thumb|Frederik I van Saksen-Gotha
De Orde van de Duitse Redelijkheid (Duits: Orden der deutschen Redlichkeit) was een Duitse ridderorde.
Ter gelegenheid van de opening van zijn paleis in Friedrichswerth stelde Hertog Frederik I van Saksen-Gotha-Altenburg op 19 juli 1689 de orde in. De orde had het karakter van een hoforde en werd binnen de hofhouding uitgereikt als teken van verbondenheid. Als bijzonder teken van de hertogelijke gunst werd de orde aan een klein aantal ministers toegekend.
Het versiersel of juweel van de orde was een op de borst gedragen medaillon met de initiaal F. Op de keerzijde zijn twee in elkaar gelegde handen, symbool van vriendschap, afgebeeld. Op de ring staan het motto Fideliter et constanter.
Zoals in de 18e eeuw vaak het geval was overleefde de orde de dood van zijn stichter in 1700 niet. In 1833 grepen drie regerende hertogen uit het Ernestijnse Huis terug op de traditie van de Orde van de Duitse Redelijkheid. Zij stichtten de Hertogelijk Saksisch-Ernestijnse Huisorde met hetzelfde motto maar met een ander versiersel.
Literatuur Pierer's Universal-Lexikon, Band 4. Altenburg 1858, S. 924 Johann Hübner, Reales Staats-, Zeitungs- und Konversation-Lexikon, In Verlegung Emerich Felix Baders, Regensburg 1735, S.1239
Categorie:Ridderorde in Saksen Categorie:Geschiedenis van Thüringen