Marcus Ulf Johan Grönholm (Kauniainen, 5 februari 1968) is een Fins voormalig rallyrijder, die tot aan 2007 actief was in het wereldkampioenschap rally. Hij is een tweevoudig wereldkampioen; titels die hij behaalde in de seizoenen 2000 en 2002 met Peugeot. Grönholm kwam later nog uit voor Ford, waarmee hij zijn carrière afsloot met dertig WK-rally overwinningen op zijn conto; een prestatie die hem enkel Sébastien Loeb en Sébastien Ogier voor zich ziet dulden in de recordboeken. Hierna heeft Grönholm nog sporadisch deelgenomen aan rally's, waaronder een paar optredens in het WK, en is hij ook kortstondig actief geweest in rallycross.

Marcus Grönholm, ook wel bekend als "Bosse" of "Magic Marcus", brak relatief laat door als een internationale rally-ster, maar werd kort daarna al wel wereldkampioen, samen met zijn navigator Timo Rautiainen, die sinds 1995 naast hem plaatsnam, en tevens zijn zwager is. Grönholm won in 2002 de Race of Champions. In de 2006 editie won hij ook de Nations Cup voor Finland, samen met Formule 1-coureur Heikki Kovalainen. Grönholm woont in Ingå met zijn vrouw Teresa, en heeft drie kinderen. Een daarvan, Niclas, neemt tegenwoordig deel aan het wereldkampioenschap rallycross.

Carrière Beginjaren De vader van Marcus Grönholm, Ulf "Uffe" Grönholm, was in de jaren zeventig en vroege jaren tachtig ook rallyrijder, en als tweevoudig Fins kampioen een niet zonder succes. Hij kwam echter om het leven bij een ongeval tijdens een testsessie voorafgaand aan een rally in 1981. Het was volgens Marcus ook Ulf, en niet zijn neef Sebastian Lindholm (meervoudig Fins rallykampioen en ook sporadisch deelnemer in het WK), die hem heeft aangespoord om te gaan rallyrijden, waar Grönholm in 1987 zijn debuut in maakte. Hiervoor was Grönholm in zijn tienerjaren actief in de motorcross, maar moest dat opgeven nadat hij tijdens een ongeluk zijn knieën ernstig blesseerde.

Grönholm debuteerde vervolgens in 1989 in zijn thuisrally in Finland in het wereldkampioenschap rally, achter het stuur van een Groep N-Lancia Delta Integrale. Daarna begon hij rally's te rijden met Toyota's, een merk waarmee hij naar verluidt acht jaar mee verbonden zou blijven. Actief voor het Finnish Junior Rally Team werd hij in 1991 Fins rallykampioen in de productieklasse en de junioren categorie. Vervolgens nam hij plaats in het Groep A-materiaal van Toyota, waarmee hij in 1994, 1996, 1997 en 1998 het open Fins rallykampioenschap op zijn naam schreef. In deze periode werd hij ook in grotere mate actief in het WK, en wist het zover te schoppen een aantal optredens te maken voor het fabrieksteam van Toyota in de seizoenen 1997 en 1998 met de Toyota Corolla WRC. Tot een vast contract leidde het niet, en even overwoog Grönholm te stoppen om zijn werkzaamheden als boer fulltime voort te zetten (iets wat hij tot dan toe combineerde met zijn rallyactiviteiten), maar na een paar gastoptredens voor Seat en Mitsubishi, werd hij voor het seizoen 1999 gecontracteerd als vaste rijder bij Peugeot, die in de loop van dat seizoen in de vorm van de Peugeot 206 WRC hun World Rally Car zouden debuteren in het kampioenschap. Een vierde plaats in Finland was zijn beste resultaat dat jaar, maar met een volledig programma in het vooruitzicht het seizoen daarop bewees Grönholm zich al te kunnen meten met de top.

Wereldkampioenschap rally 2000-2005: Peugeot 225px|links|thumb|Grönholm met Peugeot op weg naar de overwinning tijdens de Rally van Finland in 2001 250px|thumb|Grönholm op het startpodium in Duitsland in 2002 Peugeot ondernam inderdaad een volledige WK-campagne in het 2000 seizoen, waarin François Delecour en Gilles Panizzi de teamgenoten waren van Grönholm. Na een valse start in Monte Carlo, waar het team voorafgaand aan de tweede etappe met overnacht bevroren motoren, de drie ingeschreven 206 WRC's moest terugtrekken uit de wedstrijd, excelleerde Grönholm tijdens de aansluitende WK-ronde in Zweden, en wist daar met overtuiging zijn eerste WK-rally op zijn naam te schrijven. Een tweetal podium resultaten volgde, maar het waren twee opeenvolgende zeges in Nieuw-Zeeland en Finland die hem vanaf dat moment lanceerde als een serieuze kanshebber op de wereldtitel dat jaar. Een vierde overwinning volgt nog in Australië, en tijdens de seizoensafsluiter in Groot-Brittannië wist hij in het spoor van zijn directe concurrent Richard Burns te blijven, en had hij aan zijn tweede plaats uiteindelijk genoeg om het kampioenschap voor hemzelf binnen te slepen. Peugeot zou daarnaast voor het eerst in veertien jaar ook met de titel bij de constructeurs aan de haal gaan. Grönholm kende vervolgens een rampzalig verloop van het 2001 seizoen, waar hij in de eerste acht rondes slechts eenmaal de finish wist te zien, iets wat grotendeels te wijten was aan de fragiele betrouwbaarheid van een doorontwikkelde versie van de 206 WRC. Deze problemen bleken in de tweede seizoenshelft verholpen, en hoewel Grönholm inmiddels kansloos was om zijn titel succesvol te kunnen verdedigen, wist hij met het winnen van drie rally's Peugeot toch te helpen om bij de constructeurs opnieuw het kampioenschap binnen te halen. Deze lijn werd voortgezet in 2002, in wat het piekjaar zou zijn voor Peugeot en hun 206 WRC. In de handen van Grönholm was deze niet alleen betrouwbaar, maar wist het in meerdere gevallen ook compleet te domineren. Een diskwalificatie in Argentinië en een opgave door motorpech in Kenia voor Grönholm zorgde in de eerste seizoenshelft nog voor enige spanning in de titelstrijd, maar vanaf dat moment finishte Grönholm consistent op het podium, en in Nieuw-Zeeland, daar met zijn vierde van in totaal vijf overwinningen gedurende het seizoen, besliste hij het kampioenschap voor de tweede keer in zijn voordeel. Uiteindelijk had hij meer dan het dubbele in puntenaantal gescoord dan Petter Solberg, die dat seizoen als runner-up zou eindigen in het kampioenschap. Niet geheel verrassend werd ook de constructeurstitel opnieuw een prooi voor het Peugeot team. Maar net als in 2001, liep de titelverdediging van Grönholm in 2003 uit op een mislukking. Dit keer was de seizoenstart relatief goed te noemen, met drie zeges uit de eerste vijf rondes, waarmee hij door Peugeot-teambaas Corrado Provera werd omgedoopt tot "Magic Marcus". Maar goede resultaten werden hierna spaarzamer, en wanneer het niet door technisch falen kwam, dan waren het de twee enigszins knullige stuurfouten en consequente DNF's van Grönholm in Australië en San Remo de reden die hem buitenspel zou zetten voor de titelstrijd dat jaar.

250px|thumb|In 2004 debuteerde Grönholm in Monte Carlo de Peugeot 307 WRC in het kampioenschap In het 2004 seizoen verving Peugeot de succesvolle 206 WRC met de 307 WRC, die zowel in aerodynamisch opzicht als in esthetiek sterk verschilde met zijn voorganger, en in eerste instantie ook opvallend genoeg opereerde met een viertallige-versnellingsbak, iets waar Grönholm zich moeilijk mee wist aan te passen en wat later in het seizoen voor hem ook zou worden teruggedraaid tot een vijfbak. Hoewel de seizoensstart ondanks het ontbreken van overwinningen niet slecht te noemen was, werd het, alleen al te merken aan de openlijke kritiek die Grönholm zelf uitte, duidelijk dat de 307 WRC niet de gehoopte resultaten van zijn voorganger zou evenaren dat seizoen. In Cyprus werd de auto met Grönholm achter het stuur van haar eerste overwinning ontdaan, na diskwalificatie vanwege een vermeende illegale waterpomp; dit terwijl concurrent Citroën op dat moment gebruik maakte van een identiek type onderdeel, maar diskwalificatie wel ontweken. De eerste en ook enige zege dat seizoen werd door Grönholm uiteindelijk voor eigen publiek geboekt in Finland, maar zijn snelheid in andere rally's resulteerde ook steeds vaker in ongelukken, iets wat voorheen niet zozeer typisch was voor Grönholm, maar temeer te maken kon hebben met de combinatie rijder-auto.

225px|links|thumb|Grönholm actief in Griekenland in 2005, zijn laatste seizoen bij Peugeot Ondanks twee teleurstellende seizoenen, bleef Grönholm het team van Peugeot trouw in het daaropvolgende 2005 seizoen, waarin het Franse merk de overstap maakte naar het bandenschoeisel van Pirelli, wat gezien de prestaties in vergelijking met Michelin op dat moment een discutabele beslissing was, en het daarnaast ook nog altijd geplaagd werd door de transmissieproblemen uit het voorgaande seizoen. Hoewel de betrouwbaarheid en de resultaten een stuk constanter waren gaandeweg het seizoen, werd de overmacht van Citroën, met in het speciaal hun kopman Sébastien Loeb, wel overduidelijk. Grönholm's eerste overwinning dat seizoen moest wederom wachten tot zijn thuisrally in Finland, op het moment dat Loeb eigenlijk al een comfortabele marge op Grönholm had opgebouwd in het kampioenschap. Drama volgde er echter tijdens de WK-ronde van Groot-Brittannië, waar Grönholm's teamgenoot Markko Märtin in een zwaar ongeluk zijn navigator Michael Park zijn leven zag verliezen. Het team van Peugeot stootte terug door in de daaropvolgende ronde in Japan met Grönholm p emotionele wijze te zegevieren, maar de laatste drie rondes zouden hierna allen uitlopen op DNF's. Met het al eerder aangekondigde vertrek van Peugeot uit het kampioenschap na afloop van het seizoen, bewees dit voor Grönholm een droevig einde bij het team waar hij zijn grootste successen mee zou halen.

2006-2007: Ford 250px|thumb|Grönholm viert zijn overwinning in Nieuw-Zeeland in 2006 250px|thumb|Grönholm met Ford actief in de Rally van Groot-Brittannië in 2006 Het ontbreken van PSA (Peugeot-Citroën) in het kampioenschap in 2006 bracht Grönholm voor het eerst in jaren in de markt voor een zitje bij een ander team, en het was Ford die gelijk interesse wekten. Het duo Grönholm en navigator Timo Rautiainen kwamen uiteindelijk tot een overeenkomst om het team van Ford met een geheel nieuwe Ford Focus RS WRC dat seizoen aan te voeren, waar Grönholm in Mikko Hirvonen ook een nieuw teamgenoot kreeg. Een droomstart werd gemaakt toen Grönholm de openingsronde van het kampioenschap in Monte Carlo op zijn naam wist te schrijven. Een kostbare fout van torenhoge favoriet en regerend wereldkampioen Loeb bracht Grönholm hiervoor in stelling, en hij wist dit resultaat bedeesd over de streep te trekken en zodoende voor het eerst op asfalt te winnen. Hij verstevigde zijn positie toen hij de daaropvolgende ronde in Zweden eveneens won, maar verloor weer terrein op Loeb met een reeks wisselvallige resultaten die het restant van zijn eerste seizoenshelft zou kenmerken. Ondanks dat Grönholm aan het begin van de tweede seizoenshelft weer aan het winnen was geslagen, genoot Loeb opnieuw van een ruime voorsprong, maar die zette zichzelf buitenspel toen hij buiten de rally's om zijn arm dusdanig blesseerde dat hij de laatste vier rondes van het kampioenschap moest uitzitten. Grönholm profiteerde gelijk door de eerstvolgende rally in Turkije te winnen, maar alle hoop voor hem verdween toen hij in openingsfase in Australië ongelukkig van de weg raakte en daarmee veel tijd verloor. Met zijn uiteindelijke vijfde plaats was de marge met Loeb net te ruim om de Fransman nog te kunnen achterhalen in de titelstrijd, en waren hierna de twee opeenvolgende zeges in Nieuw-Zeeland en Groot-Brittannië waarmee Grönholm zijn seizoen afsloot er enkel voor de palmares. Hij en teamgenoot Hirvonen zorgde er wel voor dat Ford voor het eerst in zevenentwintig jaar het kampioenschap bij de constructeurs weer kon vieren.

225px|links|thumb|Een ongeluk in Ierland deed Grönholm in het 2007 seizoen een mogelijke titel kosten