De Moslimbroederschap, Moslimbroeders of het Genootschap van de Moslimbroeders (Arabisch: الإخوان المسلمون al-ikhwan al-moeslimoen), of kortweg "De Broederschap" (الإخوان al-ikhwān) is de naam van een wereldwijde soennitische islamitische politiek-religieuze beweging waartoe verschillende islamistische sociale en politieke organisaties en partijen in het Midden-Oosten gerekend worden. De organisatie is in 1928 in Egypte opgericht door de islamitische geleerde en onderwijzer Hassan al-Banna. Sinds 2010 is Mohammed Badie de algemeen leider van de Moslimbroederschap. Mohammed Badie werd in april 2014 in een massaproces door een Egyptische rechter tot de doodstraf veroordeeld vanwege betrokkenheid bij terrorisme.http://www.bbc.com/news/world-middle-east-27186339. Gearchiveerd op 5 mei 2025.
Als religieuze, pan-islamitische en sociale beweging, predikte de Moslimbroederschap aanvankelijk de islam in Egypte, onderwees ze analfabeten en richtte ze ziekenhuizen en zakelijke ondernemingen op. Later betrad het de politieke arena, met als doel een einde te maken aan de Britse koloniale controle over Egypte. De Broederschap maakt zich hard voor het behoud van de islamitische cultuur en een islamitische staat die afgeschermd is van westerse invloeden.Dr. Roel Meijer, onderzoeker islamitische organisaties bij denktank Clingendael, in NRC Handelsblad, 4 februari 2011. Het zelfverklaarde doel van de beweging is de oprichting van een staat die wordt geregeerd door de sharia met als zinspreuk: "Islam is de oplossing".NRC Handelsblad, 4 februari 2011. Naastenliefde is een belangrijke drijfveer voor de werkzaamheden van de beweging.
De groep verspreidde zich naar andere moslimlanden, maar heeft haar grootste organisatie in Egypte ondanks een opeenvolging van hardhandig optreden van de Egyptische overheid vanaf 1948 tot op heden, waarbij de beweging beschuldigd wordt van het plannen van moorden en samenzweringen.Bruce Rutherford, Egypt After Mubarak (Princeton: Princeton UP, 2008), 99 Tot de Zesdaagse Oorlog van 1967, was de beweging een marginale groep binnen de Arabische politiek. Na de Zesdaagse Oorlog, met als uitkomst een zware Arabische nederlaag tegen Israël, werd het islamisme populairder ten opzichte van het seculiere Arabische nationalisme. De beweging werd ook gesteund door Saoedi-Arabië, waarmee het wederzijdse vijanden deelde, zoals het communisme.
Mede door de Arabische Lente kreeg de beweging legalisatie en aanzienlijke politieke macht. De Egyptische Moslimbroederschap werd in 2011 gelegaliseerd en won verschillende verkiezingen, waaronder de presidentsverkiezingen van 2012. De Moslimbroederschap kandidaat Mohamed Morsi werd de eerste president van Egypte die via democratische verkiezingen aan de macht kwam. Morsi werd een jaar later omvergeworpen door het leger en onder huisarrest geplaatst. De groep werd vervolgens in Egypte verboden en uitgeroepen tot terroristische organisatie. Gauw volgden dictaturen zoals Saudi-Arabië, Bahrein en de Verenigde Arabische Emiraten met soortgelijke maatregelen, gedreven door de perceptie dat de Broederschap een bedreiging vormt voor hun autoritaire heerschappij. Ook Syrië en Rusland hebben de beweging bestempeld als een terroristische organisatie.https://web.archive.org/web/20160101081242/http://base.consultant.ru/cons/cgi/online.cgi?req=doc%3Bbase%3DEXP%3Bn%3D257852https://www.hurriyetdailynews.com/assad-says-factors-not-in-place-for-syria-peace-talks.aspx?pageID=238&nID=56611&NewsCatID=352 In 2014 werd in het Verenigd Koninkrijk onderzocht of de Moslimbroederschap een terroristische organisatie is.http://www.bbc.com/news/uk-politics-26830284. Gearchiveerd op 3 juni 2025. De Broederschap beweert zelf een vreedzame, democratische organisatie te zijn, en dat haar leider "geweld en gewelddadige handelingen veroordeelt".
Ideologie De Moslimbroederschap streeft ernaar om een in haar ogen rechtvaardig islamitisch rijk en soennitisch kalifaat te stichten met de sharia dat de hele islamitische wereld omspant, met het plan om stapsgewijs de islamisering van in meerderheid islamitische naties na te streven met alle wettelijke middelen die daartoe ter beschikking staan.
Houding ten opzichte van terreur thumb|Mohammed Badie, de huidige leider die in april 2014 tot de doodstraf werd veroordeeld vanwege betrokkenheid bij terrorisme De Broederschap heeft over de gehele wereld, behalve op enkele plaatsen zoals Israël en de door Israël bezette gebieden, gezegd geweld afgezworen te hebben voor het bereiken van haar doelen en politieke middelen daarvoor in de plaats gesteld. Deze opstelling zorgt binnen de gelederen soms voor onenigheid en de afsplitsing van radicale groepen. Een vroege afsplitsing was een groep genaamd 'de Jihad'; deze vermoordde in 1981 de Egyptische president Anwar Sadat. Latere afsplitsingen waren de Gama'a al-Islamiyya ("De islamitische groep") en Takfir wal Hijra ("Excommunicatie en migratie"), beide in 2003 door de EU aangemerkt als terroristische organisaties.Raad van Europa, 2003/646/EG: Besluit van de Raad van 12 september 2003, opgehaald 30 december 2006
Door de Egyptische regering wordt de Moslimbroederschap beschuldigd van verschillende terreuraanslagen na de val van Moslimbroeder Morsi waarbij het samengewerkt zou hebben met Al Qaida. Het oprichtingshandvest stelt dat Hamas de afdeling van de Moslimbroederschap is in Palestina, Hamas wordt door onder andere de EU en VS als terroristische organisatie gezien.
Relatie met moslimfundamentalisme en islamitische terroristische organisaties Na de verbanning uit Egypte na 1965 kwam de Moslimbroederschap in Saoedi-Arabië in aanraking met het Wahabisme.Lotty Eldering, Cultuur en opvoeding, 4e dr. (nw. ed.), pag. 9. Gearchiveerd op 24 augustus 2025. De Moslimbroederschap is een stuwende kracht geweest achter de groei van moderne islamitisch fundamentalistische bewegingen in de Arabische wereld.
Osama bin Laden werd tijdens zijn studie aan de universiteit geïnspireerd door verschillende docenten met sterke banden met de Moslimbroederschap, onder wie Mohammed Qutb.
Het boek Mijlpalen van Moslimbroeder Said Qutb geldt als belangrijke Broederschap-verhandeling over de anti-koloniale jihad (strijd) en tevens belangrijke inspiratiebron voor islamitisch-fundamentalistische terreur-organisaties als Al Qaida.
In indirecte zin droeg de Moslimbroederschap bij tot de ontwikkeling en groei van het moslimfundamentalisme in de Arabische wereld. Vooral in Noord-Afrika was dit het geval, waar het Algerijnse FIS en de Tunesische Ennahda zich in eerste instantie baseerden op de ideologie van Hassan al-Banna's Moslimbroederschap.
Egypte Hoofdlijnen Vanaf de jaren veertig van de 20ste eeuw, toen duidelijk werd dat de staat Israël zou verrijzen, verspreidde het 'geheime apparaat' van de Broederschap terreur in Egypte onder rechters, politici en joodse instellingen. Said Qutb, tussen 1949 en 1966 informeel leider van de Broederschap, oordeelde dat geweld tegen moslims die zich niet als goede moslims gedragen, geoorloofd was. In 1954, toen Egypte sinds een jaar een republiek was onder luitenant-kolonel Nasser, verbood Nasser de Broederschap. In 1966 werd Broederschap-leider Said Qutb opgehangen door het bewind van Nasser.
Sindsdien zwoer de Broederschap het geweld tegen andere moslims af. Echter, ze hield vast aan de 'verdedigende jihad', de heilige strijd tegen 'binnendringers', en zou later bijvoorbeeld de strijd in Irak tegen de Amerikanen steunen.
Vanaf de jaren tachtig kwam een nieuwe generatie leiders in de Broederschap naar voren, mede uit kringen van advocaten, artsen en journalisten. Zij deden mee aan verkiezingen en bleken bereid met seculiere partijen samen te werken en compromissen te sluiten. Tegelijkertijd echter gelooft een groot deel van de aanhang van de Moslimbroederschap – zoals overal in Egypte het geval is – nog altijd in hiërarchie en gehoorzaamheid aan de leider.
1945-1965 Hassan al-Banna (1906-1949) stichtte in maart 1928 op verzoek van enkele arbeiders een maatschappelijke, islamitische welzijnsorganisatie. Al-Banna was op dat moment onderwijzer in de stad Ismaïlia. Deze stad lag in de Britse zone rondom het Suezkanaal. De Britten hielden de economie van het gebied in hun greep en bekommerden zich in mindere mate om de leefomstandigheden van de Arabieren.
Naast terugkeer naar islamitische normen en waarden door bestudering van de islam was onderwijs voor alle inwoners van Egypte het belangrijkste doel; de groep stelde zich aanvankelijk gematigd op. Daarnaast werd de Voortrekkers opgericht, een soort geüniformeerde jeugdbeweging. Later werden ziekenhuizen en klinieken gebouwd. Arbeiders kregen voorlichting en de organisatie stelde werkomstandigheden, met name bij de Suez Canal Company, aan de kaak.
Voor de Moslimbroeders was de staking en het gewapende verzet dat de moefti van Jeruzalem, Amin al-Hoesseini, in 1936 in heel Palestina begon om de Joodse immigratie een halt toe te roepen het startsein van hun eerste fanatieke solidariteitscampagne die het aantal aanhangers in Egypte tussen 1936 en 1938 deed groeien van 800 tot 200.000 leden. In de grote steden bestond deze aanhang voor een groot deel uit westers gevormde intellectuelen. Al in mei 1936 riep de Moslimbroederschap op tot boycot van winkels van Joden, werd er actief geld ingezameld ter ondersteuning van Amin al-Hoesseini, luidde de Moslimbroederschap in moskeeën, scholen, bedrijven en door verspreiding van pamfletten de noodklok en vertelde de gelovigen dat Joden de heilige plaatsen van de islam in Jeruzalem verwoestten, de Koran verscheurden en door het slijk haalden. De Moslimbroederschap organiseerde, als reactie op het Volkerenbond-voorstel voor Palestina (Peel-commissie), in april en mei 1938 studentendemonstraties in Caïro, Alexandrië en Tanta, waar naast pamfletten en anti-joodse leuzen een oproep gedaan werd op alle jonge Egyptenaren om zich aan te melden voor de jihad tegen Israël. Sinds 1937, het bekend worden van het Volkerenbond-voorstel van de Peel-commissie, zag Hassan al-Banna de strijd om Palestina etnisch van Joden te zuiveren als het belangrijkste instrument om het islamitische principe van de jihad voor de moderne tijd religieus te funderen.Dr. Hans Jansen, Van Jodenhaat tot zelfmoordterrorisme, par. 4.2.4, pag. 115-117, Uitg. Groen, Heerenveen (2006), Hassan al-Banna benoemde in 1937 zijn vriend Amin al-Hoesseini (waarmee hij al een jaar vóór de oprichting van de Moslimbroederschap kennisgemaakt had) tot zijn plaatsvervanger.
Toen al-Banna in 1949 stierf waren er 2000 afdelingen en naar schatting één miljoen aanhangers.
In 1943, in de Tweede Wereldoorlog ontstond het zogenaamde Geheim Apparaat, een clandestiene afdeling van de Broederschap, die zich later afscheidde. Dit Geheim Apparaat begon terroristische aanslagen te plegen. In 1948, tijdens de Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948, werden diverse aanslagen gepleegd op overheidsdienaren evenals aanslagen in de joodse wijk van Caïro. De dood van premier Mohammed al-Noeqrasji was voor de regering de definitieve reden om de Broederschap te verbieden. Al-Banna en de rest van de Broederschap ontkenden iets met de dood te maken te hebben en veroordeelden de aanslag. Al-Banna werd op 12 februari 1949 neergeschoten.
In 1950 begon de Broederschap zich opnieuw te hergroeperen en koos Hassan Ismail al-Hoedabi als nieuwe leider. Al-Banna had zijn organisatie echter altijd strak geleid zonder tegenstand te dulden en het was dan ook niet verwonderlijk dat de organisatie in chaos uiteenviel.