Lambertus Peter (Bert) Middel (Groningen, 24 juni 1952 – Tasola (Italië), 28 augustus 2026) was een Nederlands politicus en bestuurder. Hij was onder meer lid van de Tweede Kamer en de Eerste Kamer, burgemeester van Smallingerland en dijkgraaf van het waterschap Noorderzijlvest. Middel was lid van de Partij van de Arbeid (PvdA).
Jeugd en opleiding Middel groeide op in achtereenvolgens de Oosterparkwijk en de Rivierenbuurt in Groningen. Hij kwam uit een 'rood' arbeidersmilieu. In zijn autobiografische boek Stegengeur beschreef Middel zijn jeugd in de Groningse volksbuurt in de jaren vijftig en zestig. Hij besteedde daarin aandacht aan de sociale stijging vanuit het arbeidersmilieu en aan de cultuurschok die arbeiderskinderen konden ervaren wanneer zij verder leerden.
Hij doorliep het Heymans College in Groningen, waar hij het diploma hbs-b behaalde. Middel studeerde vervolgens van 1970 tot 1975 politieke sociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en volgde daarnaast een lerarenopleiding.
Loopbaan Vroege loopbaan Tijdens en na zijn studie werkte hij onder meer als leraar in Drachten, actiecoördinator voor de Wereldwinkels, wetenschappelijk medewerker en docent aan de Bibliotheek- en Documentatieacademie. Later was hij directeur van een onderzoeks- en organisatieadviesbureau in Assen en van een instituut voor scholing en vorming in Havelte en Oosterhesselen.
Middel werd in 1969 lid van de PvdA. Hij werd in 1972 huurombudsman van de afdeling Groningen van de PvdA."Ombudsman" Bert Middel wil huurders voorlichten, Nieuwsblad van het Noorden, 9 maart 1972. (via Delpher) In november 1973 werd hij op 21-jarige leeftijd afdelingsvoorzitter van de PvdA Groningen.Kritiek op statenlijst PvdA, Nieuwsblad van het Noorden, 23 november 1973. (via Delpher) In 1974 kwam hij als opvolger in aanmerking om gemeenteraadslid in Groningen te worden, maar hij mocht vanwege zijn leeftijd nog geen zitting nemen. Van 1978 tot 1986 was hij gemeenteraadslid in Assen. Binnen de PvdA was hij onder meer lid van de partijraad en voorzitter van een commissie die voorstellen deed voor vernieuwing van de partijorganisatie en -cultuur.
Landelijke politiek In november 1989 kwam Middel tussentijds in de Tweede Kamer, als opvolger van Relus ter Beek die minister werd. Na de verkiezingen van 1994 keerde hij aanvankelijk niet terug, maar in augustus van dat jaar werd hij opnieuw Kamerlid toen een aantal PvdA'ers doorschoven naar het kabinet-Kok I. Hij hield zich bezig met onder andere het vreemdelingen- en asielbeleid, sociale zaken, medezeggenschap, sport, media, minderheden en de positie van oorlogsslachtoffers. Daarbij zette hij zich in voor asielzoekers en mensen met een bijstandsuitkering.
Samen met CDA-Kamerlid Helmer Koetje diende Middel in 1991 een amendement in waarmee regionale televisie wettelijk mogelijk werd. Dit maakte de weg vrij voor de start van regionale televisiezenders, te beginnen met TV Oost. Een ander door hem ingediend amendement leidde in 1997 tot de mogelijkheid om in ondernemingen met tien tot vijftig werknemers een personeelsvergadering of personeelsvertegenwoordiging in te stellen. Daarmee kregen werknemers van kleinere bedrijven een formele vorm van medezeggenschap.
Middel behoorde in 1992 tot de negen PvdA-Kamerleden die tegen de Nederlandse goedkeuring van de uitvoeringsovereenkomst van het Verdrag van Schengen stemden.
In 1995 was Middel korte tijd lid van de Provinciale Staten van Drenthe. Hij was bij de Statenverkiezingen lijsttrekker en beoogd gedeputeerde. Hoewel hij zelf een nieuw college van Gedeputeerde Staten had geformeerd, trok hij zich wegens verdeeldheid binnen de Statenfractie van de PvdA terug als kandidaat-gedeputeerde.
In mei 2002 nam Middel afscheid van de Tweede Kamer. Bij zijn vertrek weigerde hij een koninklijke onderscheiding. Van 2002 tot 2005 was hij lector zorg en welzijn aan de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden. Daarnaast was hij van 2003 tot 2007 lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, waar hij zich vooral bezighield met buitenlandse zaken en defensie.
Burgemeester en dijkgraaf Op 1 december 2005 werd hij benoemd tot burgemeester van Smallingerland. Binnen het gemeentebestuur hield hij zich onder meer bezig met openbare orde en veiligheid, bestuurlijke samenwerking en de vertegenwoordiging van de gemeente. Middel zette zich in 2007 en 2008 in voor de terugkeer van de dragraces op vliegveld Drachten. Na een unaniem besluit van de gemeenteraad voerde hij hierover namens de gemeente onderhandelingen met de betrokken partijen. De gemeenteraad wilde hem voor een tweede termijn voordragen, maar Middel koos er in 2011 voor over te stappen naar het waterschapsbestuur. Bij zijn afscheid werd hij door het gemeentebestuur omschreven als een ambassadeur van de gemeente.
Op 1 januari 2012 trad hij aan als dijkgraaf van het waterschap Noorderzijlvest. Kort na zijn aantreden kreeg het beheergebied te maken met hoogwater, waarbij problemen ontstonden rond de Eemskanaaldijk. In 2013 waarschuwde Middel dat aardbevingen door de Groningse gaswinning ook een risico vormden voor de dijken langs het Eemskanaal. Hij pleitte voor versterking van de dijken en vond dat zowel het Rijk als de NAM daaraan moest meebetalen. Middel bleef dijkgraaf tot zijn pensionering op 1 juli 2022.
Naast dijkgraaf was Middel van 2013 tot 2017 voorzitter van de raad van commissarissen van FC Groningen, als opvolger van Ed Zijp.
Publicist Middel publiceerde over de geschiedenis en organisatie van de sociaaldemocratie, lokaal bestuur en zijn eigen ervaringen in de politiek. Na zijn vertrek uit de Tweede Kamer verscheen Politiek handwerk, waarin hij terugblikte op zijn loopbaan in de nationale politiek. In 2019 publiceerde hij Die meneer is van ons..., over de macht en onmacht van de sociaaldemocratie. Hij schreef daarnaast columns voor onder meer de Leeuwarder Courant, Binnenlands Bestuur en het tijdschrift Zorg en Welzijn.
Privéleven Bert Middel was twee keer getrouwd, en had twee kinderen uit zijn eerste en een kind uit zijn tweede huwelijk. Zijn tweede echtgenote had een kind uit een eerder huwelijk. Hij overleed op 28 augustus 2026 op 74-jarige leeftijd in Italië, waar hij een tweede huis had. Zijn overlijden werd op 8 september 2026 bekendgemaakt.
Bibliografie De nieuwe elite van de PvdA (1976) Een verjongingskuur voor de PvdA. Opkomst, ontwikkeling en betekenis van Nieuw Links (1978) Tussen woord en daad. Over bibliotheek en informatie (1979) Welzijnsplanning, het kan (nog) beter (1981) Politiek in kleine gemeenten (1984) Veertig jaar op rozen. Ontwikkeling en betekenis van de PvdA Drenthe (1986) Vijftig jaar en verder. PvdA in Drenthe (1996) Vol verlangen, verder verlegen (1998) Politiek handwerk (2003) Uitsluitend insluitend (2003) Stegengeur. Beklemmende jeugdjaren (2018) Die meneer is van ons... Langs de macht en onmacht van de sociaaldemocratie (2019)
Categorie:Politicus voor de Partij van de Arbeid (Nederland) Categorie:Gemeenteraadslid van Assen Categorie:Tweede Kamerlid Categorie:Lid van de Provinciale Staten van Drenthe Categorie:Eerste Kamerlid Categorie:Burgemeester van Smallingerland Categorie:Dijkgraaf Categorie:FC Groningen