Leroy Russel Burrell (Lansdowne, 21 februari 1967) is een Amerikaanse voormalige atleet, die gespecialiseerd was in de sprint. Zijn grootste successen behaalde hij op de 4 × 100 m estafette. Hij werd olympisch kampioen, wereldkampioen en verbeterde zowel het wereldrecord als het olympisch record in deze discipline. Op de 100 m had hij het wereldrecord tweemaal in handen: in 1991 gedurende enkele maanden en vanaf halverwege 1994 tot halverwege 1996.

Biografie Tweemaal NCAA-kampioen Burrell groeide op in Pennsylvania en had een aangeboren gezichtsstoornis, wat versterkt werd door een oogkwetsuur. Als kind presteerde hij daarom slecht in sport, behalve op de atletiekpiste. Dit talent ontwikkelde hij verder, toen hij aan de universiteit van Houston studeerde. In 1988 en 1989 werd hij NCAA-indoorkampioen verspringen.

Tweemaal een wereldrecord Zijn carrière werd getekend door pech en blessures. Desondanks brak Burrell tweemaal het wereldrecord op de 100 m. Een eerste maal liep hij in juni 1991 een tijd van 9,90 s. Kort daarna werd deze tijd al scherper gesteld door Carl Lewis. In 1994 verbrak Burrell echter opnieuw het wereldrecord, ditmaal met een tijd van 9,85. Deze tijd zou blijven staan tot de Olympische Spelen van 1996, toen Donovan Bailey nog een honderdste sneller liep (9,84). Burrell zou nadien echter nooit meer onder de magische 10 secondengrens duiken.

En tweemaal goud op de estafette Hoewel hij tweemaal wereldrecordhouder was, werd Leroy Burrell nooit wereldkampioen. Op de wereldkampioenschappen in 1991 eindigde hij als tweede achter Carl Lewis. Op de Olympische Spelen van 1992 in Barcelona won hij echter wel de gouden medaille met de estafetteploeg op de 4 × 100 m estafette. Op dezelfde Spelen veroorzaakte Leroy op de 100 m eerst een valse start, waarna hij bij de herstart te traag uit de startblokken schoot en als vijfde over de streep ging.

Burrell kon zich niet kwalificeren voor de 100 m op de WK in 1993, maar nam toch deel met de Amerikaanse estafetteploeg. In de halve finale evenaarde het Amerikaans viertal, met naast Burrell Mike Marsh, Dennis Mitchell en Carl Lewis, het wereldrecord (37,40). Nadien wonnen ze de gouden medaille.

Burrell stopte in 1998 als atleet, keerde terug naar de universiteit van Houston en werd daar atletiekcoach.

Titels Olympisch kampioen 4 x 100 m - 1992 Wereldkampioen 4 x 100 m - 1991, 1993 Amerikaans kampioen 100 m - 1989, 1991 Amerikaans indoorkampioen 55 m - 1989 Amerikaans indoorkampioen 60 m - 1992 NCAA-kampioen 100 m - 1990 NCAA-indoorkampioen verspringen - 1988, 1989

Persoonlijke records Outdoor OnderdeelPrestatieDatumPlaats100 m9,85 (+1,2 m/s)6 juli 1994Lausanne200 m20,12 (-0,8 m/s)27 juni 1992New Orleansverspringen8,37 m (+0,4 m/s)2 juni 1989Provo

Indoor OnderdeelPrestatieDatumPlaats55 s6,09 s28 januari 1989Houston60 m6,48 (ex-WR)13 februari 1991Madrid

Palmares 55 m 1989: Amerikaanse indoorkamp. - 6,15 s

60 m 1992: Amerikaanse indoorkamp. - 6,55 s 1996: 4e Amerikaanse indoorkamp. - 6,60 s

100 m 1989: Wereldbeker - 10,15 s (+0,5 m/s) 1989: Amerikaanse kamp. - 9,94 s 1990: NCAA-kamp. - 9,94 s (+2,2 m/s) 1990: Adriaan Paulen Memorial - 10,11 s (-1,9 m/s) 1990: Grand Prix Finale - 10,04 s (+0,4 m/s) 1991: Amerikaanse kamp. - 9,90 s (+1,9 m/s) (WR) 1991: WK - 9,88 s (+1,2 m/s) 1992: Amerikaanse kamp. - 10,10 s (-0,7 m/s) 1992: 5e OS - 10,10 s (+0,5 m/s) (in ¼ fin. 10,08 s) 1992: Grand Prix Finale - 10,20 s (+0,5 m/s) 1993: Grand Prix Finale - 10,28 s 1994: Adriaan Paulen Memorial - 10,08 s (+0,9 m/s) 1994: Athletissima - 9,85 s (+1,2 m/s) (WR) 1996: 6e Amerikaanse kamp. - 10,07 s (+1,1 m/s)

200 m 1992: 5e Amerikaanse kamp. - 20,16 s (+1,0 m/s) 1993: 4e Amerikaanse kamp. - 20,35 s (+2,5 m/s)

verspringen 1989: NCAA-indoorkamp. - 8,09 m 1990: NCAA-indoorkamp. - 8,23 m

4 x 100 m 1991: WK - 37,50 s 1992: OS - 37,40 s (WR) 1993: WK - 37,48 s

Categorie:Amerikaans atleet Categorie:Amerikaans olympisch kampioen Categorie:Amerikaans sprinter (atletiek) Categorie:Amerikaans verspringer