trappelend en blootsvoets gereinigd. Vandaar de naam "Tobbedansers". Hieraan heeft ook het onderdeel "Tobbedansen" van het TROS-programma "Te land, ter zee en in de lucht", dat hier voor het eerst werd opgenomen, zijn naam te danken. Harlingers spreken eenieder aan met het woord "seun" (vrij vertaald 'zoon'). "Ouwe seun" is de aanspreekvorm voor geboren Harlingers. Vandaar dat Harlingers in Friesland ook bekendstaan als ouwe seunen.
Taal en dialect Het Fries wordt op de Harlinger scholen onderwezen (zij het op beperkt niveau), maar weinig gesproken. Het Harlingers wordt meer gesproken, maar over het algemeen blijft de Nederlandse taal het meest gebruikt. In de gemeentelijke dorpen Midlum en Wijnaldum wordt het Fries wel gesproken. De vaarten en kanalen rond Harlingen hebben ook Nederlandse namen en geen Friese. Binnen de Vereniging Oud Harlingen ressorteert de taalgroep "Se Suuden en Se Wuuden" met als doel het vastleggen van de Harlinger taal in woord en geschrift.
Wijken Harlingen kent de volgende wijken:
Binnen het stadsgebied ligt de buurtschap IJslumburen Infrastructuur miniatuur|Station Harlingen Haven miniatuur|Keersluis en controlepost van de Havendienst (2012) miniatuur|Veerterminal Harlingen van Rederij Doeksen in 2018 De N31 is de belangrijkste ontsluitingsweg. Deze weg sluit op ongeveer 8 kilometer ten zuiden van Harlingen aan op de Afsluitdijk die sinds 1932 een directe route over land vormt tussen Friesland en Noord-Holland. Ten noordoosten van Harlingen gaat de weg over in de A31 richting Leeuwarden. De N31 liep tot eind 2017 verhoogd op een talud door de stad. In 2014 is er een project gestart om de weg dubbelbaans en verdiept aan te leggen. Op 11 december 2017 is de weg officieel geopend.https://web.archive.org/web/20181002180645/http://www.n31harlingen.nl/nieuws/389/n31-harlingen-officieel-geopend/ De overige werkzaamheden zijn in het daaropvolgende half jaar voltooid. Voor de scheepvaart is het Van Harinxmakanaal met de Tsjerk Hiddessluizen de verbinding naar Leeuwarden.
Haven Vanuit de haven van Harlingen worden diverse vrachtroutes onderhouden, zoals naar Scandinavië. De meeste coasters die naar Harlingen komen, komen om zout te laden bij de zoutfabriek. Naast de Harlinger schepen ligt in de Vissershaven ook een grote Urker vloot. In Harlingen liggen veel zeilende charterschepen, ook wel de bruine vloot genoemd. Dit soort schepen vaart met groepen langs de Waddeneilanden, maar varen vanuit Harlingen.
De huidige havens zijn: Noorderhaven, Zuiderhaven, de Oude Buitenhaven, het Dok (v/h Willemshaven), de Nieuwe Willemshaven, de Vluchthaven, de Industriehaven, de Nieuwe Industriehaven, de Nieuwe Vissershaven en Haven Oostpoort.
Veerdiensten Veerdiensten vanuit Harlingen naar Vlieland en Terschelling worden uitgevoerd door Rederij Doeksen en Rederij Wadden Transport. Harlingen-Terschelling, 2 uur; sneldienst 45 minuten* Harlingen-Vlieland, 1 uur en 30 minuten; sneldienst 45 minuten* *als de sneldienst niet rechtstreeks gaat duurt de overtocht 35 minuten langer.
Openbaar vervoer Harlingen is met het openbaar vervoer te bereiken, zowel met de trein als bus. De treinverbinding naar Franeker, Dronrijp, Deinum en Leeuwarden wordt geëxploiteerd door Arriva. Er zijn twee treinstations in Harlingen: Station Harlingen Station Harlingen Haven, station op loopafstand van de veerterminal van Doeksen.