323px|thumb|right|Madonna met kind, Jacquemart de Hesdin (?), Très belles heures - Brussel. De Très belles heures du duc de Berry is een getijdenboek uit de late 14e eeuw. Het manuscript wordt in de literatuur ook dikwijls Les Heures de Bruxelles genoemd omdat het zich bevindt in de collectie van de Koninklijke Bibliotheek van België in Brussel, waar het gecatalogiseerd is als Ms. 11060.61. Dit handschrift wordt dikwijls verward met de Belles heures du duc de Berry dat zich in New York in het Metropolitan Museum of Art in Cloisters Collection bevindt (Acc.No.54.1.1.), en met de Très belles heures de Notre-Dame in de Bibliothèque nationale de France (Ms. Nouvelle acquisition Latine 3093).
Beschrijving Het handschrift bevat 138 perkamenten folia van 275 x 185 mm. Het boek is geschreven in het Latijn. Het tekstblok meet 172 x 112 mm en is geschreven in twee kolommen van 18 lijnen. De teksten zijn versierd met gekleurde en met penwerk versierde initialen van één of twee lijnen hoog. De belangrijke secties krijgen een gehistorieerde initiaal van telkens 4 lijnen hoog. Het handschrift bevat 20 volblad miniaturen en 17 pagina’s met gehistorieerde initialen en (gedeeltelijk) versierde marges.
Geschiedenis Een inventaris van Jean de France, duc de Berry uit 1402 vermeldt: Deze omschrijving klopt waarschijnlijk met dit manuscript en geeft bijgevolg een terminus ante quem van 1402. Sommige kunsthistorici zijn het niet eens met de toewijzing van dit manuscript aan het bewuste item in de inventarisProf. Dr. Gerhard Schmidt, Das Brüsseler Stundenbuch: originalgetreue Nachbildung der Bilderhandshrift, die unter der Signatur ms. 11060-61 in der Bibliothèque royale Albert 1er in Brussel aufbewahrt wird = Heures de Bruxelles.. Niettemin blijkt het vrij duidelijk dat het handschrift is gemaakt voor Jean de Berry of in opdracht van de hertog. Zijn wapens en emblemen, de beer en de zwaan, en de initialen “VE” die in een aantal van zijn andere handschriften terugkeren zijn terug te vinden in de versierde marges van het manuscript. Daarnaast is zijn portret ook terug te vinden in twee van de miniaturen. Jean de Berry heeft tussen 1403 en 1413 het boek waarschijnlijk aan een van de Bourgondische hertogen gegevenPaul Durrieu, Le Maître des Heures du maréchal Boucicaut, Revue de l'art ancien et moderne, t.19, 1906, p. 409Anna Eörsi, Fuit enim Maria liber, Remarques sur l’iconografie de l’enfant écrivant et du diable versant l’encre., misschien aan Jan zonder Vrees. In 1424 werd het handschrift vermeld in een inventaris van Margaretha van Beieren, de echtgenote van Jan zonder Vrees. Nadien zijn er geen documentaire sporen van het handschrift meer te vinden, maar het is waarschijnlijk de ganse tijd in de Librije van Bourgondië gebleven.
Inhoud Het handschrift bevat de volgende onderdelen: ff.7v-63v: Getijden van de maagd Maria ff 65v-74r: Boetepsalmen ff74v-81v: Litanie van alle heiligen ff.82v-100v: Kleine uren van het kruis ff.10vr-133r: Dodenofficie
Dit is wat de tekst betreft het eenvoudigste handschrift uit de collectie van Jean de Berry. Op de kleine uren van het kruis na bevat het enkel de kernteksten van een getijdenboek. De kalender, die uiteraard ook bij de kernteksten hoort, is waarschijnlijk in de loop der tijden uit het handschrift verwijderd. Het handschrift bevat geen evangelieteksten en ook de gebeden Obsecro te en O intemerata ontbreken.
Miniaturen In de tabel hieronder is weergegeven wat de bladgrote miniaturen weergeven en waar in de tekst zij zich bevinden. In de vierde kolom wordt de inhoud gegeven van de gehistorieerde initiaal waarmee de tekst op de tegenoverliggende bladzijde begint.
Folium Uur Miniatuur InitiaalPresentatieminiaturenf5v Jean de Berry in gebed tot de Heilige maagd f6r Maria Lactans gezeten op een monumentale troon Mariagetijdenf7v Getroonde Maria met het Christuskind f9v Metten AnnunciatieDe profeet Jesajaf27v Lauden VisitatieDe profeet Jeremiasf36v Priem De geboorte van ChristusMozes en het brandende braambosf41v Terts De aankondiging aan de herdersKeizer Augustus en de Sibillef45v Sext Aanbidding der wijzenDe koningin van Sheba bij Salomonf49v None Opdracht in de tempelSamuel wordt aan God gewijdf53v Vespers Vlucht naar EgypteDavid met het gebroken beeldf59v Completen Kroning van de maagd MariaMaria in glorieBoetepsalmen f65v Majestas DominiKoning David in gebed tot GodKruisgetijden f82v Metten Gevangenneming van Christus en de JudaskusChristus wordt na zijn gevangenneming naar de hogepriester gebrachtf84v Priem Christus voor PilatusDe bespotting van Christusf91v Terts Christus wordt gegeseldDe doornenkroning van Christusf93v Sext KruisdragingChristus wordt aan het kruis genageldf95v None De kruisiging van ChristusJozef van Arimathea vraagt het lichaam van Christus aan Pilatusf97v Vespers KruisafnameDe bewening van Christusf99v Completen GrafleggingChristus nederdaling ter helleDodenofficief101v Een eredienst voor een overledeneBegrafenis van een monnik
thumb|299px|ff.53v-54r De vlucht naar Egypte
Artiesten De eerste twee van de twintig volbladminiaturen zijn in demigrisaille uitgevoerd. Deze miniaturen staan op een apart bifolium dat aan het handschrift werd toegevoegd, ze werden waarschijnlijk gemaakt voor men aanving met de productie van het handschrift zelf. Er is steeds discussie geweest over de auteur ervan. Door Léopold DelisleLéopold Delisle, Le cabinet des manuscrits de la Bibliotèque Nationale werden ze toegeschreven aan Beauneveu een kunstenaar (beeldhouwer en miniaturist) in dienst van de hertog. ConwaySir Martin Conway, “Jacquemart de Hesdin” in The Burlington Magazine for Connoisseurs, vol. 29, no. 158 (mei 1916) schrijft precies deze twee miniaturen toe aan Jacquemart omwille van de superieure kwaliteit ten opzichte van het andere bekende werk van Beauneveu en Panofsky aan de jonge Jacquemart de HesdinPanofsky, E., Early Netherlandish Painting. Its Origin and Character, Cambridge (Massachusetts) 1953, pp. 47–48, 99–100. die nog sterk onder de invloed zou gestaan hebben van Jan Boudolf en Beauneveu. Tot op vandaag zijn de kunsthistorici het er niet over eens geraakt wie de auteur is. Een uitgebreide bibliografie hierover kan men vinden bij R.G. Calcins;
De andere achttien miniaturen zijn uitgevoerd in kleur. Ze worden ook aan diverse kunstenaars toegeschreven. Paul Durrieu (1906) schrijft ze toe aan de Boucicaut-meesterPaul Durrieu, pp. 401-415. alias Jacob Coene, maar Millard MeissMeiss, M., French Painting in the Time of Jean de Berry. The Late Fourteenth Century and the Patronage of the Duke, London 1967, vol. I. houdt het bij Jacquemart de Hesdin, toeschrijving die vandaag algemeen aanvaard wordt.
De gehistorieerde initialen zijn uitgevoerd door een andere kunstenaar. Hij kreeg de noodnaam van Meester van de Brusselse initialen. Die meester begon zijn carrière op het einde van de veertiende eeuw in een belangrijk atelier in Bologna. Daarna vestigde hij zich in Parijs waar hij zich aanpaste aan de Franse smaak. Anderzijds introduceerde hij de houterige Bolognese figuren en de exuberante marge decoratie die gebruikelijk was in Noord-Italië.Master of the Brussels Initials, J. Paul Getty Museum Hij werkte in Frankrijk tussen 1400 en 1408, waarna hij terugkeerde naar Italië.Master of the Brussels Initials, British Library
Externe link Bekijk de miniaturen op de KBR
Categorie:Getijdenboek Categorie:Middeleeuws handschrift van de Koninklijke Bibliotheek van België Categorie:14e-eeuws boek