Chaenocephalus aceratus is een straalvinnige vis uit de familie van de krokodilijsvissen (Channichthyidae) in de orde van de baarsachtigen (Perciformes).
Naam en indeling De wetenschappelijke naam van de soort werd in 1906 als Chaenichthys aceratus gepubliceerd door Einar Lönnberg. De soortaanduiding aceratus is afgeleid van het Oudgriekse (akératos) en betekent 'ongehoornd': a- = niet en ceratos = gehoornd. Op dat moment was de enige andere soort in het geslacht Channichthys ('Chaenichthys' was een ongeoorloofde spellingsverandering) Channichthys rhinoceratus, en die heeft een iets naar achteren gebogen stekel op de punt van de snuit. In 1913 plaatste Charles Tate Regan de soort in het nieuw door hem voorgestelde geslacht Chaenocephalus, waarin het de enige soort was. De geslachtsnaam Chaenocephalus betekent 'wijd opengesperde kop': (chainein) = de mond wijd openen om te happen of gapen; (cephale) = kop. De soort is de enige vertegenwoordiger gebleven van het geslacht.
De wetenschappelijke naam Chaenocephalus werd in 1861 door August Heinrich Grisebach ook al gebruikt voor een geslacht van planten maar die wordt inmiddels beschouwd als een synoniem van Verbesina (in de familie Asteraceae).
Kenmerken De vis kan een lengte bereiken tot 72 cm en een gewicht tot 3,7 kg. Het lichaam is langwerpig en dun, de kop daarentegen is groot en draagt snavelachtige kaken. Vanwege de opmerkelijke bouw van het lichaam en de kop werd de vis door walvisvaarders wel aangeduid als 'krokodilvis'.
Leefwijze De vis leeft in zeewater dat een temperatuur heeft onder het vriespunt maar door het hoge zoutgehalte niet bevriest. Het dier overleeft deze extreme omstandigheden door de aanwezigheid van een natuurlijk antivries in zijn lichaam. De vis heeft geen rode bloedcellen en heeft licht tot kleurloos bloed. Het lichaam bevat een zeer efficiënt functionerend bloedvatenstelsel vlak onder de huid, wat het mogelijk maakt om zuurstof op te nemen uit het zeer koude maar zuurstofrijke water. Het dier beweegt erg traag en verbruikt hierdoor weinig zuurstof. Het voedsel bestaat uit kreeftachtigen en vissen, die op de bodem worden buitgemaakt.
Verspreiding en leefgebied Deze zoutwatervis komt voor in de Zuidelijke Oceaan rondom het Antarctisch Schiereiland en in de Scotiazee. De diepteverspreiding is vijf tot 770 meter diep.
Relatie tot de mens Chaenocephalus aceratus is voor de visserij van beperkt commercieel belang. In de hengelsport wordt er weinig op de vis gejaagd.
Externe links Foto's van Chaenocephalus aceratus op FishBase
Bronvermelding
Categorie:Krokodilijsvissen Categorie:IUCN-status kwetsbaar