William (Bill) Ronald Reid, Jr., OBC (Victoria, 12 januari 1920 - Vancouver, 13 maart 1998) was een Canadese Haida-kunstenaar wiens werk juwelen, sculpturen, zeefdrukken en schilderijen omvatte. In de Haida-community is hij gekend als Iljuwas, Kihlguulins, en Yalth Sgwansang.
Hij is lid van de Koninklijke Canadese Academie voor Kunsten en heeft meerdere prijzen en eredoctoraten ontvangen. Werk van Reid is te zien in verschillende musea in Canada, alsook in de Canadese ambassade in Amerika. Zijn werk is ook afgebeeld op het Canadese 20 dollarbiljet.
Haida-namen Reid ontving gedurende zijn leven drie verschillende Haida-namen, die elk een belangrijke fase in zijn persoonlijke, artistieke en culturele ontwikkeling markeren. De namen werden hem toegekend volgens de Haida-traditie door gerespecteerde leden van de Haida-gemeenschap en weerspiegelen zijn groeiende verbondenheid met zijn voorouderlijke afkomst. Op zijn grafsteen in T'aanuu (Tanu Island) staan de namen Iljuwas en Yalth Sgwansang, waarmee beide belangrijkste Haida-identiteiten van zijn leven worden herdacht.
Iljuwas - "De Vorstelijke" of "De Mannelijke" Reid ontving de naam Iljuwas (ook gespeld als Iljuuwaas of Iihljiwaas) in 1954, tijdens het bezoek aan voor de begrafenis van zijn grootvader Charles Gladstone. De naam werd hem gegeven door Hazel Stevens, een lid van de K'aadaas gaah Kiiguwaay-clan uit T'aanuu. De naam betekent "De Vorstelijke" of "De Mannelijke", afhankelijk van de vertaling. De toekenning van de naam markeerde zijn officiële opname in de Haida-gemeenschap en viel samen met zijn eerste intensieve kennismaking met de Haida-kunst en zijn deelname aan het restauratieproject van totempalen onder leiding van meesterbeeldhouwer Mungo Martin. In 1978, tijdens de oprichting van de Skidegate Dogfish Pole, werd deze naam publiekelijk bevestigd.
Kihlguulins - "Degene die goed spreekt" of "Gouden Stem" In 1973 schonk Florence Davidson uit Old Massett hem de naam Kihlguulins. De naam wordt vertaald als "Degene die goed spreekt", of ook als "Gouden Stem", een verwijzing naar Reids talent als spreker en radio-omroeper bij de Canadian Broadcasting Corporation (CBC), maar ook naar zijn vermogen om de Haida-cultuur onder een breed publiek uit te dragen. Reid droeg deze naam tot 1986, toen Davidson hem een nieuwe naam verleende en deze naam officieel terugnam.
Yaahl Sgwansang of Yaahl SG̱waansing - "De Enige Raaf" of "De Solitaire Raaf" In 1986 kende Davidson Reid de naam Yaahl Sgwansang (ook gespeld als Yaahl SG̱waansing of Yalth-Sgwansang) toe. De naam betekent "De Enige Raaf" of "De Solitaire Raaf". De raaf is een centrale figuur in de Haida-mythologie en geldt als schepper, trickster en cultuurbrenger. De naam verwees zowel naar Reids lidmaatschap van de Raaf-clan via zijn moeder als naar zijn unieke positie als kunstenaar die de traditionele Haida-kunst internationaal nieuw aanzien gaf.
Biografie Vroege jaren Reid werd geboren in Victoria in de Canadese provincie British Columbia. Zijn vader was William Ronald Reid sr. (1884-1943), een Amerikaan van Schots-Duitse afkomst. Zijn moeder, Sophie Gladstone Reid (1895-1985), was afkomstig uit de Kaadaas gaah Kiiguwaay, Raven/Wolf Clan of T'anuu, of meer algemeen bekend als de Haida, een van de First Nations van de Pacifische kust.
Hij ontwikkelde een grote interesse in Haidakunst tijdens het werk als radio-omroeper in Toronto voor CBC. Hij volgde in Toronto aan de Ryerson Institute of Technology ook een studie in het maken van sieraden, nadat hij eerst over zijn afkomst had gehoord van zijn grootvader van moeders kant, die zelf opgeleid was door Charles Edenshaw, een Haidakunstenaar van grote faam.
In 1951 keerde hij terug naar Vancouver, waar hij een studio begon op Granville Island, en zeer geïnteresseerd raakte in het werk van Edenshaw. Reid was met name geïnteresseerd in het begrijpen van de symboliek van diens werk, waarvan in de loop der tijd een groot deel verloren was gegaan, samen met de vele Haidatradities. Gedurende deze tijd werkte hij ook aan het behoud van artefacten, waaronder veel ingewikkeld gesneden totempalen die aan het vergaan waren in afgelegen dorpjes, en hielp bij de gedeeltelijke reconstructie van een dorp in het Antropologisch Museum van de Universiteit van British Columbia.
Aanvankelijk maakte hij sieraden in de traditionele vormen en met moderne materialen (meestal goud, zilver en argillite). Later ging hij zich ook bezighouden met grotere sculpturen in brons, redwood en Nootka Cypress (geel ceder), meestal voorstellende figuren, dieren, en scènes uit folklore, die bedoeld waren om de zichtbare tradities van zijn voorouders in een eigentijdse vorm te brengen.
Monumentale sculpturen Zijn populairste werken zijn drie grote bronzen sculpturen, twee afbeeldingen van een kano gevuld met menselijke en dierlijke figuren: een zwarte, The Spirit of Haida Gwaii ('De geest van Haida Gwaii'), in de Canadese ambassade in de Amerikaanse hoofdstad Washington en een groene, The Jade Canoe ('De kano van jade'), op Vancouver International Airport in British Columbia, en de derde, Chief of the Undersea World ('Hoofd van de onderwaterwereld'), voorstellende een uit het water springende orka, bij het Vancouver Aquarium. Afgietsels van deze sculpturen staan in het Canadian Museum of Civilization in Ottawa, Canada.
Twee van zijn sculpturen, Raven and the First Men ('De Raaf en de Eerste Mensen') en Spirit of Haida Gwaii, zijn prominent zichtbaar op het Canadese biljet van twintig dollar samen met een citaat van de schrijver Gabrielle Roy.
Latere jaren Hij nam deel aan de blokkades van wegen die hielpen om de regenwouden van Gwaii Haanas (Zuid Moresby) te redden, hij stopte in deze periode ook met werken aan de sculptuur in Washington om te protesteren tegen de vernietiging van de bossen van Haida Gwaii.
Na het laatste deel van zijn leven gewijd te hebben aan het creëren van nieuwe werken en conservering, overleed Reid op 13 maart 1998 in Vancouver aan de ziekte van Parkinson. In juli 1998 peddelden vrienden en familieleden met Loo Taas, een grote kano gesneden uit een ceder door Reid voor Expo 86, tijdens een tweedaagse reis langs de Pacifische kust om zijn as te brengen naar Tanu Island in Haida Gwaii, de plaats van zijn moeders dorp.
Werken (selectie)
Juwelen Reid beschouwde zichzelf in de eerste plaats als goudsmid; de artistieke principes die hij ontwikkelde in zijn kleine sieraden vormden later ook de basis voor zijn monumentale sculpturen. Zijn sieraden beelden veelal figuren uit de Haida-mythologie af, zoals de Raaf, Orka, Beer en Dogfish Woman, en worden gekenmerkt door een krachtige driedimensionale vormgeving en een uitzonderlijk vakmanschap.
Tot zijn bekendste sieraden behoren de Hinged Raven Bracelet (ca. 1955), de Killer Whale Brooch (ca. 1952–1955), de Tschumos Brooch (1956), de Raven Brooch (1962), de Shaman's Charm Brooch (1964), de Dogfish Woman Transformation Pendant (1982) en de Milky Way Necklace (1969), een gouden halssieraad met diamanten dat als een van zijn technisch meest verfijnde creaties wordt beschouwd.
Veel van deze werken bevinden zich tegenwoordig in de collecties van de Bill Reid Gallery of Northwest Coast Art, het Museum of Anthropology van de University of British Columbia en andere Canadese musea. miniatuur|Haida Village aan de University of British Columbia (UBC)
Haidadorp De Haida Village aan de University of British Columbia (UBC) in Vancouver is een openluchtmuseum dat een traditioneel Haida-dorp uit de negentiende eeuw reconstrueert. Het ligt op het terrein van het Museum of Anthropology (MOA) en geldt als een belangrijk voorbeeld van Haida-architectuur en monumentale houtsnijkunst buiten Haida Gwaii. Het dorp werd tussen 1958 en 1962 gerealiseerd onder leiding van Reid, in samenwerking met Doug Cranmer, op basis van archeologisch, historisch en etnografisch onderzoek. Het complex omvat een grote longhouse, een mortuariumwoning en meerdere rijk gebeeldhouwde totem- en grafpalen met clanemblemen en figuren uit de Haida-mythologie. Oorspronkelijk stond het in Totem Park, maar in 1978 werd het verplaatst naar zijn huidige locatie naast het Museum of Anthropology, waar het sinds 1980 deel uitmaakt van de permanente presentatie. Tegenwoordig is de Haida Village niet alleen een reconstructie van een historisch dorp, maar ook een centrum voor educatie, onderzoek en samenwerking met de Haida Nation en andere inheemse gemeenschappen. Het project leverde een belangrijke bijdrage aan het behoud en de internationale waardering van de Haida-kunst en speelde een cruciale rol in de artistieke ontwikkeling van Reid en de heropleving van de Haida-cultuur.miniatuur|Loo Taas-replica Black Eagle Canoe
Kano's Loo Taas (Haida: "Golveneter") is een 15,2 meter lange oceaankano uit rode westerse ceder, ontworpen door Reid en gebouwd in 1985 - 1986 als pronkstuk voor Expo 86 in Vancouver. De kano betekende de heropleving van de traditionele Haida-kanobouw, waarvan sinds 1908 geen grote zeekano meer was vervaardigd. Na Expo 86 groeide Loo Taas uit tot een krachtig symbool van de Haida-cultuur en werd zij ingezet voor culturele reizen, ceremonies en gemeenschapsevenementen, waaronder de overbrenging van de as van Reid en het vervoer van de Olympische vlam in 2009. Tegenwoordig wordt de oorspronkelijke kano bewaard in het Haida Heritage Centre op Haida Gwaii, waar zij verbonden blijft met levende tradities. Om het kwetsbare origineel te beschermen liet Reid replica's in glasvezel vervaardigen, die worden gebruikt voor tentoonstellingen, educatieve activiteiten en ceremoniële vaarten. Hierdoor kan Loo Taas zelf behouden blijven als een van de belangrijkste kunstwerken en culturele iconen van de moderne Haida-gemeenschap.
Monumentale sculpturen Reid's meest gekende monumentale sculpturen zijn: 1980 - De Raaf en de Eerste Mensen (The Raven and the First Men) beeldt de scheppingsmythe van het Haida-volk uit, de Raaf is de bedrieger-figuur bij veel mythologieën. Het kunstwerk werd uit een blok gelamineerd geel cederhout gesneden en staat in het Museum of Anthropology van het UBC. 1984 - Chief of the Undersea World ('Hoofd van de onderwaterwereld') stelt een uit het water springende orka voor en staat voor het Vancouver Aquarium in Canada. 1991-1995 - The Spirit of Haida Gwaii ('De geest van Haida Gwaii'): de zwarte kano en de groene. The Black Canoe staat buiten aan de Canadese ambassade, Washington, Verenigde Staten. The Jade Canoe staat sinds 1996 in de internationale luchthaven van Vancouver.
Galerij
Prijzen en erkenningen (selectie) Reid ontving vele onderscheidingen in zijn leven, met inbegrip van eredoctoraten van de Universiteit van Brits-Columbia (1976), de Universiteit van Toronto, de Universiteit van Victoria, de Universiteit van West Ontario, York Universiteit en Trent Universiteit. Hij ontving de National Aboriginal Achievement Award (nu Indspire Awards) voor zijn gehele oeuvre in 1994, en werd lid van de Orde van British Columbia (OBC) en officier van Frankrijks Orde van Kunst en Letteren. Andere prijzen en erkenningen zijn; Molson Prize (1977), Andere eredoctoraat van de York University (1979), van de Western University (Amerika) (1983), en van de Simon Fraser-universiteit (1991), Governor General's Award in Visual and Media Arts (1986), Saidye Bronfman Award (1986).
Tentoonstellingen (selectie) Werken van Reid waren te zien in zowel solo- als groepstentoonstellingen:
Solo
1974 - Bill Reid: A Retrospective Exhibition, Vancouver Art Gallery. 1980 - Bill Reid Retrospective, Children of the Raven Gallery, Vancouver. 1986 - Bill Reid: Beyond the Essential Form, University of British Columbia Museum of Anthropology, Vancouver. 2008 - 2009 - Bill Reid: Master of Haida Art, Bill Reid Gallery of Northwest Coast Art, Vancouver. 2011 - 2012 - Bill Reid and the Haida Canoe, Bill Reid Gallery of Northwest Coast Art, Vancouver.
Groep