thumb|Wapen van het maronitische patriarchaat In onderstaand overzicht zijn de patriarchen van de maronitische kerk opgenomen.
Voor de patriarchen voor 518 zie de lijst van patriarchen van Antiochië. Voor de patriarchen van 518 tot 687 zie de lijst van Grieks-orthodoxe patriarchen van Antiochië.
938-1440: De Byblos-periode Deze periode werd gekenmerkt door de kruisvaarderstochten. Het hoofdverblijf van de patriarch was gevestigd in de havenplaats Byblos (938-1440). In totaal 34 patriarchen hebben hier gewoond:
687–707: Johannes Maron I Cyrus Gabriël I Paulus Tawaghan vanaf 938: Johannes Maron II Johannes el Damlassi Theofilus Gregorius I Stefanus Marcus Eusebius Johannes I Jozua I David Theofelix Jozua II Dumith Isaäk Johannes II Simon 1110–1120: Jozef I el Gergess 1121–1130: Petrus I 1130–1141: Gregorius II van Halate 1141–1151: Jakob I van Ramate 1151–1154: Johannes III 1154–1173: Petrus II 1173–1199: Petrus III van Lehfed 1199–1230: Jeremias I van Amchite 1230–1239: Daniël I van Chamate 1239–1245: Johannes IV van Jaje 1245–1277: Simeon I 1278–1282: Daniël II van Hadchite 1282–1297: Jeremias II van Dmalsa 1297–1339: Simeon II 1339–1357: Johannes V 1357–1367: Gabriël I van Hjoula 1367–1404: Johannes VI 1404–1445: Johannes VII van Jaje
1440-1823: Kadisha Vallei De invasie van de Mammeluken dwong de Maronieten zich terug te trekken in een goed verborgen vallei, Kadisha genaamd (letterlijke vertaling: Heilige Vallei). Deze periode duurde van 1440 tot 1823. In totaal 24 patriarchen hadden hun zetel in de Kadisha Vallei:
1445–1468: Jakob II van Hadath 1468–1492: Jozef II van Hadath 1492–1524: Simeon III van Hadath 1524–1567: Mozes Akkari van Baridi 1567–1581: Michaël I Rizzi van Bkoufa 1581–1596: Sarkis Rizzi van Bkoufa 1596–1608: Jozef III Rizzi van Bkoufa 1608–1633: Johannes VIII Machlouf van Ehden 1633–1644: Georgius I Omaira van Ehden 1644–1648: Jozef IV Halib van Akoura 1648–1656: Johannes IX Bawab van Safra 1656–1670: Georgius II Rizkallah van Bseb’el 1670–1704: Stefanus Douaihi van Ehden 1704–1705: Gabriël II van Blaouza 1705–1733: Jakob III van Hasroun 1733–1742: Jozef V Dergham Khazen van Ghosta 1743–1756: Simeon IV Awad van Hasroun 1756–1766: Tobias el Khazen van Bekaat Kanaan 1766–1793: Jozef VI Etienne van Ghosta 1793–1795: Michaël II Fadel van Beirut 1795–1796: Filippus Gemajel van Bikfaja 1796–1808: Jozef VII Tajan van Beirut 1808–1823: Johannes X Helou van Ghosta
1823 – heden: Dimane / Bkirki Met de komst van het Ottomaanse rijk kregen de Maronieten meer vrijheid. Dit resulteerde in het verplaatsten van de zetel naar Dimane, de zomerresidentie, en Bkirki, de winterresidentie. Beide residenties zijn in 1823 betrokken en vormen tot op de dag van vandaag de zetel van de patriarch.
Tot nu toe hebben in totaal 10 patriarchen van beide residenties gebruikgemaakt:
1823–1845: Youssef Boutros Hobeish 1845–1854: Youssef Al-Khazen 1854–1890: Boulos Boutros Massaad 1890–1898: Yuhanna Boutros Al-Hajj 1898–1931: Elias Boutros Howayek 1931–1955: Antoun Boutros Arida 1955–1975: Boulos Boutros Meouchi 1975–1986: Antoine Boutros Khreich 1986–2011: Nasrallah Boutros Sfeir 2011-heden: Béchara Boutros Raï
Externe links Officiële website van de Maronitische Kerk Maronitische Kerk
Maronitische