BrontofobieEverdingen, J.J.E. van, Eerenbeemt, A.M.M. van den (2012). Pinkhof Geneeskundig woordenboek (12de druk). Houten: Bohn Stafleu Van Loghum., brontefobieEssen, J. van (1938). Beschrijvend en verklarend woordenboek der psychologie (1ste druk). Haarlem: De Erven F. Bohn. N.V. of tonitrofobie is een abnormale angst voor onweer, in het bijzonder voor donder/donderslagen. Brontofobie is een behandelbare fobie, die zich zowel bij mens als dier kan ontwikkelen.
Etymologie Het woord is afkomstig van de Griekse woorden βροντή bronté, donderMuller, F. (1932). Grieksch woordenboek. (3de druk). Groningen/Den Haag/Batavia: J.B. Wolters’ Uitgevers-Maatschappij N.V.Liddell, H.G. & Scott, R. (1940). A Greek-English Lexicon. revised and augmented throughout by Sir Henry Stuart Jones. with the assistance of. Roderick McKenzie. Oxford: Clarendon Press. en φόβος phóbos, angst/vrees. Het begrip geeft daarmee in het Oudgrieks ook specifiek de angst voor donder(slagen) aan en niet voor onweer in het algemeen.
Als synoniem wordt ook keraunofobie gebruikt, wat ook omschreven wordt als angst voor onweer.Berg, H. van den & Meijer, B. (1991). Zakwoordenboek van de psychiatrie. Arnhem: Elsevier-Koninklijke PBNA. Het begrip keraunofobie kan echter ook duidelijk anders omschreven worden als angst voor bliksemScharfetter, C. (1991). Allgemeine Psychopathologie. Eine Einführung (3de uitgave). Stuttgart/New York: George Thieme Verlag. net zoals astrapofobie. Deze laatste betekenis komt meer overeen met de Oudgriekse herkomst van het woord, aangezien κεραυνός keraunós letterlijk bliksem betekent. In die betekenis lijkt keraunofobie dan ook wezenlijk anders te zijn dan brontofobie.
Het begrip brontofobie wordt ook gebruikt om de angst voor andere zware geluiden aan te geven. In het Oudgrieks betekent het werkwoord βροντᾶν eenmaal niet alleen het donderen bij onweer, maar ook bijvoorbeeld het donderen van een stem.
Literatuurverwijzingen
Categorie:Fobie