thumb|Aanhangwagen thumb|Een aanhanger van het type fietskar voor het vervoeren van honden. Een aanhangwagen of aanhanger (in Vlaanderen ook remork of remorqueVlaams woordenboek. Gearchiveerd op 27 februari 2021.) is een niet-aangedreven voertuig met een bepaald laadvermogen bestemd om door een ander voertuig met aandrijving via de trekhaak in beweging te worden gebracht. Voor kleine aanhangers van minder dan 750 kg, inclusief laadvermogen, heeft de bestuurder van de auto geen apart rijbewijs nodig.
Onderscheid Voor ieder type vervoer is een speciale aanhanger beschikbaar. Zo hebben bijvoorbeeld plateauwagens een vlakke laadvloer zonder opstaande randen; ideaal om balen stro of hooi te vervoeren. Voor vloeistoffen of gassen is er dan weer een tankaanhangwagen beschikbaar. Bij vrachtvervoer worden aanhangwagens veelvuldig gebruikt en zijn er drie soorten aanhangwagens te onderscheiden:
Oplegger of trailer. Autonome aanhangwagen (schamel). Middenasaanhangwagen of wipkar.
Zodra een voertuig de aanhangwagen trekt zonder aandrijving wordt dit een fietsaanhangwagen of fietskar genoemd.
Oplegger
De oplegger is een aanhangwagen met een koppeling die ook als steunpunt dient. De oplegger wordt geborgd met een kingpin en rust op de koppelschotel van de trekker. Over de schotel kan de oplegger draaien. Verreweg het meeste vrachtvervoer wordt met een trekker-oplegger-combinatie uitgevoerd.
Voordelen Een standaardtrekker kan verschillende gespecialiseerde opleggers trekken en vice versa. Een oplegger kan worden geladen en gelost zonder trekker, zodat de trekker en chauffeur zo veel mogelijk kunnen vervoeren in een bepaalde tijd.
Nadelen De lengte van een trekker en oplegger mag maximaal 16,50 meter zijn terwijl een motorwagen met aanhanger 18,75 m mag meten.Regeling voertuigen| gebruikerseisen
Autonome aanhangwagen alt=Oranje autonome aanhangwagen geparkeerd achter een kerk|miniatuur|Autonome aanhangwagen; het sleepoog vooraan de triangel rust op de grond De autonome aanhangwagen (ook wel schamel genoemd) is een aanhanger die aan beide eindes van de aanhanger één of meerdere assen heeft. Zo kan deze op zichzelf (autonoom) stabiel blijven staan, ongeacht de verdeling van de lading. De aanhanger wordt aan een trekkend voertuig (motorwagen/bakwagen) gekoppeld met een vangmuilkoppeling of bij aanhangwagens tot 3500kg met een kogelkoppeling. Een sleepoog zit via een triangel gekoppeld aan de voorste as(sen), deze assen draaien met een draaikrans onder de aanhanger en zo wordt er gestuurd. Bij het achteruit rijden met een autonome aanhangwagen moet er rekening gehouden worden met twee draaipunten, het sleepoog in de vangmuilkoppeling en de draaikrans kunnen scharnieren.
Het laadvermogen van een autonome aanhanger wordt bepaald door het aantal assen en het laadvermogen per as. Doordat de voorste en achterste assen ver van elkaar verwijderd zijn, is de aanhanger erg stabiel en doordat de triangel of dissel van hoogte kan veranderen zonder dat de aanhanger kantelt blijft druk op de koppeling constant. Hierdoor is het wettelijk laadvermogen veel hoger dan bij een middenasaanhangwagen met gelijke assen.
Voordelen hoog laadvermogen (daarom veel gebruikt als balenwagen) stabiel rijgedrag Toegestane maximumlengte langer dan trekker-opleggercombinatie
Nadelen duur in aanschaf door de draaikrans achteruitrijden vereist veel kunde en inzicht van de chauffeur, gezien de twee draaipunten.
Autonome aanhangwagen tot en met 3500 kg Voorheen waren er naast autonome aanhangwagens voor vrachtwagens ook autonome aanhangwagens voor achter trekkende voertuigen tot 3500kg verkrijgbaar. Door een wetswijziging is het echter sinds eind 2014 niet meer toegestaan om een autonome aanhangwagen te registreren met een mechanische reminrichting. Hier door is de categorie autonome aanhangwagens tot 3500 kg vervallen. Nu moeten autonome aanhangwagens verplicht voorzien zijn van bijvoorbeeld een pneumatisch remsysteem. Autonome aanhangwagens tot 3500 kg die voor deze wijziging geregistreerd zijn, blijven toegestaan.
Middenasser alt=Schematische tekening van een vrachtwagen die twee middenassers trekt|miniatuur|Vrachtwagen met twee middenassers alt=Achteruit inparkerende volumecombinatie|miniatuur|Achteruit inparkerende volumecombinatie Middenassers, ook bekend als middenasaanhangwagens, hebben een tot drie assen in het midden, onder het zwaartepunt. De constructie is eenvoudig, maar tijdens het rijden over drempels en hobbels is de druk op de koppeling niet constant, waardoor deze aanhanger niet het beste rijgedrag heeft: de aanhanger kan instabiel worden, gaan wippen en bokken en daardoor de trekker in onbalans brengen.
Onderweg moet het zwaartepunt van de lading boven of net voor de assen zitten om gevaarlijke situaties te voorkomen. Anderzijds kan de kiepneiging benut worden bij het lossen van stortgoed en om er voertuigen op- en af te rijden. Bij normaal laden en lossen van achteruit kunnen stutten onder de aanhanger nodig zijn. Een gangbare oplossing is laden en lossen van opzij, wat mogelijk is bij zeildoektrailers.
Middenassers kunnen aan een normale vangmuil of trekhaak gekoppeld worden, maar het laatste kwart van de twintigste eeuw werd een specifiek type met verlengde disselboom populair.
Lange dissel Een middenasaanhangwagen met een lange dissel wordt gekoppeld aan een trekhaak of vangmuil bij de achteras van de vrachtwagen. Vanwege de slechte bereikbaarheid wordt deze dikwijls uitgerust met een afstandsbediening.
Het systeem staat bekend als het Philips-concept. De term wipkar, die ook wel voor andere middenassers gebruikt wordt, duidt bij zware vrachtwagens gewoonlijk op dit systeem.
Voordelen Door de lange disselboom kan de trailer kort gekoppeld worden, zonder risico dat de truck en de trailer elkaar raken in scherpe bochten. Dit geeft minder luchtweerstand en vooral een langere laadvloer voor meer volume. Bij autonome trailers kan hetzelfde effect bereikt worden met een speciale kortkoppelconstructie. In vergelijking met een oplegger is er eveneens meer volume, omdat een aanhangercombinatie althans in Europa langer kan en mag zijn dan een opleggercombinatie. Vergeleken met de autonome aanhangwagen is een middenasser gemakkelijk achteruit te rijden. De lange disselboom verbetert de richtingsstabiliteit en vermindert uiteenlopende vormen van onbalans.
Nadelen Er is een speciale koppeling bij de achteras nodig die de meeste trucks niet hebben. Dit beperkt de inzetbaarheid van de aanhanger. Door de afstand tussen de koppeling en de assen moeten scherpe bochten veel ruimer genomen worden dan met een autonome aanhanger, terwijl de achterkant uitzwaait. Gezien het voordeel van laadvolume en het nadeel dat het zwaartepunt aandacht nodig heeft, worden middenassers met lange dissel ingezet voor licht volumetransport. Voor een lagere laadvloer en extra volume worden soms kleinere wielen gebruikt. Typerende toepassingen zijn verhuizingen over lange afstand en vervoer van lange voorwerpen en lichte kunststoffen.
Koppeling Aanhangers en opleggers worden niet alleen mechanisch gekoppeld aan het trekkende voertuig. Een elektrische koppeling is nodig voor de verplichte verlichting. Deze koppeling kan tot stand komen door middel van een 7-polige stekker of een 13-polige stekker. Het aansluiten van de kabels kan soms lastig zijn, omdat er veel soorten stekkers en aanhangwagens zijn. 7-polige stekkers zijn geschikt voor minder complexe trekbare objecten zoals fietsenrekken, aanhangers, boot- of paardentrailers. Pneumatische koppelingen ("handjes") zijn nodig indien de aanhanger uitgerust is met luchtveren en/of pneumatische remmen.
Autoambulance Om een auto of bestelwagen eenvoudig te transporteren, wordt een autoambulance of autotransporter gebruikt.
Een autoambulance bestaat uit een speciaal gebouwde open aanhangwagen die uiteenlopende voorzieningen kan hebben, zoals: Twee rijbanen op de laadvloer Geprofileerde oprijplaten Een lier
Wetgeving in Nederland Een rijbewijs B (zonder E sinds 19-01-2013) voldoet in de volgende situaties: als de aanhangwagen inclusief laadvermogen niet meer weegt dan 750 kg. als de aanhangwagen inclusief laadvermogen meer weegt dan 750 kg, maar de totale toegestane massa (níet de werkelijke massa) van de auto in combinatie niet meer dan 3500 kg bedraagt. De ledige massa (gewicht zonder lading) en de toegestane maximummassa (maximaal gewicht inclusief laadvermogen) staan vermeld op het kentekenbewijs van de auto en de aanhangwagen.
In overige gevallen is voor het rijden met een aanhangwagen een rijbewijs met de aantekening E vereist.
Aanhangwagen tot 3500 kg en zwaardere aanhangwagens Er kan onderscheid worden gemaakt tussen aanhangwagens tot 3500 kg en de zwaardere aanhangwagens. De eerste categorie heeft onder andere geen APK-plicht, geen eigen WA-verzekering en geen wegenbelasting. Aanhangwagens met een toegestane massa van meer dan 3500 kg hebben dit wel.
RVV '90 In het Nederlandse Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 wordt met een aanhangwagen ook bedoeld voertuigen die door een ander voertuig worden voortbewogen. Regels uit het RVV '90 zijn hierdoor mede van toepassing op bijvoorbeeld auto's die worden gesleept.
Aanhangwagen achter een (brom)fiets Tot 1990 was een bromfietsaanhangwagen niet toegestaan. Achter een fiets mocht het wel, met een maximale breedte van 1,50 meter.
Volgens de wettelijke "Regeling voertuigen" van 01-07-2022 geldt dat "bromfietsaanhangwagens achter een bromfiets op twee wielen niet breder zijn dan 1,00 m".
Tot 1990 gold voor een fiets met aanhangwagen dat de regels moesten worden gevolgd zoals ze golden voor onbespannen wagens. (RVV 1966 art 3, tweede lid). Dat betekende dat het gebruik van fietspaden verboden was, terwijl wel mocht worden gereden op een weg die voor fietsers gesloten was. Deze regeling was bij veel weggebruikers - en zelfs bij de politie - niet bekend.
Sedert 1990 geldt een (brom)fiets met aanhangwagen als (brom)fiets, maar als de wagen breder is dan 75 cm mag eventueel een rijbaan worden gevolgd, zelfs als er een verplicht fietspad is. Een weg die gesloten is voor (brom)fietsers, mag niet worden gevolgd. (RVV 1990 art 5).
Personenvervoer is toegestaan in een fietsaanhangwagen (in andere aanhangwagens niet) en wagentjes voor kinderen zijn de laatste tijd zeer populair geworden. Ook ziet men vaak een aanhangfiets, dat is feite een kinderfiets zonder voorwiel die achter de fiets van een volwassene wordt gekoppeld.
Een (brom)fietsaanhangwagen moet linksachter een rode reflector hebben en bij nacht een rood achterlicht. Het achterlicht van de (brom)fiets hoeft dan niet te branden.
Wetgeving in België De wetgeving in België gelijkt op die van Nederland, maar er zijn enkele extra voorwaarden voor het trekken zonder het behalen van een rijbewijs B-E.
Een rijbewijs B (zonder E) voldoet in de volgende situaties:Indeling van de motorvoertuigen in categorieën voor de toepassing van de bepalingen betreffende het recht tot sturen in Belgische wegcode. Gearchiveerd op 14 augustus 2010. De massa van een aanhangwagen in beladen toestand mag de maximale toegelaten sleepbare massa niet overschrijden. Deze waarde wordt berekend door de maximale toegelaten massa van het trekkend voertuig af te trekken van de maximale toegelaten massa van de sleep. De maximale toegelaten massa van de aanhangwagen mag, indien het gaat om een aanhangwagen zonder remmen, niet groter zijn dan de helft van de eigen massa van het trekkend voertuig, vermeerderd met 75 kg.