Esther Welmoet Dijserinck (Den Helder, 7 februari 1876 – ’s-Gravenhage, 11 november 1956), bekend geworden onder de naam Welmoet Wijnaendts Francken-Dyserinck, was een Nederlands journaliste en feministe.

Familie Dyserinck was een lid van de familie Dyserinck en enig kind en dochter van Johannes Dyserinck, doopsgezind predikant en letterkundige, en Alida Johanna Geertruida Welmoet Bok. Ze trouwde in 1897 met Cornelis Johannes Wijnaendts Francken (1863-1944), filosoof en publicist van wie ze in 1916 scheidde (zie ook: familie Wijnaendts). Een oom van haar, Hendrik Dyserinck (1838-1906), was minister van Marine, een andere oom, Cornelis Dyserinck (1845-1904), was wethouder van financiën te Amsterdam.

Biografie Ze bezocht als een van de eerste meisjes het Erasmiaans Gymnasium maar verliet na het vierde jaar die school om een Toynbeeklasje op te richten voor meisjes van elf tot twaalf jaar. Enkele jaren later richtte ze de Toynbee-Vereeniging te Rotterdam op.

Na haar huwelijk in 1897 reisde ze met haar man door verschillende landen van Europa waar ze samen ook colleges volgden. Deze ervaringen vonden hun neerslag in het tijdschrift Belang, het blad van het Comité tot verbetering van den maatschappelijken en den rechtstoestand der vrouw in Nederland waar haar moeder ook aan meewerkte. Toen ze terugkeerde van haar buitenlandse reizen begon ze zich in te zetten voor de rechten van de vrouw, mede op aandringen van Mariane C. Klerck-van Hogendorp. In 1907 werd zij medeoprichtster van de Nederlandsche Bond voor Vrouwenkiesrecht, waarvan zij in de jaren 1908-1910 voorzitter was.

Vanaf 1910 volgden opnieuw reizen met haar man, dit keer naar de Balkan, Afrika en West-Indië. Hierover publiceerde zij reisbrieven die later gebundeld werden. Na deze reizen en haar echtscheiding werd zij in Nederland weer actief in de vrouwenbeweging en werd bestuurslid van de Nederlandse Unie voor Vrouwenbelangen. Ook politiek werd zij actief in de voorlopers van de liberale Volkspartij voor Vrijheid en Democratie. In 1935 was zij een van de initiatiefneemsters voor het Internationaal Archief voor de Vrouwenbeweging in Amsterdam. Tot het einde van haar leven bleef zij betrokken bij de vrouwenbeweging.

Zij was de vice-voorzitster van Het Nederlandsche Meisjesgilde/Nederlandse Padvindstersgilde van 1922 tot 1936, een van de oprichtsters van de World Association of Girl Guides and Girl Scouts en van 1928 tot 1930 lid van het Wereldcomité hiervan.

Bibliografie De taak der vrouw, 's-Gravenhage, Ned. Bond van Vrijwillige Burgerwachten, 1900] Over de sociale positie van de ongehuwde moeder en haar kind (Het onderzoek naar het vaderschap), Amsterdam, G.P. Tierie, 1905 Vrouwenkiesrecht, Baarn, Hollandia-Drukkerij, 1906 [met Elisabeth Carolina van Dorp] Een knuppel in 't hoenderhok, Haarlem, 1907. Verweerschrift tegen de brochure "Een knuppel in het hoenderhok: van het Hoofdbestuur der Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht. Het vivisectie-vraagstuk in het Nederlandsch Parlement, 's-Gravenhage, Avondpostdrukkerij, 1908 Met de huik naar de wind, Leiden, 1909 Vrouwenplicht, ca. 1909 De vrouw uit de arbeidende klasse en het kiesrecht, [Leiden, 1910] Iets over de ontwikkeling der vrouwenkiesrechtbeweging in ons land, Leiden, 1911 Uit het zonneland. Afrikaansche reisbrieven, Haarlem, Tjeenk Willink, 1912 Vrouwenplicht en gemeenschapsdienst, Doetinchem, Nederlandsche Bond voor Vrouwenkiesrecht, 1913] Drie maanden in de West. Reisbrieven, Haarlem, 1913 Vrouwendienstplicht (Hongarije - Japan), in: Vragen des Tijds 40 (1914) 192-204 [met C.P. Gunning] Het gezinsloon. Verslagen ... over de voor- en nadelen van huwelijks- en kinderbijslag..., 's-Gravenhage, 1921 De vrouw in de middenstand. Praeadvies van W. Wijnaendts Francken-Dyserinck, 1921 Vrouwen waakt!, 1921 Moederschapszorg, Haarlem, Tjeenk Willink, 1924 Voor de kar en aan de ketting. 168 uur in de week, Arnhem, Geldersche Vereeniging voor Dierenbescherming "Niels Holgersson", 1925 Vrouwen in Amerika, Den Haag, Leopold's, 1925 " Na acht jaar", Vrouwengroep uit de Liberale Staatspartij "De Staatspartij". Openingswoord uitgesproken op de Algemeneene Vergadering 8 Januari 1929 Kameraadschapshuwelijk, Baarn, Hollandia, 1933. Pro: W. Wijnaendts Francken-Dyserinck ; contra: P.H. Ritter Jr. De ontsluierde Turksche vrouw, 's-Gravenhage, Leopold, 1935 De strijd voor het vrouwenkiesrecht herdacht, 's-Gravenhage, Nederlandse Vereniging voor Vrouwenbelangen, Vrouwenarbeid en Gelijk Staatsburgerschap, 1954

Externe links Haar archief is in beheer bij Atria, kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis Biografie van Welmoet Wijnaendts Francken-Dyserinck

Categorie:Nederlands journalist Categorie:Nederlands feminist Categorie:Eerste feministische golf