thumb|Bonhoeffer (middenonder) als moderne heilige in de Sint-Annakerk (Heerlen) Dietrich Bonhoeffer (Breslau, 4 februari 1906 – Flossenbürg, 9 april 1945) was een vooraanstaand Duits kerkleider, theoloog, verzetsstrijder tegen het nazisme en schrijver van christelijke boeken.
Biografie Bonhoeffer was een luthers predikant en theoloog. Hij studeerde in Berlijn (1924-1927) en in New York (1930). In zijn proefschrift over het thema kerk besloot hij dat de kerk een sanctorum communio moest zijn, een gemeenschap van heiligen.Af te leiden uit, naast andere Bijbelpassages, Paulus' brief aan de Romeinen (Rom. 1:7) De kerk ìs het lichaam van Christus, het mocht voor Bonhoeffer niet langer gewoon de plaats zijn waar óver Christus werd gesproken. Het werd zijn levenslange roeping om aan die opdracht te voldoen.
Bonhoeffer was als theoloog en predikant verbonden aan de Luthers-Evangelische Oudpruisische Rijkskerk. Bonhoeffer werkte na zijn studie onder meer als privédocent theologie aan de Friedrich-Wilhelms-Universität te Berlijn, die in 1949 de naam Humboldtuniversiteit kreeg. Van 1933 tot 1935 was Bonhoeffer als predikant werkzaam in Londen.
Bonhoeffers toenmalige kerkelijk leidinggevende, de Duitse politicus, theoloog en bisschop Theodor Heckel (1894-1967), was van 1928 tot 1945 leider van de Deutsche Evangelische Kirche, die van 1933 tot 1945 een opvolger van de Duitse Protestantse Kerkconfederatie was (1922–1933), een confederatie als eerste formele poging om het Duitse protestantisme te verenigen tijdens het tijdperk van de Weimarrepubliek. Heckel was pleitbezorger voor de Ahnenpass (het voorouderpaspoort) en hing de Arische Paragraaf aan. Onder het nazibewind vond Bonhoeffer de weg naar de Bekennende Kirche. Heckel was een uitgesproken tegenstander van de Bekennende Kirche en verklaarde Bonhoeffer in 1936 tot "staatsvijand".DBE: Von deutschem Ruhm. Die Zeit, 25 september 2003
Bonhoeffer nam — als overtuigd monarchist en conservatief — deel aan de samenzwering tegen Adolf Hitler met als doel hem te doden. In 1939 vond Bonhoeffer aansluiting bij een geheime groep van hoge Abwehr-officieren die het naziregime omver wilde werpen en een deelvrede met de westelijke geallieerden wilde sluiten.
Hij werd in april 1943 gearresteerd nadat ontdekt was dat geld om Joden naar Zwitserland te helpen ontsnappen met hem als bemiddelaar verzameld was. Hij stond terecht voor hoogverraad. In de gevangenis schreef hij vele brieven, onder andere aan zijn verloofde Maria von Wedemeyer. Na de mislukte aanslag van 20 juli 1944 kwam zijn betrokkenheid met de groep officieren aan het licht en werd hij ter dood veroordeeld. Tot de voltrekking van het vonnis werd hij in diverse gevangenissen en concentratiekampen ondergebracht, als laatste in Flossenbürg. Het vonnis werd pas op 9 april 1945 voltrokken, minder dan drie weken voordat de stad werd bevrijd. Zijn laatste woorden voordat hij werd opgehangen, waren: “Dit is het einde, voor mij het begin van het leven.”
In augustus 2000 verscheen de film Agent of Grace van Eric Till gespeeld door Ulrich Tukur, gebaseerd op zijn leven.
Jeugd en vroege leven (1906 - 1923) Dietrich Bonhoeffer werd in een groot, welgesteld gezin geboren. Hij en zijn tweelingzus Sabine waren het zesde en zevende kind van in totaal acht kinderen. Hun vader, de arts Karl Bonhoeffer (1868-1948) werkte als psychiater en neuroloog. Hun moeder, Paula, was lerares. Zij gaf Dietrich en zijn broertjes en zusjes tijdens hun eerste jaren thuisonderwijs. Zijn moeder was ook verantwoordelijk voor een christelijke opvoeding. Misschien speelde mee dat zij een dochter was van de protestantse theoloog Karl August von Hase (1800-1890).
Zijn eerste levensjaren speelden zich af in de toen Duitse stad Breslau (tegenwoordig het Poolse Wrocław). In 1912 verhuisde het gezin naar Berlijn omdat zijn vader in Berlijn was benoemd tot directeur van de Charité, een ziekenhuis voor zenuwziek(t)en. Ook werkte hij als hoogleraar aan de Friedrich-Wilhelms-Universität in Berlijn (niet te verwarren met de Rheinische Friedrich-Wilhelms-Universität in Bonn). In 1809 opgericht op initiatief van Wilhelm von Humboldt, Johann Gottlieb Fichte en Friedrich Ernst Daniel Schleiermacher als Universität zu Berlin werd vanaf 1828 Friedrich-Wilhelms-Universität de naam. Per februari 1949 luidt deze Humboldtuniversiteit te Berlijn (Humboldt-Universität zu Berlin).
Dietrichs op een na oudste broer Walter sneuvelde in de Eerste Wereldoorlog. Volgens zijn zus Sabine begon Bonhoeffer toen na te denken over het leven en de dood. Hij begon zich te interesseren in religie. Zo las hij artikelen van de theoloog Schleiermacher en brieven van dominee en politicus Friedrich Naumann (1860-1919). Tot verbazing van zijn familie ging Bonhoeffer protestantse theologie studeren met Hebreeuws als keuzevak. In 1923 werd hij op 17-jarige leeftijd aangenomen voor zijn opleiding aan de hogeschool in de wijk Berlin-Grunewald.
Studie en opleiding (1923 - 1930) Bonhoeffer begon zijn studie theologie in Tübingen (Baden-Württemberg) aan de Protestantse Faculteit Godgeleerdheid van de Eberhard-Karls-Universiteit. Een jaar later vervolgde hij zijn studie in Berlijn. Daar kreeg hij samen met anderen les van de theoloog Adolf von Harnack. De studenten werden onderwezen in de liberale theologie. Tijdens zijn studie kwam hij in contact met de Zwitserse theoloog Karl Barth, die in Bonn doceerde. Karl Barth is van grote invloed geweest op de verdere theologische ontwikkeling van Bonhoeffer. In 1927 promoveerde Dietrich Bonhoeffer summa cum laude op het proefschrift Sanctorum Communio ("Gemeenschap van de Heiligen"). Ondertussen leidde hij op zondagmorgen de kinderdiensten in het Berlijnse stadsdeel Grunewald.
Op advies van de predikant Max Diestel ging de toen 22-jarige Dietrich Bonhoeffer in 1928 naar Barcelona. Hij werd voor een jaar benoemd als predikant van de Duitse protestantse parochie. In 1929 keerde hij terug naar Berlijn en ging aan de slag als assistent van een hoogleraar aan de Friedrich-Wilhelms-Universiteit. Toen hij 24 jaar oud was schreef hij zijn proefschrift Akt und Sein. In dit proefschrift verzet hij zich tegen de overheersende plaats van filosofie in religie. Na zijn verdediging werd hij in 1930 benoemd als hoogleraar.
In Amerika Op 25 jaar was Bonhoeffer afgestudeerd maar eigenlijk te jong om ingewijd te worden. Max Diestel die Bonhoeffer eerder naar Barcelona had gestuurd, adviseerde de Duitse Evangelische Kerk om een uitzondering te maken, maar de kerk ging daar niet in mee. Max Diestel gaf Bonhoeffer het advies om nog meer van de wereld te zien. Daarop vertrok Bonhoeffer naar Amerika. Achteraf bleek dit een heel goed advies. In Amerika maakte hij dingen mee en ontmoette hij mensen die richtinggevend waren voor zijn verdere leven en theologische ontwikkeling. In Amerika heeft hij ook leren autorijden en na drie keer te zijn gezakt haalde hij zijn rijbewijs.
In 1930 startte hij met een postdoctorale studie aan het Union Theological Seminary in New York. Hij studeerde bij de Amerikaanse theoloog Reinhold Niebuhr. Ook studeerde hij voor het eerst samen met zwarte medestudenten. Een van hen was Franklin Fisher. Hij nam Bonhoeffer mee naar de Abyssinian Baptist Church in Harlem. De preken van Adam Clayton Powell Sr. met de klemtoon op sociale rechtvaardigheid raken Bonhoeffer. Hij ziet niet alleen het onrecht maar ook het onvermogen van de kerk om er iets tegen te doen.
Op zondag verzorgde Bonhoeffer de kinderdienst. Ook raakte hij bekend en verknocht aan de negro spirituals. De racistische kant van Amerika bleef ook niet onopgemerkt. Bonhoeffer werkt, spreekt en bezoekt Afro-Amerikanen. Hij vindt het ongelofelijk dat ze gescheiden moeten reizen. Als hij met Fisher uit eten gaat en er geweigerd wordt om hen te bedienen, verlaten ze het restaurant. Ook schrikt Bonhoeffer over de manier waarop medechristenen en zelfs voorgangers over zwarten spreken; hij noemt het ronduit walgelijk. In Amerika ontmoet hij ook de Franse theoloog Jean Lasserre; met hem blijft Bonhoeffer in contact. Over zijn periode in Amerika zegt Bonhoeffer: "Hier kan men echt spreken en horen over zonde en genade en de liefde van God. De Zwarte Christus wordt gepredikt met een hartstochtelijke passie en visie."
Zijn tijd in Amerika zorgt ook voor een persoonlijke verandering. Aan een familielid schrijft hij: “Ik kwam voor het eerst met de Bijbel in aanraking. Het is heel erg dit te moeten zeggen. Ik had al vaak gepreekt, ik had al veel van de kerk gezien, erover gesproken en geschreven – maar ik was nog geen christen geworden; ik was heel wild en ongerijmd mijn eigen heer. Ik weet dat ik destijds uit de zaak van Jezus Christus voordeel heb getrokken voor mijzelf, voor een waanzinnige ijdelheid. Ik bid God dat dit nooit weer zal gebeuren. Ik had ook nog heel weinig gebeden. Ik had het ondanks alle eenzaamheid goed met mijzelf getroffen. De Bijbel heeft mij hieruit bevrijd, in het bijzonder de Bergrede. Sindsdien is alles anders geworden.”
Weer terug in Duitsland Bij terugkomst in Duitsland werd hij assistent van de theoloog Wilhelm Lütgert aan de Universiteit van Berlijn. Zijn colleges, die begonnen met gebed, werden goed bezocht. In die tijd gaf hij meerdere lezingen over onderwerpen als: “Het idee van filosofie en protestantse theologie” en “de essentie van de kerk”. In deze tijd maakte Bonhoeffer ook een persoonlijke ontwikkeling door. Hij veranderde van theoloog die zich aangetrokken voelde tot de wetenschappelijke kant van het christendom naar een christen, die vastbesloten was om de boodschap van Jezus (zoals hij deze uit de Evangeliën geopenbaard kreeg) uit te dragen.
Op 15 november 1931 werd Bonhoeffer tot predikant gewijd in de Matthäuskerk in Berlin-Tiergarten. Hij kreeg al snel bekendheid als een goede prediker. Naast zijn werk als predikant richtte hij ook een beweging op voor werkloze jongeren, maar in 1933 werd deze beweging door de nationaalsocialisten verboden als communistisch. Ook was hij geïnteresseerd in samenwerking over de kerkgrenzen heen. Hij werd aangesteld door de World Alliance for Promoting International Friendship through the Churches (een voorloper van de Wereldraad van Kerken) als een van de drie Europese jeugdsecretarissen. Tot 1942 bleef hij dit voor de Duitse vertegenwoordiging.
In de weekenden ging Bonhoeffer vaak naar een jeugdherberg in Brandenburg om te mediteren en te discussiëren met zijn studenten. Speciaal voor dit doel kocht hij in 1932 een hut in Biesenthal aan de rand van Berlijn. De studenten en gelijkgezinden die hier bijeenkwamen werden de 'Bonhoefferkring' genoemd.
Opkomst van de nazi's In de zomer van 1931 schreven Bonhoeffer en Franz Hildebrandt een nieuwe catechismus met de titel 'Als je dat denkt, dan heb je dat'. Hierin spraken zij zich uit tegen oorlog en voor gebed om vrede.
Vanaf het begin was Bonhoeffer zeer kritisch tegen het nationaalsocialisme. Twee dagen nadat Hitler als rijkskanselier was aangesteld, hield Bonhoeffer op 1 februari 1933 een radiotoespraak. Hierin waarschuwde hij het Duitse volk om niet terecht te komen in een verafgoding voor de Führer. Hij zou ook een misleider kunnen zijn. Ook sprak hij persoonlijk tegen Hitler: hij moest zich bewust zijn van de beperking van zijn macht en leiders die zichzelf verafgoden bespotten God. Op dat moment werd de uitzending onderbroken.
Via zijn goede vriend en collega-predikant Franz Hildebrandt en zijn zwager Gerhard Leibholz, beiden van Joodse afkomst, heeft Bonhoeffer vanaf het begin de gevolgen van de Jodenvervolging door de nazi's ervaren. In een preek in 1932 waarschuwde hij: “Het bloed van martelaren zou opnieuw kunnen worden geëist, maar dit bloed zal, als we echt de moed en loyaliteit hebben om het te vergieten, niet onschuldig zijn en stralen als dat van de eerste getuigen voor het geloof. Aan ons bloed ligt zware schuld, de schuld van de onnutte dienstknecht die in de buitenste duisternis wordt geworpen.”