In 1963 werd een Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en Turkije gesloten. In 1987 vroeg Turkije het EU-lidmaatschap aan. Deze aanvraag stuitte op een veto van Griekenland, sinds 1981 lid van de Unie. Pas in 1999 gaf Griekenland zijn verzet op. Nog datzelfde jaar kreeg Turkije de status van kandidaat-lid van de EU.
De Europese Raad van december 1993 in Kopenhagen heeft criteria (de Kopenhagencriteria) vastgesteld voor lidmaatschap van de EU. Deze criteria zijn destijds opgesteld met het oog op het lidmaatschap van de Oost-Europese landen, maar gelden ook voor Turkije. miniatuur|Voorzitter van de Europese Commissie Ursula von der Leyen met de Turkse president Recep Tayyip Erdoğan in Vilnius op 12 juli 2023. Geschiedenis
Historische achtergrond De acceptatie van Turkije tot EU ligt gevoeliger dan de toetreding van andere landen. De Geopolitieke betekenis van de 'Turk in Europa' is een discussie die al heerst sinds de opkomst van de Ottomanen en de uitvinding van de boekdrukkunst.
Eerste contacten De geopolitieke relatie tussen Turkse volkeren en Europa gaat verder terug dan de tijd van de uitvinding van de boekdrukkunst, in ieder geval tot de komst van de Hunnen naar Europa. Deze multi-etnische federatie bestond uit verschillende Turkse, Oeraalse en Indo-Europese volkeren, waaronder Oost-Germanen. Na de val van het rijk van de Hunnen bleven enkele Turkstalige kanaten in Oost-Europa over, zoals die van de Avaren, Bulgaren en Khazaren. Deze volkeren wisten grote delen van respectievelijk Centraal-Europa, de Balkan en de noordelijke-Kaukasus te veroveren op de Slavische, Griekse en Iraanse volkeren die er woonden. De Bulgaren vermengden echter al snel met de lokale Slavische bevolking en vernietigden vervolgens het rijk van de Avaren. De komende eeuwen bleven van tijd tot tijd Turkse volkeren over de Euraziatische steppe trekken. Ook in omgekeerde richting was er een Europese kolonisatie van Centraal-Azië. Sedentaire Indo-Europese volkeren zoals de Grieken, Perzen en Tochaars-sprekenden vermengden hier juist met de nomadische Turken.
Polarisatie en conflict Pas met de komst van de boekdrukkunst en de daaruit voortvloeiende vroege wetenschap en antropologie ontstaat er in West-Europa een duidelijker beeld van de Turken. Veel belangrijke Europese en nationale denkers en politici deden felle uitspraken over hen. De angst voor de Turken in West-Europa is te verklaren aan de gruwelverhalen, onder andere aangewakkerd vanuit Rome, en de gestage opmars van de Turken richting Centraal-Europa. Enkele beschrijvingen van Turken zijn onder andere "de geïncarneerde duivel" Maarten Luther en "een stel barbaren van duistere herkomst" Erasmus.De Turk die de wereld veroverde (De Pers, 4 maart 2011) Er waren in die tijd gematigde stemmen te horen, zoals die van Descartes die naar eigen zeggen niet enkel voor christenen schreef, maar ook voor 'de Turken' (dat voor hem stond voor moslims, ongelovigen en atheïsten).René Descartes (Encyclopedia Britannica, op 8 maart 2011) De bewoordingen van Luther en Erasmus geven een nogal ongenuanceerd beeld van 'de Turk' tijdens de late Europese middeleeuwen. De realiteit was dat de Orthodoxe kerk door de Ottomanen werd getolereerd en zelfs politieke en rechterlijke macht verkreeg, in tegenstelling tot de onderdrukking die Orthodoxe Christenen kenden in katholieke landen. Ook tolereerden de Turken de Armeense kerk en het Jodendom, steunden zij politiek en militair de Duitse en Hongaarse protestanten in de Balkan, en kregen hugenoten, anglicanen, quakers, anabaptisten, jezuïeten en kapucijnen het recht zich in het rijk te vestigen toen zij uit West-Europa werden verdreven. Vanaf het eind van de 16e eeuw zijn Turkse en andere Ottomaanse handelaren regelmatig te vinden in de Europese handelscentra zoals Noord-Italië, Nederland en Vlaanderen. Het Ottomaanse rijk was zich bewust van de religieus-politieke ontwikkelingen in Noord-Europa en speelde hier op in. In het jaar van de beeldenstorm zond de Ottomaanse sultan bijvoorbeeld een brief aan de protestantse Nederlanders waarin hij zijn politieke en financiële steun uitspreekt aan de opstand. Het Ottomaanse rijk zou in de volgende eeuw een belangrijke partner worden van de nieuwe Republiek.
Handel in goederen en cultuur De Turkse religieuze tolerantie werd tijdens de 16e eeuw voor veel protestantse Europeanen een inspiratie in de strijd tegen de Paapse Inquisitie van de Habsburgers. De Geuzen gebruikten de leuze 'Liever Turks dan paaps', waarin zij uitdrukking gaven aan het feit dat zij de Turken meer waardeerden dan de Katholieke Kerk; want zij hanteerden die religieuze tolerantie waar de Nederlanders zo naar verlangden. Met zijn monopolie op de handel over land tussen Europa en Azië en zijn dominantie van de Middellandse Zee was het Ottomaanse Rijk voor de Nederlanden een strategische partner in de strijd tegen de Habsburgers, in ons geval de Koning van Spanje. De Ottomaanse Sultan stelde meermaals Engelsen, Nederlanders en andere Noord-Europeanen aan als kapitein van een schip of vloot in de Atlantische Oceaan en het westen van de Middellandse Zee. Deze kapiteins voeren vaak naast de Ottomaanse vlag ook de vlag van hun eigen land als zij een Spaans schip aanvielen. Het Ottomaanse Rijk was de eerste die de onafhankelijke Republiek der Verenigde Nederlanden erkende.De Turkse erkenning van de Nederlanden (Armand Sag, 2009) Wederzijdse economische relaties tussen Nederland, Venetië, Genua en Constantinopel had een grote culturele impact, met nieuwe producten mee verhuisden ook culturele tradities, zo vonden Nederlandse tegels hun weg naar Ottomaanse moskeeën en exporteerden de Turken hun koffiecultuur naar Europa. C. Grafe & F. Bollerey (red.), Cafes and Bars. The Architecture of Public Display, Routledge 2007, p. 67. Het duurde echter tot de 18e eeuw, toen de macht van het Ottomaanse Rijk begon te stagneren, voordat de vooroordelen over Turken langzaam begonnen te verminderen. Maar ook de Franse revolutionaire schrijvers zoals Voltaire beargumenteerden dat 'de Turken Europa uitgedreven dienden te worden'.The Turk as a threat and Europe’s “other” (Ingmar Karlsson) Turcomanie, de fascinatie met de Turkse cultuur, met name in Frankrijk, heeft ook een bijdrage geleverd aan het contact tussen de Turken en de Europeanen. Bekende Europese componisten waren geïnspireerd door Ottomaanse Janitsarenmuziek, oriëntaalse objecten werden verzameld en tapijten werden aan de muur gehangen. Toch bleef de angst en haat voor de Turk aanwezig, zelfs toen het rijk op de rand van instorten stond, zoals kenbaar wordt uit de uitspraak van de oud Premier van Nederland, Abraham Kuyper, die zei dat de "Mongolen en Turken bloeddorstige vernielers en bedreigers van de christelijke cultuur" waren.A. Kuyper, Om de Oude Wereldzee, Amsterdam 1907
Europese ideeën, nationalisme en genocide Met de val van het Ottomaanse Rijk komt er een antwoord op de eeuwenoude oproep om de Turken uit Europa te verdrijven. De Russen slagen erin, samen met enkele andere volkeren, om de Turken daadwerkelijk grotendeels uit de Balkan, de Krim en de noordelijke Kaukasus te verdrijven. Miljoenen Turken en andere moslims moesten Europa uitvluchten en duizenden moskeeën werden afgebrand. Hugh Pope, Zonen van de veroveraars Westerse ideeën over nationale identiteit, etno-linguïstische rassenleer, democratie en republicanisme werden ook onder de Turkstalige bevolking steeds meer geaccepteerd, wat zich uitte in de beweging van de Jonge Turken in het Ottomaanse Rijk en de Jadid in het Russische Rijk. Na de Eerste Wereldoorlog werd een reeks seculiere republieken uitgeroepen door Turkstalige volkeren over heel Eurazië, onder andere Turkije, de Democratische Republiek Azerbeidzjan, de Republiek Idel-Oeral, Autonoom Kokand en de Eerste Oost-Turkestaanse Republiek. Deze staten bleken echter, op Turkije na, niet in staat hun eigen soevereiniteit te behouden ten opzichte van de koloniale macht van de Sovjet-Unie en China. Het nationalisme had echter ook in Turkije etnocide tot effect; in de nadagen van het Ottomaanse Rijk is geprobeerd om de christelijke geschiedenis van het land uit te wissen, met name om het Armeense verzet te breken werden zij volledig gedeporteerd naar de Syrische woestijn. Wederzijdse bevolkingsuitwisselingen tussen Turkije en Griekenland na de Turkse onafhankelijkheidsoorlog moesten de bevestiging zijn van de nationale, etnisch homogene natiestaten. Duitse officieren, bondgenoten van de Turken tijdens de Eerste Wereldoorlog, hebben ook meegedaan met de genocideDe Armeense genocide, Taner Akcam en Hitler, die het panturkisme steunde in ruil voor Turkse steun tegen de Russen, zou als relativering van de Holocaust hebben gezegd; 'Wie herinnert zich de Armeniërs nog?'
Aarzelende bondgenoot In de eerste jaren van de Turkse republiek zijn Mustafa Kemal en zijn regering terughoudend om bondgenootschappen aan te gaan met haar Europese buurlanden. De Sovjet-Unie helpt Turkije een 5-jaren planeconomie op te zetten, maar na de dood van Lenin verstart de relatie. Met Frankrijk en Engeland is er onenigheid over de definitieve grens van Turkije in Noord-Irak en Syrië. Mustafa Kemal voert echter een culturele revolutie door die het land duidelijk in de richting van West-Europa moet leiden. Door zijn hervormingen werd hij door vele Europese leiders geroemd, want hij gaf zelfs rechten aan zijn burgers die zij in veel christelijke Europese landen nog niet hadden. Tegelijkertijd is het bewind van de Kemalisten niet voor alle lagen van de samenleving bevrijdend. De een partij-dictatuur betekende ook een lange periode van onderdrukking van etnische, religieuze en politieke minderheden. Dit vond plaats uit de angst voor separatisme en ontluikend communisme en islamisme. Deze thema's bleven een rol spelen in de Turkse politiek gedurende de gehele 20e eeuw en hadden invloed op de positie die het land volgens verschillende partijen had tussen het westen en de communistische en islamitische wereld. Turkije bleef in de Tweede Wereldoorlog lange tijd neutraal, omdat het hoopte op een initiële overwinning van Duitsland op Rusland, maar een uiteindelijke overwinning van het Verenigd Koninkrijk op de voormalige bondgenoot Duitsland. Pas na de Tweede Wereldoorlog koos Turkije openlijk partij voor het westen tegen de Sovjet-Unie, na politieke spanningen over Russische toegang tot de Bosporus en de Dardanellen. Dit zou in 1952 tot lidmaatschap van de NAVO leiden, en in 1959 tot de aanvraag tot het associatielidmaatschap van de Europese Economische Gemeenschap. In 1963 sloten Turkije en de EEG een overeenkomst dat een lidmaatschap in het vooruitzicht stelde.
Conflicten, afstel en kandidatuur In de jaren 70 en 80 spelen meerdere conflicten die de relatie tussen Turkije en de EEG bemoeilijkten. De Griekse meerderheid van Cyprus pleegt met steun van de Griekse militaire junta een staatsgreep, waarna het Turkse leger het noordelijke deel van het eiland inneemt. De EEG ziet deze ingreep als illegaal, en hierover is sindsdien een conflict. De koude oorlog wordt in verschillende Zuid-Europese landen, waaronder Turkije, op straat uitgevochten. De staatsgreep van 1980 wordt door de EEG veroordeeld, en de unie schort de gesprekken met het land tot nader order op. Pas in 1988 is er weer sprake van toenadering, nadat de burgerregering is hersteld en de Turkse economie is ontdaan van de meerjarenplannen. In de jaren 90 wordt Turkije verder geliberaliseerd en worden enkele verdragen gesloten tussen de EEG en Turkije, zoals de douane-unie in 1996. In 1999 kent de EU Turkije de status 'kandidaat-lid' toe.
Recente geschiedenis