thumb|Romualdo Marenco Romualdo Giovanni Battista Marenco (Novi Ligure, 1 maart 1841 – Milaan, 9 oktober 1907) was een Italiaans componist, dirigent, violist en fagottist.
In zijn geboortestad Novi Ligure is er een jaarlijkse compositieconcours naar hem vernoemd, de Concorso Internazionale di Composizione "Romualdo Marenco", die in 2012 in de 10e editie ging.10th International Composition Competition "Romualdo Marenco" – Artistic Director: M° Maurizio Billi
Levensloop Hij was het zevende van acht kinderen van het echtpaar Giacomo Marenco en Maria Mottiero. Zijn tweede oudste broer Giacomo Francesco speelde trombone, de zus Luigia was operazangeres (sopraan) aan het Teatro Regio in Turijn en zijn jongere broer Tomaso was cellist in het orkest van het Teatro alla Scala in Milaan.
Marenco kreeg zijn eerste muzieklessen van V. Bozzolo en Pasquale Piacenza. Op twaalfjarige leeftijd werd hij violist in het orkest Carlo Alberto in zijn geboortestad Novi Ligure. Later werd hij fagottist in het orkest van het Teatro Andrea Doria in Genua, slagwerker (paukenist) in het orkest van het Teatro Apollo en vervolgens violist in het orkest van het Teatro Carlo Felice eveneens in Genua. In deze tijd studeerde hij privé bij Emilio Taddei muziektheorie, contrapunt en compositie. Verder was hij autodidact en studeerde naar de methodes van Fedele Fenaroli en Stanislao Mattei.
In september 1860 ging zijn ballet Niccolò de Lapi, ovvero Firenze ai tempi dell'assedio in het Nationale theater in Florence in première. Het was een succes en zo kon het tweede ballet Lo sbarco dei garibaldini in Sicilia (De landing van Garibaldi in Sicilië) kort erna volgen, maar dat werd voor de uitvoering in Genua, in het volgende jaar, hernoemd in Sbarco dei Garibaldini a Marsala e la presa di Palermo (De landing van Garibaldi in Marsala en de verovering van Palermo). In 1862 presenteerde hij in Rome zijn ballet Edelina, dat vervolgens ook in Genua en Milaan uitgevoerd werd. Het ballet Il Balilla, dat gewijd was aan de patriottische Risorgimento, ging in 1864 in Genua in première.
In het gevolg van een meningsverschil met de componist Serafino De Ferrari verhuisde hij in 1865 naar Milaan. Aldaar werd hij violist in het orkest van het Teatro della Canobbiana. Aan de gravin Clara Maffei Spinelli, die als echtgenote van de dichter en librettist Andrea Maffei wederom bevriend was met Giuseppe Verdi, droeg hij het werk Rimembranze dei colli di Lecco op. In het midden van de jaren 1860 reisde hij samen met de collega Giovanni Bottesini naar Brussel en herhaaldelijk naar Parijs. Hij werd in 1867 1e violist in het orkest van het Mhaim Naum theater in Istanboel, dat destijds onder leiding stond van Giuseppe Donizetti, een oudere broer van Gaetano Donizetti met de bijnaam "Pasha"; de muzikale directeur van de Sultan. Nog voor het vertrek naar Istanboel vertrouwde hij zijn balletten Nephte en Armida de choreograaf Ferdinando Pratesi aan. Beide werden gedurende zijn verblijf in Istanboel in Milaan uitgevoerd. In 1869 kwam Marenco naar Italië terug.
Na zijn terugkomst dirigeerde hij in het Teatro Riccardi in Bergamo de opera I Lombardi alla prima crociata van Giuseppe Verdi alsook La Favorita (L'ange de Nisida) van Gaetano Donizetti. Na het schrijven van een symfonie kreeg hij een baan als directeur van de ballet compagnie aan het Teatro Fossati.
Muzikaal werd het ballet Bianca di Nevers, dat in 1870 in Florence in première ging, een groot succes. In 1872 werd het door het Teatro alla Scala in Milaan gekozen voor de opening van de Tentoonstelling van Schone Kunsten en bijgewoond werd door koning Victor Emanuel II van Italië. Nog in hetzelfde jaar werd hij aangeroepen door Franco Faccio om violist in het orkest en voor zeven jaar directeur van de ballet compagnie aan het Teatro alla Scala te worden. In 1874 gaat in het Teatro Piontelli in Lodi zijn eerste opera Lorenzino de' Medici in première.
Op 11 januari 1881 beleefde hij naar de première van zijn ballet Excelsior in het Teatro alla Scala in Milaan tijdens de Nationale Tentoonstelling een overweldigend succes, zozeer dat hij in de volgende zomer door de koning Umberto I van Italië – samen met de choreograaf Luigi Manzotti – als "Cavalieri" werd onderscheiden. Binnen een paar maanden werd Excelsior in New York, Berlijn, Parijs, Londen, Wenen, Madrid, Buenos Aires Sint Petersburg en San Francisco uitgevoerd en beleefd overal groot succes en werd in de eerste negen maanden, na de première rond 100 keer uitgevoerd en stond ook 2002 nog op het programma in Milaan. Het is een waardering voor de wetenschappelijke en industriële ontwikkeling in de 19e eeuw, vanaf het elektrische licht tot telegrafie, de stoommachine en de Suezkanaal; het besef van het Futurisme. Het ballet Excelsior (1881), Amor (1886) en Sport (1897) belden een trilogie.
Van 1898 tot 1906 was hij in Lugano en werkte als leraar voor piano en viool.
Composities Werken voor orkest rond 1860 Symfonie nr. 1 (verloren gegaan) rond 1860 Symfonie nr. 2 (verloren gegaan) 1880 Sirene dell'arte, polka-mazurka 1881 Sulle rive del Weser, mazurka 1886 Il Parnaso – wals uit het ballet "Armor" 1888 Cagnammo core, canzonetta napolitana voor kamerorkest 1891 Pizzicato nuovo, voor kamerorkest 1897 Gran marcia finale dello "Sport" – dal ballo Charitas, wals Cuscini volanti, galop voor kamerorkest Ballabili per orchestra Al genio di Giuseppe Strauss, wals Amor sublime Rosetta, mazurka Je rêve mon pays, mazurka Non voglio marito, polka Bella Elvezia Note al vento Scintille roventi, galop Parola d’ordine Les Caprices
Werken voor banda (harmonieorkest) of fanfareorkest 1880 Alla Città di Torino, grote triomfmars voor de nationale tentoonstelling 1880 1881 Passeggiata notturna, mars voor fanfareorkest 1890 Generale Carenzi, mars 1900 Il Canto dei Cooperatori, hymne voor driestemmig gemengd koor (S,T,B) en banda – tekst: Giovanni Bertacchi 1902 Poutpouri nel ballo "Excelsior" Alsacienne, mazurka Ballet music uit het ballet "Excelsior" – bewerkt door Giuseppe Creatore Colori Baelz, mars Fibre femminili, mazurka I soggiogati, polka Idee vaganti, mazurka Parola d'ordine, mars Salve o rupe, populaire hymne (niet compleet) Sinfonia originale per banda Suite uit het ballet "Excelsior"
Muziektheater Opera's Voltooid in titel aktes première libretto 1874 Lorenzio de' Medici 4 bedrijven 1 december 1874 Lodi, Teatro Piontelli Giuseppe Perosio 1880 I Moncada 4 bedrijven 16 oktober 1880, Milaan, Teatro Dal Verme Fulvio Fulgonio 1907 Federico Struensée Proloog en 3 bedrijven 7 november 1908, Novi Ligure, Teatro Carlo Alberto van de componist naar het drama van Michael Beer
Operettes Voltooid in titel aktes première libretto 1884 Le Diablo au corps; ook: Berta 2e (Italiaanse) versie: Il Diavolo in Corpo 3 bedrijven 19 december 1884, Parijs, Théâtre des Bouffes Parisiens; 2e versie: 1905, Rome Ernest Blum en Raoul Toché; Italiaanse vertaling: Enrico Golisciani 1890 La Capitaine Charlotte 1890, Parijs 1896 Strategia d'amore 2 bedrijven 20 juli 1896, Milaan, Teatro Eden Cesare Alberto Blengini 1896 La Figlia di Boby 4 aktes 1896, Milaan Giovanni Pratesi 1896 Dolores 3 bedrijven 1896, Milaan Giovanni Patresi 1899 I Piccoli Viaggiatori 1 akte 1899, Lugano R. Ramati 1900 The Regatta Girl 1900, New York
Balletten Voltooid in titel aktes première libretto choreografie 1860 Niccolò de' Lapi ovvero Firenze ai Tempi dell'assedio; ook: Niccolò de Lapi, ossia, Firenze a tempo dell'assedio 6 scènes 1860, Florence, Teatro nazionale Cesare Cecchetti 1e versie: 1860 2e versie: 1862 Lo sbarco dei garibaldini in Sicilia; 2e versie: Lo sbarco di Garibaldi a Marsala e la presa di Palermo 1860, Florence; 2e versie: 1862, Genua, Teatro Andrea Doria 1862 Edelina 1862, Rome 1863 Il Balilla 1863, Genua 1867 Il Corsaro 1867, Siena 1867 Nephte; ook: Nefte 1867, Milaan P. Borri 1868 Armida; ook: Cleofe 4 aktes, 6 scènes 1868, Milaan, Teatro Ciniselli Ferdinando Pratesi 1869 Esmeralda 1869, Istanboel, Teatro Naum Cesare Pugni 1869 Giuditta 1869, Florence, Teatro Nazionale 1870 Amore e Arte; samen met: G. Strigelli 3 aktes, 5 taferelen 28 februari, 1870, Milaan, Teatro alla Scala Antonio Pallerini 1870 Emma Florians alla corte del Portogallo 1870, Rome 1870 Flora, la regina dei Fiori 1870, Florence 1870 Bianca di Nevers Proloog in 2 scènes, 5 aktes 1870, Florence Ferdinando Pratesi 1870 La danzatrice (onvoltooid) 1870, Florence Giovanni Patresi 1872; 2e versie: 1879 I sette peccati capitali; 2e versie: Ric-a-Rac ovvero I sette peccati capitali 7 taferelen; 2e versie: proloog en 8 taferelen 26 december 1872, Milaan, Teatro alla Scala; 2e versie: 1879, Turijn, Teatro Alfieri di Torino Antonio Pallerini; 2e versie: Cesare Smeraldi 1872 Farfallina 7 scènes 26 december 1872, Milaan, Teatro alla Scala Antonio Pallerini 1874 La Tentazione; ook: Ermanzia 7 scènes 8 januari 1874, Milaan, Teatro alla Scala; 12 februari 1876, Turijn, Teatro Regio di Torino Ferdinando Pratesi 1874 Giuditta, samen met: Carlo Rossi 6 aktes, 7 scènes herfst 1874, Turijn, Teatro Vittorio Emanuele Ferdinando Pratesi 1877 Sieba o La spada di Wodan 7 aktes, 9 taferelen 8 januari 1878, Turijn, Teatro Regio di Torino Luigi Manzotti 1878 Day-Sin Proloog en 7 taferelen 15 februari 1879, Bologna, Teatro Comunale Ferdinando Pratesi 1878 L'astro degli Afghan 3 aktes, 9 taferelen 4 januari 1879, Turijn, Teatro Regio di Torino Ferdinando Pratesi 1880 Delial 6 aktes, 7 scènes Carnaval 1880, Milaan, Teatro alla Scala Antonio Pallerini 1880-1881 Excelsior 2 aktes, 6 taferelen, 11 scènes 11 januari 1881, Milaan, Teatro alla Scala Luigi Manzotti 1881 Daï-Natha 2 aktes, 10 taferelen 23 februari 1881, Turijn, Teatro Regio di Torino Cesare Marzagore 1881 Vittorio Amedeo II 1881, Milaan, Arena Civica 1881 Vera 7 taferelen 1881, Milaan, Teatro alla Scala Giuseppe Felter 1882 Flik e Flok, (auteurschap is twijfelachtig) samen met: Peter Ludwig Hertel 2 aktes, 7 taferelen 26 december 1883, Milaan, Teatro alla Scala Paolo Taglioni 1882 La Sirena 8 taferelen 1882, Milaan Giuseppe Felter 1884 Metempsicosis 12 taferelen 16 maart 1884, Turijn, Teatro Regio di Torino Giovanni Innocenzo Armandi Cesare Smeraldi 1886 Amor 2 aktes, 16 taferelen 17 februari 1886, Milaan, Teatro alla Scala Luigi Manzotti 1886 Rolla 1886, Napels 1886 Lagardére 1886, New York 1887-1888 Annibale Proloog en 9 taferelen Carnaval 1888, Milaan, Teatro Dal Verme Ferdinando Fontana Giovanni Pogna 1887 Teodora 2 aktes, 7 taferelen Carnaval – vastentijd, 1888 Napels, Teatro San Carlo Raffaele Grassi 1891 Haydee 9 taferelen 1904, Milaan Giuseppe Polozzi 1891 Zarica 1896-1897 Sport 8 taferelen 10 februari 1897, Milaan, Teatro alla Scala Luigi Manzotti 1903 Bacco e Gambrinus 6 scènes 14 januari 1904, Milaan, Teatro alla Scala Giovanni Patresi 1905 Luce 25 februari 1905, Milaan, Teatro alla Scala Giovanni Patresi Madre e figlia (onvoltooid)
Vocale muziek Hymnes 1906 Inno al Sempione, voor tweestemmig koor a capella – tekst: M. Mori Inno dell'amnistia, hymne voor 2 zangstemmen en piano – tekst: Ferdinando Fontana
Liederen Baltassar di Heinrich Heine, voor bariton en orkest Quanto era bella, romance voor zangstem en piano
Kamermuziek 1890 Nozze d’oro, andante voor hobo, fagot en strijkkwartet
Werken voor piano 1881 Sur les rives du Weser, mazurka 1883 4 Ballabili 1883 Les Honneurs Militaires, mars 1883 Quattro Danze 1883 Une Douce Parole, mazurka 1887 Charitas, wals 1890 Generale Carenzi, mars ca. 1900 Auxilium ex alto, wals 1900 In guardia!, galop Danza degli automi, mazurka Marche espagnole et Bolero Marcia dei ginnasti Promessa, mazurka Rimembranze di Boscomarengo, mazurka
Bibliografie Luca Federico Garavaglia, Gennaro Fusco: Romualdo Marenco: la riscoperta di un pioniere, Milano, Excelsior 1881, 2008, 280 p.,